2.2 FYSIOLOGIE
WEEK 1
Je benoemt de functies van het skelet
We zijn opgebouwd uit wel meer dan 200 verschillende botjes.
Functies:
- Steun
o Het skelet geeft steun en vorm
- Beweging
o Gewrichten, aanhechting van botten en het zitten van botten in een
kom zorgt voor de bewegingen die we maken
o Aanhechtingsplaats voor spieren
- Bescherming
o Ribbenkast
- Bron voor rode- en witte bloedcellen (beenmerg)
o Beenmerg zit in de botten en daar worden bloedcellen aangemaakt
- Reserve (mineralen)
o Is reserveopslag voor belangrijke mineralen, vooral calcium
o Kan er ook uit worden gehaald als je lichaam het nodig heeft
BOTWEEFSEL
Structuur:
- Osteocyten
o Botcellen die ervoor zorgen vorm/structuur van het botweefsel, die
bepalen de vorm waarom de matrix zich gaat vormen.
- Matrix (zit tussen de osteocyten, botcellen dus)
o Collageen
Soort eiwit, vormt een belangrijk deel van de structuur van de
matrix
Collageen zorgt voor nog een klein gedeelte elasticiteit
o Kalkzouten
Zitten om het collageen heen (calcium en fosfor) en maakt de
botten stevig
Dus kalkzouten zorgen voor stevigheid
Opbouw
- Periost
o Bot/beenvlies
o Het buitenste laagje van het bloed waar zich ook bloedvaten en
zenuwen in bevinden
- Substantia compacta = compacte substantie
o Compact/stevig botweefsel
o Goed doorbloed weefsel
o Bestaat uit haverskanaal, dus cirkels (lamellen) met centraal een
bloedvat (osteocyten)
- Substantia spongiosa = sponsachtig botweefsel
WEEK 1
Je benoemt de functies van het skelet
We zijn opgebouwd uit wel meer dan 200 verschillende botjes.
Functies:
- Steun
o Het skelet geeft steun en vorm
- Beweging
o Gewrichten, aanhechting van botten en het zitten van botten in een
kom zorgt voor de bewegingen die we maken
o Aanhechtingsplaats voor spieren
- Bescherming
o Ribbenkast
- Bron voor rode- en witte bloedcellen (beenmerg)
o Beenmerg zit in de botten en daar worden bloedcellen aangemaakt
- Reserve (mineralen)
o Is reserveopslag voor belangrijke mineralen, vooral calcium
o Kan er ook uit worden gehaald als je lichaam het nodig heeft
BOTWEEFSEL
Structuur:
- Osteocyten
o Botcellen die ervoor zorgen vorm/structuur van het botweefsel, die
bepalen de vorm waarom de matrix zich gaat vormen.
- Matrix (zit tussen de osteocyten, botcellen dus)
o Collageen
Soort eiwit, vormt een belangrijk deel van de structuur van de
matrix
Collageen zorgt voor nog een klein gedeelte elasticiteit
o Kalkzouten
Zitten om het collageen heen (calcium en fosfor) en maakt de
botten stevig
Dus kalkzouten zorgen voor stevigheid
Opbouw
- Periost
o Bot/beenvlies
o Het buitenste laagje van het bloed waar zich ook bloedvaten en
zenuwen in bevinden
- Substantia compacta = compacte substantie
o Compact/stevig botweefsel
o Goed doorbloed weefsel
o Bestaat uit haverskanaal, dus cirkels (lamellen) met centraal een
bloedvat (osteocyten)
- Substantia spongiosa = sponsachtig botweefsel