• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 2 van de 12 pagina's
Samenvatting

Basiskennis Nederlandse taal begrippen samenvatting GECLUSTERD

Document preview thumbnail
Voorbeeld 2 van de 12 pagina's

In dit document staan de begrippen niet op alfabetische volgorde, maar is er zorgvuldig gekeken naar de connectie met andere begrippen. Per hoofdstuk worden begrippen genoemd, welken ook zeker getoetst zullen worden. Daarom kan je hier makkelijk en snel ontdekken welke begrippen bij elkaar horen. Vb. Welke betekenisrelatie is er tussen de woorden drank en wijn? A) synoniemen B) antoniemen C) Hyponiemen D) Homonienen. Het is dan wel prettig om alle 4 de woorden bij elkaar te hebben als je de verschillen van betekenis wilt vinden. Het is tijdsbesparend en hopelijk helpt het jou om de kennis van het boek snel op te pakken

Voorbeeld van de inhoud

H2. Taalonderwijs en taal
Kernwoorden Betekenissen
Ontluikende geletterdheid De ontwikkeling van de geletterdheid in de voorschoolse periode
van 0 tot 4 jaar.
Beginnende geletterdheid De ontwikkeling van de geletterdheid in de groepen 1 tot en met
3
Gevorderde geletterdheid De ontwikkeling van geletterdheid na groep 3
Aanvankelijk lezen Kinderen leren letter aan en lezen eenvoudige woorden hardop.
Speelt zich meestal af in groep 3.
Voortgezet technisch lezen Vergroten van de vaardigheid in het decoderen van teksten. Het
gaat om vlot en nauwkeurig lezen van een tekst. Niet het
begrijpen.
Begrijpend lezen Begrijpen van de tekst en achterhalen van de bedoeling
Taalbeschouwing (domein) Kinderen leren reflecteren op de taalvorm, de manier waarop
iets is verwoord en het gebruik van taal. Kinderen moeten leren
om bijzonderheden en regelmaat in de vorm van de taal te
ontdekken.
Woordenschat (domein) Aanleren van de betekenis van nieuwe woorden, uitdrukkingen
etc. Ok worden strategieën aangeleerd om achter de betekenis
van woorden te komen.
Stellen (domein) Schrijven van verschillende soorten teksten.
Spelling (domein) Correct kunnen schrijven van woorden en toepassen van de
belangrijkste spellingregels.
Communicatieve functie Taal als communicatiemiddel
Zelfhandhaving De spreker beschermt en verdedigt zichzelf
Zelfsturing De spreker ordent zijn handelen of kondigt plannen aan met
woorden.
Sturing van anderen Taal wordt gebruikt om het gedrag van anderen te beïnvloeden.
Structurering van het gesprek Taal wordt gebruikt om het gesprekverloop te beïnvloeden
Conceptualiserende functie Gebruik van taal als hulpmiddel om gedachten te ordenen en
greep te krijgen op de werkelijkheid
Rapporteren De spreker doet verslag van iets dat in de werkelijkheid voorkomt
Redeneren Een verhaal chronologisch ordenen, conclusies trekken, oorzaak
en gevolg benoemen
Projecteren De spreker probeert zich te verplaatsen in de gedachten en
gevoelens van iemand anders.
Expressieve functie Taal gebruiken om te experimenteren, om gevoelens te uiten of
iets te zeggen dat anderen niet eerder zo gezegd hebben.
Communicatieve competentie De vaardigheid om adequaat communiceren met anderen.
Grammaticale competentie De kennis van de taal en de taalregels die nodig zijn om te
communiceren.
Tekstuele competentie Het vermogen om de kennis van gesproken en geschreven
teksten te gebruiken in verschillende communicatieve situaties.
Strategische competentie Het vermogen van een taalgebruiker om strategieën te hanteren
om zo bepaalde doelen te bereiken.
Functionele competentie De vaardigheid om zich in een geletterde samenleving te kunnen
redden.

, Fonologisch niveau Het niveau van de taal dat betrekking heeft op de uitspraak van
woorden, de regels voor de volgorde van spraakklanken, de
intonatie en het woordaccent.
Morfologisch niveau Het niveau van een taal dat betrekking heeft op de opbouw van
woorden in morfemen.
Syntactisch niveau Het niveau van een taal dat betrekking heeft op de volgorde van
woorden
Semantisch niveau Het niveau van een taal dat betrekking heeft op de betekenis van
woorden en betekenisrelaties tussen woorden.
Pragmatisch niveau Het niveau van een taal dat betrekking heeft op het concrete
taalgebruik
Orthografisch niveau Het niveau van een taal dat betrekking heeft op de spelling van
woorden en de interpunctie.
Recursief systeem Zinnen kunnen onbeperkt uitgebreid worden: “Ik vermoed dat hij
liegt” en “Hij liegt”.


H3. Mondelinge taalvaardigheid
Kernwoorden Betekenissen
Creatieve constructietheorie Kinderen beschikken over een aangeboren taalvermogen
waarmee ze op creatieve manier zinnen kunnen bouwen.
Interactionele benadering Taalaanbod van de omgeving en interactie tussen kind en andere
moedertalsprekers is belangrijk om de taal te leren
Prelinguale fase Fase voordat het kind zijn eerste woordjes spreekt (van 0 tot 1)
Huilen De baby geeft signalen naar de buitenwereld d.m.v. huilen
Vocaliseren De baby produceert klinkers of vocalen. Ontdekt de klank van de
taal en oefent zijn spraakmechanisme
Vocaal spel De baby experimenteert met klanken, zowel klinkers als
medeklinkers
Brabbelen De baby produceert klankgroepen zoals dadada, bababa,
mamama. De klanken worden aangepast aan de moedertaal
Linguale fase Taalontwikkeling na eerste levensjaar waarin een kind woorden
en zinnen als communicatiemiddel gebruikt.
Vroeglinguale fase Bestaat uit de éénwoordzin, de tweewoordzin en de
meerwoordszin (1 tot 2½ jaar)
Differentiatiefase Taalontwikkeling wordt op alle niveaus van de taal veel
gedifferentieerd. Woordenschat breidt flink uit (2½ tot 5 jaar)
Voltooiingsfase Alle eerdere processen worden verder uitgebouwd. Aan het eind
beheerst het kind de taal op dezelfde manier als een volwassene.
Alleen een groot verschil in woordenschat (5 tot 9 jaar).
Simultane tweetaligheid Kinderen hebben voor hun 3e levensjaar gelijktijdig 2 of meer
talen aangeleerd.
Successieve tweetaligheid Een tweede taal wordt aangeleerd na het 3e levensjaar. Je eert
de tweede taal altijd met je kennis van de eerste taal.
Interferentiefout Fouten die voortkomen uit de verschillen tussen de eerste en de
tweede taal.

Gekoppeld boek
 image
Henk Huizenga, Robbe Basiskennis taalonderwijs
Uitgever: 26-04-2013 ISBN: 9789001822965 Druk: 1

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
26 september 2024
Aantal pagina's
12
Geschreven in
2020/2021
Type
Samenvatting
€3,49

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
1
Laatst verkocht
-

Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen