Week 1: Inleiding en Instrumenten van Analyse (R&G H1, H2, H3)
Begrip (Nederlands) Begrip Uitleg/Definitie
(Engels)
Economie van de Public Sector Het vakgebied dat het beleid van de overheid op het
Publieke Sector Economics / gebied van belastingheffing en overheidsuitgaven
Public analyseert.
Finance
Economisch Economic Ontstaat door de schaarste (scarcity), waarbij de
probleem problem economische behoeften (economic wants) in principe
onbeperkt zijn, maar de middelen (resources)
beperkt.
Overheidsuitgaven Government Aankopen van goederen en diensten (Purchases of
(Types) Expenditure goods and services), overdrachten van inkomen
Types (Transfers of income) en rentebetalingen (Interest
payments).
Omvang van de Size of Kan worden gemeten aan de hand van het aantal
Overheid Government werknemers, de jaarlijkse uitgaven (Annual
expenditures) of als percentage van het BBP
(Percent of GDP).
Verenigd budget Unified Het document waarin de federale overheid haar
budget uitgaven specificeert.
Economische Economic Modellen die worden beoordeeld op hun eenvoud
modellen models (Virtue of simplicity).
Empirische analyse Empirical De analyse die probeert causaliteit vast te stellen
analysis door middel van statistische analyse.
Causaliteit versus Causation Het onderscheid tussen een oorzaak-gevolgrelatie
Correlatie versus (causation) en een geobserveerde statistische relatie
Correlation (correlation).
Experimentele Experimental Empirische studies waarbij individuen willekeurig
studies studies worden toegewezen aan de behandelingsgroep
(treatment group) of de controlegroep (control
group).
,Behandelingsgroep Treatment De groep die de interventie ontvangt in een
group experimentele studie.
Controlegroep Control group De groep die de interventie niet ontvangt.
Counterfactual Counterfactua Het resultaat dat de leden van de behandelingsgroep
l zouden hebben gehad als zij de behandeling niet
hadden ontvangen.
Vertekende Biased Een schatting die het werkelijke causale effect
schatting estimate verward met de impact van externe factoren.
Observationele Observational Empirische studies die berusten op geobserveerde
studies studies data, zoals surveys, administratieve gegevens of
overheidsdata.
Econometrie Econometrics De toepassing van statistische methoden op
economische data.
Regressieanalyse Regression Het proces waarbij een regressielijn door de
analysis waargenomen datapunten wordt getrokken om de
relatie tussen variabelen te schatten.
Afhankelijke Dependent Een variabele waarvan wordt gedacht dat deze een
variabele variable uitkomst is.
Onafhankelijke Independent Een variabele waarvan wordt gedacht dat deze
variabele variable causaal is.
Parameters Parameters De coëfficiënten (bijv. $\alpha_0, \alpha_1$) in de
regressievergelijking.
Standaardfout Standard Een statistische maatstaf voor de betrouwbaarheid
error van de geschatte regressiecoëfficiënt.
Doorsnede data Cross-section Data die informatie bevatten over entiteiten op een
al data gegeven moment in de tijd.
Tijdreeks data Time-series Data die informatie bevatten over één entiteit op
data verschillende momenten in de tijd.
Panel data Panel data / Data die informatie bevatten over individuele
Longitudinal entiteiten op verschillende tijdstippen.
data
, Quasi-experimentele Quasi-experi Observationele studies die omstandigheden
studies mental benutten die willekeurige toewijzing aan de
studies / behandelingsgroep nabootsen.
Natural
experiments
Verschil-in-verschil Difference-in- Een analyse die de veranderingen in de uitkomst
analyse Difference over de tijd in de behandelingsgroep vergelijkt met
analysis de veranderingen in de uitkomst van de
controlegroep over dezelfde periode.
Instrumental Instrumental Een analyse die berust op het vinden van een
Variables analysis Variables variabele die de toetreding tot de behandelingsgroep
analysis beïnvloedt, maar op zichzelf niet correleert met de
uitkomstvariabele.
Regressie-discontin Regression-di Een analyse die berust op een strikt afkapcriterium
uïteitsanalyse scontinuity voor de geschiktheid van de interventie om een
analysis experimenteel ontwerp te benaderen.
Welvaartseconomie Welfare De tak van economische theorie die de sociale
Economics wenselijkheid van alternatieve economische
toestanden onderzoekt.
Pareto Efficiëntie Pareto Een allocatie waarbij het onmogelijk is om iemand
Efficiency beter af te maken zonder dat iemand anders slechter
af wordt.
Pareto verbetering Pareto Een verandering die ten minste één persoon beter af
improvement maakt en niemand slechter af.
Marginal Rate of Marginal Rate De absolute waarde van de helling van een
Substitution (MRS) of Substitution indifferentiecurve; de mate waarin een individu
(MRS) bereid is het ene goed voor het andere in te ruilen.
Marginal Rate of Marginal Rate De snelheid waarmee de economie het ene goed in
Transformation of het andere kan transformeren.
(MRT) Transformatio
n (MRT)
Marktfalen Market Failure De oorzaken daarvan omvatten marktmacht en het
ontbreken van markten.