ONTWIKKELINGSPSYCHOPATHOLOGIE 1
HOORCOLLEGE 1 – CLASSIFICEREN EN CLASSIFICATIESYSTEMEN
INTRODUCTIE
Ongeveer 10% van de kinderen heeft een psychische stoornis. psychische stoornissen
komen het meest voor in de adolescentie door onder andere biologische redenen. Dit is
geen groot verschil in kindertijd. Het kan ook zijn dat een kind in de kindertijd al een
psychische stoornis heeft en dit meeneemt naar de adolescentie. Psychologische
stoornissen komen het meest voor bij jongens door onder andere XY chromosomen. (een
vrouw heeft XX dus de ene X kan de andere X compenseren, dit kan dus niet bij jongens)
Differentiaaldiagnose = op welke andere stoornissen kunnen de besproken stoornissen
lijken?
Psychopathologie = de wetenschap waarin psychische stoornissen worden bestudeerd.
Ontwikkelingspsychopathologie = benadering die meerdere inzichten combineert, ervan
uitgaande dat ontwikkeling zo’n complex verschijnsel is dat integratie van inzichten en
ervaringen vanuit verschillende invalshoeken nodig is. Hierin wordt het ontstaan en het
verloop van psychische stoornissen onderzocht.
Ontwikkelingsbenadering = gaat ervanuit dat gedrag(smogelijkheden) in de loop van
iemands leven veranderen, complexer worden. Iemand neemt zijn vroegere ervaringen altijd
mee en deze beïnvloeden hoe je in het heden staat. Echter ligt de oorzaak van
psychopathologie niet per definitie in het verleden en daarom gaat men er niet vanuit dat
vroege ervaringen voor 100% iemands functioneren bepalen. wisselwerking tussen
ervaringen uit het verleden en actuele ervaringen!
Theorie van de ontwikkelingsopgaven = een kind moet in elke leeftijdsfase bepaalde
opgaven zien te volbrengen. Als deze opgaven niet bij bepaalde leeftijdsfases zijn volbracht
wordt de kans op latere problemen groter.
Comorbiditeit = mensen die meerdere stoornissen tegelijk hebben
Afwijkend gedrag/psychische stoornis is dynamisch = je kunt er soms last van hebben en
vaak niet, soms een beetje en dan juist weer heel veel. verschijningsvorm van afwijkend
gedrag verandert gedurende de levensloop van persoon!
Dynamische gezichtspunt uit de ontwikkelingspsychopathologie = gedrag kan in
de ene levensfase normaal en wenselijk zijn en in een andere levensfase abnormaal
en ongewenst. (voorbeeld = separatieangst)
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Prevalentie
- Zeer zeldzaam: <1%
- Zeldzaam ~1%
- Niet zo zeldzaam: 2-5%
- Minst zeldzaam: >5%
Voor veel stoornissen is het heel gebruikelijk dat er nog een andere stoornis onder zit.
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Ontwikkelingsperspectief – normale ontwikkeling
Belangrijk om je te beseffen dat bepaalde gedragingen ook bij ontwikkeling past dus dat het
niet meteen een bepaalde stoornis is
,ONTWIKKELINGSPSYCHOPATHOLOGIE 2
Vroege kindertijd (0-6)
- Bedplassen
- Driftbuien
- Separatie-angst
Midden kindertijd (6-12)
- Bang in donker
- Beweeglijk
Adolescentie ((12-18)+23)
- Experimenteren
- Grenzen verkennen
- Stemmingswisselingen
Ontstaan psychopathologie:
Vroege kindertijd:
- ASS
Midden kindertijd:
- ODD/CD
- Angststoornissen
Adolescentie:
- Stemmingsstoornissen
- Eetstoornissen
- Schizofrenie
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Er moeten klachten zijn die op verschillende manieren voor kunnen komen zoals lichamelijk
functioneren, gedrag, emoties, cognities en relaties. Ook belangrijk om dus naar de
omgeving te kijken.
Als deze klachten is er sprake van ontwikkelingspsychopathologie:
- niet passen bij de leeftijd
- niet/zeer moeilijk te corrigeren zijn
- het algemeen functioneren ernstig nadelig beïnvloeden
- het kind zelf en/of de omgeving doen lijden
- als de klachten uiteindelijk mogelijk ontwikkeling doet stagneren
als dit laatste criterium dreigt zullen er waarschijnlijk nog meer problemen ontstaan). Als
er één aanwezig is zullen er vaak meer aanwezig zijn, maar ze hoeven niet allemaal
aanwezig te zijn om te kunnen spreken van (ontwikkelingspsychopathologie.
Stoornis en of je problemen gaat ervaren is deels afhankelijk van sociaal-culturele context.
Het gaat om de match met de omgeving! De DSM is ontwikkeld in West-Europa en Noord-
Amerika dus het past ook bij die culturen. Je kan de DSM dus niet zomaar toepassen bij
andere culturen.
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Cultuur heeft op tweeërlei wijze invloed op psychopathologie:
,ONTWIKKELINGSPSYCHOPATHOLOGIE 3
1. Cultuur kan kans dat kinderen bepaald gedrag gaan vertonen vergroten/verkleinen
door manier hoe met problemen omgegaan wordt waardoor stoornis verschillend tot
uiting kan komen.
2. Wijze waarop normen en waarden uit een cultuur de opvattingen van volwassenen
over het gedrag van kinderen beïnvloeden
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
10 statements:
1. Ontwikkelingspsychopathologie is geen nieuwe wetenschap, maar een benadering
waarin inzichten uit verschillende wetenschappelijke disciplines en wetenschappelijke
theorieën worden geïntegreerd
2. Psychopathologie is iets anders dan psychiatrie. Bij psychopathologie wordt kennis
verzameld over algemene kenmerken van psychische stoornissen; bij psychiatrie
wordt met name gekeken naar (de effecten van) hulpverlening aan mensen met
psychische stoornissen
3. De invloed van het ontwikkelingspsychopathologisch denkkader is de laatste jaren
enorm toegenomen
4. Het actuele gedrag van een kind is altijd het gevolg van vroegere ervaringen en van
de eisen die de huidige situatie aan hem stelt
5. De oorzaak van psychopathologie bij een kind ligt niet per definitie in zijn verleden
6. Een psychische stoornis kent nooit maar één oorzaak, en is altijd het resultaat van
een wisselwerking tussen biologische en omgevingsfactoren
7. Als beoordeeld moet worden of gedrag van een kind adequaat is, moet daarbij de
(ontwikkelings) leeftijd van het kind betrokken worden. Gedrag dat op jonge leeftijd
adequaat is, kan op latere leeftijd op een stoornis wijzen.
8. Elk kind is uniek, en dat geldt ook voor kinderen met psychische stoornissen. De
ADHD’er bestaat niet!
9. Je weet pas wat een afwijkende ontwikkeling is als je weet wat normale, gemiddelde
ontwikkeling is, en als je rekening houdt met achterliggende culturele opvattingen.
10. Gedrag vindt nooit in een vacuüm plaats, maar altijd in een sociale, culturele en
maatschappelijke omgeving die dat gedrag beïnvloedt – en andersom!
, ONTWIKKELINGSPSYCHOPATHOLOGIE 4
CLASSIFICATIE, DIAGNOSTIEK EN EPIDEMIOLOGIE
Diagnostiek = stelt vast of een kind lijdt onder problemen, behoefte heeft aan hulp/zorg en
wel of niet optimaal functioneert. De vraag ‘Hoe is dit ontstaan?’ wordt onderzocht met
behulp van diagnostiek
De vraag ‘Hoeveel kinderen hebben deze problemen?’ tracht men
door epidemiologisch onderzoek te beantwoorden. = hierbij is
men geïnteresseerd in het vaststellen van factoren die de
problematiek van kinderen beïnvloeden. Er is hier raakvlak met
diagnostiek!
