HOOFDSTUK 1 Organisaties & management.
Wat is een organisatie?
Een organisatie = een samenwerkingsverband van mensen
die middelen inzetten om doelen te bereiken.
Middelen:
geld
personeel
informatie
machines/technologie
tijd
Doelen kunnen zijn:
winst (profit)
maatschappelijke waarde (non-profit)
publieke dienstverlening (overheid)
Efficiëntie vs effectiviteit (heel toetsgevoelig!)
Efficiënt = met zo min mogelijk middelen werken
Effectief = de juiste dingen doen (doel behalen)
Een bedrijf kan efficiënt zijn maar toch niet effectief (bv. goedkoop
produceren, maar het verkeerde product).
De 4 managementfuncties (POLC)
1️⃣ Plannen – doelen, strategie en acties bepalen
2️⃣ Organiseren – structuur, processen, taakverdeling
3️⃣ Leiden – motiveren, communiceren, beslissingen nemen
4️⃣ Controleren – prestaties meten, vergelijken, corrigeren
Managementniveaus
Strategisch niveau (top) – lange termijn, missie & visie
Tactisch niveau (midden) – afdelingsdoelen, plannen vertalen
Operationeel niveau (leidinggevenden) – dagelijkse aansturing
Missie, visie, doelstellingen
Missie = waarom bestaan we?
Visie = waar willen we naartoe?
Doelen = concreet en meetbaar (SMART)
SMART = Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden.
, HOOFDSTUK 2 Organisatiestructuur (uitgebreid)
Waarom structuur?
duidelijkheid in taken en bevoegdheden
betere afstemming
minder conflicten
hogere efficiëntie
Taakverdeling en specialisatie
Horizontale taakverdeling: verdelen over functies (marketing,
inkoop enz.)
Verticale taakverdeling: niveaus in hiërarchie (leidinggevenden)
Specialisatie verhoogt productiviteit, maar kan eentonig worden.
Coördinatiemechanismen
Hoe stem je werk af?
procedures & regels
overlegstructuren
projectteams
IT-systemen
hiërarchie (beslissen bij leidinggevenden)
Organisatiestructuren
1️⃣ Lijnorganisatie
Heldere bevelslijn — snel en overzichtelijk.
Nadeel: overbelasting leidinggevenden.
2️⃣ Lijn-staf
Staf adviseert (HR, ICT), maar beslist niet.
Nadeel: spanningen tussen lijn en staf.
3️⃣ Functioneel
Ingedeeld naar functie.
Voordeel: expertise.
Nadeel: risico op “afdelingsdenken”.
4️⃣ Divisie
Ingedeeld naar product/markt/regio.
Voordeel: klantgericht en flexibel.
Nadeel: hogere kosten (dubbele functies).
5️⃣ Matrix
Medewerkers hebben twee bazen (project + functie).
Voordeel: samenwerking en innovatie.
Nadeel: kans op conflicten.
Span of control
Aantal medewerkers per leidinggevende.
Wat is een organisatie?
Een organisatie = een samenwerkingsverband van mensen
die middelen inzetten om doelen te bereiken.
Middelen:
geld
personeel
informatie
machines/technologie
tijd
Doelen kunnen zijn:
winst (profit)
maatschappelijke waarde (non-profit)
publieke dienstverlening (overheid)
Efficiëntie vs effectiviteit (heel toetsgevoelig!)
Efficiënt = met zo min mogelijk middelen werken
Effectief = de juiste dingen doen (doel behalen)
Een bedrijf kan efficiënt zijn maar toch niet effectief (bv. goedkoop
produceren, maar het verkeerde product).
De 4 managementfuncties (POLC)
1️⃣ Plannen – doelen, strategie en acties bepalen
2️⃣ Organiseren – structuur, processen, taakverdeling
3️⃣ Leiden – motiveren, communiceren, beslissingen nemen
4️⃣ Controleren – prestaties meten, vergelijken, corrigeren
Managementniveaus
Strategisch niveau (top) – lange termijn, missie & visie
Tactisch niveau (midden) – afdelingsdoelen, plannen vertalen
Operationeel niveau (leidinggevenden) – dagelijkse aansturing
Missie, visie, doelstellingen
Missie = waarom bestaan we?
Visie = waar willen we naartoe?
Doelen = concreet en meetbaar (SMART)
SMART = Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden.
, HOOFDSTUK 2 Organisatiestructuur (uitgebreid)
Waarom structuur?
duidelijkheid in taken en bevoegdheden
betere afstemming
minder conflicten
hogere efficiëntie
Taakverdeling en specialisatie
Horizontale taakverdeling: verdelen over functies (marketing,
inkoop enz.)
Verticale taakverdeling: niveaus in hiërarchie (leidinggevenden)
Specialisatie verhoogt productiviteit, maar kan eentonig worden.
Coördinatiemechanismen
Hoe stem je werk af?
procedures & regels
overlegstructuren
projectteams
IT-systemen
hiërarchie (beslissen bij leidinggevenden)
Organisatiestructuren
1️⃣ Lijnorganisatie
Heldere bevelslijn — snel en overzichtelijk.
Nadeel: overbelasting leidinggevenden.
2️⃣ Lijn-staf
Staf adviseert (HR, ICT), maar beslist niet.
Nadeel: spanningen tussen lijn en staf.
3️⃣ Functioneel
Ingedeeld naar functie.
Voordeel: expertise.
Nadeel: risico op “afdelingsdenken”.
4️⃣ Divisie
Ingedeeld naar product/markt/regio.
Voordeel: klantgericht en flexibel.
Nadeel: hogere kosten (dubbele functies).
5️⃣ Matrix
Medewerkers hebben twee bazen (project + functie).
Voordeel: samenwerking en innovatie.
Nadeel: kans op conflicten.
Span of control
Aantal medewerkers per leidinggevende.