WEEK 1
Restorative Justice, ofwel herstelrecht, gaat over de manier waarop we als mens en als maatschappij
kijken naar en reageren op criminaliteit; over hoe we als samenleving recht doen bij strafbare feiten,
en bij uitbreiding in geval van conflict. Restorative justice biedt daarbij een alternatieve kijk aan.
Criminaliteit wordt daarbij niet in de eerste plaats gezien als een schending van de wet die moet
bestraft worden, maar als een schending van personen en relaties tussen mensen, die herstel
behoeft.
Aant. HC 1: Herstelrecht inleiding en pioniers
1. Claessen, J. (2016) In memoriam Herman (Thomas) Bianchi (1924-2015) Tijdschrift voor
Herstelrecht, 16 (1), p. 63-71
Herman Bianchi was een vooraanstaande Nederlandse criminoloog en een van de
belangrijkste pioniers van herstelrecht in Europa. Hij streefde zijn hele leven tegen
repressieve strafsystemen en pleitte voor een meer menselijke, verzoeningsgerichte
benadering van misdaad en gerechtigheid. Bianchi was een abolitionist (tegenwoordig is er
een verschuiving van het abolitionisme naar een aanvulling op het strafrecht). Het strafrecht
en vooral de gevangenis werd gezien als fundamenteel onrechtvaardig: ‘Het is het ergste dat
je een mens kunt aandoen. Het is een godvergeten schande om mensen op te sluiten’.
Misdaad is een conflict tussen mensen en niet tussen dader en staat. Bianchi’s
herstelrechtelijke visie was geworteld in:
- Bijbelse gerechtigheidsidee: dit was een kritiekuiting op de traditionele vergeldingsleer.
Bij Bijbelse gerechtigheid (tsedeka) lag de nadruk op verzoening, heling en vrede in plaats
van vergelding (geen ruimte voor leedtoevoeging). Het ging om herstel van breuken
tussen mensen en verzoening is het einddoel.
- Assensus-model: dit model is gebaseerd op het idee dat
a. Mensen recht hebben op hun conflicten
b. Conflicten niet opgelost, maar geregeld moeten worden
c. Het huidige strafrecht mensen onmondig gemaakt heeft om zelf nog conflicten te
kunnen regelen en dat ze dit dus opnieuw moeten leren
d. Een delictsconflict is niet gelegen in de omstandigheid dat agressie gepleegd is, maar
dat er nog geen regeling voor het daaruit stammende conflict gevonden is.
Het assensus model werd uitgewerkt in ‘Gerechtigheid als vrijplaats’
- Creëren van vrijplaatsen: dit zijn afgeschermde (van autoriteiten) ontmoetingsplaatsen,
waar slachtoffers en andere betrokkenen een regeling kunnen treffen. 1) zorg ervoor dat
zowel dader als slachtoffer centraal staan, en 2) laat de mensen zelf onderhandelen over
een regeling (alternatief voor traditioneel strafrecht). De vrijplaats is ook een oplossing in
geval van ernstige misdrijven die heftige emoties hebben gewekt in de samenleving.
Volgens Bianchi moest een model van geschilbeslechting aan de volgende voorwaarden voldoen:
, - De conflicterende partijen moeten de zaken waar het om gaat niet zozeer individueel
met elkaar bespreken, maar altijd in het bijzijn van vrienden en familie en indien
noodzakelijk hulpverleners.
- De zaken waar het bij discussie om gaat moeten altijd gedefinieerd worden als noodzaak
om schade te herstellen, terwijl schuld en verwijt alleen deel kunnen uitmaken van de
discussie voor zover zij worden omgezet in herstel en daarmee verwijderd
- Staatsorganisaties mogen alleen deel uitmaken van de procedure indien zij bijdragen aan
de controle van gelijkheid van macht tijdens het geschil
- Niet-statelijke organisatie zal alleen deel kunnen uitmaken van de geschilbeslechting
wanneer zij voldoet aan de eis bij te dragen aan herstel van toegevoegde schade en het
opstellen van een overeenkomst
- Verzoening tussen strijdende partijen is het uiteindelijke doel van geschilbeslechting
