3 De Algemene wet bestuursrecht: structuur en
kenmerken
3.1
Afgelopen dertig jaar is het bestuursrecht bezig geweest met de invoering,
verdere uitbouw en vervolmaking van de Algemene wet bestuursrecht en
de herziening van de rechterlijke organisatie.
De huidige stand van zaken is het bestaan van verschillende ‘hoogste’
bestuursrechters en het ontbreken van cassatierechtspraak.
3.1.1
Aan de Awb liggen de volgende doelstellingen ten grondslag:
o Het bevorderen van eenheid binnen de bestuursrechtelijke
wetgeving
o Het systematiseren en, waar mogelijk, vereenvoudigen van de
bestuursrechtelijke wetgeving
o Het codificeren van ontwikkelingen die zich in de bestuursrechtelijke
jurisprudentie hebben voorgedaan
o Het treffen van voorzieningen ten aanzien van onderwerpen die zich
naar hun aard niet lenen voor regeling in een bijzondere wet.
3.1.2
Totstandkoming van Awb is uitvloeisel van grondwettelijke opdracht. Eerst
was er wet die algemene regels van bestuursrecht vaststelt. Er moest een
algemeen bestuursrecht komen, met meer betrekking tot de normering
van handelingen van het bestuur en van belang zijn voor basisbegrippen
en beginselen van het algemeen bestuursrecht.
In de jaren tachtig werd codificatie van bestuursprocesrecht ter handen
genomen.
Evaluaties van het Awb zorgen voor herzieningsoperaties. Veel aanpassing
zijn in verband met het versnellen van procedures (tijdigheid) en om
doelmatige en definitieve beslechting van bestuursrechtelijke geschillen te
bevorderen (finaliteit).
Communicatie met het bestuur is elektronisch enorm gegroeid en soms
ook verplicht (belasting aangifte, toeslag aanvragen) hoewel de papieren
optie ook nodig is.
Er wordt ook meer gebruik gemaakt van meer geautomatiseerde
besluitvormingssystemen, nadelen zijn dat een ‘zelflerend’ systeem kan
gaan discrimineren en geen belangen afwegen. Ook valt het besluit niet
goed te motiveren, niet wetend op welke gegevens het besluit gebaseerd
is. Hiermee wordt het procesrechtelijke beginsel van wapengelijkheid
, geschonden.
kenmerken
3.1
Afgelopen dertig jaar is het bestuursrecht bezig geweest met de invoering,
verdere uitbouw en vervolmaking van de Algemene wet bestuursrecht en
de herziening van de rechterlijke organisatie.
De huidige stand van zaken is het bestaan van verschillende ‘hoogste’
bestuursrechters en het ontbreken van cassatierechtspraak.
3.1.1
Aan de Awb liggen de volgende doelstellingen ten grondslag:
o Het bevorderen van eenheid binnen de bestuursrechtelijke
wetgeving
o Het systematiseren en, waar mogelijk, vereenvoudigen van de
bestuursrechtelijke wetgeving
o Het codificeren van ontwikkelingen die zich in de bestuursrechtelijke
jurisprudentie hebben voorgedaan
o Het treffen van voorzieningen ten aanzien van onderwerpen die zich
naar hun aard niet lenen voor regeling in een bijzondere wet.
3.1.2
Totstandkoming van Awb is uitvloeisel van grondwettelijke opdracht. Eerst
was er wet die algemene regels van bestuursrecht vaststelt. Er moest een
algemeen bestuursrecht komen, met meer betrekking tot de normering
van handelingen van het bestuur en van belang zijn voor basisbegrippen
en beginselen van het algemeen bestuursrecht.
In de jaren tachtig werd codificatie van bestuursprocesrecht ter handen
genomen.
Evaluaties van het Awb zorgen voor herzieningsoperaties. Veel aanpassing
zijn in verband met het versnellen van procedures (tijdigheid) en om
doelmatige en definitieve beslechting van bestuursrechtelijke geschillen te
bevorderen (finaliteit).
Communicatie met het bestuur is elektronisch enorm gegroeid en soms
ook verplicht (belasting aangifte, toeslag aanvragen) hoewel de papieren
optie ook nodig is.
Er wordt ook meer gebruik gemaakt van meer geautomatiseerde
besluitvormingssystemen, nadelen zijn dat een ‘zelflerend’ systeem kan
gaan discrimineren en geen belangen afwegen. Ook valt het besluit niet
goed te motiveren, niet wetend op welke gegevens het besluit gebaseerd
is. Hiermee wordt het procesrechtelijke beginsel van wapengelijkheid
, geschonden.