Aantekening 8.1
Wanneer is een land welvarend?
Antwoord: als de inwoners van het land in veel van hun (basis) behoeften kunnen
voorzien.
Om een uitspraak te doen over de welvaart van het land moet je kijken naar…..
- het inkomen per hoofd van de bevolking.
o Kijk ook naar het verschil tussen arm en rijk. Is er een gelijke of ongelijke
inkomensverdeling?
- de koopkracht in het land → hoge prijzen? Dan een lagere koopkracht. (in NL
kan je minder kopen met €100 dan in Thailand met €100 (omgewisseld in
Baht).
o koopkracht = hoeveel je kan kopen met je inkomen.
- de mate van zelfvoorziening
o Als iemand zelf fruit/groente maakt, is hij voorzien in de basisbehoefte voeding.
- de aanwezigheid en kwaliteit van collectieve goederen/voorzieningen
(bijvoorbeeld onderwijs, gezondheidszorg)
Een ontwikkelingsland heeft de volgende kenmerken..
- Laag inkomen per hoofd van de bevolking
- Ongelijke inkomensverdeling
- Veel werkloosheid
- Ondervoeding
- Snelle bevolkingsgroei
- Analfabetisme (kan niet lezen en schrijven)
- Beperkte technische ontwikkeling.
- Eenzijdige economische structuur. (inkomen afhankelijk van 1 sector)
- Levensverwachting laag door slechte gezondheidszorg.
Veel ontwikkelingslanden hebben een monocultuur. Ze zijn bij exportinkomsten
afhankelijk van 1 of enkele (landbouw) producten.
- Nadeel verkoop landbouwproducten: ontwikkelingslanden verkopen vaak
landbouwproducten, deze leveren minder op dan industriële producten.
(voorbeeld: cacao levert minder op dan een reep chocolade klaar voor
consumptie)
- Nadeel monocultuur: het land loopt veel risico. De prijs van de grondstoffen
wordt bepaald op de wereldmarkt. Als de prijs op de wereldmarkt lager is dan
de prijs van het ontwikkelingsland, dan wordt het niet verkocht, tenzij de boer
in het ontwikkelingsland zijn prijs verlaagd.
Aantekening H8 → 4T → Mevrouw de Vries
, o Oplossing: Boer houdt buffervoorraad aan! Boer verkoopt
producten niet → minder aanbod op wereldmarkt → prijs zal gaan
stijgen → na prijsstijging verkoopt de boer weer zijn producten.
Ruilvoet: De verhouding van de prijs van exportproducten en de prijs van
importproducten.
- Ruilvoet bij ontwikkelingslanden vaak slecht → wat zij exporteren (verkopen)
is goedkoop, wat zij importeren (kopen) is duur).
Zie opdracht 8
blz. 239
Aantekening H8 → 4T → Mevrouw de Vries
Wanneer is een land welvarend?
Antwoord: als de inwoners van het land in veel van hun (basis) behoeften kunnen
voorzien.
Om een uitspraak te doen over de welvaart van het land moet je kijken naar…..
- het inkomen per hoofd van de bevolking.
o Kijk ook naar het verschil tussen arm en rijk. Is er een gelijke of ongelijke
inkomensverdeling?
- de koopkracht in het land → hoge prijzen? Dan een lagere koopkracht. (in NL
kan je minder kopen met €100 dan in Thailand met €100 (omgewisseld in
Baht).
o koopkracht = hoeveel je kan kopen met je inkomen.
- de mate van zelfvoorziening
o Als iemand zelf fruit/groente maakt, is hij voorzien in de basisbehoefte voeding.
- de aanwezigheid en kwaliteit van collectieve goederen/voorzieningen
(bijvoorbeeld onderwijs, gezondheidszorg)
Een ontwikkelingsland heeft de volgende kenmerken..
- Laag inkomen per hoofd van de bevolking
- Ongelijke inkomensverdeling
- Veel werkloosheid
- Ondervoeding
- Snelle bevolkingsgroei
- Analfabetisme (kan niet lezen en schrijven)
- Beperkte technische ontwikkeling.
- Eenzijdige economische structuur. (inkomen afhankelijk van 1 sector)
- Levensverwachting laag door slechte gezondheidszorg.
Veel ontwikkelingslanden hebben een monocultuur. Ze zijn bij exportinkomsten
afhankelijk van 1 of enkele (landbouw) producten.
- Nadeel verkoop landbouwproducten: ontwikkelingslanden verkopen vaak
landbouwproducten, deze leveren minder op dan industriële producten.
(voorbeeld: cacao levert minder op dan een reep chocolade klaar voor
consumptie)
- Nadeel monocultuur: het land loopt veel risico. De prijs van de grondstoffen
wordt bepaald op de wereldmarkt. Als de prijs op de wereldmarkt lager is dan
de prijs van het ontwikkelingsland, dan wordt het niet verkocht, tenzij de boer
in het ontwikkelingsland zijn prijs verlaagd.
Aantekening H8 → 4T → Mevrouw de Vries
, o Oplossing: Boer houdt buffervoorraad aan! Boer verkoopt
producten niet → minder aanbod op wereldmarkt → prijs zal gaan
stijgen → na prijsstijging verkoopt de boer weer zijn producten.
Ruilvoet: De verhouding van de prijs van exportproducten en de prijs van
importproducten.
- Ruilvoet bij ontwikkelingslanden vaak slecht → wat zij exporteren (verkopen)
is goedkoop, wat zij importeren (kopen) is duur).
Zie opdracht 8
blz. 239
Aantekening H8 → 4T → Mevrouw de Vries