100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Inleiding in het Nederlandse recht H8

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
5
Geüpload op
24-06-2023
Geschreven in
2022/2023

Inleiding in het Nederlandse recht hoofdstuk 8.










Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
8
Geüpload op
24 juni 2023
Aantal pagina's
5
Geschreven in
2022/2023
Type
Samenvatting

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

Hoofdstuk 8. Overeenkomstenrecht

In de overeenkomst speel de verbintenis een centrale rol. Bij het aangaan van een overeenkomst
vestigen partijen meestal wederzijds rechten en plichten. Deze noemen we verbintenissen.

1. De obligatoire overeenkomst

Dit is de belangrijkste categorie overeenkomsten. Dat is de overeenkomst waarbij partijen een of
meer verbintenissen doen ontstaan. Een voorbeeld van een obligatoire overeenkomst is een
arbeidsovereenkomst. De werkgever is verplicht loon te betalen en de werknemer verplicht arbeid te
verrichten.

Wederkerige en eenzijdige overeenkomsten

Een obligatoire overeenkomst kan wederkerig of eenzijdig zijn. Uit een wederkerige overeenkomst
vloeien tussen partijen over en weer verplichtingen ofwel verplichtingen voort.

Art. 6:261 lid 1 BW: een overeenkomst is wederkerig, indien elk van beide partijen een verbintenis op
zich neemt ter verrijking van de prestaties waartoe de wederpartij zich daartegenover jegens haar
verbindt.

Een eenzijdige overeenkomst wordt weliswaar ook tussen twee partijen gesloten, maar hij bevat
slecht een verbintenis/verplichting. Een voorbeeld hiervan is de schenkingsovereenkomst.

Benoemde en onbenoemde overeenkomsten

Benoemde overeenkomsten zijn de obligatoire overeenkomsten die in de wet nader zijn geregeld.
Voorbeelden: koop, pacht, schenking. Op de onbenoemde overeenkomsten zijn alleen de algemene
bepalingen inzake overeenkomsten in boek 6 BW (te beginnen met 6:213 BW) van toepassing.

Consensuele en formele overeenkomsten

Voor de rechtsgeldige totstandkoming van een overeenkomst is het meestal al voldoende dat partijen
het over de overeenkomst eens zijn. Er is dat sprake van wilsovereenstemming oftewel consensus.
Zo’n overeenkomst noemen we daarom een consensuele overeenkomst. De meeste overeenkomsten
uit het vermogensrecht zijn consensueel. Bij formele overeenkomsten geldt dat voor hun
totstandkoming wilsovereenstemming niet voldoende is. Zij komen pas rechtsgeldig tot stand als ook
nog aan een bepaald vormvereiste is voldaan, vaak is dat een schriftelijk ondertekend stuk (akte).

2. De totstandkoming van overeenkomsten

Volgens art. 6:217 lid 1 BW komt een overeenkomst tussen partijen tot stand door een aanbod van
de ene partij en de aanvaarding daarvan door de wederpartij. Het geheel wordt
wilsovereenstemming genoemd. Aanbod en aanvaarding zijn allebei rechtshandelingen, want ze
beogen daarmee een rechtsgevolg. Aanbod en aanvaarding moeten aan anderen kenbaar worden
gemaakt (art. 3:33 BW).

2.1 Het aanbod

Degene die een aanbod doet tot het aangaan van een overeenkomst maakt zijn wil daartoe aan
anderen kenbaar. Een aanbod kan worden herroepen (art. 6:219 BW). In sommige gevallen echter is
een aanbod door de erin gestelde termijn of uit zijn aard onherroepelijk (bijv. een advertentie in een
krant).

, 2.2 Wil en verklaring, schijn en vertrouwen

Het komt nogal eens voor dat de wil van de aanbieder niet overeenkomt met zijn verklaring
(art. 3:35 BW). Bijv. een vergissing, misverstand verspreking. Als iemand echter iets verklaart dat niet
met zijn wil overeenstemt is er een probleem: zijn verklaring wekt de schijn dat hij iets bepaalds wil,
terwijl hij innerlijk iets anders wil.

Wie in gerechtvaardigd vertrouwen is afgegaan op de verklaring van een ander, wordt onder een
aantal voorwaarden wettelijk beschermd als blijkt dat bij die ander wil en verklaring niet meer met
elkaar overeenstemden (vertrouwensleer).

2.3 De wilsgebreken

Bij wilsgebreken stemmen wil en verklaring wel met elkaar overeen, maar met de wil zelf is iets aan
de hand: de wil is gebrekkig tot stand gekomen. Het belangrijkste gevolg van het feit dat een
rechtshandeling onder invloed van een wilsgebrek is verricht, is dat de rechtshandeling daardoor
vernietigbaar is geworden.

Het BW kent 4 wilsgebreken: bedreiging, bedrog, misbruik van omstandigheden en dwaling.

Dwaling art. 6:228 BW
Bij dwaling is er sprake van een verkeerde voorstelling van zaken. Als bij beide of een van beide
partijen sprake is geweest van een onjuiste voorstelling van zaken.
3 vereisten: 1: Iemand heeft gedwaald (vergist)
2: de persoon zou de overeenkomst niet zijn aangegaan als hij een juiste voorstelling had van zaken.
Alleen sprake als gedwaald werd over een essentiële eigenschap van het goed.
3: Beroep op dwaling kan alleen in de gevallen omschreven in art. 6:228 BW: de wederpartij gaf
verkeerde inlichtingen, de wederpartij zweeg ten onrechte, beide partijen hebben gedwaald.

Bedrog art. 3:44 lid 3 BW
Het dicht bij de dwaling ligt het wilsgebrek bedrog. Bij bedrog is er opzet in het spel in tegenstelling
tot dwaling. De bedriegende partij doet bij haar wederpartij willens en wetens een onjuiste
voorstelling van zaken door het toepassen van een zogenoemde kunstgreep. De wet noemt 2
voorbeelden: 1: De opzettelijke onjuiste mededeling (leugen) 2: het opzettelijk verzwijgen van een
feit dat de verzwijger verplicht was mee te delen.

Bedreiging art. 3:44 lid 2 BW
Onder bedreiging wordt verstaan het uitoefenen van psychische dwang waardoor de wil wordt
beïnvloed. De wet eist dat voor dit wilsgebrek dat bedreigd wordt met nadeel in persoon of goed. De
bedreiging moet onrechtmatig zijn, daaronder valt dus niet het dreigen met legale middelen zoals
een deurwaarder. Voor een beroep op bedreiging eist lid 2 dat de bedreiging zodanig moet zijn ‘dat
een redelijk oordelend mens daardoor kan worden beïnvloed (objectief criterium).

Misbruik bij omstandigheden art. 3:44 lid 4 BW
Dit wilsgebrek komt erop neer dat men door gebruik te maken van de bijzondere omstandigheden
waarin de wederpartij zich bevindt, die wederpartij brengt tot het verrichten van een rechtshandeling
die zij, zo zij niet in die omstandigheden had verkeerd, niet zou hebben verricht. (je mag geen
misbruik maken van de bijzondere omstandigheden van de wederpartij).
€3,49
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
rienkboerema

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Inleiding in het Nederlandse recht
-
6 2023
€ 20,94 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
rienkboerema NHL Stenden Hogeschool
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
0
Lid sinds
2 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
6
Laatst verkocht
-

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen