• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 139 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Goederenrecht (VUB)

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 139 pagina's

Uitgebreide en gestructureerde samenvatting van het volledige vak Goederenrecht (Zakenrecht, inclusief zakelijke zekerheden). Deze samenvatting bespaart je tientallen uren studiewerk, want je moet bv. het boek niet meer lezen. Het is ideaal voor examens: alles helder, kernachtig en juridisch correct. Het is gebaseerd op colleges, wetgeving en volledige cursusinhoud. Het grootste pluspunt is volgens mij het feit dat het heel overzichtelijk en logisch opgebouwd is, want ik zelf kan ook niet iets studeren als er geen structuur in zit. Deze samenvatting bevat onder meer duidelijke uitleg van alle kernbegrippen: – Eigendom; – Vruchtgebruik; – Opstal; – Erfpacht; – Erfdienstbaarheden; – Mede-eigendom & appartementsmede-eigendom; – Zakelijke zekerheden (pand, hypotheek, voorrechten); – Openbaar vs. privaat domein; – Roerende vs. onroerende goederen; – Bezit & verkrijgende verjaring; – Natrekking; – Verkoop, overdracht en registratiestelsels.

Voorbeeld van de inhoud

Goederenrecht: samenvatting
Hoorcollege 1
Situering
1. Onderdeel van privaatrecht (burgerlijk recht)

2. Goederenrecht staat tegenover:
- Publiekrecht
o MAAR kan overlappen: bv zowel private als publieke erfdienstbaarheden. Bv
publiekrechtelijke instellingen (zoals OCMW) kan als private particulier
optreden in het goederenrecht
- Andere privaatrechtelijke rechtsdomeinen: verbintenissenrecht, contractenrecht
(maar komt er wel in aanraking mee)


3. Onderdeel van vermogensrecht (patrimoniaal recht/vermogensrecht <>
extrapatrimoniaal recht)
- Betrekking op actieve & passieve samenstelling van vermogen
o Vermogen =
Actieve bestanddelen= goederen + rechten
Passieve bestanddelen= schulden + plichten

Omschrijving
Ontstaan: toe-eigening door de mens van voordelen uit de natuur  mens heeft subjectief
gebruik ervan veiliggesteld
- De mens gaat bepaalde subjectieve rechten zich toe-eigenen

Goederenrecht slaat voornamelijk op het veiligstellen van subjectieve rechten, dat tov het
objectieve recht staat. MAAR er is ook een zekere wisselwerking tussen de twee:
- Een subjectief recht verondersteld een concrete rechtsverhouding tussen personen
waarop de regels van het objectieve recht op worden toegepast

Subjectieve zakelijke rechten = concrete bevoegdheden en aanspraken t.a.v. andere
personen betreffende zaken wanneer de toepassingsvoorwaarden van de algemene
zakenrechtelijke regels vervuld zijn
- <> subjectieve obligatoire rechten: is een verbintenisrechtelijke aanspraak
o Bv Verkoop doet verbintenissen ontstaan, maar doet ook een zakelijk recht
overgaan, namelijk het eigendomsrecht. Tov de gekochte zaak kan de
eigenaar verregaande bevoegdheden uitoefenen of verbintenissen afsluiten.
Finaal wordt de koper eigenaar van het goed wat hem de bvh oplevert.

Uitsluiting
NIET extrapatrimoniale rechten
- Niet in geld waardeerbaar / toeëigenbaar

1

, - Behoren niet tot het vermogen
- Onvervreemdbaar (kan niet over worden beschikt)
>> MAAR: over bepaalde aspecten wel OK mogelijk, namelijk over de uitoefening van het
recht (geen afstand van het recht)
- Bv toelating foto gebruiken in publiciteitscampagne
- Bv bloed- of orgaangift (via erkende instellingen)
>> schending van extrapatrimoniaal recht kan aanleiding geven tot schadevergoeding (dat
wel waardeerbaar is in geld)

NIET verbintenissen en vorderingsrechten
- Verbintenis: rechtsverhouding tussen twee (of meer) personen die ontstaat
krachtens de wet ingevolge een rechtshandeling of rechtsfeit, op grond waarvan de
ene persoon t.o.v. de andere gehouden is, tot het leveren van een prestatie (iets
geven, iets doen, iets niet doen)
o Goederenrecht neemt wel verbintenissen met zich mee!
- Vorderingsrecht: een recht dat de SE kan uitoefenen tegen een SA.

NIET intellectuele rechten
- Geheel van rechten die zijn toegekend aan een auteur of een uitvinder ter
bescherming van voortbrengselen van zijn geest (kunstwerken, boeken, uitvindingen)
- Bv auteursrechten, octrooien, merkenrecht
- Dubbel aspect:
o Moreel recht (extrapatrominaal aspect): recht om boek uit te geven,
kunstwerk tentoon te stellen, auteurschap op te eisen, illegale kopieën aan te
vechten
o Vermogensrecht (patrominaal aspect): economische exploitatie van de creatie
(reproductie, licenties)  hier kan goederenrecht wel mee te maken hebben

Waar te vinden (in codex)? Zie vanaf dia 12, ppt 1 bis (nog niet gekeken)

Krachtlijnen nieuwe goederenrecht
A. Geïntegreerde benadering van het goederenrecht
- Integratie van diverse delen van het goederenrecht (zie dia 16 voor afschaffingen)

B. Instrumentalisering van het goederenrecht
- Goederenrecht als middel, niet als doel.
- Aanpassing aan de 3D-aard van goederenrecht voor goederenrechtelijke
structurering: grond wordt in drie-dimensionele betekenis omschreven (art. 3.64),
werken met volumes (zie opstalrecht)
- Maatschappelijke impact in hoofdstuk over burenverhoudingen: willen buren meer
laten socialiseren met elkaar
- Zo groot mogelijke transparantie bij zakelijke rechten

C. Modernisering van het goederenrecht
- Het goederenrecht wordt afgestemd op de actuele maatschappelijke verhoudingen
o Geen gerichtheid op de agrarische maatschappij van 1884


2

, o Integratie van onlichamelijke goederen, het begrip “volume”, vruchtgebruik
op feitelijke algemeenheden, intellectuele rechten en financiële instrumenten
- Modern gebruik en rentabilisering van openbaar domein

D. Flexibilisering van het goederenrecht
- Grondslag: partijen kunnen afwijken van alle bepalingen van het boek TENZIJ gaat
over definitie of de wet het verbiedt (artikel 3.1)
- Verlenging van de duurtijd van zakelijke gebruiksrechten (soms zelfs eeuwigdurend)
- Flexibilisering op het niveau van degene die een zakelijk recht kan vestigen
- Flexibilisering op het niveau van de bvh van de vruchtgebruiker`


Hoorcollege 2
Hoofdstuk 1: De leer van de indeling der goederen

Terminologie
Goederen
- Art. 3.41 BW: goederen in de ruimste zin zijn alle voorwerpen die vatbaar zijn voor
toe-eigening, met inbegrip van de vermogensrechten
- Art. 3.38 BW: voorwerpen, ongeacht of ze natuurlijk of kunstmatig, lichamelijk of
onlichamelijk zijn, zijn te onderscheiden van dieren. Voorwerpen en dieren zijn te
onderscheiden van personen

Dieren:
- Artikel 3.39 BW: dieren hebben een gevoelsvermogen en biologische noden 
MAAR regels inzake (lichamelijke) voorwerpen zijn nog steeds van toepassing op
dieren, maar wel met respect voor de regels ter bescherming van dieren en openbare
orde
- Nieuwgeboren dieren en voortbrengselen = vruchten (artikel 3.42 lid 3 BW)
 dieren zijn niet vatbaar voor zakelijke rechten, zijn geen rechtssubjecten (geen
schenking of testament van of aan een dier mogelijk)
- Is dus eerder symbolisch

