Hoorcollege 5: Armoede en sociaal kapitaal
Armoede
o Er is sprake van armoede wanneer iemand niet de financiële mogelijkheden heeft om te
beschikken over de goederen en voorzieningen die in zijn/haar samenleving als minimaal
noodzakelijk gelden. Hierdoor is adequate maatschappelijke participatie niet mogelijk en
dreigt sociale uitsluiting.
o Armoede is een absoluut begrip, het verwijst naar een tekort aan middelen/tekort aan geld
o Maar ook een relatief begrip, omdat het van de context afhankelijk is wanneer er sprake is
van armoede. In Afrika heb je andere normen dan in Nederland om je te onderhouden.
o Meerdimensionaal begrip/cumulatief begrip, niet alleen tekort aan middelen/inkomen maar
gaat over tekort op meerdere gebieden, problemen in de huisvesting (onderwijs, gezindheid,
participatie aan culturele maatschappelijke activiteiten)
o Het leven in armoede zorgt voor veel stress bij mensen.
2 Referentiebudgetten
o Basisbehoeftenbudget: huisvesting voedsel, kleding, verzekeringen en persoonlijke
verzorging
o Niet-veel-maar-toereikend budget: basis + minimale kosten ontspanning (niet al te dure
vakantie) en sociale participatie (geld om deel te kunnen nemen aan verenigingen)
Eenoudergezinnen met minderjarige kinderen, vluchtelingen (vooral Syrië) en mensen met een laag
opleidingsniveau hebben de grootste kans om in armoede te leven
De gevolgen van armoede
Mensen met een laag inkomen:
o Hebben vaker stress
o Minder oppervlak om op te leven
o Voelen zich vaker niet veilig
o Ervaren vaak veel sociale overlast in de buurt
o Worden vaker verdacht van crimineel gedrag
o Hogere kans om slachtoffer te worden van crimineel gedrag
o Minder dan goed ervaren gezondheid (overgewicht bij jongeren, blootstelling tabaksrook,
jongeren roken vaker dagelijks, jongeren drinken vaker geen alcohol)
Waarom is het zo moeilijk om aan armoede te ontsnappen en te stijgen op de maatschappelijke
ladder?
Pierre Bourdieu (1930-2002)
Verschillende soorten kapitaal
o Economische kapitaal. Gaat over de toegang tot geld en vermogen wat je hebt. Niet alleen je
persoonlijk vermogen, maar ook vermogen in je netwerk waar je toegang tot hebt, bijv. je
ouders of je partner.
o Cultureel kapitaal. Gaat over de goede smaak in cultureel opzicht. Beschikken over de juiste
culturele kennis en de vaardigheden. Als je er goed over beschikt, weet je hoe je je moet
gedragen.
o Sociaal kapitaal. Gaat over het netwerk dat je hebt, hoe groot is dat? Mensen die jou steun
kunnen bieden, zogenaamde hulpbronnen die je helpen bij het bereiken van je doelen.
o Symbolisch kapitaal. Gaat over het hebben van status, erkenning en waardering. Bijv. het
hebben van een indrukwekkende achternaam of de kleding die je draagt.
o Linguïstisch kapitaal. Het vloeiend beheersen van de taal. Bijv. een sollicitatiebrief schrijven
zonder taalfouten
Armoede
o Er is sprake van armoede wanneer iemand niet de financiële mogelijkheden heeft om te
beschikken over de goederen en voorzieningen die in zijn/haar samenleving als minimaal
noodzakelijk gelden. Hierdoor is adequate maatschappelijke participatie niet mogelijk en
dreigt sociale uitsluiting.
o Armoede is een absoluut begrip, het verwijst naar een tekort aan middelen/tekort aan geld
o Maar ook een relatief begrip, omdat het van de context afhankelijk is wanneer er sprake is
van armoede. In Afrika heb je andere normen dan in Nederland om je te onderhouden.
o Meerdimensionaal begrip/cumulatief begrip, niet alleen tekort aan middelen/inkomen maar
gaat over tekort op meerdere gebieden, problemen in de huisvesting (onderwijs, gezindheid,
participatie aan culturele maatschappelijke activiteiten)
o Het leven in armoede zorgt voor veel stress bij mensen.
2 Referentiebudgetten
o Basisbehoeftenbudget: huisvesting voedsel, kleding, verzekeringen en persoonlijke
verzorging
o Niet-veel-maar-toereikend budget: basis + minimale kosten ontspanning (niet al te dure
vakantie) en sociale participatie (geld om deel te kunnen nemen aan verenigingen)
Eenoudergezinnen met minderjarige kinderen, vluchtelingen (vooral Syrië) en mensen met een laag
opleidingsniveau hebben de grootste kans om in armoede te leven
De gevolgen van armoede
Mensen met een laag inkomen:
o Hebben vaker stress
o Minder oppervlak om op te leven
o Voelen zich vaker niet veilig
o Ervaren vaak veel sociale overlast in de buurt
o Worden vaker verdacht van crimineel gedrag
o Hogere kans om slachtoffer te worden van crimineel gedrag
o Minder dan goed ervaren gezondheid (overgewicht bij jongeren, blootstelling tabaksrook,
jongeren roken vaker dagelijks, jongeren drinken vaker geen alcohol)
Waarom is het zo moeilijk om aan armoede te ontsnappen en te stijgen op de maatschappelijke
ladder?
Pierre Bourdieu (1930-2002)
Verschillende soorten kapitaal
o Economische kapitaal. Gaat over de toegang tot geld en vermogen wat je hebt. Niet alleen je
persoonlijk vermogen, maar ook vermogen in je netwerk waar je toegang tot hebt, bijv. je
ouders of je partner.
o Cultureel kapitaal. Gaat over de goede smaak in cultureel opzicht. Beschikken over de juiste
culturele kennis en de vaardigheden. Als je er goed over beschikt, weet je hoe je je moet
gedragen.
o Sociaal kapitaal. Gaat over het netwerk dat je hebt, hoe groot is dat? Mensen die jou steun
kunnen bieden, zogenaamde hulpbronnen die je helpen bij het bereiken van je doelen.
o Symbolisch kapitaal. Gaat over het hebben van status, erkenning en waardering. Bijv. het
hebben van een indrukwekkende achternaam of de kleding die je draagt.
o Linguïstisch kapitaal. Het vloeiend beheersen van de taal. Bijv. een sollicitatiebrief schrijven
zonder taalfouten