Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4.2 TrustPilot
logo-home
Notes de cours

College aantekeningen H&G

Note
-
Vendu
-
Pages
28
Publié le
14-01-2026
Écrit en
2025/2026

Dit zijn mijn collegeaantekeningen voor beide tentamens, ik ben bij elk college geweest. Dit is voor het vak Hersenen en Gedrag aan de Universiteit Utrecht. Zelfs de filmpjes die je ter voorbereiding soms moet kijken zitten hierbij. De eerste keer aantekeningen maken was uitgebreid, maar het wordt steeds beter!!

Montrer plus Lire moins
Établissement
Cours










Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Publié le
14 janvier 2026
Nombre de pages
28
Écrit en
2025/2026
Type
Notes de cours
Professeur(s)
Anoniem
Contient
Toutes les classes

Sujets

Aperçu du contenu

Deeltentamen 1
HC - Genetica
Genen invloed op gedrag?
Dat is lastig te bewijzen. Want kun je een oorzakelijk verband aantonen?
Nee. Je kan alleen een verband in algemene zin aantonen. Is er een
verband tussen genen en gedrag? Zo ja, in welke mate? Het verband is
soms zo sterk dat de relatie onverbiddelijk lijkt. Het effect van de genen
(het verband) wordt mede bepaald door wat er vanuit de omgeving op je
afkomt. Vrijwel elke eigenschap is afhankelijk van meer dan één gen,
evenals van invloeden uit de omgeving.

Wat zijn genen?
Genen zijn twee in elkaar gedrukte strengen, een groot molecuul, stukken
molecuul verdeeld over verschillende structuurelementen. Komen in elke
cel(kern) voor. De moleculen zijn de basisparen. De genen en het DNA
bestaan uit oneindig lange reeksen moleculen. DNA bevat de genen, die
bestaan uit letters (moleculen). Letters: G, C, A, T

Een heel sterk verband met gedrag
Als de herhaling van letters CAG over de 40x herhaald → grote motorische
problemen.
Dit is een voorbeeld bij sterk verband tussen genetische eigenschappen
en het gedrag. Hoe meer herhaling, hoe vroeger in je leven.
Herhaling letters CAG (>40x) leidt tot ziekte van Huntington.
Degeneratieve hersenziekte, ergens in de hersenen gaat iets mis →
symptomen binnen de motoriek → ongecontroleerd, progressief. Steeds
grotere delen van de hersenen worden aangetast, zoals waarnemingen.
Begint meestal op latere leeftijd (middelbare).
Ventrikels is een soort afbraaksysteem voor afvalstoffen. Als
hersenweefsel kapotgaat en verdwijnt, neemt die ventrikels die ruimte
over, gebeurt bij de ziekte Huntington.
Je hebt de genen die iemand kwetsbaar maken, leidt tot deze ontwikkeling
in de hersenen en leidt vervolgens op deze gedragingen.
De hersenen gaan er zo raar uitzien, omdat de mensen met dat abnormale
gen een abnormale variant van eiwit Huntingtine produceren. Dat is
waarschijnlijk de reden dat de cellen kapotgaan.

Wat doen genen?
 Een gen codeert voor een eiwit (proteïne).
In de celkern (afgesloten door het celmembraan) zit het DNA (4 letters),
maar 1 stuk streng wordt gebruikt bij DNA. Voortdurend vinden er
transcripties plaats (=kopiëren DNA) →RNA.
Er is een perfecte een-op-een relatie tussen de moleculen letters op het
RNA en die op het DNA. Het voordeel van RNA is dat het de celkern uit
kan, DNA kan dat niet (RNA is kleiner & kan opnieuw gebruikt worden).
RNA gaat de cel uit, in de cel zitten zogenaamde ribosomen, die lezen de
code. Op basis van die code pakken die ribosomen, aminozuren (grotere
moleculen die zwerven in die celkern) en rijgen die aaneen. De code van
het RNA vertelt de Ribosomen we gaan eiwit maken en je moet eerst dit

