STRAFVORDERING
GITTE DEKENS
UGENT 2024-2025
Philip Traest
,Strafvordering
Titel III: Algemene beginselen
HOOFDSTUK1: DEFINITIE
= rechtsregels betreffende opsporing, vervolging en berechting van personen die verdacht
worden misdrijf te hebben gepleegd
synoniemen
Relatie materieel – formeel (verschilpunten)
- Gerichte personen?
Materieel: code van hoe je u moet gedragen + straf dat er aan gekoppeld is
➔ Richt zich tot iedereen
Formeel: wat de overheid zich mag permitteren ten opzichte van de burger zoals telefoontap,
huiszoeking, …
➔ Richt zich tot de overheid, zittende en staande magistratuur + politie
- Inhoud?
Materieel: meestal regels met vanzelfsprekende inhoud, bescherming fundamentele
waarden
Soms wel betwisting → bijvoorbeeld euthanasie
Formeel: veel meer betwisting, beschermende waarden onderhevig aan evolutie
Zoals verjaring (mogelijkheid iemand te vervolgen vervalt na bepaalde tijd)
- Sanctionering?
Materieel: wet bepaalt de straf
Formeel: soms bewijs uitgesloten (indien niet op correcte wijze), rechter grote
beoordelingsvrijheid
DOEL?
1) Proberen waarheid te achterhalen
Nagaan wat de feiten zijn
Conflict wordt gezien als iets tussen dader en gemeenschap (openbaar belang)
Ruimer dan enkel rechten van verdediging: waarheidsvinding primeert niet ten koste van alles
2) bescherming van de individuele grondrechten
afvragen of het misdrijf is (afweging)
staat diametraal tegenover waarheidsvinding (foltering, huiszoeking, …)
Rekening houden met individuele grondrechten (privacy, legaliteit) = rechten van verdediging
Na wereldoorlogen initiatieven om wrede zaken te vermijden (VN, EVRM)
! wet niet voldoende , wel binnen grenzen art 8 EVRM blijven
19e eeuw en eerste helft 20e eeuw stond waarheidsvinding centraal
Na WOII: nadruk op individuele rechten (mensenrechten)
In rechtspraak: slingerbeweging → eerste decennia na WO nadruk op mensenrechten
Laatste 20-30 jaar → repressieve tendens omwille van actualiteit
De wet Frachimont heeft hierin rol gespeeld → talrijke nieuwe procedures
‘Klimaat’ laatste jaar: nadruk op rechtshandhaving omwille van toenemend terrorisme (9/11)
,HOOFDSTUK 2: ACCUSATOIRE EN INQUISITOIRE RECHTSPLEGING
2 types strafrechtspleging: accusatoir ↔ inquisitoir
Zoals in VS: accusatoir
Kenmerken: 2 partijen die juridisch ‘strijden’ → aanklager vs. verdediging
Horizontaal want de aanklager en verdediging staan op gelijke voet
Rol rechter = arbiter (geen actieve rol, beslist louter op het einde)
Zoals in België: inquisitoir
Verticaal want overheid weegt door op procesverloop
Rol rechter = leider (verregaande bevoegdheden)
2partijen → openbare aanklager (namens gemeenschap) vs. beklaagde
Kenmerken: geheim + niet-tegensprekelijk
!! zuivere types niet veelvoorkomende
Continentale landen (zoals ook België): hoofdzakelijk inquisitoir en geheim vooronderzoek
Zodra iemand voor rechter komt → publieke procedure (eerder accusatoir)
Bij Common Law (zoals VK) hoofdzakelijk accusatoir
Onderzoek wordt daar verricht door de politie en geen openbaar ministerie en jury beslist over
schuld
In België: 4- tal wetten om justitie sneller, menselijker en wetenschappelijker te maken
HOOFDSTUK 3: VERLOOP STRAFPROCES
1. VOORONDERZOEK
= onderzoeksfase die fase ter terechtzitting voorafgaat
