FILOSOFIE
1. Filosofie
1.1 Wat is filosofie?
1.2 Modernere filosofie: Réne Descartes
2. Ziekte
2.1 Pijn: Elaine Scarry
2.2 Ziekte: Susan Sontag
3. Wetenschap
3.1 Classificatie: Michel Foucault
3.2 Sociaal constructivisme: Ian Hacking
3.3 (Pseudo-)wetenschap: Karl Popper
1. Filosofie
Inleiding
Wat is filosofie?
Filosofie is reflectie op de wetenschap en de werkelijkheid,
waarbij begrippen vanuit een andere buitenstaande positie
worden bekeken.
Die positie noemen we een metapositie (meta =
boven/naast/voorbij).
Het is dus denken over wat andere domeinen – zoals fysica,
geneeskunde of farmacie – zelf niet kunnen bevragen.
Meta = denken over…
Fysica bestudeert beweging en natuurwetten. (= maken
gebruik van oorzakelijkheid en causaliteit)
Metafysica vraagt zich af: Wat zijn natuurwetten eigenlijk?
Wat betekent causaliteit? Waarom bestaat er iets?
→ Dit zijn ontologische vragen (ontologie = de leer van het
zijn = “wat betekend het dat er zijn is?”).
1
,Aristoteles (een god) zag zichzelf als wetenschapper, maar
vond dat je eerst de metafysische vragen moest oplossen voor
je de fysica kon begrijpen.
Metafysische-vragen in farmacie (meta-farmacie) ( =
vragen die zich buiten het fysische domein stellen)
De farmacie onderzoekt het concept ziekte, genezing,
werkingsmechanismen…
Maar filosofie stelt vragen die de farmacie zelf niet kan
beantwoorden:
Wat is ziekte eigenlijk?
Wat betekent het om gezond te zijn?
Wat is pijn?
Welke rol speelt ziekte in de maatschappij?
Een arts moet pijn kunnen genezen en dus niet de betekenis
kennen maar wel begrijpen hoe pijn werkt = niet filosofisch
definiëren. Maar filosofie helpt om pijn te begrijpen in een
ruimer menselijk en maatschappelijk kader.
Waarom filosofie?
Wetenschap kan niet alles beschrijven of oplossen.
Denk aan lijden:
De geneeskunde kan pijn behandelen → “dokter van
hetlichaam”
Filosofie kan nadenken over de betekenis van pijn (maar
niet genezen) → “dokter van de ziel”
Het Griekse woord pharmacon betekent tegelijk geneesmiddel
EN gif.
→ Een beetje is gezond/geneest, te veel is vergif.
2
,Filosofie werkt hetzelfde: het kan verhelderen, maar ook
verwarren.
Ziekte en pijn: meer dan biomedische termen en gevoel
Ziekte is niet alleen een biologisch probleem, het is meer dan
lijden.
Het raakt ook je emoties, je identiteit, je relaties, je
dagelijks functioneren en hoe je naar jezelf en de
wereld kijkt.
Pijn is niet alleen een gevoelskwestie, het is meer dan een
onaangenaam gevoel.
Het heeft ook een psychologische (angst, stress),
sociale (school, werk, familie) en existentiële kant
(vragen zoals “waarom ik?”).
Je kan ze dus niet begrijpen of behandelen door alleen naar het
medische/lichaamelijke deel te kijken.
Dubbel lijden
Er is:
1. Fysiek lijden (de ziekte zelf)
2. Extra lijden erbovenop → veroorzaakt door de
maatschappij, relaties, schuldgevoel, toekomstangst…
Voorbeelden:
Chronische ziekte → fysiek ongemak, maar ook
eenzaamheid doordat je niet meer naar de les kan.
SOA’s → vaak is het sociale ongemak/lijden (schaamte,
oordeel, uitsluiting) groter dan de fysieke klachten.
3
, Schuldgevoel → je had “gezonder moeten eten” of beter
voor jezelf moeten zorgen. => “Ziek zijn is je eigen
schuld”
Angst voor de toekomst of de dood → maakt pijn zwaarder.
Pijn is moeilijk te delen → je ziet aan iemand niet dat die
pijn heeft (onzichtbaar lijden).
Citaat: Susan
Sontag
Sontag zegt dat ziekte meer is dan lichamelijk lijden.
Mensen/mpij hebben vooroordelen over ziekten zoals aids (“je
bent zelf schuldig omdat je te losbundig bent geweest”) en
kanker (schaamte, slechte reputatie en hoe mensen je hierdoor
anders gaan behandelen).
