Atomen en moleculen
Verschillende stoffen
H: Waterstof 1 binding
O: Zuurstof 2 bindingen
N: Stikstof 3 bindingen
C: koolstof 4 bindingen
S: zwavel
Atoomnummer
Het atoomnummer geeft aan hoeveel protonen in een atoom zitten. Een atoom (kleins mogelijke
deeltje) is opgebouwd uit protonen, neutronen en elektronen In de kern zitten de protonen en
neutronen, in de schil de elektronen. Een elektron is een negatief geladen deeltje en een proton een
positief geladen deeltje. Zie plaatje:
Het atoomnummer geeft aan hoeveel protonen in een atoom zitten.
Massagetal
Het massa getal zijn het aantal protonen en neutronen bij elkaar opgeteld. Dat komt omdat alleen
deze twee massa bevat, een elektron heeft geen massa.
Isotopen
Isotopen hebben hetzelfde atoomnummer maar een ander massagetal. Dit komt omdat er niet altijd
even veel neutronen als protonen in de kern zitten. Let op! Het aantal protonen blijft altijd gelijk, het
verschil zit hem in de neutronen. Neem bijvoorbeeld koolstof. Koolstof heeft altijd 6 protonen maar
kan ook 7 neutronen hebben, dan is het massagetal 6 + 7= 13. Dit noem je dan een isotoop.
positief en negatief geladen ionen
Een atoom waarbij een elektron mist of er één teveel zit noem je een ion. De eigenschap van een ion
is dus dat hij een elektron kan opnemen of afstaan, heirdoor kan hij stroom geleiden.
,Positief een ion is positief als hij een elektron afstaat. Dan heeft hij dus meet positieve
deeltjes dan negatieve.
Negatief Een ion is negatief wanneer hij een elektron opneemt. Dan heeft hij dus meer
negatieve dan positieve deeltjes.
Molecuul
Meerde atomen aan elkaar verbonden.
, • bio-organische chemie
Ons eten bestaat uit moleculen, de moleculen die in levende dingen voorkomen noemen we
organische-moleculen. Deze moleculen kun je herkennen aan het feit dat er altijd koolstof atomen in
zitten.
Alkanen (verbindingen tussen waterstof en koolstof)
Alkanen zijn kwa molecuul structuur de beginselen van bijna al ons voeding. Er kunnen verschillende
groepen aanzitten en dat kenmerkt weer een bepaalde stof. Maar eerst gaan we uit van de basis en
die moet je uit je hoofd weten. Dit zijn koolwaterstof verbindingen die ‘verzadigd zijn’ dit wil zeggen
dat aan elke bindings plaats van de atoom ook echt een ander atoom zit.
Hier komen ze: (deze moet je kennen)
Verschillende stoffen
H: Waterstof 1 binding
O: Zuurstof 2 bindingen
N: Stikstof 3 bindingen
C: koolstof 4 bindingen
S: zwavel
Atoomnummer
Het atoomnummer geeft aan hoeveel protonen in een atoom zitten. Een atoom (kleins mogelijke
deeltje) is opgebouwd uit protonen, neutronen en elektronen In de kern zitten de protonen en
neutronen, in de schil de elektronen. Een elektron is een negatief geladen deeltje en een proton een
positief geladen deeltje. Zie plaatje:
Het atoomnummer geeft aan hoeveel protonen in een atoom zitten.
Massagetal
Het massa getal zijn het aantal protonen en neutronen bij elkaar opgeteld. Dat komt omdat alleen
deze twee massa bevat, een elektron heeft geen massa.
Isotopen
Isotopen hebben hetzelfde atoomnummer maar een ander massagetal. Dit komt omdat er niet altijd
even veel neutronen als protonen in de kern zitten. Let op! Het aantal protonen blijft altijd gelijk, het
verschil zit hem in de neutronen. Neem bijvoorbeeld koolstof. Koolstof heeft altijd 6 protonen maar
kan ook 7 neutronen hebben, dan is het massagetal 6 + 7= 13. Dit noem je dan een isotoop.
positief en negatief geladen ionen
Een atoom waarbij een elektron mist of er één teveel zit noem je een ion. De eigenschap van een ion
is dus dat hij een elektron kan opnemen of afstaan, heirdoor kan hij stroom geleiden.
,Positief een ion is positief als hij een elektron afstaat. Dan heeft hij dus meet positieve
deeltjes dan negatieve.
Negatief Een ion is negatief wanneer hij een elektron opneemt. Dan heeft hij dus meer
negatieve dan positieve deeltjes.
Molecuul
Meerde atomen aan elkaar verbonden.
, • bio-organische chemie
Ons eten bestaat uit moleculen, de moleculen die in levende dingen voorkomen noemen we
organische-moleculen. Deze moleculen kun je herkennen aan het feit dat er altijd koolstof atomen in
zitten.
Alkanen (verbindingen tussen waterstof en koolstof)
Alkanen zijn kwa molecuul structuur de beginselen van bijna al ons voeding. Er kunnen verschillende
groepen aanzitten en dat kenmerkt weer een bepaalde stof. Maar eerst gaan we uit van de basis en
die moet je uit je hoofd weten. Dit zijn koolwaterstof verbindingen die ‘verzadigd zijn’ dit wil zeggen
dat aan elke bindings plaats van de atoom ook echt een ander atoom zit.
Hier komen ze: (deze moet je kennen)