K | C1 | Introductie ziekte en gezondheid
Beschrijven op welke wijze het label 'ziek' consequenties met zich
meedraagt
Er zijn meerdere modellen om ziekte en gezondheid aan te geven.
Het biomedische model (dit model is verouderd):
- Ziekte:
De storing van een normaal functionerend organisme
De oorzaak hiervan zijn verstoorde biologische/lichamelijke
processen
- Gezondheid:
Afwezigheid van ziekte je bent ziek of gezond
- Focus:
De arts behandelt het lichaam
Het individu heeft een passieve rol. De arts gaat de patiënt beter
maken.
Preventie door het wegnemen van oorzaken
Het biopsychosociale model
- Ziekte en gezondheid:
Continuüm: een soort meetlat waarop iedereen geplaatst kan
worden
- Focus:
Samenspel van biologische, psychologische en sociale factoren bij
ontstaan en beloop van ziekte en gezondheid
Verschillende aangrijpingspunten voor ziektepreventie en
gezondheidsbevordering
Actievere rol van het individu
Ook aandacht voor preventie en gezondheidsbevordering
De complexiteit van het spectrum tussen gezond(heid) en ziek(te)
beschrijven en dit illustreren aan de hand van voorbeelden
Disease
- Medisch-professioneel perspectief
- Objectieve biologische afwijkingen
Illness
- Ik-perspectief (belangrijkste factor om te zien of iemand ziek of
gezond is, diegene kan zelf bepalen of diegene het dagelijks leven
nog goed kan uitvoeren)
- Subjectieve ziekte-ervaring, lijden, zich ziek voelen
Sickness
- Sociaal/maatschappelijk perspectief (de samenleving is afhankelijk
van de tijd waarin we leven, er wordt gezamenlijk/sociaal bepaald
wat normaal wenselijk is)
- Zieke-rol, rechten, sociale normen, stigmatisering
- We gaan ervanuit dat mensen bepaalde rechten
hebben (bv naar de dokter gaan door
basisverzekering, bv de uitkering voor
arbeidsongeschiktheid)
, Deze drie componenten hangen samen met elkaar, maar zijn ook
onafhankelijk van elkaar, ze overlappen soms half
- In nummer vier heb je alleen illness en sickness en kan er niet
makkelijk een diagnose gesteld worden
Verschillende definities geven van de termen ziek(te) en
gezond(heid) en de voor- en nadelen van deze definities
beschrijven
Definitie gezondheid: "Gezondheid is een toestand van volledig
lichamelijk, geestelijk en
sociaal/maatschappelijk welbevinden en niet slechts de afwezigheid van
ziekte of gebrek." (WHO, 1948)
Het woord volledig is in ophef
Hierdoor is bijna niemand volledig gezond
En veel problemen worden in het medische domein getrokken.
Werkloosheid zorgt ervoor dat iemand niet maatschappelijk
betrokken is, maar dan is diegene niet ziek
Nieuwe definitie gezondheid: "Gezondheid is het vermogen zich aan te
passen en een eigen regie te voeren, in het licht van de sociale, mentale
en fysieke uitdagingen van het
leven." (Huber et al., 2011)
Hierbij worden zes verschillende dimensies/indicatoren genoemd, die
worden weergegeven in een spinnenweb, waardoor je op het ene
vlak slechter kan scoren dan op het andere vlak.
Dynamische formulering
Kritiek: gezondheid zou een vaardigheid zijn en iemand die euthanasie wil
plegen is volgens deze definitie gezond (omdat diegene eigen regie heeft)
Determinanten van de gezondheidstoestand
Schermer#2013#Wat is ziek wat is gezond (2).pdf
Drie filosofische visies op ziekte
A. Naturalistische visie (Boorse)
Ziekte = statistisch en biologisch abnormaal functioneren.
Gezondheid = functioneren volgens het soortspecifieke ‘normale’
biologische ontwerp.
Voordelen: objectief, toepasbaar op alle organismen.
, Nadelen:
o Negeert betekenis en ervaring van ziekte.
o Leidt soms tot onintuïtieve conclusies (bijv. hoge intelligentie
als ‘abnormaal’).
