ANTE
ENIN
EN
AJOR
ontijn
,Inhoudsopgave
1. Story Behind – week 2................................................................................3
1.1 ZBMO-model............................................................................................................. 3
1.2 Communicatiedeelgebieden.....................................................................................3
1.3 Belang communicatieprofessionals...........................................................................4
1.4 Johari-venster........................................................................................................... 4
1.5 Persoonlijke wegwijzer.............................................................................................. 4
1.6 Corporate Identity mix.............................................................................................. 5
2. Big five – week 2........................................................................................6
3. Story Behind – week 3................................................................................6
3.1 waarom verhalen? Storypower.................................................................................6
3.2 narratieve elementen............................................................................................... 6
3.3 een goed verhaal [ CITATION Hen12 \l 1043 ]...........................................................8
3.4 zeven basisplots....................................................................................................... 8
3.5 wat heeft een organisatie aan een verhaal?.............................................................9
4. Big Five – week 3........................................................................................9
4.1 Bonding & Bridging................................................................................................... 9
5. Story Behind – week 4 deel 1 (welke boodschap geef je?)...........................10
5.1 De kernbelofte........................................................................................................ 10
5.2 The shapes of stories (Vonnegut) & verhaallijn.......................................................11
5.3 Logline.................................................................................................................... 11
6. Story Behind – week 4 deel 2 (hoe onvergetelijk?)......................................11
7. Story Behind – week 6...............................................................................12
7.1 communicatie in een organisatie............................................................................12
7.2 Vier rollen adviseurs............................................................................................... 12
7.3 7S-model (McKinsey) voor interne analyse.............................................................13
7.4 Belangrijke elementen interne analyse...................................................................13
7.5 organisatiestructuur............................................................................................... 14
7.6 organisatiecultuur: UI-Model (hofstede)..................................................................14
7.7 organisatiecultuur: OCAI-Model (Cameron & Quinn)...............................................14
7.8 Workplace – Reptrakmodel (Van Riel).....................................................................15
7.9 Alignment............................................................................................................... 16
7.10 ethiek.................................................................................................................... 17
7.10.1 vier waarden domeinen..................................................................................17
8. Big Five – week 6......................................................................................17
, 8.1 stakeholderanalyse................................................................................................. 17
8.2 Smartconnecting cellenmodel.................................................................................18
8.2 contextanalyse....................................................................................................... 18
8.3 stakeholderanalysemodel: invloed-belang matrix...................................................19
9. Story Behind – week 7...............................................................................19
9.1 Organisatieverhaal.................................................................................................. 19
9.2 Wat heeft een organisatie aan een verhaal?...........................................................20
9.3 drie soorten organisatieverhalen............................................................................20
9.4 geleefd verhaal....................................................................................................... 21
9.5 werkveld corporate storytelling..............................................................................21
9.6 trends..................................................................................................................... 22
Geciteerde werken.......................................................................................24
, 1. Story Behind – week 2
1.1 ZBMO-model
Het basismodel van communicatie. Zender -> boodschap -> middel ->
ontvanger.
1.2 Communicatiedeelgebieden
o Doelgroepen niet meer homogeen (niet meer hetzelfde)
o Diversiteit kanalen is toegenomen
o 24/7 communicatie
De corporate en marketingcommunicatie, de interne en externe
communicatie moeten op één lijn zitten en elkaar versterken (Michels,
2013, 82)
,= De grote uitdaging van een smart connector: alle communicatie bij
elkaar brengen. Een relatie met elkaar creëren -> geïntegreerde
communicatie.
1.3 Belang communicatieprofessionals
Juist du iedereen communiceert, is het belang van
communicatieprofessionals groter dan ooit. In de netwerksamenleving
kampen organisaties immers met tal van issues, die vragen om de inzet
van dialoog:
o Het borgen van een draagvlak
o Het verwerven van steun
o Het opbouwen van een robuuste reputatie
1.4 Johari-venster
Johari-venster bepaald wie jij bent en wat je identiteit is [ CITATION joh20 \l
1043 ].
1.5 Persoonlijke wegwijzer
Bij de persoonlijke wegwijzer worden
er vragen gesteld om dichter bij de
identiteit te komen. Doormiddel van
de persoonlijke wegwijzer kom je
erachter of je voor de onbekende, de
bekende weg, de aanlokkelijke, de
droomweg, de verstandige weg of
nou juist de weg terug kiest. Je kijkt
naar het pad dat jij bewandelt.
Wat drijft je?
,Welke mensen zijn echt belangrijk voor je?
Wat is werkelijk belangrijk voor je?
Waarvoor ben je bang?
Waar kom je vandaan?
1.6 Corporate Identity mix
De Corporate Identity mix [ CITATION Bir02 \l 1043 ] . Dit model geeft een
beeld van wat de stakeholders vinden van je organisatie. Hoe sterker de
identiteit hoe beter de reputatie. Wanneer een bedrijf zijn identiteit wil
veranderen of in kaart wil brengen kan dit model goed van pas komen,
omdat je een duidelijk overzicht hebt van alle aspecten.
