1
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1: De pedagogische opdracht van het onderwijs ........................................ 4
1.1 Inleiding ...................................................................................................... 4
1.2. Pedagogische opdracht van de basisschool ................................................. 5
1.3. Mensen op de weg ...................................................................................... 5
1.4. Mens- en maatschappijbeelden................................................................... 7
1.5. De mens in zijn wereld .............................................................................. 10
1.6. Over opvoeding gesproken ........................................................................ 11
1.7. Opvoeden: wie is verantwoordelijk? ........................................................... 11
1.8. Over onderwijs gesproken ......................................................................... 11
1.9. Waardenoriëntatie en –opvoeding.............................................................. 12
Hoofdstuk 2: De pedagogische opdracht van het onderwijs ...................................... 14
2.1 De Inleiding .......................................................................................... 14
2.2 De beginsituatie op school en in de groep ............................................... 14
2.3. Ontwikkeling ........................................................................................ 17
2.4. Methoden voor het bepalen van de beginsituatie .................................... 23
Hoofdstuk 3: Hoe kinderen leren ............................................................................. 27
3.1. Inleiding en definitie .............................................................................. 27
3.2. Spel en verhalen ................................................................................... 27
3.3. Onderzoek, informatie en games ........................................................... 28
3.4. Ontwikkelingsniveau en leren ................................................................ 28
3.5. Leren als proces ................................................................................... 30
3.6 Hoe komt de mens aan kennis? Opvattingen over leren ........................... 32
Hoofdstuk 5: De pedagogische opdracht van het onderwijs ...................................... 38
5.1. Inleiding ............................................................................................... 38
5.2. Een rijke, krachtige en betekenisvolle leeromgeving ................................ 38
5.3. De rollen van de leraar .......................................................................... 39
5.4. De dadactiek van leeromgevingen .......................................................... 39
5.5. Differentiatie ........................................................................................ 41
Hoofdstuk 6: Het volgen en evalueren van leerprocessen en leerresultaten ............... 42
2
, 6.1. Evalueren, enkele onderscheidingen ...................................................... 42
6.2. Relatieve en absolute normering ............................................................ 43
6.3. Hoe volg en evalueer je het leerproces? ................................................. 43
6.4. Voor wie volg je, evalueer je? ................................................................. 44
6.5. Het leerling rapport ............................................................................... 44
Hoofdstuk 7: Het pedagogisch klimaat .................................................................... 45
7.1. Inleiding ............................................................................................... 45
7.2. Het pedagogisch klimaat ....................................................................... 45
7.3. Verwachtingen ..................................................................................... 48
7.4. Verantwoordelijkheden ......................................................................... 49
7.5. Een goed pedagogisch klimaat .............................................................. 50
7.6. De invloed op het pedagogisch klimaat .................................................. 51
7.7. Veiligheid ............................................................................................. 51
Hoofdstuk 10: Onderwijs- en schoolontwikkeling ..................................................... 52
10.1 Een stukje geschiedenis ........................................................................ 52
10.2 Voortdurende onderwijsontwikkeling ..................................................... 52
10.3 Innovatiemodellen ................................................................................ 52
10.4 De Reformpedagogiek ........................................................................... 53
10.5 Recente ontwikkelingen ........................................................................ 54
Hoofdstuk 11: Het Nederlandse Onderwijsstelstel ................................................... 55
Verandering als proces .................................................................................... 55
3
, Hoofdstuk 1: De pedagogische opdracht
van het onderwijs
1.1 Inleiding
Wat zijn jouw idealen voor een ideale basisschool?.
- Hoe zorg je ervoor dat de kinderen zich veilig voelen?
- Hoe zorg je ervoor dat ze goed onderwijs krijgen?
- Wat wil je de kinderen eigenlijk leren en hoe wil ik dat hun leren?
Doel: Hoe kunnen we de wereld in het kind krijgen en hoe kunnen we het kind in de
wereld krijgen?
LEA DASBERG (1993) heeft als ideaal/ visie dat dat onderwijs de taak heeft mensen te
helpen bij menswording, om zowel meeloper als dwarsligger te worden.
- Meeloper: meedoen, dus meelopen met de bestaande ontwikkelingen,
kennisnemen nieuwe inzichten, vaardigheden te leren die je in de samenleving
goed kunnen redden. Leren rekenen, taal en fatsoenregels.
- En dwarsligger te worden: dus kritisch leren kijken naar de bestaande
ontwikkelingen en nieuwe inzichten. Vormen van eigen mening, ontwikkelende
van het vermogen anders durven te zijn. Durven ‘nee’ zeggen en soms durft een
dwarsligger te zijn. Onderwijs moet dus ruimte bieden voor verschillende
opvattingen en individuele keuzes, kinderen leren experimenteren en doen eigen
onderzoek.
MICHA DE WINTER (2000). Het onderwijs zou een leer- en leefomgeving moeten
realiseren waarin kinderen leren om samen te werken aan gemeenschappelijke
doelen en waarin sociale verbondenheid tot stand komt. Hij heeft als visie dat er een
‘gat in de opvoeding zit'. Naast de school en het gezin heeft de gemeenschap waarin
kinderen opgroeien, ook een taak in de opvoeding. Hij pleit voor ‘beter
maatschappelijk opvoeden'. De samenleving heeft deze verantwoordelijkheid voor het
grootbrengen van nieuwe generatie.
Navolging van Perquin (1970) benadrukt hij dat pedagogiek individueel én sociaal
gericht is en dat een eenzijdige gerichtheid op de individuele ontwikkeling van het kind
het vak ondermijnt. = opvoeden niet alleen de individuele ontwikkeling of het
individuele belang van het kind op het oog heeft, maar ook gaat om verbondenheid met
samenleving en sociaalbelang. Het onderwijs moet en leeromgeving creëren waarin
kinderen gemeenschappelijke doelen samenstellen en waarin sociale verbondenheid
tot stand komt.
GERT BIESTA (2015) zijn visie vraagt zich af of we in 21e eeuw naar andere
onderwijscultuur moeten. Het gaat om dat ze iets leren, dat ze iets waardevols leren en
dat ze het van iemand leren: inhoud + doel + relatie. Gaat om de verbinding van mens
en wereld. Onderwijs richt zich op zowel kwalificatie (verwerven van kennis) en
socialisatie (meedoen in de groep) als op subjectificatie (persoonsvorming, eigen
vrijheid en verantwoordelijkheid)
4