OEFENINGEN/EXERCICES
UNIT 1: voorzetsels
Vertaal/Translate
1. coram familia
In aanwezigheid van de familie
coram = voorzetsel met ablativus, betekent in aanwezigheid van /
voor.
familia = ablativus enkelvoud.
2. ad missam
Bij de mis.
Naar de mis.
ad = voorzetsel met accusativus, geeft richting/doel aan (naar,
tot).
missam = accusativus enkelvoud van missa.
3. a missa
Naar de mis.
Vanaf de mis
a(b) = voorzetsel met ablativus, betekent van(af), weg van, door.
missa = ablativus enkelvoud.
4. cum papa
Met de paus.
cum = voorzetsel met ablativus, betekent met.
papa = ablativus enkelvoud.
5. pro ecclesia
Voor de kerk.
, pro = voorzetsel met ablativus, betekent voor, ten behoeve van, in
plaats van.
ecclesia = ablativus enkelvoud.
6. ab ecclesia
In de richting van de kerk.
Weg van de kerk
ab = voorzetsel met ablativus, betekent van(af), weg van, door.
ecclesia = ablativus enkelvoud.
7. ad gloriam
Met de glorie.
Naar de glorie
ad = voorzetsel met accusativus, geeft richting/doel aan.
gloriam = accusativus enkelvoud.
8. papae ad gloriam; ad gloriam papae
De glorie van de pausen
Tot de glorie van de paus / de glorie van de paus.
papae = genitivus enkelvoud (van de paus).
ad gloriam = accusativus na ad.
9. de vita; de familiae vita
Het leven ; Het familieleven
Over het leven; over het familieleven
de = voorzetsel met ablativus, betekent over, vanaf, van.
vita = ablativus enkelvoud (over het leven).
familiae vita = genitivus + nominativus (het leven van de familie →
het familieleven).
10. in ecclesiarum terris
De kerkelijke grond.
,in de gronden der kerken
in + ablativus = in, op, binnen (plaats).
terris = ablativus meervoud (landen, gebieden).
ecclesiarum = genitivus meervoud (van de kerken).
Liber pueri est
Het boek is van de jongen
Liber puero est
Het boek behoort de jongen toe.
UNIT 2
Vertaal/Translate
1. Aqua est in terra.
Het water is in (op) de aarde.
in + ablativus = in, op, binnen (plaats).
2. Ecclesia est in terra.
De kerk is in de aarde.
in + ablativus = in, op, binnen (plaats).
3. Discipuli Christi sunt in Judaea.
De leerlingen van Christus zijn in Judea.
Discipuli = nominativus meervoud.
Christi = genitivus enkelvoud (van Christus).
in Judaea = plaatsbepaling, ablativus.
4. Nam Agnus Dei est.
Want het is het lam Gods.
Want Hij is het Lam Gods.
Agnus Dei = nominativus + genitivus → Lam van God.
, 5. Et potentia et justitia sunt in terra.
Zowel de kracht als de rechtvaardigheid/gerechtigheid zijn in (op) de
aarde.
6. Petrus non est in agris.
Peter is niet in het veld.
in agris = ablativus meervoud = op de velden / in de velden.
7. Hodie pueri non sunt in ecclesia.
Vandaag is het kind niet in de kerk.
Vandaag zijn de kinderen niet in de kerk.
pueri = nominativus meervoud = kinderen / jongens.
8. Maria est ancilla Domini.
Maria is een dienstmeisje van de Heer.
9. De terra non sunt angeli archangelique.
De engelen van de aarde zijn geen aartsengelen = verkeerde genitivus-
relatie
Engelen en aartsengelen zijn niet van aarde.
de terra = ablativus met voorzetsel, betekent van/uit de aarde.
angeli archangelique = nominativus meervoud = engelen en
aartsengelen.
archangelique = et
10. Ministri Dei sumus.
Wij zijn dienaren van God.
ministri = nominativus meervoud.
Dei = genitivus enkelvoud = van God.
