Staatsrecht videoclips
Bijeenkomst 1. De internationale rechtsorde en de nationale
rechtsorde
Videoclip: Verdragen
Fases:
1) Internationaal reguleert de regels.
a. Onderhandelingen (tussen 2 staten = bilateraal, of groepen = multilateraal).
b. Sluiting /ondertekening (tekst van verdrag komt vast te staan, onderhandelingen zijn
afgesloten). Nog geen directe rechtsgevolgen.
2) Nationaal
a. Goedkeuring(s-wet) bepaalt door de Grondwet. Toestemming geven. 3 Procedures:
i. Uitzonderingsgevallen: geen goedkeuring art. 7 Rgbv.
ii. Stilzwijgende goedkeuring: art. 91 Grondwet.
iii. Rijkswet goedkeuring verdragen art. 5, reguliere procedure van goedkeuring
bij wet.
3) Internationaal
a. Ratificatie (art. 16 Verdragenverdrag). Nederland wilt zich binden tot het verdrag.
Dan gebonden aan verdrag/
b. Inwerkingtreding (art. 24 Verdragenverdrag). Geregeld door specifieke verdrag zelf.
Multilateraal: nadat een aantal staten het verdrag geratificeerd hebben, kan ook zijn
dat verdrag bepaalt dat alle staten geratificeerd moeten hebben. Kijken in verdrag
zelf.
Pacta sunt servanda
- Hoofdregel is dat verdragen dienen te worden nagekomen. Art. 26 Verdragenverdrag goede
trouw moeten worden ten uitvoer gelegd.
- Nationaal recht mag geen excuus zijn voor niet naleving (art. 27 VV).
- Regels over uitlegging verdragen (art. 31 VV)
Specifieke zaken
- Voorbehouden (art. 19 VV). In overeenstemming met verdrag. Betekent op bepaalde punten
een uitzondering maakt op de werking van het verdrag.
- Afwijking van de Grondwet (art. 91(3) GW). Verdrag moet dan worden goedgekeurd en 2/3
meerderheid (gelijk bij grondwetsherziening).
- Voorlopige toepassing (art. 25 VV). Ook de Rgbv. Toegepast voordat het in werking is
getreden.
- Opzegging /beëindiging (deel IV en V Verdragenverdrag).
, Videoclip: Verdragen en de nationale rechtsorde
1. Onderhandelen /goedkeuring /bekrachtiging: mandaat /wie? Conform nationaal
constitutioneel recht.
2. Na inwerkingtreden: internationaal recht regelt de binding, interpretatie en (niet)naleving.
3. Verdrag is een internationaal contract.
Kan een verdrag ook gevolgen in de nationale rechtsorde hebben? Hangt af van nationaal
constitutioneel recht af.
Twee opvattingen /praktijken:
Monisme internationaal recht en nationaal recht zijn een rechtsorde; internationaal recht maakt
vanzelf deel uit van de nationale rechtsorde.
Nederland: art. 93 GW, bepalingen maken deel uit van Nederlandse rechtsorde.
Dualisme internationaal recht en nationaal recht zijn twee gescheiden rechtsordes. Internationaal
recht werk alleen nationaal na transformatie. Internationale verdragstekst omzetten in een nationale
wettekst niet doorwerking verdrag maar doorwerking van de wet.
Engelse rechtsorde: waarbij verdragen worden gesloten door de regering, louter de internationale
praktijk betreffen en niet doorwerken in het nationaal recht. EVRM lang geen effect bij de rechter,
omdat dit een verdrag was en niet getransformeerd was in een wet
Wat als er strijd is tussen een verdragsbepaling en andere regels van nationaal recht, wat dan? Wat is
de status van die internationale regel?
- Dualisme: getransformeerde regel krijgt de status van wet, dus de status krijgt van een wet,
dan zijn de regels van nationaal recht hiërarchie van toepassing.
- Monisme: vraag naar doorwerking naar voorrang en hiërarchie: art. 94 Grondwet. Daar
wordt bepaald welke plaats een ieder verbindende bepaling innemen in de nationale
hiërarchie van regels innemen. Internationaal boven nationaal.
Artikel 94 Grondwet geldt niet voor alle verdragen en niet voor alle besluiten van internationale
organisaties. Voorrang is er voor een ieder verbindende bepaling en de doorwerking in de nationale
rechtsorde is er voor een ieder verbindende bepaling.
- Werking voor een ieder verbindende bepalingen bepalingen die zonder nader ingrijpen van
de wetgever rechten kunnen geven aan de burger (grondrechten met individuele
mensenrechten, vrijheid van meningsuiting etc). Burgers kunnen rechtstreeks rechten
ontlenen aan deze bepalingen.
- Voorrang boven wet en grondwet bepalingen uit het EVRM algemeen aanvaard wordt dat
er sprake is van een ieder verbindende bepaling, die kunnen worden ingeroepen door de
burger bij de rechter en die door de rechter kunnen worden toegepast. En die toepassing
houdt dan in dat die bepalingen voorrang kunnen krijgen indien er strijd is met nationaal
recht, dat die bepalingen voorrang kunnen en moeten krijgen boven algemeen verbindende
voorschriften.
Bijeenkomst 1. De internationale rechtsorde en de nationale
rechtsorde
Videoclip: Verdragen
Fases:
1) Internationaal reguleert de regels.
a. Onderhandelingen (tussen 2 staten = bilateraal, of groepen = multilateraal).
b. Sluiting /ondertekening (tekst van verdrag komt vast te staan, onderhandelingen zijn
afgesloten). Nog geen directe rechtsgevolgen.
2) Nationaal
a. Goedkeuring(s-wet) bepaalt door de Grondwet. Toestemming geven. 3 Procedures:
i. Uitzonderingsgevallen: geen goedkeuring art. 7 Rgbv.
ii. Stilzwijgende goedkeuring: art. 91 Grondwet.
iii. Rijkswet goedkeuring verdragen art. 5, reguliere procedure van goedkeuring
bij wet.
3) Internationaal
a. Ratificatie (art. 16 Verdragenverdrag). Nederland wilt zich binden tot het verdrag.
Dan gebonden aan verdrag/
b. Inwerkingtreding (art. 24 Verdragenverdrag). Geregeld door specifieke verdrag zelf.
Multilateraal: nadat een aantal staten het verdrag geratificeerd hebben, kan ook zijn
dat verdrag bepaalt dat alle staten geratificeerd moeten hebben. Kijken in verdrag
zelf.
Pacta sunt servanda
- Hoofdregel is dat verdragen dienen te worden nagekomen. Art. 26 Verdragenverdrag goede
trouw moeten worden ten uitvoer gelegd.
- Nationaal recht mag geen excuus zijn voor niet naleving (art. 27 VV).
- Regels over uitlegging verdragen (art. 31 VV)
Specifieke zaken
- Voorbehouden (art. 19 VV). In overeenstemming met verdrag. Betekent op bepaalde punten
een uitzondering maakt op de werking van het verdrag.
- Afwijking van de Grondwet (art. 91(3) GW). Verdrag moet dan worden goedgekeurd en 2/3
meerderheid (gelijk bij grondwetsherziening).
- Voorlopige toepassing (art. 25 VV). Ook de Rgbv. Toegepast voordat het in werking is
getreden.
- Opzegging /beëindiging (deel IV en V Verdragenverdrag).
, Videoclip: Verdragen en de nationale rechtsorde
1. Onderhandelen /goedkeuring /bekrachtiging: mandaat /wie? Conform nationaal
constitutioneel recht.
2. Na inwerkingtreden: internationaal recht regelt de binding, interpretatie en (niet)naleving.
3. Verdrag is een internationaal contract.
Kan een verdrag ook gevolgen in de nationale rechtsorde hebben? Hangt af van nationaal
constitutioneel recht af.
Twee opvattingen /praktijken:
Monisme internationaal recht en nationaal recht zijn een rechtsorde; internationaal recht maakt
vanzelf deel uit van de nationale rechtsorde.
Nederland: art. 93 GW, bepalingen maken deel uit van Nederlandse rechtsorde.
Dualisme internationaal recht en nationaal recht zijn twee gescheiden rechtsordes. Internationaal
recht werk alleen nationaal na transformatie. Internationale verdragstekst omzetten in een nationale
wettekst niet doorwerking verdrag maar doorwerking van de wet.
Engelse rechtsorde: waarbij verdragen worden gesloten door de regering, louter de internationale
praktijk betreffen en niet doorwerken in het nationaal recht. EVRM lang geen effect bij de rechter,
omdat dit een verdrag was en niet getransformeerd was in een wet
Wat als er strijd is tussen een verdragsbepaling en andere regels van nationaal recht, wat dan? Wat is
de status van die internationale regel?
- Dualisme: getransformeerde regel krijgt de status van wet, dus de status krijgt van een wet,
dan zijn de regels van nationaal recht hiërarchie van toepassing.
- Monisme: vraag naar doorwerking naar voorrang en hiërarchie: art. 94 Grondwet. Daar
wordt bepaald welke plaats een ieder verbindende bepaling innemen in de nationale
hiërarchie van regels innemen. Internationaal boven nationaal.
Artikel 94 Grondwet geldt niet voor alle verdragen en niet voor alle besluiten van internationale
organisaties. Voorrang is er voor een ieder verbindende bepaling en de doorwerking in de nationale
rechtsorde is er voor een ieder verbindende bepaling.
- Werking voor een ieder verbindende bepalingen bepalingen die zonder nader ingrijpen van
de wetgever rechten kunnen geven aan de burger (grondrechten met individuele
mensenrechten, vrijheid van meningsuiting etc). Burgers kunnen rechtstreeks rechten
ontlenen aan deze bepalingen.
- Voorrang boven wet en grondwet bepalingen uit het EVRM algemeen aanvaard wordt dat
er sprake is van een ieder verbindende bepaling, die kunnen worden ingeroepen door de
burger bij de rechter en die door de rechter kunnen worden toegepast. En die toepassing
houdt dan in dat die bepalingen voorrang kunnen krijgen indien er strijd is met nationaal
recht, dat die bepalingen voorrang kunnen en moeten krijgen boven algemeen verbindende
voorschriften.