2. Blad, J. (2009) In memoriam Louk Hulsman (1923-2009) Tijdschrift voor Herstelrecht, 9 (1), p.
77-80
Hulsman was een abolitionist: gedragingen moesten gedecriminaliseerd worden en het
strafrecht moest worden afgeschaft. Volgens hem was misdaad een misleidend etiket wat
het strafrecht vereenvoudigde en vervreemde. Er moest worden gekeken naar wat er
werkelijk was voorgevallen, om te weten wat er nodig was voor herstel. De afschaffing van
het strafrecht zou de situatie in het leven roepen, waarin wij weer in staat zouden zijn
onbevangen naar de werkelijkheid en verscheidenheid van ‘problematische gebeurtenissen’
te kijken. In ieder geval zouden de meest direct betrokkenen (slachtoffer, dader, directe
naasten) de doorslaggevende stem krijgen over hoe om te gaan met de negatieve gevolgen
van het concrete schadelijke gedrag dat aan de orde was. Voor elke ‘problematische
gebeurtenis’ moest een oplossing gezocht worden. De nadruk moest liggen op de
betrokkenheid van direct belanghebbende en herstel in plaats van bestraffing. Er moest
vooral geleerd worden van probleemgedrag. De oplossingen moesten door betrokkenen
(slachtoffer, dader, directe naasten) zelf gedefinieerd worden. Zij konden worden
ondersteund door politie, OM en de rechter. Indien daders niet zouden worden gevonden,
dan moeten er voorzieningen zijn om de slachtoffers zo snel en effectief mogelijk uit de
situatie van ‘benadeeld zijn’ te helpen.
3. Christie, N. (1977) Conflicts as Property.The British Journal of Criminology, 17, 1, 1-14.
Nils Christie betoogt dat moderne samenlevingen conflicten onterecht ontnemen aan de
direct betrokkenen. Slachtoffers verliezen hun conflict aan de staat en daders worden
gedehumaniseerd. Hij pleit voor een rechtssysteem waar slachtoffers en daders weer
centraal staan, in plaats van de professionals die conflicten stelen en depersonaliseren. De
conflicten moeten teruggegeven worden aan de betrokken partijen. Er moet een
toegankelijke rechtspraak zijn binnen de gemeenschap, zonder juridische of
gedragswetenschappelijke dominantie. Conflicten zijn waardevol als kansen en sociaal
kapitaal:
- Mogelijkheid tot participatie
- Middel voor normduidelijkheid: conflicten hebben een nuttige functie, het biedt
pedagogische kansen tot normverheldering.
, - Kans op persoonlijke confrontatie: het biedt een moment op zich uit te spreken, voor
herstel en heling.
De staat en professionals hebben conflicten van de mensen gestolen en hen de kans
ontnomen. Advocaten nemen conflicten over door gespecialiseerde juridische interpretatie
en beperking van de relevante argumenten. Behandelingspersoneel werkt het conflict weg en
probeert conflicten te neutraliseren, gericht op genezing in plaats van op confrontatie. Een
mogelijke oplossing is het oprichten van buurtrechtbanken, slachtoffergericht werken en
werken met lekenparticipatie.
Een herstelgerichte dialoog moet gericht zijn op begrip, verzoening en wederzijds herstel.
Straf is ondergeschikt aan herstel.
Tanzania vs. Scandinavië: Christie schetst een situatie in Tanzania die verdacht vele lijkt op
een rechtszaal maar met een aantal cruciale verschillen. De partijen stonden midden in de
kamer en waren het middelpunt van de discussie en aandacht. Kennissen en familieleden
stonden erbij. Zij maakten deel uit van de discussie maar hadden nooit de overhand. De
rechters waren inactief. De rest van het dorp liet zich als publiek horen door geluiden van
afkeuring of aanmoediging. Er waren geen journalisten nodig want iedereen die belang had
bij het conflict was aanwezig. Hoe is dit anders in westerse rechtszalen? De slachtoffers en
daders staan niet in het middelpunt en er zijn veel mensen aanwezig die niks met het conflict
te maken hebben. In Scandinavische landen is er veel afstand gecreëerd. De rechtszalen
staan niet midden in de gemeenschap maar aan de rand, gebouwen zijn net doolhoven en
partijen worden vertegenwoordigd. Het slachtoffer is geen eigen partij maar de staat heeft
het conflict overgenomen. Het slachtoffer is volgens Christie een dubbele verliezer: 1)
verliezer tegenover de verdachte van het gepleegde feit, en 2) verliezer tegenover de staat,
omdat ze wordt ontzegd om volledig deel te nemen in de zaak.
