Taak 10
Leerdoelen:
Alles in een half A4tje samenvatten!
1. Wat betekenen verwetenschappelijking en vermaatschappelijking en wat houden die
ontwikkelingen in als het gaat om infectieziekte bestrijding?
a. Pragmatisch = Horstman
b. Conservatief = Coutinho
c. tot 1960 = gezag (wat de huisarts verteld is leidend)
d. na 1960 = mensen nemen niet meer alles aan wat er gezegd wordt, maar stellen
vragen
e. dienstbare wetenschap = de rol van wetenschap bij het ondersteunen van beleid door
inzichten te bieden in maatschappelijke uitdagingen, het evalueren van mogelijke
oplossingen en het vaststellen van de huidige situatie
f. Lareb = meldpunt om bijwerkingen medicatie te melden
Verwetenschappelijking
Kern: Toename van wetenschappelijke invloed op beleid en besluitvorming.
Kenmerken:
- Wetenschappers spelen een centrale rol in het onderzoeken en ontwikkelen
van methoden om infectieziekten te bestrijden.
- Beleid wordt gebaseerd op wetenschappelijke inzichten en feiten.
- Voorbeeld: Gebruik van wetenschappelijke modellen om pandemieën te
voorspellen en strategieën te bepalen.
Focus: Objectieve, feitelijke kennis als basis voor collectieve besluitvorming.
Vermaatschappelijking
Kern: Toename van maatschappelijke betrokkenheid en verantwoordelijkheid.
Kenmerken:
o Burgers krijgen meer inspraak in de beslissingen rond
infectieziektebestrijding.
o Besluiten worden niet meer uitsluitend "van bovenaf" opgelegd; publieke
discussie en keuzevrijheid spelen een grotere rol.
o Voorbeeld: Debat over vaccinaties waarbij vaccineren niet langer verplicht is,
maar een vrijwillige keuze van individuen.
Focus: Democratisering van beleid met nadruk op individuele verantwoordelijkheid
en participatie.
Infectieziektebestrijding als voorbeeld
Bij verwetenschappelijking wordt beleid rond infectieziekten gestuurd door
wetenschappelijke bevindingen, zoals vaccins die bewezen effectief zijn.
Bij vermaatschappelijking ligt de nadruk op de vrijwillige keuze en
verantwoordelijkheid van burgers, zoals bij vaccinaties of het naleven van
preventieve maatregelen.
Deze processen zijn niet altijd in harmonie; de nadruk op wetenschap kan botsen met de
behoefte van burgers aan autonomie, en omgekeerd kan een sterke vermaatschappelijking
het vertrouwen in wetenschappelijke methoden ondermijnen.
, 2. Hoe kunnen we begrijpen dat burgers experts steeds minder vanzelfsprekend
vertrouwen? Was dat vroeger anders? Welke mechanismes spelen een rol bij die
verandering?
1. Kritiek op autoriteit en polarisatie (Roel Coutinho):
Wantrouwen komt voort uit de groeiende publieke kritiek op autoriteit. Sociale media
rol in verspreiden van complottheorieën ondermijnen het vertrouwen in
wetenschappelijke experts.
2. De kloof tussen experts en burgers (Klasien Horstman):
Wantrouwen ontstaat door een communicatiekloof, wetenschappers communiceren
in vaktaal. Burgers hebben behoefte aan begrijpelijke uitleg, ze voelen dat hun
perspectieven niet gerespecteerd worden.
3. Wetenschap als strijdtoneel (Blankesteijn, Munnichs en Van Drooge):
Wetenschappelijke inzichten worden gezien als gekleurd of beïnvloed door belangen.
Dit voedt het idee dat experts niet neutraal zijn.
Conclusie
Het wantrouwen in experts is deels een gevolg van maatschappelijke veranderingen, zoals
de vermaatschappelijking van wetenschap en de opkomst van digitale media. Tegelijkertijd
spelen de perceptie van belangenverstrengeling en de kloof tussen experts en burgers een
rol. Dit benadrukt de noodzaak voor transparante communicatie en participatie van burgers
in wetenschappelijke processen.
3. Zie je die ontwikkelingen ook terug op andere terreinen? Waar dan?
4. Hoe reageren verschillende auteurs op maatschappelijke discussies over
infectieziekten bestrijding en op het wantrouwen van burgers in experts? Hoe
definiëren zij het probleem? Welke 'oplossingen' staan deze auteurs voor als het gaat
om de uitdagingen van de infectieziekten bestrijding?
Coutinho:
o Media = belangrijke rol van wantrouwen
o Betere communicatie om vertrouwen te herstellen
o Experts moeten toegankelijker zijn en transparant uitleggen hoe ze tot bepaalde
conclusies komen
- Horstman:
o Wantrouwen = niet alleen communicatie probleem
o Wantrouwen = kwestie van democratisering van kennis
o Meer inclusieve dialogen burgers actief participeren in beleidsvorming (meer
voice) en waar experts hun kennis testen in (de wilde en ongetemde)
maatschappelijke context
- Blankensteijn en Lips:
o Wijzen op belang van transparantie over hoe wetenschappelijke adviezen tot stand
komen (backstage processen)
o Pleiten voor een constructivistische benadering (kennis actief opbouwen door
bestaande kennis te combineren met nieuwe ervaringen en informatie) waarbij
burgers vanaf het begin betrokken worden
5. Herken je het fenomeen van de spanningen tussen experts en burgers? Bv zelf
meegedaan aan vaccinatie baarmoederhalskanker? Op andere terreinen (SOA-
bestrijding? Alcoholmisbruik? Gezond eten? Bewegen?) Wat is je eigen visie ten
aanzien van deze spanningen?
