Leerstof:
- H1 en 2, H3, H7, H5, H6 + H8.1, H4
- Readers als 25% van de stof
- Podcasts en talkshow
- https://dlo.coutinho.nl/course/view.php?id=249
Hoofdstuk 1: De bestuurlijke kaart van Nederland................................................................................1
Hoofdstuk 2: De Nederlandse staat.......................................................................................................2
Hoofdstuk 3: De politiek-bestuurlijke instituties...................................................................................4
Hoofdstuk 5: De taken van de rijksoverheid........................................................................................10
Hoofdstuk 6: Middenbestuur: provincie en waterschap......................................................................11
Hoofdstuk 4: De organisatie van de rechtspraak.................................................................................12
Hoofdstuk 1: De bestuurlijke kaart van Nederland
Het openbaar bestuur -> wat is het?
Alle organisaties met 'publiekrechtelijke grondslag' behoren tot openbaar bestuur
publiekrechtelijke grondslag: het bestaan van een organisatie is wettelijk vastgelegd
(gemeente -> in de Gemeentewet)
Openbaar bestuur is het geheel van structuren en processen waarbinnen voor de
maatschappij bindende beslissingen worden genomen
Private organisatie (stichting, vereniging), maar met een publiekrechtelijke taak en
ontvangt ook overheidssubsidie -> dit kan ook (Cito bvb)
De omgeving van het openbaar bestuur -> allerlei organisaties en instituties
Overheidsbeleid wordt mede bepaald door organisaties zoals vakbonden en
milieuorganisaties -> er is meer dan alleen formeel-juridische organisatie van het
openbaar bestuur
Maatschappelijke instellingen hebben grote invloed op beslissingen die gemaakt
worden, vaak worden ze ook gefinancierd
Kenmerken Nederlands openbaar bestuur (anders dan andere landen)
, Constitutionele monarchie -> koning is het staatshoofd
Rechtsstaat -> overheid mag alleen handelen aan de hand van regels recht. Ook
beschikken burgers over grondwetten
Scheiding der machten -> wetgevend, uitvoerend en rechtsprekende macht
Scheiding van kerk en staat
Parlementair stelsel
De Nederlandse bevolking kiest geen bestuurders -> leden van de gemeenteraden en
de Provinciale Staten benoemen de wethouders en de gedeputeerden
Nederlandse kiesstelsel is gebaseerd op stelsel van 'evenredige vertegenwoordiging'
-> aantal zetels voor een partij is in overeenstemming met aanhang van die partij
onder de bevolking
Gedecentraliseerde eenheidsstraat
Veel samenwerking tussen bestuurslagen via bestuurslaagoverstijgende
samenwerkingsverbanden die al dan niet de wettelijke grondslag kennen
Functioneel bestuur: een beperkt, vastgelegd takenpakket zoals waterschap
Hoofdstuk 2: De Nederlandse staat
Vier kenmerken van een staat
1. Sprake van een specifiek grondgebied (territorium). Nederlandse staat wordt
begrensd door andere staten en door de Noordzee
2. Er is een bevolking. (Antarctica is een grondgebied zonder permanente bevolking en
dus geen staat)
3. Er is een wettelijke ordening en een bestuurlijke organisatie die de wet- en
regelgeving kan handhaven. Nederland heeft een grondwet en daarop aansluitende
wet- en regelgeving.
4. Een staat is erkend door andere staten. Een erkende staat: een soevereine staat
Staat der Nederlanden -> juridische term voor de Nederlandse overheid.
De staat is bevoegd rechtshandelingen te verrichten
Nederland maakt deel uit van het Koninkrijk der Nederlanden
Omvat ook Aruba, Curaçao en Sint-Maarten -> is niet een aaneengesloten
territorium, maar dat kan als staat.
Nederlandse koning is staatshoofd van het gehele Koninkrijk
De regering van het koninkrijk bestaat uit de koning en de Raad van Ministers (door
de koning benoemd).
Nederland is een constitutionele monarchie sinds de Grondwet in 1815
Koning is ondergeschikt aan de wet