Religie: inleiding
1/10 Opzet
- Persoonsvorming
- Moo de ‘disciplinary future self’
o = het moeten bijdragen aan het beroep dat we later gaan uitoefenen
o Je gaat jezelf altijd de vraag moeten stellen “wie is de mens eigenlijk? Wat is mijn
mensbeeld?”
▪ Levensbeschouwelijke vragen zijn cruciaal in hoe we bv. straf moeten opleggen,
is nl. afhankelijk van hoe je mensen ziet
▪ Zie je de mens als slecht wezen?
▪ Of als moreel wezen, die je moet aanspreken in zijn verantwoordelijkheid?
Overzicht lessen
Ps: het is niet dat naarmate een samenleving moderner wordt, hoe minder religieus die wordt (perspectief
van de secularisatie these) → moeten we nuanceren!
Praktisch
- Wat te kennen?
o Alles wat in de lessen gezegd wordt
o Teksten online (goed lezen!)
o We kunnen ze altijd mailen over inhoud van de les
- Examen
o Schriftelijk, 6 mk (6/20) + 3 open vragen (bladzijde volschrijven) (12/20)
o Deelname aan een module online (2/20)
▪ Zie document (emailadres contacteren als je vragen hebt over module)
▪ Een module die me interesseert kiezen
,Hoofdstuk 1. Cognitieve, manipulatieve en zingevende interesse
1. Leefwereld, Wetenschap, Redelijkheid
- “Wat doet/is de wetenschappen?”
- Iemand die er veel over nadacht: Filosoof Edmund Husserl (1859-1938)
o Joodse origine, gestorven toen nazi’s aan de macht kwamen
o Manuscripten gesmokkeld naar Leuven
o Grondlegger van filosofische stroming “fenomenologie”
▪ Filosofische studie van de bewustzijnservaring: hoe de wereld verschijnt aan
ons bewustzijn.
o Het gaat om de leefwereld (LW) = intersubjectief, persoonlijk, betekenisvol
▪ Intersubjectief = leefwereld is gedeeld met anderen
▪ Persoonlijk & betekenisvol = mensen & dingen om ons heen in de LW hebben een
persoonlijke betekenis voor mij
• bv. computer is iets waarmee ik communiceer met mensen, waarmee ik
lesgeef… geeft zin aan mijn leven
o Wetenschap
▪ Vertrekt van de leefwereld
• Incl. RW: vertrekt vanuit het betekenisvolle feit dat er in alle
samenlevingen wetten zijn, en dat mensen houdingen hebben
ertegenover
• Incl. medische wetenschappen: vertrekt vanuit het feit dat we
kwetsbaar lichaam hebben dat ziek kan worden
• …
▪ Maakt abstractie van de leefwereld (subject-object, afstandelijkheid,
onpersoonlijk)
• Bv. in de leefwereld – begroeten lijk: lichaam is hoogst betekenisvol ding
• MAAR bij de wetenschap – de anatomie kon pas in volle bloei komen
wanneer we dode lichamen konden zien als louter objecten (erin snijden
etc.)
▪ Is een ‘tijdelijke opschorting’ van de normale omgang met de leefwereld
• tijdelijk herleiden tot louter object
▪ Keert terug naar de leefwereld
o Filmpje (Louise) als voorbeeld van “vertrekt uit en terugkeer naar de leefwereld”
▪ Alle persoonlijke dingen die we denken van elkaar (is ze mooi, mooie
glimlach…?) → hier wordt afstand van gedaan en herleid tot iets onpersoonlijks:
“een stofje in het oneindige universum”
▪ Maar op het einde keert de wetenschap ook terug naar de leefwereld
,o Belangrijke vraag: de relatie van de wetenschap tot de leefwereld?
▪ Moeten we streven naar een meer ‘wetenschappelijke’ leefwereld?
• Er is een tendens hiernaar
• Gebeurt al, het afstandelijke van de wetenschap heeft al een invloed op
onze leefwereld
• Bv. Tinder: herleidt een persoon tot een reeks eigenschappen,
onpersoonlijk kijken naar personen
• Maar niet helemaal: je wil de persoon nog steeds zien voor je
uiteindelijke oordeel → intuïtie geeft ons de finale doorslag (= ver van
wetenschappelijk)
▪ Een autonome leefwereld?