UNIT 1: voorzetsels
Vertaal/Translate
1. coram familia
In aanwezigheid van de familie
coram = voorzetsel met ablativus, betekent in aanwezigheid van /
voor.
familia = ablativus enkelvoud.
2. ad missam
Bij de mis.
Naar de mis.
ad = voorzetsel met accusativus, geeft richting/doel aan (naar,
tot).
missam = accusativus enkelvoud van missa.
3. a missa
Naar de mis.
Vanaf de mis
a(b) = voorzetsel met ablativus, betekent van(af), weg van, door.
missa = ablativus enkelvoud.
4. cum papa
Met de paus.
cum = voorzetsel met ablativus, betekent met.
papa = ablativus enkelvoud.
5. pro ecclesia
Voor de kerk.
, pro = voorzetsel met ablativus, betekent voor, ten behoeve van, in
plaats van.
ecclesia = ablativus enkelvoud.
6. ab ecclesia
In de richting van de kerk.
Weg van de kerk
ab = voorzetsel met ablativus, betekent van(af), weg van, door.
ecclesia = ablativus enkelvoud.
7. ad gloriam
Met de glorie.
Naar de glorie
ad = voorzetsel met accusativus, geeft richting/doel aan.
gloriam = accusativus enkelvoud.
8. papae ad gloriam; ad gloriam papae
De glorie van de pausen
Tot de glorie van de paus / de glorie van de paus.
papae = genitivus enkelvoud (van de paus).
ad gloriam = accusativus na ad.
9. de vita; de familiae vita
Het leven ; Het familieleven
Over het leven; over het familieleven
de = voorzetsel met ablativus, betekent over, vanaf, van.
vita = ablativus enkelvoud (over het leven).
familiae vita = genitivus + nominativus (het leven van de familie →
het familieleven).
10. in ecclesiarum terris
De kerkelijke grond.
,in de gronden der kerken
in + ablativus = in, op, binnen (plaats).
terris = ablativus meervoud (landen, gebieden).
ecclesiarum = genitivus meervoud (van de kerken).
Liber pueri est
Het boek is van de jongen
Liber puero est
Het boek behoort de jongen toe.
UNIT 2
Vertaal/Translate
1. Aqua est in terra.
Het water is in (op) de aarde.
in + ablativus = in, op, binnen (plaats).
2. Ecclesia est in terra.
De kerk is in de aarde.
in + ablativus = in, op, binnen (plaats).
3. Discipuli Christi sunt in Judaea.
De leerlingen van Christus zijn in Judea.
Discipuli = nominativus meervoud.
Christi = genitivus enkelvoud (van Christus).
in Judaea = plaatsbepaling, ablativus.
4. Nam Agnus Dei est.
Want het is het lam Gods.
Want Hij is het Lam Gods.
Agnus Dei = nominativus + genitivus → Lam van God.
, 5. Et potentia et justitia sunt in terra.
Zowel de kracht als de rechtvaardigheid/gerechtigheid zijn in (op) de
aarde.
6. Petrus non est in agris.
Peter is niet in het veld.
in agris = ablativus meervoud = op de velden / in de velden.
7. Hodie pueri non sunt in ecclesia.
Vandaag is het kind niet in de kerk.
Vandaag zijn de kinderen niet in de kerk.
pueri = nominativus meervoud = kinderen / jongens.
8. Maria est ancilla Domini.
Maria is een dienstmeisje van de Heer.
9. De terra non sunt angeli archangelique.
De engelen van de aarde zijn geen aartsengelen = verkeerde genitivus-
relatie
Engelen en aartsengelen zijn niet van aarde.
de terra = ablativus met voorzetsel, betekent van/uit de aarde.
angeli archangelique = nominativus meervoud = engelen en
aartsengelen.
archangelique = et
10. Ministri Dei sumus.
Wij zijn dienaren van God.
ministri = nominativus meervoud.
Dei = genitivus enkelvoud = van God.