HUWELIJKSVERMOGENSRECHT
Samenvatting
,TITEL i: het secundaire huwelijksvermogensrecht ................................................................................................................................................2
hoofdstuk I: Het wettelijk stelsel .....................................................................................................................................................................2
Afdeling I: situering ....................................................................................................................................................................................2
afdeling II: Kwalificatie an de vermogens ...................................................................................................................................................3
afdeling III: werking van het wettelijk stelsel .............................................................................................................................................4
afdeling IV: de baten ...................................................................................................................................................................................5
Afdeling V: de lasten ................................................................................................................................................................................ 19
Afdeling VII: de ontbinding, vereffening en verdeling van het wettelijk stelsel...................................................................................... 29
Hoofdstuk 2: De conventionele stelsels ....................................................................................................................................................... 44
Afdeling I. Algemeen – het huwelijkscontract .......................................................................................................................................... 44
Afdeling II: Conventionele gemeenschapsstelsels .................................................................................................................................. 45
afdeling III: de stelsel van scheiding van goederen................................................................................................................................. 52
1
,HUWELIJKSVERMOGENSRECHT
TITEL I: HET SECUNDAIRE HUWELIJKSVERMOGENSRECHT
HOOFDSTUK I: HET WETTELIJK STELSEL
AFDELING I: SITUERING
ONDERSCHEID IN STELSELS
- Primair stelsel
o Basisregels die altijd gelden, ongeacht welk vermogensstelsel gekozen wordt
o Van toepassing op elk huwelijk
- Secundair stelsel
2 mogelijkheden:
1. Wettelijk stelsel
1. Automatisch van toepassing als er geen huwelijkscontract wordt afgesloten
2. Ook van toepassing op echtgenoten die een huwelijkscontract sloten (art.1451 BW)
2. Bedongen huwelijksvermogensstelsel = conventioneel stelsel
1. Afgesproken bij notaris
2. Kan afgesloten worden
a. Voor het huwelijk (in huwelijkscontract)
b. Tijdens het huwelijk (via wijzigingsakte) (art.1394-1395 BW naleven)
3. Moet steeds binnen de wettelijke bepalingen blijven
Wettelijk of conventioneel huwelijksvermogensstelsel begint te werken vanaf de voltrekking van het huwelijk (art.1391 BW)
Huwelijksvermogensstelsel = normatief statuut dat rechtszekerheid moet bieden, voor zowel de echtgenoten als voor derden à daarom
à gekozen stelsel niet willekeurig wijzigen à daarom à tijdens een periode van feitelijke scheiding kunnen ze niet zomaar een
overeenkomst sluiten tot integrale vereffening en verdeling van hun huwelijksvermogensstelsel
Wijzigingen enkel mogelijk indien volgend van strikt wettelijke procedure
2
, AFDELING II: KWALIFICATIE AN DE VERMOGENS
ONDERSCHEID IN VERMOGENS
1. Eigen vermogen partner 1
a. Goederen / activa / passiva tijdens huwelijk verkregen ten persoonlijke titel
b. A/P met voorhuwelijks karakter (wat men al bezat voor het huwelijk)
2. Gemeenschappelijk vermogen
a. A/P die geen eigen karakter hebben
b. Zie BW: A/P waarvan eigen karakter niet bewezen kan worden, behoren tot het GV
c. Belangrijk: GV is geen synoniem voor mede-eigendom
3. Eigen vermogen partner 2
a. Zelfde principe als bij partner 1
ð Wettelijk huwelijksvermogensstelsel = gemeenschap van aanwinsten
O Gemeenmaking van de aanwinsten, met name het vermogen dat de echtgenoten samen tijdens het huwelijk
opbouwen (gezinsvermogen)
O Vermogen dat niet verbonden is aan het huwelijk, met name voorhuwelijks vermogen (tegenwoordige goederen) en
vermogen verkregen door erfenis of schenking (toekomstige goederen), ook tijdens het huwelijk (familievermogen)
worden privé en apart gehouden
Gemeenschappelijk vermogen = alle activa die tijdens het huwelijk onder bezwarende titel toevallen aan één van de echtgenoten
- Doelgebonden vermogen dat blijft bestaan tot op het ogenblik van de ontbinding van het stelsel overeenkomst (art.1427 BW)
- Daarmee onderscheidt de gemeenschap zich van de gewone toevallige mede-eigendom, waarvan de deelgenoten te allen tijde
de verdeling kunnen vorderen (art.815 BW)
Eigen vermogens = goederen die elk van de echtgenoten bezaten op de dag van de voltrekking van het huwelijk, alsook de active die
hen tijdens het huwelijk toevallen door erfenis of schenking en de (weder) beleggingen daarvan
EV & GV = afzonderlijke juridische boedel, zonder rechtspersoonlijkheid (Cass. 5 september 2006)
