Hoofdstuk 1: Diagnostisch proces
Wat is psychodiagnostiek?
Diagnostiek = een proces waarbij sprake is van een hulp- of zorgvraag die in
kaart wordt gebracht en geanalyseerd met als doel het kunnen waarmaken van
zorg
Indicatiestelling: het proces dat op basis van de hulp- of zorgvraag van een
natuurlijke persoon en de analyse van de beschikbare relevante gegevens
betreffende die persoon de behoefte aan hulp- en zorgverlening van die persoon
vaststelt
Zorginschaling: het bepalen van de behoefte aan hulp- en zorgverlening van
een natuurlijke persoon aan de hand van een daarvoor bestemd meetinstrument
Handelingsgerichte diagnostiek = een cyclisch onderzoeksproces waarbij
informatie over een persoon en zijn omgeving wordt verzameld en geanalyseerd
om problemen, onderwijs- of hulpbehoeften te begrijpen en te komen tot gericht
en passend advies voor het handelen
Diagnostiek kan gezien worden als het geheel van al deze deelprocessen van de
diagnostische cyclus
Diagnostische cyclus (De Bruyn & Ruijssenaars, 2015)=
,4 componenten:
- Klachtanalyse (verhelderende diagnostiek):
o Klachten van de cliënt worden verduidelijkt
o Hulpvraag wordt duidelijk geformuleerd
- Probleemanalyse (onderkennende diagnostiek):
o Positieve en negatieve gedragingen worden in kaart gebracht
o Gedachten, gevoelens en handelingen worden beschreven
o Ernst van het probleemgedrag wordt beoordeeld
- Verklaringsanalyse (verklarende diagnostiek):
o Worden mogelijke oorzaken van het probleemgedrag opgesteld
o Ontstaat van totaalbeeld (integratief beeld) van de cliënt
- Indicatieanalyse (indicerende diagnostiek):
o Best passende aanpak wordt bepaald
o Interventiedoelen worden vastgelegd en geprioriteerd
o Wordt gekeken welke interventie het meest geschikt is
Diagnostiek = het geheel van al deze fases samen
3 soorten:
1. Beschrijvende diagnostiek
= Beschrijven van moeilijkheden, context, protectieve factoren uit
verschillende bronnen
2. Verklarende diagnostiek
= Streven naar begrijpen en verklaring over hoe klachten ontwikkeld zijn;
hypothesen opstellen
3. Voorschrijvende diagnostiek
= Brug tussen diagnostisch proces en behandeling/interventies
Termen diagnostiek en assessment worden vaak door elkaar gebruikt
Assessment wordt vooral gebruikt in:
- Arbeids- en organisatiepsychologie (bv. bij sollicitaties)
- Inschaling van zorgbehoeften (bv. BelRAI)
,Assessment = beoordelen of taxeren
Volgens EFPA: assessment
is een systematische
methode om
psychologische
kenmerken of prestaties
te meten
Conclusie: Verschil tussen diagnostiek en assessment is vooral
contextafhankelijk
Diagnostiek versus classificatie
Praktijk: diagnostiek vaak verwisseld met classificatie, maar dit is niet
correct
Classificatie:
- Iemand wordt ingedeeld in een categorie op basis van kenmerken
- Is beschrijvend, geen verklaring
- TGeeft info over prognose en mogelijke behandeling op groepsniveau
Diagnostiek:
- Richt zich op een uniek en individueel beeld
- Bestaat uit:
o Probleemanalyse
o Verklaringsanalyse
o Indicatieanalyse
Classificatie kan een onderdeel zijn van diagnostiek, maar
valt er niet mee samen
Diagnostiek binnen de verschillende werkgebieden
, Categoriale classificatie (DSM & ICD)
- Stoornissen worden ingedeeld in duidelijke categorieën
- Er geldt een alles-of-niets-principe:
o Je voldoet aan genoeg criteria je krijgt de stoornis
o Anders geen classificatie
Voorbeelden:
DSM-5
ICD-10 / ICD-11
Tegenwoordig erkent men dat categorieën toch deels
overlappen
Dimensionele classificatie
Psychische problemen liggen op een continuüm (geen zwart-wit)
- Iedereen = een unieke positie op verschillende dimensies
Stoornissen verschillen in graad, niet in soort
Voorbeelden van modellen:
RDoC
HiTOP
- Bestaan dimensionele meetinstrumenten voor de praktijk
ASEBA-vragenlijsten
- Beschrijven gedrag via dimensies (syndromen) zoals:
o Agressief gedrag
o Angstig gedrag
- Werken met normgroepen om vergelijking te maken