Focus op biologische afwijkingen
B. Normativistische visie (Nordenfelt)
Gezondheid = vermogen om essentiële levensdoelen te bereiken.
Ziekte = toestand die dit belemmert.
Sterk persoonsgericht en holistisch.
Nadelen:
o Sterk afhankelijk van individuele doelen.
o Iemand met een ernstige beperking kan toch ‘gezond’ zijn als
hij zijn doelen bereikt.
Focus op functioneren en welbevinden
C. Sociaal-constructivistische visie
Wat als ziekte geldt, wordt mede bepaald door maatschappelijke
normen en waarden.
Voorbeelden: homoseksualiteit, doofheid, ADHD, obesitas.
Diagnostische grenzen zijn vaak arbitrair en beïnvloed door sociale,
technologische en economische factoren.
Ziekte is ook een sociaal fenomeen: de omgeving bepaalt mede hoe
beperkend een aandoening is.
Focus op maatschappelijke normen en context
Het begrip 'positieve gezondheid' en de invulling en waarde
daarvan beschrijven;
Positieve gezondheid hoort bij de invulling van gezondheid van Huber.
Positieve gezondheid is een benadering die gezondheid niet ziet als de
afwezigheid van ziekte, maar als het vermogen om je aan te passen en
eigen regie te voeren in het licht van fysieke, emotionele en sociale
uitdagingen. Het gaat dus niet alleen om lichamelijke pijn, maar ook om
veerkracht, aanpassingsvermogen en kwaliteit van leven. Het sluit aan bij
een holistische kijk op gezondheid. De zes dimensies hebben hiermee te
maken: lichaamsfuncties, mentaal welbevinden, zingeving, kwaliteit van
leven, meedoen en dagelijks functioneren.
K | WG2 | Sociale zekerheid
Een ziektelabel is belangrijk, omdat je zo erkenning krijgt en ervoor
verzekerd bent. Dit is de afbakening van het medisch domein. Ook geeft
het toegang tot voorzieningen, zoals uitkeringen.
De naturalistische theorie hoort bij disease. De normativistische theorie
hoort bij illness (waarbij binnen normale omstandigheden persoonlijke
doelen bereikt kunnen worden). En de sociaal-constructivistische theorie
hoort bij sickness (waarbij het gaat over wat de maatschappij vindt).
Een disease moet echt medisch aangetoond kunnen worden. Mentale
problemen vallen meestal dus niet onder disease, zoals angststoornissen
en ADHD.
, K | C3 | Ervaren van en omgaan met ziekte
Het stress-copingmodel en het common sense model of self-
regulation gebruiken om reacties op ziekte te verklaren.
Elke situatie begint met een potentiële stressor. Dit zijn situaties,
gebeurtenissen of prikkels die belastend zijn en een aanpassing vergen.
Dit zijn:
- Ingrijpende levensgebeurtenissen: overlijden, scheiden, verhuizen,
nieuwe baby
- Dagelijkse moeilijkheden (leveren niet heel veel stress op, maar
verstoren dagelijkse gang van zaken): zoals bus missen, sleutel kwijt
of een keer ruzie
- Chronische stressoren (dagelijkse moeilijkheden die telkens komen
opdagen en steeds weer terugkeren): bv dagelijkse ruzie,
mantelzorger zijn.
Kenmerken van stressoren zijn: prikkels met een hoge intensiteit, het
duurt lang, er is een lage voorspelbaarheid, een lage beheersbaarheid en
een hoge ambiguïteit (je weet niet precies wat de uitkomst is).
In jaren 40/50 in VS onderzoek begonnen naar stress. Ziekte is als een
belangrijke stressor onderzocht. Een lichte verkoudheid kan een dagelijkse
moeilijkheid zijn, maar ernstige ziektes zijn vaker ingrijpende
levensgebeurtenissen. Het hangt ook af van de fase van de ziekte.
Dan is er een eerste en tweede appraisal/inschatting. Na het meemaken
van een bepaalde situatie wordt de situatie beoordeeld en ingeschat in het
hoofd. De primaire en secundaire inschatting vinden tegelijkertijd plaats
en wordt herhaald.
Stress zou dan alleen ontstaan als allebei de inschattingen negatief zijn.
Beschrijven op welke wijze het label 'ziek' consequenties met zich
meedraagt
Er zijn meerdere modellen om ziekte en gezondheid aan te geven.
Het biomedische model (dit model is verouderd):
- Ziekte:
De storing van een normaal functionerend organisme
De oorzaak hiervan zijn verstoorde biologische/lichamelijke
processen
- Gezondheid:
Afwezigheid van ziekte je bent ziek of gezond
- Focus:
De arts behandelt het lichaam
Het individu heeft een passieve rol. De arts gaat de patiënt beter
maken.
Preventie door het wegnemen van oorzaken
Het biopsychosociale model
- Ziekte en gezondheid:
Continuüm: een soort meetlat waarop iedereen geplaatst kan
worden
- Focus:
Samenspel van biologische, psychologische en sociale factoren bij
ontstaan en beloop van ziekte en gezondheid
Verschillende aangrijpingspunten voor ziektepreventie en
gezondheidsbevordering
Actievere rol van het individu
Ook aandacht voor preventie en gezondheidsbevordering
De complexiteit van het spectrum tussen gezond(heid) en ziek(te)
beschrijven en dit illustreren aan de hand van voorbeelden
Disease
- Medisch-professioneel perspectief
- Objectieve biologische afwijkingen
Illness
- Ik-perspectief (belangrijkste factor om te zien of iemand ziek of
gezond is, diegene kan zelf bepalen of diegene het dagelijks leven
nog goed kan uitvoeren)
- Subjectieve ziekte-ervaring, lijden, zich ziek voelen
Sickness
- Sociaal/maatschappelijk perspectief (de samenleving is afhankelijk
van de tijd waarin we leven, er wordt gezamenlijk/sociaal bepaald
wat normaal wenselijk is)
- Zieke-rol, rechten, sociale normen, stigmatisering
- We gaan ervanuit dat mensen bepaalde rechten
hebben (bv naar de dokter gaan door
basisverzekering, bv de uitkering voor
arbeidsongeschiktheid)
, Deze drie componenten hangen samen met elkaar, maar zijn ook
onafhankelijk van elkaar, ze overlappen soms half
- In nummer vier heb je alleen illness en sickness en kan er niet
makkelijk een diagnose gesteld worden
Verschillende definities geven van de termen ziek(te) en
gezond(heid) en de voor- en nadelen van deze definities
beschrijven
Definitie gezondheid: "Gezondheid is een toestand van volledig
lichamelijk, geestelijk en
sociaal/maatschappelijk welbevinden en niet slechts de afwezigheid van
ziekte of gebrek." (WHO, 1948)
Het woord volledig is in ophef
Hierdoor is bijna niemand volledig gezond
En veel problemen worden in het medische domein getrokken.
Werkloosheid zorgt ervoor dat iemand niet maatschappelijk
betrokken is, maar dan is diegene niet ziek
Nieuwe definitie gezondheid: "Gezondheid is het vermogen zich aan te
passen en een eigen regie te voeren, in het licht van de sociale, mentale
en fysieke uitdagingen van het
leven." (Huber et al., 2011)
Hierbij worden zes verschillende dimensies/indicatoren genoemd, die
worden weergegeven in een spinnenweb, waardoor je op het ene
vlak slechter kan scoren dan op het andere vlak.
Dynamische formulering
Kritiek: gezondheid zou een vaardigheid zijn en iemand die euthanasie wil
plegen is volgens deze definitie gezond (omdat diegene eigen regie heeft)
Determinanten van de gezondheidstoestand
Schermer#2013#Wat is ziek wat is gezond (2).pdf
Drie filosofische visies op ziekte
A. Naturalistische visie (Boorse)
Ziekte = statistisch en biologisch abnormaal functioneren.
Gezondheid = functioneren volgens het soortspecifieke ‘normale’
biologische ontwerp.
Voordelen: objectief, toepasbaar op alle organismen.
, Nadelen:
o Negeert betekenis en ervaring van ziekte.
o Leidt soms tot onintuïtieve conclusies (bijv. hoge intelligentie
als ‘abnormaal’).
Focus op biologische afwijkingen
B. Normativistische visie (Nordenfelt)
Gezondheid = vermogen om essentiële levensdoelen te bereiken.
Ziekte = toestand die dit belemmert.
Sterk persoonsgericht en holistisch.
Nadelen:
o Sterk afhankelijk van individuele doelen.
o Iemand met een ernstige beperking kan toch ‘gezond’ zijn als
hij zijn doelen bereikt.
Focus op functioneren en welbevinden
C. Sociaal-constructivistische visie
Wat als ziekte geldt, wordt mede bepaald door maatschappelijke
normen en waarden.
Voorbeelden: homoseksualiteit, doofheid, ADHD, obesitas.
Diagnostische grenzen zijn vaak arbitrair en beïnvloed door sociale,
technologische en economische factoren.
Ziekte is ook een sociaal fenomeen: de omgeving bepaalt mede hoe
beperkend een aandoening is.
Focus op maatschappelijke normen en context
Het begrip 'positieve gezondheid' en de invulling en waarde
daarvan beschrijven;
Positieve gezondheid hoort bij de invulling van gezondheid van Huber.
Positieve gezondheid is een benadering die gezondheid niet ziet als de
afwezigheid van ziekte, maar als het vermogen om je aan te passen en
eigen regie te voeren in het licht van fysieke, emotionele en sociale
uitdagingen. Het gaat dus niet alleen om lichamelijke pijn, maar ook om
veerkracht, aanpassingsvermogen en kwaliteit van leven. Het sluit aan bij
een holistische kijk op gezondheid. De zes dimensies hebben hiermee te
maken: lichaamsfuncties, mentaal welbevinden, zingeving, kwaliteit van
leven, meedoen en dagelijks functioneren.
K | WG2 | Sociale zekerheid
Een ziektelabel is belangrijk, omdat je zo erkenning krijgt en ervoor
verzekerd bent. Dit is de afbakening van het medisch domein. Ook geeft
het toegang tot voorzieningen, zoals uitkeringen.
De naturalistische theorie hoort bij disease. De normativistische theorie
hoort bij illness (waarbij binnen normale omstandigheden persoonlijke
doelen bereikt kunnen worden). En de sociaal-constructivistische theorie
hoort bij sickness (waarbij het gaat over wat de maatschappij vindt).
Een disease moet echt medisch aangetoond kunnen worden. Mentale
problemen vallen meestal dus niet onder disease, zoals angststoornissen
en ADHD.
, K | C3 | Ervaren van en omgaan met ziekte
Het stress-copingmodel en het common sense model of self-
regulation gebruiken om reacties op ziekte te verklaren.
Elke situatie begint met een potentiële stressor. Dit zijn situaties,
gebeurtenissen of prikkels die belastend zijn en een aanpassing vergen.
Dit zijn:
- Ingrijpende levensgebeurtenissen: overlijden, scheiden, verhuizen,
nieuwe baby
- Dagelijkse moeilijkheden (leveren niet heel veel stress op, maar
verstoren dagelijkse gang van zaken): zoals bus missen, sleutel kwijt
of een keer ruzie
- Chronische stressoren (dagelijkse moeilijkheden die telkens komen
opdagen en steeds weer terugkeren): bv dagelijkse ruzie,
mantelzorger zijn.
Kenmerken van stressoren zijn: prikkels met een hoge intensiteit, het
duurt lang, er is een lage voorspelbaarheid, een lage beheersbaarheid en
een hoge ambiguïteit (je weet niet precies wat de uitkomst is).
In jaren 40/50 in VS onderzoek begonnen naar stress. Ziekte is als een
belangrijke stressor onderzocht. Een lichte verkoudheid kan een dagelijkse
moeilijkheid zijn, maar ernstige ziektes zijn vaker ingrijpende
levensgebeurtenissen. Het hangt ook af van de fase van de ziekte.
Dan is er een eerste en tweede appraisal/inschatting. Na het meemaken
van een bepaalde situatie wordt de situatie beoordeeld en ingeschat in het
hoofd. De primaire en secundaire inschatting vinden tegelijkertijd plaats
en wordt herhaald.
Stress zou dan alleen ontstaan als allebei de inschattingen negatief zijn.