Classificatie = iets herkennen, er de juiste naam aan geven en
het vervolgens indelen in een categorie
Om te kunnen classificeren moeten we waarnemen, maar
ook onderscheid kunnen maken tussen de categorieën
waarin we de waarnemingsresultaten indelen.
Classificatiesystemen = systematische beschrijvingen van gedrag op basis van door
wetenschappers onderscheiden en gegroepeerde gedragskenmerken, met als doel in te
delen.
Voordeel van classificatiesystemen = het haalt de kern van het probleem uit het
verhaal en schrijft dat heel compact op.
Voor de DSM-5 geldt hoe hoger het percentage hoe slechter het gaat.
2 veelgebruikte systemen:
1. International Classification of Diseases (ICD) nu ICD-11
- WHO = World Health Organization
2. Diagnostic and Statistical Manual of the mental disorders (DSM) nu DSM-5-
TR
- APA = American Psychiatric Association
Wordt vaker gebruikt
Belangrijkste system bij het classificeren van psychische stoornissen
Geeft kenmerken van een stoornis, duur en impact van symptomen
Consensus experts = op dezelfde manier tot stand gebracht.
Kunnen worden ‘vertaald’ naar elkaar, ze lijken erg op elkaar en kunnen naar elkaar
verwijzen. (ICD-11 is nieuwe en zitten wel wat verschillen in)
Voordelen:
- Duidelijke beschrijving kern problematiek
- Internationale eenduidigheid (onderzoek, onderwijs, beleid, communicatie)
- Richtinggevend voor behandeling
Beperkingen/minpunten:
- Informatie sterk gereduceerd meer gericht op labeltjes dan op de omgeving en het
tot stand komen van
- Categoriale indeling
- Suboptimale basis voor behandeling je weer dus niet per se welke behandeling je
nodig hebt want classificatie is niet standaard gekoppeld aan type behandeling
HOORCOLLEGE 1 – CLASSIFICEREN EN CLASSIFICATIESYSTEMEN
INTRODUCTIE
Ongeveer 10% van de kinderen heeft een psychische stoornis. psychische stoornissen
komen het meest voor in de adolescentie door onder andere biologische redenen. Dit is
geen groot verschil in kindertijd. Het kan ook zijn dat een kind in de kindertijd al een
psychische stoornis heeft en dit meeneemt naar de adolescentie. Psychologische
stoornissen komen het meest voor bij jongens door onder andere XY chromosomen. (een
vrouw heeft XX dus de ene X kan de andere X compenseren, dit kan dus niet bij jongens)
Differentiaaldiagnose = op welke andere stoornissen kunnen de besproken stoornissen
lijken?
Psychopathologie = de wetenschap waarin psychische stoornissen worden bestudeerd.
Ontwikkelingspsychopathologie = benadering die meerdere inzichten combineert, ervan
uitgaande dat ontwikkeling zo’n complex verschijnsel is dat integratie van inzichten en
ervaringen vanuit verschillende invalshoeken nodig is. Hierin wordt het ontstaan en het
verloop van psychische stoornissen onderzocht.
Ontwikkelingsbenadering = gaat ervanuit dat gedrag(smogelijkheden) in de loop van
iemands leven veranderen, complexer worden. Iemand neemt zijn vroegere ervaringen altijd
mee en deze beïnvloeden hoe je in het heden staat. Echter ligt de oorzaak van
psychopathologie niet per definitie in het verleden en daarom gaat men er niet vanuit dat
vroege ervaringen voor 100% iemands functioneren bepalen. wisselwerking tussen
ervaringen uit het verleden en actuele ervaringen!
Theorie van de ontwikkelingsopgaven = een kind moet in elke leeftijdsfase bepaalde
opgaven zien te volbrengen. Als deze opgaven niet bij bepaalde leeftijdsfases zijn volbracht
wordt de kans op latere problemen groter.
