Hoofdstuk 9 Besluitvorming in organisaties
9.1 Kenmerken van problemen
Om iets meer te kunnen begrijpen van de moeilijkheden waarmee mensen in
overlegsituaties te maken kunnen krijgen, is het nodig om te beschrijven uit welke dimensies
problemen bestaan en met wat voor type problemen mensen in organisaties te maken
hebben.
9.1.1. Eenvoud en complexiteit
Eenvoudig probleem = bijvoorbeeld ziekte uitval. Gemakkelijk op te lossen.
Eenvoudige problemen die regelmatig optreden, worden meestal volgens een vaste
procedure aangepakt en opgelost. Men gaat dan routinematig te werk.
Complex probleem: vaak is het management bij complexe problemen nooit eerder met het
probleem geconfronteerd. Ze kunnen dan niet terugvallen op eerdere ervaringen en is er
geen routinematige aanpak mogelijk.
9.1.2. Zekerheid en onzekerheid
Bij sommige problemen is met grote zekerheid vast te stellen welke manier van aanpak zal
leiden tot de oplossing van het probleem.
9.1.3. Gelijke en tegenstrijdige belangen
Bij de oplossing van bijvoorbeeld het ziekteverzuimprobleem gaat het om gelijke belangen,
de teamleden willen allemaal hetzelfde bereiken. Tegenstrijdige belangen spelen een rol als
bijvoorbeeld een medewerker een betere positie krijgt d.m.v. het oplossen van het probleem.
9.1.4. Typen problemen
Drie dimensies waarmee de aard van de problemen in organisaties een rol spelen zijn:
• Eenvoudig versus complexiteit,
• Zekerheid versus onzekerheid,
• Gelijke belangen versus tegenstrijdige belangen.
Gemakkelijke problemen zijn problemen die eenvoudig
zijn, met zekerheid zijn op te lossen en waarbij gelijke
belangen aanwezig zijn.
Moeilijke problemen zijn problemen die complex zijn,
waarvan onzeker is hoe ze opgelost moeten worden en
waarbij verschillen in belangen een rol spelen.
9.2 Gebieden van besluitvorming in organisaties
Keuning en Eppink stellen dat het management op drie
gebieden van organiseren actief moet zijn:
• De externe afstemming,
• De structurering,
• De interne afstemming
1
9.1 Kenmerken van problemen
Om iets meer te kunnen begrijpen van de moeilijkheden waarmee mensen in
overlegsituaties te maken kunnen krijgen, is het nodig om te beschrijven uit welke dimensies
problemen bestaan en met wat voor type problemen mensen in organisaties te maken
hebben.
9.1.1. Eenvoud en complexiteit
Eenvoudig probleem = bijvoorbeeld ziekte uitval. Gemakkelijk op te lossen.
Eenvoudige problemen die regelmatig optreden, worden meestal volgens een vaste
procedure aangepakt en opgelost. Men gaat dan routinematig te werk.
Complex probleem: vaak is het management bij complexe problemen nooit eerder met het
probleem geconfronteerd. Ze kunnen dan niet terugvallen op eerdere ervaringen en is er
geen routinematige aanpak mogelijk.
9.1.2. Zekerheid en onzekerheid
Bij sommige problemen is met grote zekerheid vast te stellen welke manier van aanpak zal
leiden tot de oplossing van het probleem.
9.1.3. Gelijke en tegenstrijdige belangen
Bij de oplossing van bijvoorbeeld het ziekteverzuimprobleem gaat het om gelijke belangen,
de teamleden willen allemaal hetzelfde bereiken. Tegenstrijdige belangen spelen een rol als
bijvoorbeeld een medewerker een betere positie krijgt d.m.v. het oplossen van het probleem.
9.1.4. Typen problemen
Drie dimensies waarmee de aard van de problemen in organisaties een rol spelen zijn:
• Eenvoudig versus complexiteit,
• Zekerheid versus onzekerheid,
• Gelijke belangen versus tegenstrijdige belangen.
Gemakkelijke problemen zijn problemen die eenvoudig
zijn, met zekerheid zijn op te lossen en waarbij gelijke
belangen aanwezig zijn.
Moeilijke problemen zijn problemen die complex zijn,
waarvan onzeker is hoe ze opgelost moeten worden en
waarbij verschillen in belangen een rol spelen.
9.2 Gebieden van besluitvorming in organisaties
Keuning en Eppink stellen dat het management op drie
gebieden van organiseren actief moet zijn:
• De externe afstemming,
• De structurering,
• De interne afstemming
1