Psychodynamische therapie
Psychodynamische psychotherapie
Waarom psychodynamische therapie?
Wat is psychodynamische therapie?
- Verschil
o Psychoanalyse
Minder evidence-based, geen protocollen
Intensiever: soms dagelijks
Liggend
o Psychodynamische therapie
Meer evidence-based, niet protocollair
Psychoanalytische theorieën als basis, basis-ideeën waarop je kan
terugvallen
- Situering
- Basisingrediënten
o Het kader
Frequentie en duur
Aanpak van de therapeut (graad van directiviteit)
o De relatie
Overdracht: projectie van cliënt op de therapeut
Tegenoverdracht: reactie van de therapeut op de projectie
Herhaling van het verleden in het heden
o Analyse van intrapsychische
conflichten/weerstanden/afweermechanismen
Weerstand: in de relatie
Afweermechanismen: kan je omschrijven/abstract
Hebben een functie
Voorbeelden: intellectualisering, rationalisering, humor, …
o Het onbewuste/vreemde
Betekenis van het symptoom
Verschil manifest en latente inhoud
Ambivalentie: zo kom je tot de betekenis van de symptomen
Waarom psychotherapie?
- Effectiviteit
o 80% reageert niet op therapie
, o Oplossing
Stepped care
Als kort dan kort, als groep kan dan groep
Langdurige individuele psychotherapie behouden voor
complexe problematieken
- Werkzaamheid
o Ingrediënten
Percentage werkzaamheid in psychotherapie patiënten als functie
van therapeutische factoren
Diagnostiek: ik-sterkte,
sociale steun
Empathie,
warmte,
Common
aanmoedigen
Factors
om risico te Patiëntvariabele
30% Extratherapeu
nemen, … n, ik-sterkte,
tic Change sociale steun,
40% toevallige
factoren
Factoren die Techniques
uniek zijn voor 15% Expectancy
specifieke
(placebo)
therapiemethod
15%
en
Dodo-bird effect: alle psychotherapievormen bezitten dezelfde
effectiviteit
o Problemen
Geen geld om iedereen naar psychotherapie te verwijzen
Ook al werkt psychotherapie beter dan antidepressiva bij
depressie
Eg. ontwikkelingslanden
Belangrijke subgroep heeft geen baat bij psychotherapie
Onderzoek nodig naar (de massa) non-responders
Onderzoek nodig naar hoe we psychotherapie effectiever
kunnen maken
Verschillende therapievormen hebben ongeveer hetzelfde effect
Hoe werkt psychotherapie dan ondanks de verschillen in
stromingen?
o Helpende factoren
Wat werkt voor wie?
Matching patiënt/type therapie
Frequentie van sessies
Beter 2x dan 1x per week
Belang van therapeutenfactoren
Overtuigingskracht
Verbale flexibiliteit
Interpersoonlijke vaardigheden: empathische vaardigheden,
tegenoverdracht reguleren, interpersoonlijke skills,
opzettelijke oefening
- Waarom?
o Verschillende therapiestromingen bewezen gelijkaardige effectiviteit en
kunnen elkaar aanvullen (complementair zijn)
Psychodynamische therapie is er 1 van
Geeft extra keuzemogelijkheid voor therapeut in spe
o Belang diagnostiek in indicatiestelling en keuze behandeling (kort/lang)
, o Belang (tegen)overdracht of wat er gebeurt in de relatie tussen therapeut
en patiënt
Belang van interpersoonlijke vaardigheden
Des te belangrijk bij langdurige therapieën, zeer nodig bij o.a.
complex trauma, persoonlijkheidsproblematieken
o Belang van eigen leertherapieproces en supervisie in deze stroming
Eigen leerproces mogelijks cruciaal in verbeteren van
interpersoonlijke vaardigheden en de effectiviteit van
psychotherapie
Hoe werkt psychodynamische therapie?
