Boek: Heireman
Cijfers
→ 50% van huwelijken is een hertrouw voor minstens 1 van beide partners
→ 1/10 gezinnen is stiefgezin, 1/12 kids leeft in stiefgezin
→ Steeds meer nieuw-samengestelde gezinnen
→ Beste tijd voor hertrouwen is voor 10e levensjaar en na 16e
Nieuw-samengestelde/stiefgezinnen
= een gezin met een kind dat maar met 1 van de volwassen partners een biologische
band heeft
→ Zijn veel verschillende combo’s van mogelijk
→ Maar 15% stiefmoedergezinnen
- Meer stress in stiefmoedergezinnen dan in stiefvadergezinnen
Simpel samengesteld: kids zijn afkomstig van 1 partner
Complex samengesteld: waarin beide partners kids hebben uit een vorige relatie,
plus eventueel samen nog kids
In NL kan een stiefouder de status “zorgouder” krijgen
Psychosociale aspecten
Verlies van vroegere gezinssituatie, overgangsproces en integratie in
nieuw-samengesteld gezin vraagt gem. 5-7 jaar tijd
- Eerste twee jaar kritieke fase
● Weinig emotionele binding
Loyaliteitsconflicten: komen vaak voor in stiefgezinnen
- Als kind een goede relatie krijgt met stiefouder, kan een kind dit als verraad
aan eigen ouder beschouwen
- Aan de andere kant kan een kind, vanuit de wens zijn ouders te herenigen, de
stiefouder proberen tegen te werken
- Sommige kids zijn loyaal aan beide ouders
- Kunnen ook loyaal zijn aan stiefouder
- Kiezen vaak voor eigen voordeel
→ Niet alleen kids kunnen dit krijgen, ouders ook!; voelen zich schuldig t.o.v. hun
kids
→ Hoe beter de verschillende ouderfiguren overeenkomen en vlot met elkaar
omgaan, hoe minder loyaliteitsconflicten de kids ervaren!
, Gezagsconflicten & grensproblemen: de kids zijn lid van twee gezinnen met
ieder eigen waarden en normen. Dit kan tot conflicten leiden, zeker als de ene ouder
zich blijft ergeren aan de waarden/normen in het andere gezin en als het kind zich
niet kan of wil aanpassen aan de regels van het nieuwe gezin
- Het vinden van je eigen identiteit binnen het stiefgezin en het functioneren
ervan zal het beste zijn als de nieuwe volwassen partners zich zoveel mogelijk
richten op hun nieuwe eigen gezin, afgescheiden van, maar in goede
verstandhouding met het andere gezin
Ook kunnen stiefouders te snel de ouderlijke rol op zich nemen of ze dringen hun
liefde op aan de nieuwe kids
- Kunnen gespannen situaties door ontstaan
- Beste om ouderlijke rol langzaam en gradueel op te nemen
Stiefbroers & stiefzussen: soms klikt het niet en vaak krijgen de kids een andere
positie in de kinderrij (bijv. niet langer de oudste). Ook betekent de komst van
stiefbroers- of zussen een verdeling van aandacht & tijd, en middelen v/d ouders
- Kan zowel goed of slecht uitpakken tussen stiefbroers- en zussen. Verschilt
gewoon per situatie
- Enige kids zijn vaak blij met stiefzus- of broer en de geboorte van een nieuwe
baby bevordert vaak de integratie binnen het stiefgezin (kan ook probs
meebrengen als het gezin nog geen evenwicht heeft gevonden, of door minder
aandacht)
Sociale veranderingen: netwerk van kind wordt uitgebreid met de kids, familie en
vriendenkring van stiefouder. Financieel vaak ook wat ruimer in stiefgezin dan in
eenoudergezin
- Toch vinden kids vaak verhuizen of het heen en weer gaan tussen huizen niet
fijn
- 25% v/d grootouders zijn stiefgrootouder
Achtergronden
Taken van het stiefgezin:
1. Een bevredigende partnerrelatie uitbouwen
2. De stiefouder integreren
3. Een eigen gezinsidentiteit ontwikkelen; d.m.v. installeren van oude en nieuwe
familierituelen
4. Een min of meer stabiele omgang ontwikkelen met de andere niet-inwonende
ouder
Ontwikkeling van stiefgezin naar volgende gezintypen:
a. Neotraditioneel: benadert het patroon van een kerngezin het meeste