Leerdoelen:
Alles in een half A4tje samenvatten!
1. Wat betekenen verwetenschappelijking en vermaatschappelijking en wat houden die
ontwikkelingen in als het gaat om infectieziekte bestrijding?
a. Pragmatisch = Horstman
b. Conservatief = Coutinho
c. tot 1960 = gezag (wat de huisarts verteld is leidend)
d. na 1960 = mensen nemen niet meer alles aan wat er gezegd wordt, maar stellen
vragen
e. dienstbare wetenschap = de rol van wetenschap bij het ondersteunen van beleid door
inzichten te bieden in maatschappelijke uitdagingen, het evalueren van mogelijke
oplossingen en het vaststellen van de huidige situatie
f. Lareb = meldpunt om bijwerkingen medicatie te melden
Verwetenschappelijking
Kern: Toename van wetenschappelijke invloed op beleid en besluitvorming.
Kenmerken:
- Wetenschappers spelen een centrale rol in het onderzoeken en ontwikkelen
van methoden om infectieziekten te bestrijden.
- Beleid wordt gebaseerd op wetenschappelijke inzichten en feiten.
- Voorbeeld: Gebruik van wetenschappelijke modellen om pandemieën te
voorspellen en strategieën te bepalen.
Focus: Objectieve, feitelijke kennis als basis voor collectieve besluitvorming.
Vermaatschappelijking
Kern: Toename van maatschappelijke betrokkenheid en verantwoordelijkheid.
Kenmerken:
o Burgers krijgen meer inspraak in de beslissingen rond
infectieziektebestrijding.
o Besluiten worden niet meer uitsluitend "van bovenaf" opgelegd; publieke
discussie en keuzevrijheid spelen een grotere rol.
o Voorbeeld: Debat over vaccinaties waarbij vaccineren niet langer verplicht is,
maar een vrijwillige keuze van individuen.
Focus: Democratisering van beleid met nadruk op individuele verantwoordelijkheid
en participatie.
Infectieziektebestrijding als voorbeeld
Bij verwetenschappelijking wordt beleid rond infectieziekten gestuurd door
wetenschappelijke bevindingen, zoals vaccins die bewezen effectief zijn.
Bij vermaatschappelijking ligt de nadruk op de vrijwillige keuze en
verantwoordelijkheid van burgers, zoals bij vaccinaties of het naleven van
preventieve maatregelen.
Deze processen zijn niet altijd in harmonie; de nadruk op wetenschap kan botsen met de
behoefte van burgers aan autonomie, en omgekeerd kan een sterke vermaatschappelijking
het vertrouwen in wetenschappelijke methoden ondermijnen.
, 2. Hoe kunnen we begrijpen dat burgers experts steeds minder vanzelfsprekend
vertrouwen? Was dat vroeger anders? Welke mechanismes spelen een rol bij die
verandering?
1. Kritiek op autoriteit en polarisatie (Roel Coutinho):
Wantrouwen komt voort uit de groeiende publieke kritiek op autoriteit. Sociale media
rol in verspreiden van complottheorieën ondermijnen het vertrouwen in
wetenschappelijke experts.
2. De kloof tussen experts en burgers (Klasien Horstman):
Wantrouwen ontstaat door een communicatiekloof, wetenschappers communiceren
in vaktaal. Burgers hebben behoefte aan begrijpelijke uitleg, ze voelen dat hun
perspectieven niet gerespecteerd worden.
3. Wetenschap als strijdtoneel (Blankesteijn, Munnichs en Van Drooge):
Wetenschappelijke inzichten worden gezien als gekleurd of beïnvloed door belangen.
Dit voedt het idee dat experts niet neutraal zijn.
Conclusie
Het wantrouwen in experts is deels een gevolg van maatschappelijke veranderingen, zoals
de vermaatschappelijking van wetenschap en de opkomst van digitale media. Tegelijkertijd
spelen de perceptie van belangenverstrengeling en de kloof tussen experts en burgers een
rol. Dit benadrukt de noodzaak voor transparante communicatie en participatie van burgers
in wetenschappelijke processen.
3. Zie je die ontwikkelingen ook terug op andere terreinen? Waar dan?
4. Hoe reageren verschillende auteurs op maatschappelijke discussies over
infectieziekten bestrijding en op het wantrouwen van burgers in experts? Hoe
definiëren zij het probleem? Welke 'oplossingen' staan deze auteurs voor als het gaat
om de uitdagingen van de infectieziekten bestrijding?
Coutinho:
o Media = belangrijke rol van wantrouwen
o Betere communicatie om vertrouwen te herstellen
o Experts moeten toegankelijker zijn en transparant uitleggen hoe ze tot bepaalde
conclusies komen
- Horstman:
o Wantrouwen = niet alleen communicatie probleem
o Wantrouwen = kwestie van democratisering van kennis
o Meer inclusieve dialogen burgers actief participeren in beleidsvorming (meer
voice) en waar experts hun kennis testen in (de wilde en ongetemde)
maatschappelijke context
- Blankensteijn en Lips:
o Wijzen op belang van transparantie over hoe wetenschappelijke adviezen tot stand
komen (backstage processen)
o Pleiten voor een constructivistische benadering (kennis actief opbouwen door
bestaande kennis te combineren met nieuwe ervaringen en informatie) waarbij
burgers vanaf het begin betrokken worden
5. Herken je het fenomeen van de spanningen tussen experts en burgers? Bv zelf
meegedaan aan vaccinatie baarmoederhalskanker? Op andere terreinen (SOA-
bestrijding? Alcoholmisbruik? Gezond eten? Bewegen?) Wat is je eigen visie ten
aanzien van deze spanningen?