Doel: bescherming rechtsorde (veiligheid en rust) – doel bereiken door straffen opleggen.
Strafbepaling: verboden gedraging waarop bij overtreding straf is gesteld.
Waarom dader gestraft:
- Vergelding
- Voorkomen van eigenrichting
- Preventie: generale en speciale preventie
- Resocialisatie
SR omschrijving:
- Verboden gedragingen (legaliteitsbeginsel: art. 1 WvSr)
- Bevoegdheden politie en justitie
- Gang van zaken tijdens rechtszaak
- Straffen en maatregelen die worden opgelegd
Rechtsbronnen SR:
- Materieel: Sr + bijzondere wetten – wat is strafbaar gedrag en welke straf: misdrijven en
overtredingen
- Formeel: Sv – hoe verloopt opsporing en vervolging en hoe verloopt terechtzitting
(strafproces)
Strafbronnen:
- Algemene strafwetten: Sr en Sv
- Bijzondere wetten in het strafrecht: WWM, Opw, WED, WVW en lagere wetten –
gemeenteverordening
- Jurisprudentie
- Internationale verdragen
NL Sr geldt voor:
- Iedereen op NL grondgebied (territorialiteitsbeginsel)
- Iedereen aan boord NL vliegtuig of vrachtschip
- Universaliteitsbeginsel (internationaal belang)
- Bepaalde feiten gepleegd door Nederlander
, Strafbepaling bestaat uit:
- Delictsomschrijving
- Kwalificatie (juridische naam)
- Sanctienorm (welke maximumstraf)
Aan alle bestandsdelen moet voldaan daarnaast moet gedrag wederrechtelijk zijn en de dader
schuldig.
Wederrechtelijk: gedrag in strijd met wet
Schuld: verwijtbaar, omdat de dader bedoeling had om daad te plegen of slordig
- Schuld met opzet: oogmerk (met voorbedachten rade), noodzakelijkheidsbewustzijn,
voorwaardelijk
- Schuld in enige zin: per ongeluk
Gekwalificeerd: aanwezigheid strafverzwarende omstandigheden
Verschil afpersingen en diefstal: bij afpersing geeft slachtoffer door geweld gedwongen zijn geld of
goederen zelf af aan dader en bij diefstal neemt de dader het weg
Dader krijgt nog geld is het dan nog steeds afpersing? Ja, het doet er niet toe. Geen geweld.
Verschil chantage en afpersing: middel die dader gebruikt. Geen geweld, maar dreigen om iets
bekend te maken wat slachtoffer verborgen wilt houden (afdreiging). Kunnen ook leugens zijn
(smaad).
Klachtdelict: delict dat OM mag vervolgen als slachtoffer klacht indient – aangifte met verzoek om
vervolging. Waarom? Slachtoffer loopt risico dat geheimen in publiciteit komen.
Verschil verduistering en diefstal: dader heeft geld of goed op nette manier ‘onder zich’. Geleend,
maar niet teruggegeven. Hij gaat zich als eigenaar gedragen.
Bedrog:
- Aannemen valse naam
- Aannemen valse hoedanigheid
- Listige kunstgrepen (trucs)
- Samenweefsel verdichtsels (verhaal vol leugens)
Uitzonderingen strafbepaling:
- Poging (uitvoering mislukt): opzet, begin van uitvoering en niet uit vrije gestaakt. Poging tot
misdrijf – tweede derde van straf. Poging tot overtreding – niet strafbaar
- Strafbare voorbereiding
- Deelneming: medeplegen, uitlokken, doen plegen en medeplichtig zijn
Baldadigheid: onbezonnenheid (het gaat om plezier in daad zelf, er wordt niet gedacht aan gevolgen)
Strafuitsluitingsgronden: je hebt het wel gedaan, maar je krijgt geen straf
- Rechtvaardigingsgronden (feit is niet strafbaar)
- Schulduitsluitingsgronden (dader niet strafbaar
Strafbepaling: verboden gedraging waarop bij overtreding straf is gesteld.
Waarom dader gestraft:
- Vergelding
- Voorkomen van eigenrichting
- Preventie: generale en speciale preventie
- Resocialisatie
SR omschrijving:
- Verboden gedragingen (legaliteitsbeginsel: art. 1 WvSr)
- Bevoegdheden politie en justitie
- Gang van zaken tijdens rechtszaak
- Straffen en maatregelen die worden opgelegd
Rechtsbronnen SR:
- Materieel: Sr + bijzondere wetten – wat is strafbaar gedrag en welke straf: misdrijven en
overtredingen
- Formeel: Sv – hoe verloopt opsporing en vervolging en hoe verloopt terechtzitting
(strafproces)
Strafbronnen:
- Algemene strafwetten: Sr en Sv
- Bijzondere wetten in het strafrecht: WWM, Opw, WED, WVW en lagere wetten –
gemeenteverordening
- Jurisprudentie
- Internationale verdragen
NL Sr geldt voor:
- Iedereen op NL grondgebied (territorialiteitsbeginsel)
- Iedereen aan boord NL vliegtuig of vrachtschip
- Universaliteitsbeginsel (internationaal belang)
- Bepaalde feiten gepleegd door Nederlander
, Strafbepaling bestaat uit:
- Delictsomschrijving
- Kwalificatie (juridische naam)
- Sanctienorm (welke maximumstraf)
Aan alle bestandsdelen moet voldaan daarnaast moet gedrag wederrechtelijk zijn en de dader
schuldig.
Wederrechtelijk: gedrag in strijd met wet
Schuld: verwijtbaar, omdat de dader bedoeling had om daad te plegen of slordig
- Schuld met opzet: oogmerk (met voorbedachten rade), noodzakelijkheidsbewustzijn,
voorwaardelijk
- Schuld in enige zin: per ongeluk
Gekwalificeerd: aanwezigheid strafverzwarende omstandigheden
Verschil afpersingen en diefstal: bij afpersing geeft slachtoffer door geweld gedwongen zijn geld of
goederen zelf af aan dader en bij diefstal neemt de dader het weg
Dader krijgt nog geld is het dan nog steeds afpersing? Ja, het doet er niet toe. Geen geweld.
Verschil chantage en afpersing: middel die dader gebruikt. Geen geweld, maar dreigen om iets
bekend te maken wat slachtoffer verborgen wilt houden (afdreiging). Kunnen ook leugens zijn
(smaad).
Klachtdelict: delict dat OM mag vervolgen als slachtoffer klacht indient – aangifte met verzoek om
vervolging. Waarom? Slachtoffer loopt risico dat geheimen in publiciteit komen.
Verschil verduistering en diefstal: dader heeft geld of goed op nette manier ‘onder zich’. Geleend,
maar niet teruggegeven. Hij gaat zich als eigenaar gedragen.
Bedrog:
- Aannemen valse naam
- Aannemen valse hoedanigheid
- Listige kunstgrepen (trucs)
- Samenweefsel verdichtsels (verhaal vol leugens)
Uitzonderingen strafbepaling:
- Poging (uitvoering mislukt): opzet, begin van uitvoering en niet uit vrije gestaakt. Poging tot
misdrijf – tweede derde van straf. Poging tot overtreding – niet strafbaar
- Strafbare voorbereiding
- Deelneming: medeplegen, uitlokken, doen plegen en medeplichtig zijn
Baldadigheid: onbezonnenheid (het gaat om plezier in daad zelf, er wordt niet gedacht aan gevolgen)
Strafuitsluitingsgronden: je hebt het wel gedaan, maar je krijgt geen straf
- Rechtvaardigingsgronden (feit is niet strafbaar)
- Schulduitsluitingsgronden (dader niet strafbaar