Comorbiditeit = mensen die meerdere stoornissen tegelijk hebben
Afwijkend gedrag/psychische stoornis is dynamisch = je kunt er soms last van hebben en
vaak niet, soms een beetje en dan juist weer heel veel. verschijningsvorm van afwijkend
gedrag verandert gedurende de levensloop van persoon!
Dynamische gezichtspunt uit de ontwikkelingspsychopathologie = gedrag kan in
de ene levensfase normaal en wenselijk zijn en in een andere levensfase abnormaal
en ongewenst. (voorbeeld = separatieangst)
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Prevalentie
- Zeer zeldzaam: <1%
- Zeldzaam ~1%
- Niet zo zeldzaam: 2-5%
- Minst zeldzaam: >5%
Voor veel stoornissen is het heel gebruikelijk dat er nog een andere stoornis onder zit.
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Ontwikkelingsperspectief – normale ontwikkeling
Belangrijk om je te beseffen dat bepaalde gedragingen ook bij ontwikkeling past dus dat het
niet meteen een bepaalde stoornis is
,ONTWIKKELINGSPSYCHOPATHOLOGIE 2
Vroege kindertijd (0-6)
- Bedplassen
- Driftbuien
- Separatie-angst
Midden kindertijd (6-12)
- Bang in donker
- Beweeglijk
Adolescentie ((12-18)+23)
- Experimenteren
- Grenzen verkennen
- Stemmingswisselingen
Ontstaan psychopathologie:
Vroege kindertijd:
- ASS
Midden kindertijd:
- ODD/CD
- Angststoornissen
Adolescentie:
- Stemmingsstoornissen
- Eetstoornissen
- Schizofrenie
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Er moeten klachten zijn die op verschillende manieren voor kunnen komen zoals lichamelijk
functioneren, gedrag, emoties, cognities en relaties. Ook belangrijk om dus naar de
omgeving te kijken.
Als deze klachten is er sprake van ontwikkelingspsychopathologie:
- niet passen bij de leeftijd
- niet/zeer moeilijk te corrigeren zijn
- het algemeen functioneren ernstig nadelig beïnvloeden
- het kind zelf en/of de omgeving doen lijden
- als de klachten uiteindelijk mogelijk ontwikkeling doet stagneren
als dit laatste criterium dreigt zullen er waarschijnlijk nog meer problemen ontstaan). Als
er één aanwezig is zullen er vaak meer aanwezig zijn, maar ze hoeven niet allemaal
aanwezig te zijn om te kunnen spreken van (ontwikkelingspsychopathologie.
Stoornis en of je problemen gaat ervaren is deels afhankelijk van sociaal-culturele context.
Het gaat om de match met de omgeving! De DSM is ontwikkeld in West-Europa en Noord-
Amerika dus het past ook bij die culturen. Je kan de DSM dus niet zomaar toepassen bij
andere culturen.
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Cultuur heeft op tweeërlei wijze invloed op psychopathologie:
,ONTWIKKELINGSPSYCHOPATHOLOGIE 3
1. Cultuur kan kans dat kinderen bepaald gedrag gaan vertonen vergroten/verkleinen
door manier hoe met problemen omgegaan wordt waardoor stoornis verschillend tot
uiting kan komen.