De identiteit:
o Communicatie binnen organisatie (intern & extern)
Communicatie denk aan extern sociale media, website, catalogus,
commercials. Intern communicatieafdeling.
o Symbolen van een organisatie (de non verbale uitingen van de
organisatie zoals huisstijl)
Symbolen denk aan logo, gebouw, website etc.
o Gedrag van een organisatie (visie, missie, doelstelling)
Het gedrag naar de klant toe. Bijv: vriendelijkheid.
De reputatie:
o Attitude
Een perceptie in het kortetermijngeheugen. Hoe voelen ze zich bij je organisatie
o Herkenning
Een algemene holistische inruk in het sensorisch geheugen.
o Waardering
Een netwerk van betekenissen in het lange termijn geheugen.
, 2. Big five – week 2
Kernwaarden zijn centrale maatstaven met behulp waarvan men het eigen gedrag en dat van
andere beoordeelt.
Reputatie gaat om het beeld dat stakeholders van een organisatie
heeft.
Dit beeld wordt gevormd door de ervaringen met de organisatie en
haar product of dienst.
Indien je zelf geen ervaring hebt met een organisatie kan het ook
zijn dat je beeld en mening ontstaan op basis van ervaring en
verhalen van andere.
Imago is onderdeel van reputatie. Imago is het beeld dat een
klant/consument van je product heeft.
3. Story Behind – week 3
3.1 waarom verhalen? Storypower
Storypower [ CITATION Sch13 \l 1043 ]
1 Een verhaal wordt verteld om te worden onthouden.
2 een verhaal wordt verteld om te begrijpen.
3 een verhaal wordt verteld om iemand te overtuigen.
4 een verhaal wordt verteld om mensen in beweging zetten.
5 een verhaal wordt verteld om houvast te geven. (Religie)
6 een verhaal wordt verteld om het verhaal hanteerbaar te maken. (Goed doel)
7 een verhaal wordt verteld om mensen te beïnvloeden.
8 een verhaal wordt verteld om mensen te verbinden.
Begin:
Midden:
Eind:
3.2 narratieve elementen
De kenmerken van een verhaal. Narratieve elementen zijn er
om de opzet van een verhaal duidelijk te maken
[ CITATION Hen12 \l 1043 ].
De held (hoofdpersoon):
ENIN
EN
AJOR
ontijn
,Inhoudsopgave
1. Story Behind – week 2................................................................................3
1.1 ZBMO-model............................................................................................................. 3
1.2 Communicatiedeelgebieden.....................................................................................3
1.3 Belang communicatieprofessionals...........................................................................4
1.4 Johari-venster........................................................................................................... 4
1.5 Persoonlijke wegwijzer.............................................................................................. 4
1.6 Corporate Identity mix.............................................................................................. 5
2. Big five – week 2........................................................................................6
3. Story Behind – week 3................................................................................6
3.1 waarom verhalen? Storypower.................................................................................6
3.2 narratieve elementen............................................................................................... 6
3.3 een goed verhaal [ CITATION Hen12 \l 1043 ]...........................................................8
3.4 zeven basisplots....................................................................................................... 8
3.5 wat heeft een organisatie aan een verhaal?.............................................................9
4. Big Five – week 3........................................................................................9
4.1 Bonding & Bridging................................................................................................... 9
5. Story Behind – week 4 deel 1 (welke boodschap geef je?)...........................10
5.1 De kernbelofte........................................................................................................ 10
5.2 The shapes of stories (Vonnegut) & verhaallijn.......................................................11
5.3 Logline.................................................................................................................... 11
6. Story Behind – week 4 deel 2 (hoe onvergetelijk?)......................................11
7. Story Behind – week 6...............................................................................12
7.1 communicatie in een organisatie............................................................................12
7.2 Vier rollen adviseurs............................................................................................... 12
7.3 7S-model (McKinsey) voor interne analyse.............................................................13
7.4 Belangrijke elementen interne analyse...................................................................13
7.5 organisatiestructuur............................................................................................... 14
7.6 organisatiecultuur: UI-Model (hofstede)..................................................................14
7.7 organisatiecultuur: OCAI-Model (Cameron & Quinn)...............................................14
7.8 Workplace – Reptrakmodel (Van Riel).....................................................................15
7.9 Alignment............................................................................................................... 16
7.10 ethiek.................................................................................................................... 17
7.10.1 vier waarden domeinen..................................................................................17
8. Big Five – week 6......................................................................................17
, 8.1 stakeholderanalyse................................................................................................. 17
8.2 Smartconnecting cellenmodel.................................................................................18
8.2 contextanalyse....................................................................................................... 18
8.3 stakeholderanalysemodel: invloed-belang matrix...................................................19
9. Story Behind – week 7...............................................................................19
9.1 Organisatieverhaal.................................................................................................. 19
9.2 Wat heeft een organisatie aan een verhaal?...........................................................20
9.3 drie soorten organisatieverhalen............................................................................20
9.4 geleefd verhaal....................................................................................................... 21
9.5 werkveld corporate storytelling..............................................................................21
9.6 trends..................................................................................................................... 22
Geciteerde werken.......................................................................................24
, 1. Story Behind – week 2
1.1 ZBMO-model
Het basismodel van communicatie. Zender -> boodschap -> middel ->
ontvanger.
1.2 Communicatiedeelgebieden
o Doelgroepen niet meer homogeen (niet meer hetzelfde)
o Diversiteit kanalen is toegenomen
o 24/7 communicatie
De corporate en marketingcommunicatie, de interne en externe
communicatie moeten op één lijn zitten en elkaar versterken (Michels,
2013, 82)
,= De grote uitdaging van een smart connector: alle communicatie bij
elkaar brengen. Een relatie met elkaar creëren -> geïntegreerde
communicatie.
1.3 Belang communicatieprofessionals
Juist du iedereen communiceert, is het belang van
communicatieprofessionals groter dan ooit. In de netwerksamenleving
kampen organisaties immers met tal van issues, die vragen om de inzet
van dialoog:
o Het borgen van een draagvlak
o Het verwerven van steun
o Het opbouwen van een robuuste reputatie
1.4 Johari-venster
Johari-venster bepaald wie jij bent en wat je identiteit is [ CITATION joh20 \l
1043 ].
1.5 Persoonlijke wegwijzer
Bij de persoonlijke wegwijzer worden
er vragen gesteld om dichter bij de
identiteit te komen. Doormiddel van
de persoonlijke wegwijzer kom je
erachter of je voor de onbekende, de
bekende weg, de aanlokkelijke, de
droomweg, de verstandige weg of
nou juist de weg terug kiest. Je kijkt
naar het pad dat jij bewandelt.
Wat drijft je?
,Welke mensen zijn echt belangrijk voor je?
Wat is werkelijk belangrijk voor je?
Waarvoor ben je bang?
Waar kom je vandaan?
1.6 Corporate Identity mix
De Corporate Identity mix [ CITATION Bir02 \l 1043 ] . Dit model geeft een
beeld van wat de stakeholders vinden van je organisatie. Hoe sterker de
identiteit hoe beter de reputatie. Wanneer een bedrijf zijn identiteit wil
veranderen of in kaart wil brengen kan dit model goed van pas komen,
omdat je een duidelijk overzicht hebt van alle aspecten.
De identiteit:
o Communicatie binnen organisatie (intern & extern)
Communicatie denk aan extern sociale media, website, catalogus,
commercials. Intern communicatieafdeling.
o Symbolen van een organisatie (de non verbale uitingen van de
organisatie zoals huisstijl)
Symbolen denk aan logo, gebouw, website etc.
o Gedrag van een organisatie (visie, missie, doelstelling)
Het gedrag naar de klant toe. Bijv: vriendelijkheid.
De reputatie:
o Attitude
Een perceptie in het kortetermijngeheugen. Hoe voelen ze zich bij je organisatie
o Herkenning
Een algemene holistische inruk in het sensorisch geheugen.
o Waardering
Een netwerk van betekenissen in het lange termijn geheugen.
, 2. Big five – week 2
Kernwaarden zijn centrale maatstaven met behulp waarvan men het eigen gedrag en dat van
andere beoordeelt.
Reputatie gaat om het beeld dat stakeholders van een organisatie
heeft.
Dit beeld wordt gevormd door de ervaringen met de organisatie en
haar product of dienst.
Indien je zelf geen ervaring hebt met een organisatie kan het ook
zijn dat je beeld en mening ontstaan op basis van ervaring en
verhalen van andere.
Imago is onderdeel van reputatie. Imago is het beeld dat een
klant/consument van je product heeft.
3. Story Behind – week 3
3.1 waarom verhalen? Storypower
Storypower [ CITATION Sch13 \l 1043 ]
1 Een verhaal wordt verteld om te worden onthouden.
2 een verhaal wordt verteld om te begrijpen.
3 een verhaal wordt verteld om iemand te overtuigen.
4 een verhaal wordt verteld om mensen in beweging zetten.
5 een verhaal wordt verteld om houvast te geven. (Religie)
6 een verhaal wordt verteld om het verhaal hanteerbaar te maken. (Goed doel)
7 een verhaal wordt verteld om mensen te beïnvloeden.
8 een verhaal wordt verteld om mensen te verbinden.
Begin:
Midden:
Eind:
3.2 narratieve elementen
De kenmerken van een verhaal. Narratieve elementen zijn er
om de opzet van een verhaal duidelijk te maken
[ CITATION Hen12 \l 1043 ].
De held (hoofdpersoon):