3
Samenvatting
,TITEL i: het secundaire huwelijksvermogensrecht ................................................................................................................................................2
hoofdstuk I: Het wettelijk stelsel .....................................................................................................................................................................2
Afdeling I: situering ....................................................................................................................................................................................2
afdeling II: Kwalificatie an de vermogens ...................................................................................................................................................3
afdeling III: werking van het wettelijk stelsel .............................................................................................................................................4
afdeling IV: de baten ...................................................................................................................................................................................5
Afdeling V: de lasten ................................................................................................................................................................................ 19
Afdeling VII: de ontbinding, vereffening en verdeling van het wettelijk stelsel...................................................................................... 29
Hoofdstuk 2: De conventionele stelsels ....................................................................................................................................................... 44
Afdeling I. Algemeen – het huwelijkscontract .......................................................................................................................................... 44
Afdeling II: Conventionele gemeenschapsstelsels .................................................................................................................................. 45
afdeling III: de stelsel van scheiding van goederen................................................................................................................................. 52
1
,HUWELIJKSVERMOGENSRECHT
TITEL I: HET SECUNDAIRE HUWELIJKSVERMOGENSRECHT
HOOFDSTUK I: HET WETTELIJK STELSEL
AFDELING I: SITUERING
ONDERSCHEID IN STELSELS
- Primair stelsel
o Basisregels die altijd gelden, ongeacht welk vermogensstelsel gekozen wordt
o Van toepassing op elk huwelijk
- Secundair stelsel
2 mogelijkheden:
1. Wettelijk stelsel
1. Automatisch van toepassing als er geen huwelijkscontract wordt afgesloten
2. Ook van toepassing op echtgenoten die een huwelijkscontract sloten (art.1451 BW)
2. Bedongen huwelijksvermogensstelsel = conventioneel stelsel
1. Afgesproken bij notaris
2. Kan afgesloten worden
a. Voor het huwelijk (in huwelijkscontract)
b. Tijdens het huwelijk (via wijzigingsakte) (art.1394-1395 BW naleven)
3. Moet steeds binnen de wettelijke bepalingen blijven
Wettelijk of conventioneel huwelijksvermogensstelsel begint te werken vanaf de voltrekking van het huwelijk (art.1391 BW)
Huwelijksvermogensstelsel = normatief statuut dat rechtszekerheid moet bieden, voor zowel de echtgenoten als voor derden à daarom
à gekozen stelsel niet willekeurig wijzigen à daarom à tijdens een periode van feitelijke scheiding kunnen ze niet zomaar een
overeenkomst sluiten tot integrale vereffening en verdeling van hun huwelijksvermogensstelsel
Wijzigingen enkel mogelijk indien volgend van strikt wettelijke procedure
2
, AFDELING II: KWALIFICATIE AN DE VERMOGENS
ONDERSCHEID IN VERMOGENS
1. Eigen vermogen partner 1
a. Goederen / activa / passiva tijdens huwelijk verkregen ten persoonlijke titel
b. A/P met voorhuwelijks karakter (wat men al bezat voor het huwelijk)
2. Gemeenschappelijk vermogen
a. A/P die geen eigen karakter hebben
b. Zie BW: A/P waarvan eigen karakter niet bewezen kan worden, behoren tot het GV
c. Belangrijk: GV is geen synoniem voor mede-eigendom
3. Eigen vermogen partner 2
a. Zelfde principe als bij partner 1
ð Wettelijk huwelijksvermogensstelsel = gemeenschap van aanwinsten
O Gemeenmaking van de aanwinsten, met name het vermogen dat de echtgenoten samen tijdens het huwelijk
opbouwen (gezinsvermogen)
O Vermogen dat niet verbonden is aan het huwelijk, met name voorhuwelijks vermogen (tegenwoordige goederen) en
vermogen verkregen door erfenis of schenking (toekomstige goederen), ook tijdens het huwelijk (familievermogen)
worden privé en apart gehouden
Gemeenschappelijk vermogen = alle activa die tijdens het huwelijk onder bezwarende titel toevallen aan één van de echtgenoten
- Doelgebonden vermogen dat blijft bestaan tot op het ogenblik van de ontbinding van het stelsel overeenkomst (art.1427 BW)
- Daarmee onderscheidt de gemeenschap zich van de gewone toevallige mede-eigendom, waarvan de deelgenoten te allen tijde
de verdeling kunnen vorderen (art.815 BW)
Eigen vermogens = goederen die elk van de echtgenoten bezaten op de dag van de voltrekking van het huwelijk, alsook de active die
hen tijdens het huwelijk toevallen door erfenis of schenking en de (weder) beleggingen daarvan
EV & GV = afzonderlijke juridische boedel, zonder rechtspersoonlijkheid (Cass. 5 september 2006)
3