SAMENVATTING
Volledig SE- & CE-gericht | Duidelijke uitleg | Mooie structuur
1. Wat zijn zuren en basen?
1.1 Brønsted-definitie (EXAMENBELANGRIJK)
• Zuur: een stof die H⁺-ionen afstaat
• Base: een stof die H⁺-ionen opneemt
👉 Dit is de definitie die altijd op het examen wordt gebruikt.
Voorbeelden:
• HCl (zuur) → staat H⁺ af
• NH₃ (base) → neemt H⁺ op
2. Sterke en zwakke zuren/basen
2.1 Sterk vs. zwak
Soort Betekenis
Sterk zuur Reageert (bijna) volledig met water
Zwak zuur Reageert maar een klein deel
Sterke base Neemt H⁺ volledig op
Zwakke base Neemt H⁺ gedeeltelijk op
Veelvoorkomende sterke zuren (leren):
• HCl
• HNO₃
• H₂SO₄
Veelvoorkomende sterke basen:
• NaOH
• KOH
⚠️ LET OP: sterk ≠ geconcentreerd (dit is een klassieke examenvraag!)
1