Doel: verdachte identificeren en nagaan of er voldoende bezwaren zijn
In deze fase zijn de onderzoeksverrichtingen nog voorlopig
2 types vooronderzoek:
1) Opsporingsonderzoek
Via de procureur des Konings
! geen onderzoeksrechter
Keuzes: beslissing tot niet-vervolging of rechtstreekse dagvaarding voor vonnisgerecht
Als daaruit iets voorkomt wat wijst op misdrijf → verdere stappen ondernemen
Vaak is het op deze manier al afgesloten (90% van de gevallen)
Andere mogelijkheden tot afsluiting: buitengerechtelijk, minnelijke schikking
2) Gerechtelijk onderzoek
! wel onderzoeksrechter
Maar 5% van de gevallen → daarom ook onderzoeksrechter nodig = nodig bij
dwangmaatregelen (dit kan de PdK niet)
Gebeurt onder controle van de Kamer van Inbeschuldigingstelling
Zoals huiszoeking, telefoontap, … (dwangmaatregelen)
Bij welke misdrijven? Hangt ervan af maar sowieso bij levensdelicten
Afgesloten via regeling der rechtspleging (aparte procedure in raadkamer)
Verschil? Puur de procedure
Opsporingsonderzoek: procureur beslist zelf
Gerechtelijk onderzoek: veel langer en logger
Gelijkenis: doel is hetzelfde → nagaan of er voldoende elementen zijn om bij rechter te gaan
, Kenmerken vooronderzoek (voor beide types):
▪ Geheim
Artikel 28quinquies §1 en artikel 57§1 Sv.
Doel: dwarsbomen en vroegtijdige publiciteit vermijden
Zowel ten aanzien van partijen als ten aanzien van derden
! MAAR: eenieder die ondervraagd wordt, heeft recht op kopie van ondervraging (recent)
Procureur heeft recht om te beslissen om kopie niet direct mee te geven
Reden: bij meerdere personen kunnen ze elkaars getuigenis gebruiken
Extra: recht om inzage te vragen (‘inzagerecht in dossier’) = vragen aan onderzoeksrechter of
procureur (art 61ter Sv.)
Bij weigering: in beroep gaan bij Kamer van Inbeschuldigingstelling
Indien wel goedgekeurd: kopiename toegestaan
Ten aanzien van derden:
Basis: achter gesloten deuren
Uitzondering: de wet laat persmededelingen toe door advocaat en PdK (vereiste van
openbaar belang)
Wat als het wordt geschonden?
≠ steeds nietigheid
Beroepsgeheim voor advocaten en politie
Journalisten hebben bronnengeheim, maar geen beroepsgeheim
▪ Niet-tegensprekelijk karakter
Vooral in opsporingsonderzoek heb je geen participatierecht (recht om tussen te komen in
onderzoek) want er wordt nog geen uitspraak gedaan
Bij gerechtelijk onderzoek: meer participatie of zelfs recht op tegenexpertise
▪ Schriftelijk
Vooronderzoek geheim → rechter die zal moeten oordelen heeft papier nodig met duidelijke
feiten = proces verbaal
Dit vormt de basis voor de behandeling van de zaak op de openbare terechtzitting
2. ONDERZOEK TEN GRONDE
= in deze fase wordt uitspraak gedaan over de grond van de zaak → vraag of feiten
bewezen zijn + de straf indien wel
Verloopt voor de vonnisgerechten
Kenmerken onderzoek ten gronde
▪ Openbaarheid zitting en uitspraak
= art 148 en 149 Gw.
! enkele uitzonderingen: openbare orde en goede zeden, bescherming privéleven
Er kan niet worden afgeweken van dit beginsel bij uitspraak van vonnissen en arresten
De beklaagde zal automatische inzage hebben en controlefunctie voor openbare opinie
▪ Tegensprekelijk karakter
Recht op debat, wapengelijkheid, strafdossier!