• Er zijn wetmatigheden hoe we met elkaar omgaan, wat we als goed &
wenselijk & betekenisvol beschouwen, onafhankelijk van de
wetenschap
• Bv. de intuïtie: we gaan niet nog is wetenschappelijk toetsen of het wel
klopt
• Bv. vrienden maken: we gaan niet vragenlijsten uitdelen aan mensen die
ze moeten invullen (wetenschappelijk gezien: succesvol, maar in de
leefwereld ben je een creep)
▪ Redelijkheid en rationaliteit
• Er zijn verwachtingen in de leefwereld, die niet in vraag te stellen zijn
door de wetenschap
• Wat wetenschappelijk als rationeel wordt beschouwd, wordt niet altijd
als redelijk gezien in onze leefwereld
, 2. De ‘zingevende’, ‘cognitieve’ en ‘manipulatieve’ interesses van de mens
- Om dit probleem verder te theoretiseren: “De rationaliteit en haar grenzen, kritiek en
deconstructie”
o Eerste hoofdstuk grondig te kennen! Lezen!
o 3 ‘interesses’ van de mens (overlappend)
▪ = 3 manieren waarop we ons verhouden tov de wereld
▪ = 3 verlangens
▪ = 3manieren van betrokken zijn’ op de wereld
▪ 1) Cognitief
• Mensen willen dingen weten, zijn geïnteresseerd in kennis
• Instrument ten dienste van onze cognitieve interesse: bv. wetenschap,
roddelbladen…
▪ 2) Manipulatief
• We willen controle over de wereld
• Bv. ik heb honger, dus ik koop 2 eclairs
• We hebben iets nodig → we zorgen ervoor
• Bv. technologie (!)
o Men kan hiermee de hele wereldbevolking voeden
▪ 3) Zingevend
• Ons verlangen naar een betekenisvol leven ervaren (niet naar kennis,
controle)
• Komt veel prominenter voor in ons leven
▪ Bv. het gesprek (heeft iets van alle drie)
• Cognitief: je wil iets te weten komen
o bv. gaat de les nog door straks?
• Manipulatief (niet per se negatief): je wil iets gedaan krijgen
o bv. mag ik je notities van daarjuist?
• Zingevend: we praten met elkaar omdat we zin willen geven aan het feit
dat we nu toevallig hier bij elkaar zijn
“het is zinvol om hier nu naast u te zitten”
1/10 Opzet
- Persoonsvorming
- Moo de ‘disciplinary future self’
o = het moeten bijdragen aan het beroep dat we later gaan uitoefenen
o Je gaat jezelf altijd de vraag moeten stellen “wie is de mens eigenlijk? Wat is mijn
mensbeeld?”
▪ Levensbeschouwelijke vragen zijn cruciaal in hoe we bv. straf moeten opleggen,
is nl. afhankelijk van hoe je mensen ziet
▪ Zie je de mens als slecht wezen?
▪ Of als moreel wezen, die je moet aanspreken in zijn verantwoordelijkheid?
Overzicht lessen
Ps: het is niet dat naarmate een samenleving moderner wordt, hoe minder religieus die wordt (perspectief
van de secularisatie these) → moeten we nuanceren!
Praktisch
- Wat te kennen?
o Alles wat in de lessen gezegd wordt
o Teksten online (goed lezen!)
o We kunnen ze altijd mailen over inhoud van de les
- Examen
o Schriftelijk, 6 mk (6/20) + 3 open vragen (bladzijde volschrijven) (12/20)
o Deelname aan een module online (2/20)
▪ Zie document (emailadres contacteren als je vragen hebt over module)
▪ Een module die me interesseert kiezen
,Hoofdstuk 1. Cognitieve, manipulatieve en zingevende interesse
1. Leefwereld, Wetenschap, Redelijkheid
- “Wat doet/is de wetenschappen?”
- Iemand die er veel over nadacht: Filosoof Edmund Husserl (1859-1938)
o Joodse origine, gestorven toen nazi’s aan de macht kwamen
o Manuscripten gesmokkeld naar Leuven
o Grondlegger van filosofische stroming “fenomenologie”
▪ Filosofische studie van de bewustzijnservaring: hoe de wereld verschijnt aan
ons bewustzijn.
o Het gaat om de leefwereld (LW) = intersubjectief, persoonlijk, betekenisvol
▪ Intersubjectief = leefwereld is gedeeld met anderen
▪ Persoonlijk & betekenisvol = mensen & dingen om ons heen in de LW hebben een
persoonlijke betekenis voor mij
• bv. computer is iets waarmee ik communiceer met mensen, waarmee ik
lesgeef… geeft zin aan mijn leven
o Wetenschap
▪ Vertrekt van de leefwereld
• Incl. RW: vertrekt vanuit het betekenisvolle feit dat er in alle
samenlevingen wetten zijn, en dat mensen houdingen hebben
ertegenover
• Incl. medische wetenschappen: vertrekt vanuit het feit dat we
kwetsbaar lichaam hebben dat ziek kan worden
• …
▪ Maakt abstractie van de leefwereld (subject-object, afstandelijkheid,
onpersoonlijk)
• Bv. in de leefwereld – begroeten lijk: lichaam is hoogst betekenisvol ding
• MAAR bij de wetenschap – de anatomie kon pas in volle bloei komen
wanneer we dode lichamen konden zien als louter objecten (erin snijden
etc.)
▪ Is een ‘tijdelijke opschorting’ van de normale omgang met de leefwereld
• tijdelijk herleiden tot louter object
▪ Keert terug naar de leefwereld
o Filmpje (Louise) als voorbeeld van “vertrekt uit en terugkeer naar de leefwereld”
▪ Alle persoonlijke dingen die we denken van elkaar (is ze mooi, mooie
glimlach…?) → hier wordt afstand van gedaan en herleid tot iets onpersoonlijks:
“een stofje in het oneindige universum”
▪ Maar op het einde keert de wetenschap ook terug naar de leefwereld
,o Belangrijke vraag: de relatie van de wetenschap tot de leefwereld?
▪ Moeten we streven naar een meer ‘wetenschappelijke’ leefwereld?
• Er is een tendens hiernaar
• Gebeurt al, het afstandelijke van de wetenschap heeft al een invloed op
onze leefwereld
• Bv. Tinder: herleidt een persoon tot een reeks eigenschappen,
onpersoonlijk kijken naar personen
• Maar niet helemaal: je wil de persoon nog steeds zien voor je
uiteindelijke oordeel → intuïtie geeft ons de finale doorslag (= ver van
wetenschappelijk)
▪ Een autonome leefwereld?
• Er zijn wetmatigheden hoe we met elkaar omgaan, wat we als goed &
wenselijk & betekenisvol beschouwen, onafhankelijk van de
wetenschap
• Bv. de intuïtie: we gaan niet nog is wetenschappelijk toetsen of het wel
klopt
• Bv. vrienden maken: we gaan niet vragenlijsten uitdelen aan mensen die
ze moeten invullen (wetenschappelijk gezien: succesvol, maar in de
leefwereld ben je een creep)
▪ Redelijkheid en rationaliteit
• Er zijn verwachtingen in de leefwereld, die niet in vraag te stellen zijn
door de wetenschap
• Wat wetenschappelijk als rationeel wordt beschouwd, wordt niet altijd
als redelijk gezien in onze leefwereld
, 2. De ‘zingevende’, ‘cognitieve’ en ‘manipulatieve’ interesses van de mens
- Om dit probleem verder te theoretiseren: “De rationaliteit en haar grenzen, kritiek en
deconstructie”
o Eerste hoofdstuk grondig te kennen! Lezen!
o 3 ‘interesses’ van de mens (overlappend)
▪ = 3 manieren waarop we ons verhouden tov de wereld
▪ = 3 verlangens
▪ = 3manieren van betrokken zijn’ op de wereld
▪ 1) Cognitief
• Mensen willen dingen weten, zijn geïnteresseerd in kennis
• Instrument ten dienste van onze cognitieve interesse: bv. wetenschap,
roddelbladen…
▪ 2) Manipulatief
• We willen controle over de wereld
• Bv. ik heb honger, dus ik koop 2 eclairs
• We hebben iets nodig → we zorgen ervoor
• Bv. technologie (!)
o Men kan hiermee de hele wereldbevolking voeden
▪ 3) Zingevend
• Ons verlangen naar een betekenisvol leven ervaren (niet naar kennis,
controle)
• Komt veel prominenter voor in ons leven
▪ Bv. het gesprek (heeft iets van alle drie)
• Cognitief: je wil iets te weten komen
o bv. gaat de les nog door straks?
• Manipulatief (niet per se negatief): je wil iets gedaan krijgen
o bv. mag ik je notities van daarjuist?
• Zingevend: we praten met elkaar omdat we zin willen geven aan het feit
dat we nu toevallig hier bij elkaar zijn
“het is zinvol om hier nu naast u te zitten”