- Bewijs: moderate, even goed als anderen
- Verdediging en verduidelijking van moderne psychoanalytische therapie
o Psychoanalyse: niet iets voorbij, obscuurs of irrelevant, maar iets dat
bijdraagt aan het begrip van psychisch lijden en verandering
o De kracht ligt in het blootleggen van onbewuste patronen, conflicten,
defensies en hun impact, en in het ontwikkelen van keuzevrijheid en meer
aanwezige manieren van zijn
o Voor therapeuten: transparantie, eenvoud, zelfonderzoek, vermijden van
onnodig technisch taalgebruik helpt om psychoanalyse toegankelijker te
maken
Een voorbeeld van PDT
- Psychodynamische behandeling van somatische symptoomstoornis
o Somatische symptoomstoornis in de praktijk
Casus DORA: patiënte van S. Freud in 1905
Afonie naast depressie/suïcidaliteit
Casus Anna O.: patiënte van Breuer in 1880
Verlamming van de benen, visus- en spraakstoornissen,
zenuwpijnen
o Verminderde eetlust, hoofdpijnen, aanvallen van
opgewondenheid, vreemde gezichtsstoornissen,
scheelheid en zelfs gedeeltelijke verlammingen
(conversieverschijnselen)
o Vanaf 1881: langdurige aanvallen van slaperigheid en
snelle stemmingswisselingen, hallucineerde over zwarte
slangen, schedels en skeletten, in toenemende mate
last van haar spraak
o Evolutie
Vroeger: Freud
Hermeneutisch onderzoek: in het verhaal van een individuele
patiënt en vergelijkend tussen patiënten
Hysterie (Anna O., Dora)
Beschreef onbewuste verdedigingsmechanismen
De kuur of ‘catharsis’ van Breuer en Freud
o Blootleggen van verdrongen emoties
o Fysieke symptomen namen af
Nu: Abbass
Systematisch onderzoek van 1 op 1 sessies
o Analyse interventies
o Methode: Intensive Short-Term Dynamic Psychotherapy
(ISTDP)
Somatic symptom disorders, o.a. conversie
o Vroeger: hysterie
o Nu: neurologische somatische symptoomstoornis
, Experiëntiele exposure via doorbreken van defensie tegen
gevoelens van schuld en kwaadheid/woede/agressie
o Dmv wat de patiënt in de relatie met de therapeut
brengt/niet brangt en ahv zeer intensieve monitoring
van signalen van somatische angst
o Heel intense sessies: dichte relatie met patiënt
o Aanpak
Multidisciplinair: ergotherapie, kinesitherapie, relaxatietherapie,
psychomotorische therapie, psychotherapie
Een hulpvraag creëren
Het onbewuste beginnend blootleggen
Eerst inzicht in arousal/lichamelijke en mentale spanning
Meer bewustwording van mentale associaties met arousal
Dan pas koppeling arousal aan bewuste mentale
inhouden/betekenis
Belang van onbewuste factoren in symptomatologie, gedrag,
psychodynamiek
Conclusie
- Verschillende therapiestromingen bewezen gelijkaardige effectiviteit/ kunnen
elkaar aanvullen (complementair zijn), psychodynamische therapie is er 1 van
keuze voor de therapeut in spe
- Belang hanteren (tegen)overdracht of wat er gebeurt in de relatie tussen de
therapeut en de patiënt aandacht voor interpersoonlijke vaardigheden, dit
is vooral belangrijk bij complexere problematieken (complex trauma,
persoonlijkheidsproblematiek), helpt de draagkracht van de therapeut
versterken in ‘het kunnen verdagen’ van ‘moeilijkere’ patiënten die eerder
langduriger behandeld worden
- Gedrag wordt niet enkel geleid door bewuste factoren belang van
onbewuste factoren o.a. innerlijke conflicten (verdrongen trauma, botsen van
wensen en dromen met de realiteit)
- De student als sciëntist-practitioner
o Belang van indicatiestelling: wat werkt voor wie o.b.v structureel
diagnostische inschatting
o Hypothese o.b.v. indicatiestelling, hypothesetoetsing in de behandeling
o Voortdurend kunnen bijsturen: duidelijk kader is onontbeerlijk maar ook
de flexibiliteit van de therapeut daarbinnen (voortdurende monitoring
o.b.v. (tegen)overdracht, wat er in de relatie gebeurt)
o Evidence-based denken i.f.v. ‘stepped care’-approach: kort als het kan,
groepstherapie waar mogelijk, intensieve langdurige therapie voor de
meer ernstige problematieken
Basisassumpties van de psychodynamische therapie
Het psychoanalytische van het psychoanalytisch referentiekader
- Veronderstellingen
o Freud was een neuroloog
Psychoanalyse op het grensvlak van psychologie en biologie
Gedrag = resultante van biologisch (genetische disposities) en
psychologische (meer relationele) factoren
Nature en nurture beïnvloeden elkaar wederzijds
o De psychoanalyse gaat uit van onbewuste processen
Beïnvloeden op actieve wijze het manifeste gedrag
Bewust is te bedreigend of nooit tot het bewustzijn
doorgedrongen
Psychodynamische psychotherapie
Waarom psychodynamische therapie?