Afbreuk: verificatierechter + rechter leidt het onderzoek
▪ Mondeling
Pleidooien, proces-verbaal, bij hof van assisen volledig mondeling (wel schriftelijk verslag)
GITTE DEKENS
UGENT 2024-2025
Philip Traest
,Strafvordering
Titel III: Algemene beginselen
HOOFDSTUK1: DEFINITIE
= rechtsregels betreffende opsporing, vervolging en berechting van personen die verdacht
worden misdrijf te hebben gepleegd
synoniemen
Relatie materieel – formeel (verschilpunten)
- Gerichte personen?
Materieel: code van hoe je u moet gedragen + straf dat er aan gekoppeld is
➔ Richt zich tot iedereen
Formeel: wat de overheid zich mag permitteren ten opzichte van de burger zoals telefoontap,
huiszoeking, …
➔ Richt zich tot de overheid, zittende en staande magistratuur + politie
- Inhoud?
Materieel: meestal regels met vanzelfsprekende inhoud, bescherming fundamentele
waarden
Soms wel betwisting → bijvoorbeeld euthanasie
Formeel: veel meer betwisting, beschermende waarden onderhevig aan evolutie
Zoals verjaring (mogelijkheid iemand te vervolgen vervalt na bepaalde tijd)
- Sanctionering?
Materieel: wet bepaalt de straf
Formeel: soms bewijs uitgesloten (indien niet op correcte wijze), rechter grote
beoordelingsvrijheid
DOEL?
1) Proberen waarheid te achterhalen
Nagaan wat de feiten zijn
Conflict wordt gezien als iets tussen dader en gemeenschap (openbaar belang)
Ruimer dan enkel rechten van verdediging: waarheidsvinding primeert niet ten koste van alles
2) bescherming van de individuele grondrechten
afvragen of het misdrijf is (afweging)
staat diametraal tegenover waarheidsvinding (foltering, huiszoeking, …)
Rekening houden met individuele grondrechten (privacy, legaliteit) = rechten van verdediging
Na wereldoorlogen initiatieven om wrede zaken te vermijden (VN, EVRM)
! wet niet voldoende , wel binnen grenzen art 8 EVRM blijven
19e eeuw en eerste helft 20e eeuw stond waarheidsvinding centraal
Na WOII: nadruk op individuele rechten (mensenrechten)
In rechtspraak: slingerbeweging → eerste decennia na WO nadruk op mensenrechten
Laatste 20-30 jaar → repressieve tendens omwille van actualiteit
De wet Frachimont heeft hierin rol gespeeld → talrijke nieuwe procedures
‘Klimaat’ laatste jaar: nadruk op rechtshandhaving omwille van toenemend terrorisme (9/11)
,HOOFDSTUK 2: ACCUSATOIRE EN INQUISITOIRE RECHTSPLEGING
2 types strafrechtspleging: accusatoir ↔ inquisitoir
Zoals in VS: accusatoir
Kenmerken: 2 partijen die juridisch ‘strijden’ → aanklager vs. verdediging
Horizontaal want de aanklager en verdediging staan op gelijke voet
Rol rechter = arbiter (geen actieve rol, beslist louter op het einde)
Zoals in België: inquisitoir
Verticaal want overheid weegt door op procesverloop
Rol rechter = leider (verregaande bevoegdheden)
2partijen → openbare aanklager (namens gemeenschap) vs. beklaagde
Kenmerken: geheim + niet-tegensprekelijk
!! zuivere types niet veelvoorkomende
Continentale landen (zoals ook België): hoofdzakelijk inquisitoir en geheim vooronderzoek
Zodra iemand voor rechter komt → publieke procedure (eerder accusatoir)
Bij Common Law (zoals VK) hoofdzakelijk accusatoir
Onderzoek wordt daar verricht door de politie en geen openbaar ministerie en jury beslist over
schuld
In België: 4- tal wetten om justitie sneller, menselijker en wetenschappelijker te maken
HOOFDSTUK 3: VERLOOP STRAFPROCES
1. VOORONDERZOEK
= onderzoeksfase die fase ter terechtzitting voorafgaat