,aminozuur hebben en dan dat. Al die moleculen aan elkaar geregen noem
je een proteïne.
Proteïne is heel groot en daar kun je de meest fantastische bouwwerken
van maken, omdat ze in 3 dimensies een andere structuur kunnen
aannemen. Sommige proteïne worden deel van de lichaamsstructuur,
andere proteïne worden gebruikt als enzymen (=bepalen welke
biochemische reacties plaatsvinden).
Steeds 3 letters achterelkaar in het RNA coderen voor een specifiek
aminozuur, zo weet het ribosoom welk aminozuur het moet hebben.
_________________________________________________________________________________________________________________
__________
Recap
Verschillende genen (20 000) in DNA, 1000en letters voor één gen.
3 letters coderen voor 1 aminozuur (= Triplet/Codon).
Een gen begint met 3 letters die herkent de ribosoom en het RNA-
kopieermechanisme als een startcode, aan het einde ook weer 3 letters
die worden erkent als stopcode. Die codes corresponderen zelf ook weer
met aminozuren.
Als er een bepaalde variatie in gen zit kan het leiden tot een andere vorm
van eiwit → functioneert zodanig dat allerlei processen in de cel mislopen
→ uiteindelijk beschadigd de cel zich zo, dat die kapotgaat →leidt tot
gedrag, dat problematisch is.
Eiwitten (receptoren) dienen de functie van (zenuw)cellen: enzym,
receptor, boodschapperstof. Weinig structurele stoffen die niet bestaan uit
eiwitten.
_________________________________________________________________________________________________________________
__________
Hoe krijg je genen?
Chromosomen = dat is waar het DNA opzit, DNA met daarin de genen. Het
zijn aparte structuren in de celkern die min of meer fysiek los van elkaar
zitten, die kun je dus stellen, afhankelijk van de diersoort heb je een aantal
chromosomen. Mensen hebben er 46, chromosomen komen altijd in paren,
dus mensen hebben 23 paren. Speciale betekenis, want DNA op de twee
elementen van een chromosomenpaar is voor het grootste deel identiek,
dus ook de genen, maar niet helemaal.
Bij de voortplanting voor elk chromosomenpaar als kind 1 element van
vader en 1 van moeder. Ze zijn al grotendeels hetzelfde, maar er kunnen
subtiele verschillen inzitten → leidt tot bepaald soort ontwikkeling. Nieuwe
generatie, genen materiaal voor groot deel hetzelfde, maar bepaalde
combinaties zijn net even anders.
Twee elementen van een chromosomenpaar = allelen. Genen op 2 allelen
van 1 chromosomenpaar zijn grotendeels identiek, soms geheel. Maar
subtiele verschillen zijn er soms en kunnen ingrijpende gevolgen hebben
voor gedrag.
De herhaling van CAG (als die er is) zit in een gen dat precies
gelokaliseerd is op het 4e chromosomenpaar. Kan geen generatie
overslaan, als je het gen hebt dan krijg je hem, je hoeft maar 1 allel te
hebben, is een dominant gen.
De genen liggen verspreid over de chromosomen, de chromosomen liggen
in paren en elke gen heeft 2 varianten (allelen) die best identiek zijn, met
soms subtiele verschillen.

, Samenspel met anderen factoren
“De genen neigen, maar dwingen niet”. Genen indiceren kwetsbaarheid,
maar door omgeving aan te passen kun je het ontwijken. Voorbeeld: PKU.
Op chromosoom X zit een gen voor het enzym MAO-A (breekt bepaalde
moleculen in de cel af, waardoor bepaalde boodschapperstoffen minder
aangemaakt worden. Er zijn twee varianten van gen: MAO-A low leidt tot
slecht werkend MAO-A enzym (maakt kwetsbaar voor agressie). MAO-A
high leidt tot goed werkend MOA-A enzym (beschermt tegen agressie).
Het effect van de omgeving hangt af van de genetische uitrusting, of het
effect van de genetische uitrusting wordt pas echt bepaald door wat er in
de omgeving gebeurt. Dit is de regel als het gaat om de manier waarop
genen en omgeving het gedrag beïnvloeden (nature & nurture). Je hebt
een bepaalde genetische tendens (kwetsbaarheid), maar moet wel worden
ingekopt door omgeving, anders gebeurt er niets.

HC - Intro
Psychologie wat willen we weten?
Wat is psychologie? →Gedrag, mentale processen (mind). Gedrag wordt
bepaald door mentale processen. Om iets te weten moeten we meten.
Mentale processen meetbaar? → tot op zekere hoogte niet: emotie heeft
een sterke relatie met andere delen van het lichaam. Als mensen bang
worden gaan ze bijv. meer zweten (een additionele meting = extra meting
om gedrag te begrijpen). Waarneming lastig te meten; gedragsobservaties
zijn geen directe metingen van mentale processen. Als iemand zegt dat
hij/zij iets niet ziet, hebben we dan een meting van een mentaal proces?

Meten is weten, maar wat moeten we meten?
Gedrag kunnen we meten, begrijpen we het dan? Vaak niet, we weten nog
niets over onderliggende mechanisme. Als je het ziet: gebeurt er dan wat
extra’s in het brein? Zelfs als je nog change-blind bent: gebeurt er ook al
wat in het brein?
-Change-blindness: een duidelijk object verdwijnt en komt weer terug en
verdwijnt dan weer. Veel individuele verschillen, als je het eenmaal ziet,
kan je het niet ontzien. Maar weten niet hoe het komt dat de ene het snel
ziet en de ander niet. En waarom je het eerst niet ziet en daarna wel →we
weten nog niets over het onderliggende mechanisme.
Andere vragen kunnen we misschien beantwoorden op basis van alleen
gedrag meten.
Verschillen in gedrag meten: iets variëren in de situatie en dan de reacties
vergelijken.
-Helmholtz: reactietijden op teen-simulatie langer dan die op heup-
simulatie, Het signaal is een zenuwsignaal (interpretatie? Onderliggend
mechanisme?).
-Donders: reactietijden langer als je [F C Q T] ziet en bijv. X moet zoeken
dan bij [F T] (afhankelijk van wat er gebeurt. Interpretatie?).
Mentale processen infereren: interne vergelijking tussen beeld en
geheugen-item 40 ms.

Leren: gedrag kan veranderen!
$4.19
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
milafeer

Document également disponible en groupe

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
milafeer Universiteit Utrecht
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
6
Membre depuis
10 mois
Nombre de followers
0
Documents
15
Dernière vente
3 heures de cela

Ik bied alles zo goedkoop mogelijk aan!! Ik wil er zelf ook wel iets aan verdienen, maar dat is zo minimaal mogelijk. Groetjes xx

0.0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions