Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

VOLLEDIG samenvatting staats- en administratiefrecht

Rating
-
Sold
-
Pages
69
Uploaded on
06-01-2026
Written in
2025/2026

Een volledige samenvatting van het vak staats- en administratief recht dat gegeven wordt in het 1e jaar rechtspraktijk op de AP Hogeschool Antwerpen

Institution
Course

Content preview

Staats- en Administratief Recht 2025-2026

Inhoudstafel
1.​ De kwalificatie als een “bestuur”.
2.​ De gevolgen van de kwalificatie “bestuur”.
3.​ De organisatie van het bestuur.
4.​ De interne werking van een bestuur.
5.​ De externe werking van een bestuur
6.​ De grondrechten en hun verband met een bestuur

Examen
●​ Het examen is mondeling met schriftelijke voorbereiding, en staat op 20 punten. U
bereidt uw vragen schriftelijk voor en komt vervolgens naar voren om deze mondeling te
verdedigen.
●​ U krijgt drie vragen die elk op 6 punten van de 20 staan. Voorts krijgt u nog twee
bijkomende vragen die elk op 1 punt van de 20 staan.
●​ Soorten vragen:
○​ Casus. Een toepassingsvraag om na te gaan of u de theorie kan toepassen in de
praktijk.
○​ Stelling. U analyseert of de stellingen juist of fout zijn en motiveert uitgebreid
waarom.
○​ Theorie. Dit kan een open vraag zijn, een vergelijking of het leggen van
verbanden tussen meerdere leerstukken.
○​ Actualiteit. Een stuk in de media dat u in verband moet kunnen brengen met de
cursus.

,HOOFDSTUK 1: DE KWALIFICATIE ALS EEN “BESTUUR”
●​ Het bestuursrecht of het administratieve recht omvat het geheel van de geschreven en
ongeschreven rechtsregels met betrekking tot de werking van het bestuur.
○​ Enerzijds wijst dit op de activiteit of op een functie, met name op het besturen.
○​ Anderzijds wijst dit op het geheel van instellingen die instaan voor het bestuur,
met name de bestuursorganen.
●​ Wat valt er specifiek te begrijpen onder een bestuur?
○​ Is dit een overheidsinstelling?
○​ Artikel 14,§1,1° van de RvS-Wetten van 12 januari 1973 verwijzen naar het
begrip “administratieve overheden”.
○​ Artikel 1 van de Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van
de bestuurshandelingen verwijst ook naar “administratieve overheden”.
○​ Artikel 3,1° van het thans opgeheven Vlaamse Decreet van 26 maart 2004
betreffende de openbaarheid van bestuur verwijst naar de term “administratieve
overheid”.
○​ Artikel 2,1° van het Vlaamse Decreet van 07 mei 2004 houdende wijziging van
het decreet van 7 juli 1998 houdende instelling van de Vlaamse Ombudsdienst,
wat betreft de bescherming van ambtenaren die melding maken van
onregelmatigheden, verwijst tevens ook naar het begrip “administratieve
overheid”.
●​ Een bestuur lijkt op het eerste gezicht alleen te verwijzen naar de uitvoerende macht.
●​ De verwijzing in de regelgeving naar begrippen zoals onder meer “administratieve
overheid”, “bestuursinstantie” en “Raad van State” lijken allemaal naar de uitvoerende
macht te verwijzen, maar desalniettemin is dit toch ruimer dan dat.
●​ Ter herinnering: de Raad van State is de waakhond van de uitvoerende macht.
○​ Objectief contentieux: vernietiging van eenzijdige administratieve
rechtshandelingen binnen de 60 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad
(erga omnes).
○​ Subjectief contentieux: buiten toepassing laten van algemene, provinciale en
plaatselijke besluiten en verordeningen die in strijd zijn met de wet door de
gewone rechter op grond van art. 159 Gw. (inter partes).
●​ Ter herinnering:
○​ De uitvoerende macht (regering en Koning) heeft een belangrijke rol bij het
uitvoeren van wetten (art. 108 Gw. / art. 20 BWHI).
■​ Ruim te interpreteren: zij mogen uit de wet en uit haar beweegredenen
alle gevolgen afleiden die er op een natuurlijke wijze uit voortvloeien en
die ermee in overeenstemming kunnen zijn (Cass. 18 november 1924).
○​ Verplicht om wetten uit te voeren in een redelijke termijn.
■​ Samenwerking tussen wetgevende en uitvoerende macht.
○​ KB en MB moet in overeenstemming zijn met de wetten (hiërarchie der normen).
○​ Beperking: zij mogen wetten niet opheffen, wijzigen, aanvullen, uitbreiden of
beperken. Tevens mag hij wetten niet schorsen noch vrijstelling van hun
uitvoering verlenen.