Daardoor lijd je niet alleen aan de ziekte, maar ook aan het
oordeel van de maatschappij.
Dat dubbel lijden kan de wetenschap niet meten of genezen →
filosofie denkt hierover na.
Citaat: Friedrich
Nietzsche
Volgens Nietzsche begint je verbeelding te piekeren als je ziek
bent: “Kan ik nog werken? Gaat alles lukken? Kan ik die
deadline nog halen?,…”
=> Je lijdt dus ook aan je gedachten over de ziekte.
Nietzsche zegt: we moeten niet enkel de ziekte behandelen,
maar ook de verbeelding kalmeren door een “medicijn”
daarvoor te vinden.
Rol van filosofie in farmacie
4
, Filosofie kan de ziekte zelf niet genezen, maar door inzicht te
geven in wat het betekent om ziek te zijn en hoe ziekte onze
gedachten en verbeelding beïnvloedt, kan ze wél het tweede-
orde lijden (angst, schaamte, piekeren) verzachten.
1.1 wat is filosofie?
1) Filosofie heeft geen eigen domein
o Andere wetenschappen hebben een afgebakend
onderwerp (psychologie = mens, biologie = leven).
o Filosofie heeft geen vast domein → het kan over alles of
niets gaan.
o Soms lijkt het zelfs “nutteloos” (nihilistisch): Filosofie
hoeft geen praktisch nut te hebben. Het is een spel met
ideeën, niet om één waarheid te vinden, maar omdat
denken op zich interessant is. Net zoals wetenschap soms
dingen onderzoekt zonder direct doel, kan filosofie ook
puur uit nieuwsgierigheid bestaan.
2) Filosofie = reflectie op andere wetenschappen
o Ze bekijkt wetenschap vanop een meta-niveau.
o Ze onderzoekt begrippen, grenzen, aannames en
methodes die andere wetenschappen gebruiken.
Voorbeelden:
a) Wetenschap: Wat is wetenschap en wanneer is iets een
feit? Bijvoorbeeld: fysici meten tijd, filosofen vragen:
Wat is tijd eigenlijk?
b) Medische ethiek: Wat is goed handelen? Bijvoorbeeld:
mag een arts een risicovolle behandeling geven voor
klein voordeel?
c) Logica/wiskunde: Waarom is 2+2=4? Universeel of
afhankelijk van ons denken?
5
1. Filosofie
1.1 Wat is filosofie?
1.2 Modernere filosofie: Réne Descartes
2. Ziekte
2.1 Pijn: Elaine Scarry
2.2 Ziekte: Susan Sontag
3. Wetenschap
3.1 Classificatie: Michel Foucault
3.2 Sociaal constructivisme: Ian Hacking
3.3 (Pseudo-)wetenschap: Karl Popper
1. Filosofie
Inleiding
Wat is filosofie?
Filosofie is reflectie op de wetenschap en de werkelijkheid,
waarbij begrippen vanuit een andere buitenstaande positie
worden bekeken.
Die positie noemen we een metapositie (meta =
boven/naast/voorbij).
Het is dus denken over wat andere domeinen – zoals fysica,
geneeskunde of farmacie – zelf niet kunnen bevragen.
Meta = denken over…
Fysica bestudeert beweging en natuurwetten. (= maken
gebruik van oorzakelijkheid en causaliteit)
Metafysica vraagt zich af: Wat zijn natuurwetten eigenlijk?
Wat betekent causaliteit? Waarom bestaat er iets?
→ Dit zijn ontologische vragen (ontologie = de leer van het
zijn = “wat betekend het dat er zijn is?”).
1
,Aristoteles (een god) zag zichzelf als wetenschapper, maar
vond dat je eerst de metafysische vragen moest oplossen voor
je de fysica kon begrijpen.
Metafysische-vragen in farmacie (meta-farmacie) ( =
vragen die zich buiten het fysische domein stellen)
De farmacie onderzoekt het concept ziekte, genezing,
werkingsmechanismen…
Maar filosofie stelt vragen die de farmacie zelf niet kan
beantwoorden:
Wat is ziekte eigenlijk?
Wat betekent het om gezond te zijn?
Wat is pijn?
Welke rol speelt ziekte in de maatschappij?
Een arts moet pijn kunnen genezen en dus niet de betekenis
kennen maar wel begrijpen hoe pijn werkt = niet filosofisch
definiëren. Maar filosofie helpt om pijn te begrijpen in een
ruimer menselijk en maatschappelijk kader.
Waarom filosofie?
Wetenschap kan niet alles beschrijven of oplossen.