Wat is psychodynamische therapie?
- Verschil
o Psychoanalyse
Minder evidence-based, geen protocollen
Intensiever: soms dagelijks
Liggend
o Psychodynamische therapie
Meer evidence-based, niet protocollair
Psychoanalytische theorieën als basis, basis-ideeën waarop je kan
terugvallen
- Situering
- Basisingrediënten
o Het kader
Frequentie en duur
Aanpak van de therapeut (graad van directiviteit)
o De relatie
Overdracht: projectie van cliënt op de therapeut
Tegenoverdracht: reactie van de therapeut op de projectie
Herhaling van het verleden in het heden
o Analyse van intrapsychische
conflichten/weerstanden/afweermechanismen
Weerstand: in de relatie
Afweermechanismen: kan je omschrijven/abstract
Hebben een functie
Voorbeelden: intellectualisering, rationalisering, humor, …
o Het onbewuste/vreemde
Betekenis van het symptoom
Verschil manifest en latente inhoud
Ambivalentie: zo kom je tot de betekenis van de symptomen
Waarom psychotherapie?
- Effectiviteit
o 80% reageert niet op therapie
, o Oplossing
Stepped care
Als kort dan kort, als groep kan dan groep
Langdurige individuele psychotherapie behouden voor
complexe problematieken
- Werkzaamheid
o Ingrediënten
Percentage werkzaamheid in psychotherapie patiënten als functie
van therapeutische factoren
Diagnostiek: ik-sterkte,
sociale steun
Empathie,
warmte,
Common
aanmoedigen
Factors
om risico te Patiëntvariabele
30% Extratherapeu
nemen, … n, ik-sterkte,
tic Change sociale steun,
40% toevallige
factoren
Factoren die Techniques
uniek zijn voor 15% Expectancy
specifieke
(placebo)
therapiemethod
15%
en
Dodo-bird effect: alle psychotherapievormen bezitten dezelfde
effectiviteit
o Problemen
Geen geld om iedereen naar psychotherapie te verwijzen
Ook al werkt psychotherapie beter dan antidepressiva bij
depressie
Eg. ontwikkelingslanden
Belangrijke subgroep heeft geen baat bij psychotherapie
Onderzoek nodig naar (de massa) non-responders
Onderzoek nodig naar hoe we psychotherapie effectiever
kunnen maken
Verschillende therapievormen hebben ongeveer hetzelfde effect
Hoe werkt psychotherapie dan ondanks de verschillen in
stromingen?
o Helpende factoren
Wat werkt voor wie?
Matching patiënt/type therapie
Frequentie van sessies
Beter 2x dan 1x per week
Belang van therapeutenfactoren
Overtuigingskracht
Verbale flexibiliteit
Interpersoonlijke vaardigheden: empathische vaardigheden,
tegenoverdracht reguleren, interpersoonlijke skills,
opzettelijke oefening
- Waarom?
o Verschillende therapiestromingen bewezen gelijkaardige effectiviteit en
kunnen elkaar aanvullen (complementair zijn)
Psychodynamische therapie is er 1 van
Geeft extra keuzemogelijkheid voor therapeut in spe
o Belang diagnostiek in indicatiestelling en keuze behandeling (kort/lang)
, o Belang (tegen)overdracht of wat er gebeurt in de relatie tussen therapeut
en patiënt
Belang van interpersoonlijke vaardigheden
Des te belangrijk bij langdurige therapieën, zeer nodig bij o.a.
complex trauma, persoonlijkheidsproblematieken
o Belang van eigen leertherapieproces en supervisie in deze stroming
Eigen leerproces mogelijks cruciaal in verbeteren van
interpersoonlijke vaardigheden en de effectiviteit van
psychotherapie
Hoe werkt psychodynamische therapie?