2. Wijze waarop normen en waarden uit een cultuur de opvattingen van volwassenen
over het gedrag van kinderen beïnvloeden
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
10 statements:
1. Ontwikkelingspsychopathologie is geen nieuwe wetenschap, maar een benadering
waarin inzichten uit verschillende wetenschappelijke disciplines en wetenschappelijke
theorieën worden geïntegreerd
2. Psychopathologie is iets anders dan psychiatrie. Bij psychopathologie wordt kennis
verzameld over algemene kenmerken van psychische stoornissen; bij psychiatrie
wordt met name gekeken naar (de effecten van) hulpverlening aan mensen met
psychische stoornissen
3. De invloed van het ontwikkelingspsychopathologisch denkkader is de laatste jaren
enorm toegenomen
4. Het actuele gedrag van een kind is altijd het gevolg van vroegere ervaringen en van
de eisen die de huidige situatie aan hem stelt
5. De oorzaak van psychopathologie bij een kind ligt niet per definitie in zijn verleden
6. Een psychische stoornis kent nooit maar één oorzaak, en is altijd het resultaat van
een wisselwerking tussen biologische en omgevingsfactoren
7. Als beoordeeld moet worden of gedrag van een kind adequaat is, moet daarbij de
(ontwikkelings) leeftijd van het kind betrokken worden. Gedrag dat op jonge leeftijd
adequaat is, kan op latere leeftijd op een stoornis wijzen.
8. Elk kind is uniek, en dat geldt ook voor kinderen met psychische stoornissen. De
ADHD’er bestaat niet!
9. Je weet pas wat een afwijkende ontwikkeling is als je weet wat normale, gemiddelde
ontwikkeling is, en als je rekening houdt met achterliggende culturele opvattingen.
10. Gedrag vindt nooit in een vacuüm plaats, maar altijd in een sociale, culturele en
maatschappelijke omgeving die dat gedrag beïnvloedt – en andersom!
, ONTWIKKELINGSPSYCHOPATHOLOGIE 4
CLASSIFICATIE, DIAGNOSTIEK EN EPIDEMIOLOGIE
Diagnostiek = stelt vast of een kind lijdt onder problemen, behoefte heeft aan hulp/zorg en
wel of niet optimaal functioneert. De vraag ‘Hoe is dit ontstaan?’ wordt onderzocht met
behulp van diagnostiek
De vraag ‘Hoeveel kinderen hebben deze problemen?’ tracht men
door epidemiologisch onderzoek te beantwoorden. = hierbij is
men geïnteresseerd in het vaststellen van factoren die de
problematiek van kinderen beïnvloeden. Er is hier raakvlak met
diagnostiek!
Classificatie = iets herkennen, er de juiste naam aan geven en
het vervolgens indelen in een categorie
Om te kunnen classificeren moeten we waarnemen, maar
ook onderscheid kunnen maken tussen de categorieën
waarin we de waarnemingsresultaten indelen.
Classificatiesystemen = systematische beschrijvingen van gedrag op basis van door
wetenschappers onderscheiden en gegroepeerde gedragskenmerken, met als doel in te
delen.
Voordeel van classificatiesystemen = het haalt de kern van het probleem uit het
verhaal en schrijft dat heel compact op.
Voor de DSM-5 geldt hoe hoger het percentage hoe slechter het gaat.
2 veelgebruikte systemen:
1. International Classification of Diseases (ICD) nu ICD-11
- WHO = World Health Organization
2. Diagnostic and Statistical Manual of the mental disorders (DSM) nu DSM-5-
TR
- APA = American Psychiatric Association
Wordt vaker gebruikt
Belangrijkste system bij het classificeren van psychische stoornissen
Geeft kenmerken van een stoornis, duur en impact van symptomen
Consensus experts = op dezelfde manier tot stand gebracht.
Kunnen worden ‘vertaald’ naar elkaar, ze lijken erg op elkaar en kunnen naar elkaar
verwijzen. (ICD-11 is nieuwe en zitten wel wat verschillen in)
Voordelen:
- Duidelijke beschrijving kern problematiek
- Internationale eenduidigheid (onderzoek, onderwijs, beleid, communicatie)
- Richtinggevend voor behandeling
Beperkingen/minpunten:
- Informatie sterk gereduceerd meer gericht op labeltjes dan op de omgeving en het
tot stand komen van
- Categoriale indeling
- Suboptimale basis voor behandeling je weer dus niet per se welke behandeling je
nodig hebt want classificatie is niet standaard gekoppeld aan type behandeling