Doel: verdachte identificeren en nagaan of er voldoende bezwaren zijn
In deze fase zijn de onderzoeksverrichtingen nog voorlopig
2 types vooronderzoek:
1) Opsporingsonderzoek
Via de procureur des Konings
! geen onderzoeksrechter
Keuzes: beslissing tot niet-vervolging of rechtstreekse dagvaarding voor vonnisgerecht
Als daaruit iets voorkomt wat wijst op misdrijf → verdere stappen ondernemen
Vaak is het op deze manier al afgesloten (90% van de gevallen)
Andere mogelijkheden tot afsluiting: buitengerechtelijk, minnelijke schikking
2) Gerechtelijk onderzoek
! wel onderzoeksrechter
Maar 5% van de gevallen → daarom ook onderzoeksrechter nodig = nodig bij
dwangmaatregelen (dit kan de PdK niet)
Gebeurt onder controle van de Kamer van Inbeschuldigingstelling
Zoals huiszoeking, telefoontap, … (dwangmaatregelen)
Bij welke misdrijven? Hangt ervan af maar sowieso bij levensdelicten
Afgesloten via regeling der rechtspleging (aparte procedure in raadkamer)
Verschil? Puur de procedure
Opsporingsonderzoek: procureur beslist zelf
Gerechtelijk onderzoek: veel langer en logger
Gelijkenis: doel is hetzelfde → nagaan of er voldoende elementen zijn om bij rechter te gaan
, Kenmerken vooronderzoek (voor beide types):
▪ Geheim
Artikel 28quinquies §1 en artikel 57§1 Sv.
Doel: dwarsbomen en vroegtijdige publiciteit vermijden
Zowel ten aanzien van partijen als ten aanzien van derden
! MAAR: eenieder die ondervraagd wordt, heeft recht op kopie van ondervraging (recent)
Procureur heeft recht om te beslissen om kopie niet direct mee te geven
Reden: bij meerdere personen kunnen ze elkaars getuigenis gebruiken
Extra: recht om inzage te vragen (‘inzagerecht in dossier’) = vragen aan onderzoeksrechter of
procureur (art 61ter Sv.)
Bij weigering: in beroep gaan bij Kamer van Inbeschuldigingstelling
Indien wel goedgekeurd: kopiename toegestaan
Ten aanzien van derden:
Basis: achter gesloten deuren
Uitzondering: de wet laat persmededelingen toe door advocaat en PdK (vereiste van
openbaar belang)
Wat als het wordt geschonden?
≠ steeds nietigheid
Beroepsgeheim voor advocaten en politie
Journalisten hebben bronnengeheim, maar geen beroepsgeheim
▪ Niet-tegensprekelijk karakter
Vooral in opsporingsonderzoek heb je geen participatierecht (recht om tussen te komen in
onderzoek) want er wordt nog geen uitspraak gedaan
Bij gerechtelijk onderzoek: meer participatie of zelfs recht op tegenexpertise
▪ Schriftelijk
Vooronderzoek geheim → rechter die zal moeten oordelen heeft papier nodig met duidelijke
feiten = proces verbaal
Dit vormt de basis voor de behandeling van de zaak op de openbare terechtzitting
2. ONDERZOEK TEN GRONDE
= in deze fase wordt uitspraak gedaan over de grond van de zaak → vraag of feiten
bewezen zijn + de straf indien wel
Verloopt voor de vonnisgerechten
Kenmerken onderzoek ten gronde
▪ Openbaarheid zitting en uitspraak
= art 148 en 149 Gw.
! enkele uitzonderingen: openbare orde en goede zeden, bescherming privéleven
Er kan niet worden afgeweken van dit beginsel bij uitspraak van vonnissen en arresten
De beklaagde zal automatische inzage hebben en controlefunctie voor openbare opinie
▪ Tegensprekelijk karakter
Recht op debat, wapengelijkheid, strafdossier!
Afbreuk: verificatierechter + rechter leidt het onderzoek
▪ Mondeling
Pleidooien, proces-verbaal, bij hof van assisen volledig mondeling (wel schriftelijk verslag)