Didactiek frans
Visie op frans in het basisonderwijs
1 Doelgericht communicatie
Betekenisvol Niet betekenisvol
- De weg vragen en uitleggen - Een invuloefening om de
- Iets bestellen op restaurant werkwoorden te oefenen
- Zichzelf voorstellen - Losse zinnen overschrijven
- Iets kopen in de winkel - Een dialoog uit het hoofd leren en
- Een enquête invullen opzeggen
- Een boodschappenlijst maken - De ober spelen in een restaurant
- Een uitnodiging schrijven voor een - Een dialoog tussen marktkramers
verjaardagsfeest
Conclusie? Situaties die in het echte leven voorkomen zijn betekenisvoller.
Zinvol en realistisch
Benadert een authentieke situatie
2 Bouwstenen voor communicatie
2.1 Doel = Vaardigheden
Eenvoudige boodschappen correct Eenvoudige boodschappen correct
begrijpen overbrengen
- Lezen - Mondelinge interactie
- Luisteren - Spreken
- Mondelinge interactie - Schrijven
2.2 Fundament = kennen
- Grammatica
- Woordenschat
2.3 Talige grondhouding
Openstaan voor talen en talige diversiteit
Streven naar correct, verzorg, gepast taalgebruik
,3 Een taxonomie voor het vreemd talenonderwijs
Vaardigheden verwerven is een proces
Stapsgewijze aanpak met stijgende moeilijkheidsvraag
4 Belang van strategieën
Stapsgewijze aanpak door strategieën leren inzetten
Strategieën: technieken die ervoor zorgen dat de communicatie niet stilvalt wanneer
je iets niet helemaal begrijpt/ kan verwoorden
Dit doen leerlingen niet automatisch
Moet expliciet aangeleerd worden
Stapsgewijze aanpak: driefasenmodel
1. Sterke sturing
2. Gedeelde sturing
3. Losse sturing
4.1 Fase 1: sterke sturing
Mondeling: ik bekijk de lay-out en vraag me af waar ik dir soort teksten tegenkom. Ik
lees de titel en voorspel waarover de tekst zou kunnen gaan
Scaffolds: lees eens de titel. Wat zie je op de afbeelding? Elk soort tekst is dit volgens
jou? Waarover zou de tekst kunnen gaan?
4.2 Fase 2: gedeelde sturing
Leerling past de strategie bewust toe. Dit gebeurt vaak door ondersteuning
4.3 Fase 3: losse sturing
Leerling past de strategie zelfstandig toe. De leerkracht observeert en geeft
aanwijzingen of koppelt klassikaal terug
5 Doeltaal = voertaal
5.1 Voordelen
Ze leren onbewust nieuwe woorden/ zinsconstructie
Strategieën worden ingezet
Er wordt geoefend op luistervaardigheid en mondelinge interactie
, 5.2 Mogelijke moeilijkheden
Leerkracht heeft spreekdurf/ eigen taalvaardigheid
Leerlingen haken af
5.3 Aandachtspunten
Doorzetten! De eerste maanden is het moeilijkst
Klasinstructies is het absolute minimum
Uitleg van grammatica en begripsvragen bij lees en luistertekst moet in het
Nederlands
5.4 Stapsgewijs opbouwen
Eerst de meeste frequente instructies, geleidelijk uitbreiden
Eerst met hulpmiddelen, daarna zonder
6 Instructietaal
Wat kan je nog doen om je leerlingen op weg te helpen?
Ondersteuning om op te hangen in de klas
Spelvormen
Visie op frans in het basisonderwijs
1 Doelgericht communicatie
Betekenisvol Niet betekenisvol
- De weg vragen en uitleggen - Een invuloefening om de
- Iets bestellen op restaurant werkwoorden te oefenen
- Zichzelf voorstellen - Losse zinnen overschrijven
- Iets kopen in de winkel - Een dialoog uit het hoofd leren en
- Een enquête invullen opzeggen
- Een boodschappenlijst maken - De ober spelen in een restaurant
- Een uitnodiging schrijven voor een - Een dialoog tussen marktkramers
verjaardagsfeest
Conclusie? Situaties die in het echte leven voorkomen zijn betekenisvoller.
Zinvol en realistisch
Benadert een authentieke situatie
2 Bouwstenen voor communicatie
2.1 Doel = Vaardigheden
Eenvoudige boodschappen correct Eenvoudige boodschappen correct
begrijpen overbrengen
- Lezen - Mondelinge interactie
- Luisteren - Spreken
- Mondelinge interactie - Schrijven
2.2 Fundament = kennen
- Grammatica
- Woordenschat
2.3 Talige grondhouding
Openstaan voor talen en talige diversiteit
Streven naar correct, verzorg, gepast taalgebruik
,3 Een taxonomie voor het vreemd talenonderwijs
Vaardigheden verwerven is een proces
Stapsgewijze aanpak met stijgende moeilijkheidsvraag
4 Belang van strategieën
Stapsgewijze aanpak door strategieën leren inzetten
Strategieën: technieken die ervoor zorgen dat de communicatie niet stilvalt wanneer
je iets niet helemaal begrijpt/ kan verwoorden
Dit doen leerlingen niet automatisch
Moet expliciet aangeleerd worden
Stapsgewijze aanpak: driefasenmodel
1. Sterke sturing
2. Gedeelde sturing
3. Losse sturing
4.1 Fase 1: sterke sturing
Mondeling: ik bekijk de lay-out en vraag me af waar ik dir soort teksten tegenkom. Ik
lees de titel en voorspel waarover de tekst zou kunnen gaan
Scaffolds: lees eens de titel. Wat zie je op de afbeelding? Elk soort tekst is dit volgens
jou? Waarover zou de tekst kunnen gaan?
4.2 Fase 2: gedeelde sturing
Leerling past de strategie bewust toe. Dit gebeurt vaak door ondersteuning
4.3 Fase 3: losse sturing
Leerling past de strategie zelfstandig toe. De leerkracht observeert en geeft
aanwijzingen of koppelt klassikaal terug
5 Doeltaal = voertaal
5.1 Voordelen
Ze leren onbewust nieuwe woorden/ zinsconstructie
Strategieën worden ingezet
Er wordt geoefend op luistervaardigheid en mondelinge interactie
, 5.2 Mogelijke moeilijkheden
Leerkracht heeft spreekdurf/ eigen taalvaardigheid
Leerlingen haken af
5.3 Aandachtspunten
Doorzetten! De eerste maanden is het moeilijkst
Klasinstructies is het absolute minimum
Uitleg van grammatica en begripsvragen bij lees en luistertekst moet in het
Nederlands
5.4 Stapsgewijs opbouwen
Eerst de meeste frequente instructies, geleidelijk uitbreiden
Eerst met hulpmiddelen, daarna zonder
6 Instructietaal
Wat kan je nog doen om je leerlingen op weg te helpen?
Ondersteuning om op te hangen in de klas
Spelvormen