1
Ontwikkelingsproblemen
HC1: intro: ontwikkelingsproblemen, levensfases en
ontwikkelingsdomeinen
Ontwikkelingsproblemen die centraal staan:
- Verstandelijke beperking
- Lichamelijke beperking
- Auditieve beperking
- Visuele beperking
- Autisme
Deze mensen kun je overal tegenkomen.
Het is een hele diverse groep. Daarom worden niet alle diversiteiten besproken,
maar wordt er juist gericht op persoonlijke hulp.
Een ontwikkelingsprobleem staat nooit helemaal op zichzelf. Er is veel
comorbiditeit. Daarnaast zijn er achtergrond kenmerken van een persoon (bijv.
SES). Trauma komt veel voor bij mensen met een ontwikkelingsprobleem. Ze zijn
heel kwetsbaar. Ook gedragsproblematiek komt veel voor. Het is soms moeilijk
om goed te uit. Hechting verloopt vaak anders tussen ouders en kinderen met
een ontwikkelingsprobleem.
Levensfases:
Hulpverlening is een dynamisch proces. Want hulpvragen kunnen variëren op
verschillende punten in het leven.
Eisen omgeving = (on)mogelijkheden persoon + ondersteuning
Zie slide 15 voor AAIDD-model. Deze bevat:
- Intellectuele mogelijkheden
- Adaptief gedrag aanpassingsvermogen, zelfredzaamheid
- Participatie, interacties en sociale rollen je hebt verschillende sociale
rollen. Mensen met ontwikkelingsproblemen hebben vaak minder sociale
rollen dan anderen. Het is lastiger om mee te doen aan sociale interacties.
Dit geldt voor zowel mensen met verstandelijke beperking als mensen met
een fysieke beperking
- Gezondheid/etiologie (waar de beperking vandaan komt) vaker
gezondheidsproblemen
- Context vaker in aanraking met criminaliteit en lagere SES
Mogelijkheden zijn vaak niet in balans met eisen van de omgeving. Daarom is er
ondersteuning nodig om balans te maken.
, 2
Persoonsgerichte zorg die bijdraagt aan de kwaliteit van leven van mensen met
een beperking. Je zet ondersteuning in om kwaliteit van leven van de ander te
verbeteren.
4 uitgangspunten:
- Ondersteuning bij het invullen van het eigen leven: in dialoog
- Mensen met een beperking hebben eigen regie!! (dit kan over kleine en
grote kwesties gaan)
- Samenwerking tussen mensen met een beperking, hun verwanten en
netwerk, professionals en organisaties: op maat
- Zorg en ondersteuning dragen bij aan kwaliteit van bestaan
Kwaliteit van leven
- Emotioneel goed in je vel voelen (emotioneel welbevinden)
- Lichamelijk goed in je vel voelen (lichamelijk welbevinden)
- Niets te kort hebben op materieel vlak (materieel welbevinden)
- Goede relaties (interpersoonlijke relaties)
- Erbij horen (sociale inclusie
- Jezelf kunnen ontwikkelen (persoonlijke ontplooiing)
- Jezelf kunnen zijn (zelfbepaling)
- Opkomen voor jezelf (rechten)
Hoe ondersteunen:
- Methodisch handelen: een vaste, weldoordachte manier van handelen om
het doel op een zo effectief en efficiënt mogelijke manier te bereiken.
- Zowel doen als denken
- Cyclisch proces met vaste stappen
- Zoveel mogelijk afgestemd op de wensen, behoeften, mogelijkheden en
beperkingen van de persoon
- Vastgelegd in het ondersteuningsplan/revalidatieplan:
bij voorkeur werken alle professionals samen
Behoeftes en wensen van persoon en systeem
Afspraken over:
Structurele ondersteuning
Doelen met een werkwijze concrete omschrijving van
gewenste situatie/gedrag en vaststellen en plannen van
activiteiten en ondersteuning
Evaluatie
Minimaal jaarlijks besproken met persoon
Methodieken helpen je om te weten wat je op elk moment moet doen.
Person-centred active support: betrokken zijn of meedoen in een brede range van
betekenisvolle activiteiten en relaties. Dit gaat stap voor stap, klein en krachtig
, 3
(veel kleine momenten dragen meer bij aan dagelijks geluk dan één groot leuk
moment), ieder moment biedt kansen, vrijheid en regie.
Er zijn drie niveaus van ondersteuning. Zie slide 23.