Denk aan lijden:
De geneeskunde kan pijn behandelen → “dokter van
hetlichaam”
Filosofie kan nadenken over de betekenis van pijn (maar
niet genezen) → “dokter van de ziel”
Het Griekse woord pharmacon betekent tegelijk geneesmiddel
EN gif.
→ Een beetje is gezond/geneest, te veel is vergif.
2
,Filosofie werkt hetzelfde: het kan verhelderen, maar ook
verwarren.
Ziekte en pijn: meer dan biomedische termen en gevoel
Ziekte is niet alleen een biologisch probleem, het is meer dan
lijden.
Het raakt ook je emoties, je identiteit, je relaties, je
dagelijks functioneren en hoe je naar jezelf en de
wereld kijkt.
Pijn is niet alleen een gevoelskwestie, het is meer dan een
onaangenaam gevoel.
Het heeft ook een psychologische (angst, stress),
sociale (school, werk, familie) en existentiële kant
(vragen zoals “waarom ik?”).
Je kan ze dus niet begrijpen of behandelen door alleen naar het
medische/lichaamelijke deel te kijken.
Dubbel lijden
Er is:
1. Fysiek lijden (de ziekte zelf)
2. Extra lijden erbovenop → veroorzaakt door de
maatschappij, relaties, schuldgevoel, toekomstangst…
Voorbeelden:
Chronische ziekte → fysiek ongemak, maar ook
eenzaamheid doordat je niet meer naar de les kan.
SOA’s → vaak is het sociale ongemak/lijden (schaamte,
oordeel, uitsluiting) groter dan de fysieke klachten.
3
, Schuldgevoel → je had “gezonder moeten eten” of beter
voor jezelf moeten zorgen. => “Ziek zijn is je eigen
schuld”
Angst voor de toekomst of de dood → maakt pijn zwaarder.
Pijn is moeilijk te delen → je ziet aan iemand niet dat die
pijn heeft (onzichtbaar lijden).
Citaat: Susan
Sontag
Sontag zegt dat ziekte meer is dan lichamelijk lijden.
Mensen/mpij hebben vooroordelen over ziekten zoals aids (“je
bent zelf schuldig omdat je te losbundig bent geweest”) en
kanker (schaamte, slechte reputatie en hoe mensen je hierdoor
anders gaan behandelen).
Daardoor lijd je niet alleen aan de ziekte, maar ook aan het
oordeel van de maatschappij.
Dat dubbel lijden kan de wetenschap niet meten of genezen →
filosofie denkt hierover na.
Citaat: Friedrich
Nietzsche
Volgens Nietzsche begint je verbeelding te piekeren als je ziek
bent: “Kan ik nog werken? Gaat alles lukken? Kan ik die
deadline nog halen?,…”
=> Je lijdt dus ook aan je gedachten over de ziekte.
Nietzsche zegt: we moeten niet enkel de ziekte behandelen,
maar ook de verbeelding kalmeren door een “medicijn”
daarvoor te vinden.
Rol van filosofie in farmacie
4
, Filosofie kan de ziekte zelf niet genezen, maar door inzicht te
geven in wat het betekent om ziek te zijn en hoe ziekte onze
gedachten en verbeelding beïnvloedt, kan ze wél het tweede-
orde lijden (angst, schaamte, piekeren) verzachten.
1.1 wat is filosofie?
1) Filosofie heeft geen eigen domein
o Andere wetenschappen hebben een afgebakend
onderwerp (psychologie = mens, biologie = leven).
o Filosofie heeft geen vast domein → het kan over alles of
niets gaan.
o Soms lijkt het zelfs “nutteloos” (nihilistisch): Filosofie
hoeft geen praktisch nut te hebben. Het is een spel met
ideeën, niet om één waarheid te vinden, maar omdat
denken op zich interessant is. Net zoals wetenschap soms
dingen onderzoekt zonder direct doel, kan filosofie ook
puur uit nieuwsgierigheid bestaan.
2) Filosofie = reflectie op andere wetenschappen
o Ze bekijkt wetenschap vanop een meta-niveau.
o Ze onderzoekt begrippen, grenzen, aannames en
methodes die andere wetenschappen gebruiken.
Voorbeelden:
a) Wetenschap: Wat is wetenschap en wanneer is iets een
feit? Bijvoorbeeld: fysici meten tijd, filosofen vragen:
Wat is tijd eigenlijk?
b) Medische ethiek: Wat is goed handelen? Bijvoorbeeld:
mag een arts een risicovolle behandeling geven voor
klein voordeel?
c) Logica/wiskunde: Waarom is 2+2=4? Universeel of
afhankelijk van ons denken?
5