- Bewijs: moderate, even goed als anderen
- Verdediging en verduidelijking van moderne psychoanalytische therapie
o Psychoanalyse: niet iets voorbij, obscuurs of irrelevant, maar iets dat
bijdraagt aan het begrip van psychisch lijden en verandering
o De kracht ligt in het blootleggen van onbewuste patronen, conflicten,
defensies en hun impact, en in het ontwikkelen van keuzevrijheid en meer
aanwezige manieren van zijn
o Voor therapeuten: transparantie, eenvoud, zelfonderzoek, vermijden van
onnodig technisch taalgebruik helpt om psychoanalyse toegankelijker te
maken
Een voorbeeld van PDT
- Psychodynamische behandeling van somatische symptoomstoornis
o Somatische symptoomstoornis in de praktijk
Casus DORA: patiënte van S. Freud in 1905
Afonie naast depressie/suïcidaliteit
Casus Anna O.: patiënte van Breuer in 1880
Verlamming van de benen, visus- en spraakstoornissen,
zenuwpijnen
o Verminderde eetlust, hoofdpijnen, aanvallen van
opgewondenheid, vreemde gezichtsstoornissen,
scheelheid en zelfs gedeeltelijke verlammingen
(conversieverschijnselen)
o Vanaf 1881: langdurige aanvallen van slaperigheid en
snelle stemmingswisselingen, hallucineerde over zwarte
slangen, schedels en skeletten, in toenemende mate
last van haar spraak
o Evolutie
Vroeger: Freud
Hermeneutisch onderzoek: in het verhaal van een individuele
patiënt en vergelijkend tussen patiënten
Hysterie (Anna O., Dora)
Beschreef onbewuste verdedigingsmechanismen
De kuur of ‘catharsis’ van Breuer en Freud
o Blootleggen van verdrongen emoties
o Fysieke symptomen namen af
Nu: Abbass
Systematisch onderzoek van 1 op 1 sessies
o Analyse interventies
o Methode: Intensive Short-Term Dynamic Psychotherapy
(ISTDP)
Somatic symptom disorders, o.a. conversie
o Vroeger: hysterie
o Nu: neurologische somatische symptoomstoornis
, Experiëntiele exposure via doorbreken van defensie tegen
gevoelens van schuld en kwaadheid/woede/agressie
o Dmv wat de patiënt in de relatie met de therapeut
brengt/niet brangt en ahv zeer intensieve monitoring
van signalen van somatische angst
o Heel intense sessies: dichte relatie met patiënt
o Aanpak
Multidisciplinair: ergotherapie, kinesitherapie, relaxatietherapie,
psychomotorische therapie, psychotherapie
Een hulpvraag creëren
Het onbewuste beginnend blootleggen
Eerst inzicht in arousal/lichamelijke en mentale spanning
Meer bewustwording van mentale associaties met arousal
Dan pas koppeling arousal aan bewuste mentale
inhouden/betekenis
Belang van onbewuste factoren in symptomatologie, gedrag,
psychodynamiek
Conclusie
- Verschillende therapiestromingen bewezen gelijkaardige effectiviteit/ kunnen
elkaar aanvullen (complementair zijn), psychodynamische therapie is er 1 van
keuze voor de therapeut in spe
- Belang hanteren (tegen)overdracht of wat er gebeurt in de relatie tussen de
therapeut en de patiënt aandacht voor interpersoonlijke vaardigheden, dit
is vooral belangrijk bij complexere problematieken (complex trauma,
persoonlijkheidsproblematiek), helpt de draagkracht van de therapeut
versterken in ‘het kunnen verdagen’ van ‘moeilijkere’ patiënten die eerder
langduriger behandeld worden
- Gedrag wordt niet enkel geleid door bewuste factoren belang van
onbewuste factoren o.a. innerlijke conflicten (verdrongen trauma, botsen van
wensen en dromen met de realiteit)
- De student als sciëntist-practitioner
o Belang van indicatiestelling: wat werkt voor wie o.b.v structureel
diagnostische inschatting
o Hypothese o.b.v. indicatiestelling, hypothesetoetsing in de behandeling
o Voortdurend kunnen bijsturen: duidelijk kader is onontbeerlijk maar ook
de flexibiliteit van de therapeut daarbinnen (voortdurende monitoring
o.b.v. (tegen)overdracht, wat er in de relatie gebeurt)
o Evidence-based denken i.f.v. ‘stepped care’-approach: kort als het kan,
groepstherapie waar mogelijk, intensieve langdurige therapie voor de
meer ernstige problematieken
Basisassumpties van de psychodynamische therapie
Het psychoanalytische van het psychoanalytisch referentiekader
- Veronderstellingen
o Freud was een neuroloog
Psychoanalyse op het grensvlak van psychologie en biologie
Gedrag = resultante van biologisch (genetische disposities) en
psychologische (meer relationele) factoren
Nature en nurture beïnvloeden elkaar wederzijds
o De psychoanalyse gaat uit van onbewuste processen
Beïnvloeden op actieve wijze het manifeste gedrag
Bewust is te bedreigend of nooit tot het bewustzijn
doorgedrongen