Door de complexiteit van het veld kun je lang niet alles weten. Het is wel
belangrijk om ernaar te vragen in een specifieke situatie en het dan op te zoeken.
Daarnaast zijn er vaak onvoorziene omstandigheden.
Het helpt om te werken met een kloof tussen kennis en praktijk.
- Wetenschappelijke kennis
Hoog gewaardeerd
Objectief
- Klinische expertise
Afstemming op de persoon
Omgaan met onverwachte zaken
Problemen/risico’s signaleren en oplossen
Goede professionals:
- Hebben een onderzoekende houding
- Zien kennis als een bron van inspiratie
- Interpreteren kennis met een klinische bril en passen deze toe op een
casus
- Komen samen met collega’s tot nieuwe inzichten
- Hebben vertrouwen dat het goed komt
- Kortom: goede professionals kunnen onderbouwd afwijken van de
voorschriften en oplossingen vinden voor onverwachte en onvoorziene
situaties.
Eerste hulp bij ontwikkelingsproblemen:
- Wees je ervan bewust dat onze kennis niet volledig is of zal zijn
- Wees onderzoekend
- Zoek de verbinding met de cliënt
- Overleg met anderen: vooral met mensen met verschillende opvattingen
- Weeg afL breng de ontwikkeling, verspreiding en toepassing van kennis bij
elkaar
- Ga niet voorbij aan complexiteit en zie ook de charme ervan.
ICF-CY model: zie slide 32.
Dingen die impact hebben op de mogelijke activiteiten:
- Body functions and structures
- Health condition
- Participation
- Environmental factors
, 4
- Personal factors
HC2: Perceptuele ontwikkelingsproblemen
Perceptie
Ontwikkelingspsychologie: zintuigen
- Tast
- Smaak
- Reuk
- Gehoor
- Gezichtsvermogen
Overige zintuigen:
- Beweging en balans (vestibulair systeem) evenwicht en houding
- Positie en beweging (proprioceptoren) motoriek en lichaamsbewustzijn
- Pijn (nociceptoren)
Receptoren zenuwbanen cortex
Intermodal perception: uit meerdere zintuigen info verzamen, simultaan. Je
integreert wat je ziet en wat je voelt en dit koppel je aan elkaar. Alle zintuigen
samen.
Model van informatieverwerking
Ontwikkelingsproblemen
HC1: intro: ontwikkelingsproblemen, levensfases en
ontwikkelingsdomeinen
Ontwikkelingsproblemen die centraal staan:
- Verstandelijke beperking
- Lichamelijke beperking
- Auditieve beperking
- Visuele beperking
- Autisme
Deze mensen kun je overal tegenkomen.
Het is een hele diverse groep. Daarom worden niet alle diversiteiten besproken,
maar wordt er juist gericht op persoonlijke hulp.
Een ontwikkelingsprobleem staat nooit helemaal op zichzelf. Er is veel
comorbiditeit. Daarnaast zijn er achtergrond kenmerken van een persoon (bijv.
SES). Trauma komt veel voor bij mensen met een ontwikkelingsprobleem. Ze zijn
heel kwetsbaar. Ook gedragsproblematiek komt veel voor. Het is soms moeilijk
om goed te uit. Hechting verloopt vaak anders tussen ouders en kinderen met
een ontwikkelingsprobleem.
Levensfases:
Hulpverlening is een dynamisch proces. Want hulpvragen kunnen variëren op
verschillende punten in het leven.
Eisen omgeving = (on)mogelijkheden persoon + ondersteuning
Zie slide 15 voor AAIDD-model. Deze bevat:
- Intellectuele mogelijkheden
- Adaptief gedrag aanpassingsvermogen, zelfredzaamheid
- Participatie, interacties en sociale rollen je hebt verschillende sociale
rollen. Mensen met ontwikkelingsproblemen hebben vaak minder sociale
rollen dan anderen. Het is lastiger om mee te doen aan sociale interacties.
Dit geldt voor zowel mensen met verstandelijke beperking als mensen met
een fysieke beperking
- Gezondheid/etiologie (waar de beperking vandaan komt) vaker
gezondheidsproblemen
- Context vaker in aanraking met criminaliteit en lagere SES
Mogelijkheden zijn vaak niet in balans met eisen van de omgeving. Daarom is er
ondersteuning nodig om balans te maken.
, 2
Persoonsgerichte zorg die bijdraagt aan de kwaliteit van leven van mensen met
een beperking. Je zet ondersteuning in om kwaliteit van leven van de ander te
verbeteren.
4 uitgangspunten:
- Ondersteuning bij het invullen van het eigen leven: in dialoog
- Mensen met een beperking hebben eigen regie!! (dit kan over kleine en
grote kwesties gaan)
- Samenwerking tussen mensen met een beperking, hun verwanten en
netwerk, professionals en organisaties: op maat
- Zorg en ondersteuning dragen bij aan kwaliteit van bestaan
Kwaliteit van leven
- Emotioneel goed in je vel voelen (emotioneel welbevinden)
- Lichamelijk goed in je vel voelen (lichamelijk welbevinden)
- Niets te kort hebben op materieel vlak (materieel welbevinden)
- Goede relaties (interpersoonlijke relaties)
- Erbij horen (sociale inclusie
- Jezelf kunnen ontwikkelen (persoonlijke ontplooiing)
- Jezelf kunnen zijn (zelfbepaling)
- Opkomen voor jezelf (rechten)
Hoe ondersteunen:
- Methodisch handelen: een vaste, weldoordachte manier van handelen om
het doel op een zo effectief en efficiënt mogelijke manier te bereiken.
- Zowel doen als denken
- Cyclisch proces met vaste stappen
- Zoveel mogelijk afgestemd op de wensen, behoeften, mogelijkheden en
beperkingen van de persoon
- Vastgelegd in het ondersteuningsplan/revalidatieplan:
bij voorkeur werken alle professionals samen
Behoeftes en wensen van persoon en systeem
Afspraken over:
Structurele ondersteuning
Doelen met een werkwijze concrete omschrijving van
gewenste situatie/gedrag en vaststellen en plannen van
activiteiten en ondersteuning
Evaluatie
Minimaal jaarlijks besproken met persoon
Methodieken helpen je om te weten wat je op elk moment moet doen.
Person-centred active support: betrokken zijn of meedoen in een brede range van
betekenisvolle activiteiten en relaties. Dit gaat stap voor stap, klein en krachtig
, 3
(veel kleine momenten dragen meer bij aan dagelijks geluk dan één groot leuk
moment), ieder moment biedt kansen, vrijheid en regie.
Er zijn drie niveaus van ondersteuning. Zie slide 23.
Door de complexiteit van het veld kun je lang niet alles weten. Het is wel
belangrijk om ernaar te vragen in een specifieke situatie en het dan op te zoeken.
Daarnaast zijn er vaak onvoorziene omstandigheden.
Het helpt om te werken met een kloof tussen kennis en praktijk.
- Wetenschappelijke kennis
Hoog gewaardeerd
Objectief
- Klinische expertise
Afstemming op de persoon
Omgaan met onverwachte zaken
Problemen/risico’s signaleren en oplossen
Goede professionals:
- Hebben een onderzoekende houding
- Zien kennis als een bron van inspiratie
- Interpreteren kennis met een klinische bril en passen deze toe op een
casus
- Komen samen met collega’s tot nieuwe inzichten
- Hebben vertrouwen dat het goed komt
- Kortom: goede professionals kunnen onderbouwd afwijken van de
voorschriften en oplossingen vinden voor onverwachte en onvoorziene
situaties.
Eerste hulp bij ontwikkelingsproblemen:
- Wees je ervan bewust dat onze kennis niet volledig is of zal zijn
- Wees onderzoekend
- Zoek de verbinding met de cliënt
- Overleg met anderen: vooral met mensen met verschillende opvattingen
- Weeg afL breng de ontwikkeling, verspreiding en toepassing van kennis bij
elkaar
- Ga niet voorbij aan complexiteit en zie ook de charme ervan.
ICF-CY model: zie slide 32.
Dingen die impact hebben op de mogelijke activiteiten:
- Body functions and structures
- Health condition
- Participation
- Environmental factors
, 4
- Personal factors
HC2: Perceptuele ontwikkelingsproblemen
Perceptie
Ontwikkelingspsychologie: zintuigen
- Tast
- Smaak
- Reuk
- Gehoor
- Gezichtsvermogen
Overige zintuigen:
- Beweging en balans (vestibulair systeem) evenwicht en houding
- Positie en beweging (proprioceptoren) motoriek en lichaamsbewustzijn
- Pijn (nociceptoren)
Receptoren zenuwbanen cortex
Intermodal perception: uit meerdere zintuigen info verzamen, simultaan. Je
integreert wat je ziet en wat je voelt en dit koppel je aan elkaar. Alle zintuigen
samen.
Model van informatieverwerking