Een oplossing: slachtoffer-georiënteerde rechtbank
1. De feiten moeten worden vastgesteld. Is de wet daadwerkelijk overtreden en is dit de
dader?
2. Wat zijn de gevolgen voor het slachtoffer?
3. Mogelijkheden onderzoeken voor herstel. Wat heeft het slachtoffer nodig en wat krijgt
hij van de dader?
4. Eventuele straf bepalen voor de dader en eventuele dienstverlening aan dader
overwegen
5. Belangrijk voor de dader om na veroordeling te kijken naar de mogelijkheden om het
slachtoffer te spreken
Maximale participatie van betrokkenen, minimale professionele interventie, nadruk op
herstel en begrip en de lokale gemeenschap staat centraal
Inleiding
, Restorative justice gaat over een manier van kijken naar conflicten en over een manier van reageren
daarop, gericht op herstel. Het is belangrijk dat mensen vertrouwen hebben in elkaar en in het
proces, voordat zij aan de slag gaan.
Herstelrecht is gestart als een ontwikkeling in het domein van het strafrecht, als reactie op manco’s
in de bestaande strafrechtsbedeling:
- Strafrecht koloniseert de conflicten van mensen. Als je in een conflict zit en het komt terecht
in een systeem, dan ben je geen eigenaar meer van het conflict.
- Het strafrecht werkt niet om problematische gedragingen aan te pakken. Mensen opsluiten
in een gevangenis maakt de situatie niet altijd beter en lost het achterliggende probleem niet
op.
- De gevangenis is schadelijk en stigmatiserend. Wat doet de gevangenis met mensen en staan
we daar als samenleving achter?
- Te weinig aandacht en plaats voor het slachtoffer
Herstelrecht is andere kijk op wat criminaliteit en andere conflicten zijn en vanuit daaruit een andere
kijk op hoe de reactie op criminaliteit er dient uit te zien.
→ Diverse inspiraties, o.a.:
- Victimologisch onderzoek
- Traditionele systemen van conflictoplossing bij first nations (hoe deden ze dat vroeger?)
- Conflictoplossing mechanismen in Europa voor het Ancien Régime
- Religies: basiswaarden van de grote religies
- Op daders gerichte theorieën, bijvoorbeeld reintegrative shaming. Reïntegratieschaamte,
zoals gedefinieerd door John Braithwaite, is een theorie in de criminologie die stelt dat
schaamte een krachtig hulpmiddel kan zijn bij het re-integreren van daders in de
maatschappij. Het gaat om het gebruik van schaamte als een vorm van sociale controle,
waarbij de nadruk ligt op het veroordelen van het gedrag van de dader, terwijl de dader zelf
nog steeds als waardevol lid van de gemeenschap wordt gezien.
Herstelrecht als geheel is een visie en gedachtegoed maar heeft zich ondertussen vertaald in de
praktijk en in verschillende programma’s. Het is een sociale beweging. Er zijn ideeën en dit heeft zich
omgezet in de praktijk. Met de groei van herstelrecht wordt het binnen de strafrechtelijke context
gezien als een van de grote 3 pijlers (naast retributie/ vergelding en resocialisatie). Herstelrecht
speelt zich af binnen juridische kaders: nationaal, Europees en internationaal.
Binnen het strafrecht is een derde pijler naast retributie/vergelding en resocialisatie → al een zekere
institutionalisering:
- Praktijken, modellen
- Wetgeving (nationaal/Europees/internationaal)
- Erkende en gesubsidieerde diensten
Uitdaging: nog altijd een beperkte bekendheid en erkenning.
Het definiëren van herstelrecht is nog volop in ontwikkeling en in beweging. In het fundament is
herstelrecht gericht op een mensbeeld. Dit mensbeeld is anders dan in het strafrecht. In herstelrecht
is het een soort holistisch mensbeeld: de manier waarop de mens gezien wordt, is dat we allemaal
unieke wezens zijn. Tegelijkertijd zijn we ook verbonden aan een groter geheel. We maken allemaal
deel uit van de wereld en je kan mensen zien als knooppunten van relaties. Het idee is dat als er in