, ○​ Bijzondere machten (art. 105 Gw. / art. 69 en 78 BWHI):
■​ Koning kan onder bepaalde voorwaarden regelgevende bevoegdheden
krijgen van het parlement.
■​ Vroeger eerder zeldzaam, vandaag meer en meer de norm.
■​ Bv. hervorming NMBS en COVID-19-maatregelen
○​ Vooral van belang bij de bekrachtiging van de bijzondere machtenbesluiten. Dit
bepaalt of dat zij onder toezicht van de Raad van State of van het Grondwettelijk
Hof vallen.
■​ Het Grondwettelijk Hof controleert de wetgevende macht.
-​ Objectief contentieux: vernietiging van wetten, decreten en
ordonnanties binnen de 6 maanden na de publicatie in het
Belgisch Staatsblad (erga omnes).
-​ Subjectief contentieux: antwoorden op een prejudiciële vraag en
desgevallend buiten toepassing laten van de strijdige wetgevende
norm (inter partes).


Residuaire bevoegdheden Voorbehouden bevoegdheden

-​ Uitzonderlijke omstandigheden. -​ Uitzonderlijke omstandigheden.
-​ Duidelijk en nauwkeurig omschreven -​ Duidelijk en nauwkeurig omschreven
bevoegdheid. bevoegdheid.
-​ Beperkte duurtijd. -​ Beperkte duurtijd.
-​ Bekrachtiging door de wetgever in -​ Bekrachtiging door de wetgever in
redelijke termijn: optioneel. redelijke termijn: verplicht.
-​ Respect hogere rechtsnormen. -​ Respect hogere rechtsnormen.
-​ Verplichte collegialiteit ministerraad.. -​ Verplichte collegialiteit ministerraad


●​ Ter herinnering: Hiërarchie der normen:
1.​ Grondwetsconform internationaal recht met rechtstreekse werking
2.​ Grondwet.
3.​ Bijzondere wetten / bijzondere decreten.
4.​ Wetten = decreten = ordonnanties = internationaal recht zonder rechtstreekse
werking.
5.​ Ordonnanties inzake ruimtelijke ordening, vervoer, infrastructuur en stedenbouw.
6.​ KB / besluit gemeenschaps- en gewestregering / omzendbrieven.
7.​ MB / besluit individueel lid gemeenschaps- en gewestregering / omzendbrieven.
8.​ Reglementen van de Provincieraad.
9.​ Besluiten van de Bestendige deputatie.
10.​Reglementen van de Gemeenteraad.
11.​Besluiten van het College van Burgemeester en Schepenen.

En internationaal recht met rechtstreekse werking dat niet grondwetsconform is?

, De administratieve overheid
●​ Om de kwalificatie van administratieve overheid te verwerven, zijn er enkele negatieve
criteria voorhanden (artikel 14, §1, 2° RvS-wetten):
○​ Voor wat betreft de wetgevende macht (inclusief de ombudsmannen):
■​ Neen, uitgezonderd (1) overheidsopdrachten en (2)
personeelsaangelegenheden, (3) de aanwerving, aanwijzing en
benoeming in een openbaar ambt en (4) tuchtsancties.
○​ Voor wat betreft de rechterlijke macht (inclusief het Rekenhof, Grondwettelijk Hof,
Raad van State, administratieve rechtscolleges en de Hoge Raad voor de
Justitie):
■​ Neen, uitgezonderd (1) overheidsopdrachten en (2)
personeelsaangelegenheden, (3) de aanwerving, aanwijzing en
benoeming in een openbaar ambt en (4) tuchtsancties.
●​ Deze negatieve criteria worden vaak uitsluitingscriteria genoemd.
●​ Het is niet omdat een instelling tot de uitvoerende macht behoort, dat zij automatisch
een administratieve of bestuurlijke overheid is.
●​ Om de kwalificatie van administratieve overheid te verwerven, zijn er enkele positieve
criteria voorhanden. Deze werden vooropgesteld door de rechtspraak van het Hof van
Cassatie:
○​ Organieke criteria:
1.​ Oprichting of erkenning.
2.​ Toezicht.
○​ De functionele criteria:
1.​ Taken van algemeen belang of openbare dienst.
2.​ Functionaliteits-, handelings- of gezagscriterium.
A. De organieke criteria:
1. De oprichting of erkenning
●​ Het Hof van Cassatie stelt dat een administratieve overheid een instelling is die door de
federale overheid, een overheid van de gewesten of gemeenschappen, provincies en/of
gemeenten wordt opgericht of erkend.
●​ Het is irrelevant of de instelling een privaat- of publiekrechtelijke oorsprong heeft.
○​ Publiekrechtelijke oorsprong: oprichting.
○​ Privaatrechtelijke oorsprong: erkenning.
○​ Wat bij een fusie of bij een overname?
●​ De oprichting moet gebeuren bij een wettelijke norm in formele zin.
●​ Het kan zowel een natuurlijke persoon als rechtspersoon zijn.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 6, 2026
Number of pages
69
Written in
2025/2026
Type
SUMMARY

Subjects

$15.76
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
raniprovost

Get to know the seller

Seller avatar
raniprovost Universiteit van Antwerpen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
2 year
Number of followers
0
Documents
3
Last sold
6 months ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions