Economie Semester 1
Inleiding
Economie:
• Dagdagelijks nemen we met z’n allen vele beslissingen à staan meestal in het teken van
ons ‘welbevinden’ omdat we het graag zo goed mogelijk willen hebben
• Economen bestuderen vooral de creatie van welvaart
• het gaat goed met onze economie als deze welvaart creëert en investeert in
toekomstige welvaart
• ‘Economie’ als discipline = toolbox om beslissingen te analyseren en hun gevolgen in te
schatten
• keuzes begrijpen + achterhalen hoe we misschien betere keuzes kunnen maken
door de gevolgen op voorhand beter in te schatten.
• individuele beslissingen en beslissingen voor samenleving als geheel
Soms wordt onze economie geconfronteerd met onverwachte schokken van:
Buiten de economie: Corona: land ligt plat, thuisonderwijs… à schok voor de economie
(economisch leven valt stil) => komt van buitenaf (heeft niks met economie zelf te maken)
Binnen de economie: beslissingen (door overheid) met slechte inschattingen op lange termijn
(2008: financiële recessie)
Groei:
• vaak gebruikte economische maatstaf om omvang economie te meten
= bruto binnenlands product (BBP)
• BBP = optelsom van alle goederen en diensten die in een jaar geproduceerd
worden binnen de landsgrenzen en niet als inputs gebruikt worden om verder
afgewerkte goederen mee te maken
20
GDP-growth Groei in België (vanaf midden jaren ‘90, tot en met
corona): normaal 2% groei op jaarbasis: economische
15
activiteit verdubbeld dus om de 35 jaar.
10
5 Fluctuaties door:
2008: financiële recessie: groei wordt negatief (verlies
0
1996Q1
1996Q3
1997Q1
1997Q3
1998Q1
1998Q3
1999Q1
1999Q3
2000Q1
2000Q3
2001Q1
2001Q3
2002Q1
2002Q3
2003Q1
2003Q3
2004Q1
2004Q3
2005Q1
2005Q3
2006Q1
2006Q3
2007Q1
2007Q3
2008Q1
2008Q3
2009Q1
2009Q3
2010Q1
2010Q3
2011Q1
2011Q3
2012Q1
2012Q3
2013Q1
2013Q3
2014Q1
2014Q3
2015Q1
2015Q3
2016Q1
2016Q3
2017Q1
2017Q3
2018Q1
2018Q3
2019Q1
2019Q3
2020Q1
2020Q3
2021Q1
2021Q3
2022Q1
niet ingehaald) (binnen de economie)
-5
-10
-15
2020: corona: daling van meer dan 10% è ongezien
(laatste gebeurt bij WOII)
,Een economie is een systeem: alles hangt aan elkaar in een economie, duw je ergens op een
plaats, heeft dat elders eYect. Elke maatregel heeft een eYect
Bv.: overbevolkte gevangenisse => meer bouwen? Kost geld maar geld te weinig (niet overal
evenveel uitgeven dan…).
Rijkdom per inkomen per hoofd van de bevolking in 4 delen:
1800: rijkdom is rond deze periode vrijwel overal gelijk.
Na 1800:
- China wordt arm en blijft een van de armste landen tot 1970
- Mexico is armer maar heeft wel toegang tot de belangrijkste technologieën. Ook zijn ze
al geïndustrialiseerd
Lockdown: gezondheid vs economie?
• Economie = systeem
• ‘natuurlijk’ evenwicht tussen
productie en consumptie
• Idee gaat terug tot 18de E
• Leren uit lockdown? Economie is
een systeem dus discussie over
hoe ang de lockdown moet
aanhouden (om verspreiding te
stoppen).
• Sector die draaide?
Gezondheidszorgd (kregen subsidies van overheid; die subsidies komen van
belastingen). Economische activiteit viel weg waardoor inkomstenstroom stil komt te
liggen. Zo zijn er minder subsidies voor de gezondheidszorg. Dus: lockdown lang
volhouden tegen besmetting, maar, zorgt ervoor dat mensen niet werken à geen loon à
geen subsidies…
Hoe ‘ernstig’ was corona voor de economie?
BBP krimp van meer dan 10%
Waar kan je vandaag het best geboren worden met oog op een welvarend leven?
• ‘welvaart’ = containerbegrip waar economie als discipline ook zijn eigen invulling aan
geeft. Kijken naar BBP per hoofd (grote/kleine landen à delen door bewoners van land)
,De levensverwachting neemt toe als de economische
welvaart toeneemt. Hiervoor zijn elementaire verklaringen:
- Opkomst van gezondheidszorg
- Kindersterfte
- Uitstoot schadelijke stoYen
- …
Welvaartsevolutie de laatste 200 jaar:
Na 1800: grote evolutie op sommige plaatsen, veel
20000
verschillen tussen werelddelen.
15000
- West-Europa: begint te groeien en neemt afstand
10000
van de rest
5000
- SU: volgt, maar blijft achterop (na WOII, 1990: val
0
1800 1850 1900
year
1950 2000
communisme => val communistisch economisch
systeem in de SU (duurde lang))
W-Europe Soviet Union
Asia Africa
- Azië: laatkomer, beginnen maar vanaf jaren ‘70 te groeien. Laatste jaren meer evolutie
(Japan, Zuid-Korea, ontwikkeling China)
- Afrika: BBP per hoofd is amper gegroeid (vooral in vergelijking met de anderen)
In de 15e eeuw zou je geboorteland minder impact gehad hebben op je welvaart (het was de
stand of klasse die dat bepaalde (ouders)). Vandaag heeft de geografische plaats meer impact.
Divergentie vanaf de 19E E:
• industriële Revolutie (IR); eerst Engeland, dan rest van Europa, VS
• valt samen met de opkomst van een nieuw economisch systeem: “kapitalisme”
• economisch systeem = manier om productie en verdeling van goederen in een
economie te bepalen
• nadien geografische expansie van lokale tot nationale en internationale markt
à verdere mogelijkheden tot welvaart verhogende specialisatie en ruil
• Check eerste hoofdstuk en hoofdstuk globalisering
ð Deze drie zorgen voor de expansie waardoor welvaart toeneemt
Kapitalistisch economisch systeem:
1. productie binnen bedrijven
, 2. markten = plaats waar bedrijven en klanten producten vrijwillig ruilen
tegen prijs > productiekost om eigenaars bedrijven te vergoeden voor ondernemingsinitiatief
3. private eigendom kapitaalgoederen
3.1. Middeleeuwen: ook (primitieve) lokale markten en private eigendom, maar productie
gebeurde door individuele ambachtslui, verkopers, of families
3.2. Bedrijven concurreren à sterkere prikkels om betere technologieën te gebruiken
<-> traditionele ambachtslui
3.3. Bedrijven nodige schaal om te investeren, onmogelijk voor familie als productie-
eenheid
Verschil bedrijven en middeleeuwen:
- Schaalvoordelen: tegen lage kost per eenheid produceren
- Door opschaling kunnen ze concurreren: groot deel van de markt proberen inpalmen
(tegen lagere kost produceren…)
Divergentie: term kapitalisme refereert niet naar zeer specifiek systeem, maar verzameling
systemen die wel 3 elementen bevatten maar op verschillende
25000
manieren combineren
20000
15000
Refereert naar een economisch systeem
10000
China: na dood Mao => kapitalistisch systeem, jaren 2000: richting
5000
kapitalistisch economisch systeem
0
1800 1850 1900 1950 2000
year
België Japan Z-Korea China
Zuid-Korea VS Noord-Korea: gelijkaardig, maar in jaren ‘70: ZK zet in op
20000
kapitalistisch systeem, NK op communistisch systeem à ontstaan
15000
divergentie
10000
Napoleon: “laat China maar doen, want als ze ontwaken zullen we
5000
schrikken” è voorspellende waarde voor waar we de dag van vandaag
0
1970 1980 1990 2000 2010
zijn.
Zuid-Korea Noord-Korea
Aandeel in wereldinkomen: (stippelijn is de IR)
60%
50% Frankrijk, Duitsland, Canada, Japan). Aandelen
40%
Share in total stijgen van 20% naar 50%
world income
30%
Drie aziatische landen: China, India, Indonesië.
20%
Tussen 1980 en 2015 stijgt economie met elk jaar
10% 10% groei.
0%
1500 1600 1700 1800 1900 2000
G7 ASIA3
Inleiding
Economie:
• Dagdagelijks nemen we met z’n allen vele beslissingen à staan meestal in het teken van
ons ‘welbevinden’ omdat we het graag zo goed mogelijk willen hebben
• Economen bestuderen vooral de creatie van welvaart
• het gaat goed met onze economie als deze welvaart creëert en investeert in
toekomstige welvaart
• ‘Economie’ als discipline = toolbox om beslissingen te analyseren en hun gevolgen in te
schatten
• keuzes begrijpen + achterhalen hoe we misschien betere keuzes kunnen maken
door de gevolgen op voorhand beter in te schatten.
• individuele beslissingen en beslissingen voor samenleving als geheel
Soms wordt onze economie geconfronteerd met onverwachte schokken van:
Buiten de economie: Corona: land ligt plat, thuisonderwijs… à schok voor de economie
(economisch leven valt stil) => komt van buitenaf (heeft niks met economie zelf te maken)
Binnen de economie: beslissingen (door overheid) met slechte inschattingen op lange termijn
(2008: financiële recessie)
Groei:
• vaak gebruikte economische maatstaf om omvang economie te meten
= bruto binnenlands product (BBP)
• BBP = optelsom van alle goederen en diensten die in een jaar geproduceerd
worden binnen de landsgrenzen en niet als inputs gebruikt worden om verder
afgewerkte goederen mee te maken
20
GDP-growth Groei in België (vanaf midden jaren ‘90, tot en met
corona): normaal 2% groei op jaarbasis: economische
15
activiteit verdubbeld dus om de 35 jaar.
10
5 Fluctuaties door:
2008: financiële recessie: groei wordt negatief (verlies
0
1996Q1
1996Q3
1997Q1
1997Q3
1998Q1
1998Q3
1999Q1
1999Q3
2000Q1
2000Q3
2001Q1
2001Q3
2002Q1
2002Q3
2003Q1
2003Q3
2004Q1
2004Q3
2005Q1
2005Q3
2006Q1
2006Q3
2007Q1
2007Q3
2008Q1
2008Q3
2009Q1
2009Q3
2010Q1
2010Q3
2011Q1
2011Q3
2012Q1
2012Q3
2013Q1
2013Q3
2014Q1
2014Q3
2015Q1
2015Q3
2016Q1
2016Q3
2017Q1
2017Q3
2018Q1
2018Q3
2019Q1
2019Q3
2020Q1
2020Q3
2021Q1
2021Q3
2022Q1
niet ingehaald) (binnen de economie)
-5
-10
-15
2020: corona: daling van meer dan 10% è ongezien
(laatste gebeurt bij WOII)
,Een economie is een systeem: alles hangt aan elkaar in een economie, duw je ergens op een
plaats, heeft dat elders eYect. Elke maatregel heeft een eYect
Bv.: overbevolkte gevangenisse => meer bouwen? Kost geld maar geld te weinig (niet overal
evenveel uitgeven dan…).
Rijkdom per inkomen per hoofd van de bevolking in 4 delen:
1800: rijkdom is rond deze periode vrijwel overal gelijk.
Na 1800:
- China wordt arm en blijft een van de armste landen tot 1970
- Mexico is armer maar heeft wel toegang tot de belangrijkste technologieën. Ook zijn ze
al geïndustrialiseerd
Lockdown: gezondheid vs economie?
• Economie = systeem
• ‘natuurlijk’ evenwicht tussen
productie en consumptie
• Idee gaat terug tot 18de E
• Leren uit lockdown? Economie is
een systeem dus discussie over
hoe ang de lockdown moet
aanhouden (om verspreiding te
stoppen).
• Sector die draaide?
Gezondheidszorgd (kregen subsidies van overheid; die subsidies komen van
belastingen). Economische activiteit viel weg waardoor inkomstenstroom stil komt te
liggen. Zo zijn er minder subsidies voor de gezondheidszorg. Dus: lockdown lang
volhouden tegen besmetting, maar, zorgt ervoor dat mensen niet werken à geen loon à
geen subsidies…
Hoe ‘ernstig’ was corona voor de economie?
BBP krimp van meer dan 10%
Waar kan je vandaag het best geboren worden met oog op een welvarend leven?
• ‘welvaart’ = containerbegrip waar economie als discipline ook zijn eigen invulling aan
geeft. Kijken naar BBP per hoofd (grote/kleine landen à delen door bewoners van land)
,De levensverwachting neemt toe als de economische
welvaart toeneemt. Hiervoor zijn elementaire verklaringen:
- Opkomst van gezondheidszorg
- Kindersterfte
- Uitstoot schadelijke stoYen
- …
Welvaartsevolutie de laatste 200 jaar:
Na 1800: grote evolutie op sommige plaatsen, veel
20000
verschillen tussen werelddelen.
15000
- West-Europa: begint te groeien en neemt afstand
10000
van de rest
5000
- SU: volgt, maar blijft achterop (na WOII, 1990: val
0
1800 1850 1900
year
1950 2000
communisme => val communistisch economisch
systeem in de SU (duurde lang))
W-Europe Soviet Union
Asia Africa
- Azië: laatkomer, beginnen maar vanaf jaren ‘70 te groeien. Laatste jaren meer evolutie
(Japan, Zuid-Korea, ontwikkeling China)
- Afrika: BBP per hoofd is amper gegroeid (vooral in vergelijking met de anderen)
In de 15e eeuw zou je geboorteland minder impact gehad hebben op je welvaart (het was de
stand of klasse die dat bepaalde (ouders)). Vandaag heeft de geografische plaats meer impact.
Divergentie vanaf de 19E E:
• industriële Revolutie (IR); eerst Engeland, dan rest van Europa, VS
• valt samen met de opkomst van een nieuw economisch systeem: “kapitalisme”
• economisch systeem = manier om productie en verdeling van goederen in een
economie te bepalen
• nadien geografische expansie van lokale tot nationale en internationale markt
à verdere mogelijkheden tot welvaart verhogende specialisatie en ruil
• Check eerste hoofdstuk en hoofdstuk globalisering
ð Deze drie zorgen voor de expansie waardoor welvaart toeneemt
Kapitalistisch economisch systeem:
1. productie binnen bedrijven
, 2. markten = plaats waar bedrijven en klanten producten vrijwillig ruilen
tegen prijs > productiekost om eigenaars bedrijven te vergoeden voor ondernemingsinitiatief
3. private eigendom kapitaalgoederen
3.1. Middeleeuwen: ook (primitieve) lokale markten en private eigendom, maar productie
gebeurde door individuele ambachtslui, verkopers, of families
3.2. Bedrijven concurreren à sterkere prikkels om betere technologieën te gebruiken
<-> traditionele ambachtslui
3.3. Bedrijven nodige schaal om te investeren, onmogelijk voor familie als productie-
eenheid
Verschil bedrijven en middeleeuwen:
- Schaalvoordelen: tegen lage kost per eenheid produceren
- Door opschaling kunnen ze concurreren: groot deel van de markt proberen inpalmen
(tegen lagere kost produceren…)
Divergentie: term kapitalisme refereert niet naar zeer specifiek systeem, maar verzameling
systemen die wel 3 elementen bevatten maar op verschillende
25000
manieren combineren
20000
15000
Refereert naar een economisch systeem
10000
China: na dood Mao => kapitalistisch systeem, jaren 2000: richting
5000
kapitalistisch economisch systeem
0
1800 1850 1900 1950 2000
year
België Japan Z-Korea China
Zuid-Korea VS Noord-Korea: gelijkaardig, maar in jaren ‘70: ZK zet in op
20000
kapitalistisch systeem, NK op communistisch systeem à ontstaan
15000
divergentie
10000
Napoleon: “laat China maar doen, want als ze ontwaken zullen we
5000
schrikken” è voorspellende waarde voor waar we de dag van vandaag
0
1970 1980 1990 2000 2010
zijn.
Zuid-Korea Noord-Korea
Aandeel in wereldinkomen: (stippelijn is de IR)
60%
50% Frankrijk, Duitsland, Canada, Japan). Aandelen
40%
Share in total stijgen van 20% naar 50%
world income
30%
Drie aziatische landen: China, India, Indonesië.
20%
Tussen 1980 en 2015 stijgt economie met elk jaar
10% 10% groei.
0%
1500 1600 1700 1800 1900 2000
G7 ASIA3