Lichamelijke vs onlichamelijke voorwerpen
- Lichamelijke voorwerpen: zintuiglijk waargenomen & worden gemeten middels een
momentopname (= foto van iets op een moment waarbij geen ontwikkeling in de tijd
gezien kan worden)
- Onlichamelijke voorwerpen: niet tastbaar
o Bv schuldvordering (betekent niet dat er een document over bestaat dat het
daarom lichamelijk zou zijn!)
o Bv handelszaak: los van de plaats met het gebouw heeft het voorwerp een
bepaalde waarde. Het feit dat iemand een handelszaak is, los van de
lichamelijke voorwerpen & materiële goederen dat het heeft.
o Bv cliënteel

Vruchten en opbrengsten (art. 3.42 BW)


3

, - Vruchten van een goed zijn datgene wat dat goed periodiek voortbrengt, zonder dat
dit de substantie ervan wijzigt en ongeacht of het uit zichzelf gebeurt of als gevolg
van de valorisatie ervan
- Een opbrengst is datgene wat het goed opbrengt, maar waardoor de waarde van het
goed onmiddellijk of geleidelijk wordt verminderd
o De substantie blijft niet in takt. Bv eens dat een boom is omgehakt kan je er
geen nieuwe boom uit voort krijgen
- <-> vruchtgebruik


Waarom
We maken nog verdere indelingen tussen onderscheiden goederen, omdat deze
categorieën van goederen een eigen rechtsstatuut hebben
- De indeling gebeurt via diverse criteria
- Belang van indeling: voor elke categorie gelden er specifieke rechtsregels
- Per categorie zijn er twee mogelijkheden: elk goed valt onder de ene of de andere
mogelijkheid

Goederen of geen goederen
- Geen goederen = voorwerpen die niet vatbaar zijn voor toe-eigening (in rechte, wel
in feite) omwille van een wettelijk/feitelijk beletsel
o Wettelijk beletsel: voorwerpen buiten de handel
 Niet vatbaar voor OK (artikel 1128 oud BW), niet vatbaar voor
verkrijgende verjaring (art 3.26 BW)
o Feitelijk beletsel: gemene voorwerpen (res communes)
 Artikel 3.43, lid 1 BW
 Het licht, de zee, de lucht etc.
 Omwille van hun aard niet vatbaar voor exclusieve private toe-
eigening in hun totaliteit, maar wel voor een deel (bv een emmertje
zeewater)
 Gebruik van gemene voorwerpen geregeld door bijzondere wetten
inzake de hoogte van gebouwen (genot van licht en lucht regelen) +
inzake gebruik van stromend water (ecologische redenen)

Goederen die aan niemand vs wel aan iemand toebehoren
- Goederen zonder eigenaar die voor toe-eigening vatbaar zijn (artikel 3.43, lid 2 BW),
twee soorten:
o Res nulius: Nooit een eigenaar gehad, maar wel voor toe-eigening vatbaar (bv
vissen in de zee of in rivieren, ondergrondse watervoorraad)
o Achtergelaten goederen: Eigenaar ooit geweest maar er afstand van gedaan
(res derelictae) (bv wat een eigenaar in de vuilnisbak gooit)
<-> verloren goederen (horen aan iemand toe) en verborgen goederen
(hoorde aan iemand toe, nu aan de Schat)
- Onroerende goederen zonder eigenaar behoren toe aan OH
o MAAR OH heeft recht om aansprakelijkheidsvordering instellen tegen vorige
eigenaar voor verbintenissen, waardedalingen of beschadigingen verbonden
aan het onroerend goed (artikel 3.43, lid 2 en 3.66 BW)

4

Inhoudsopgave

  1. 01 Hoorcollege 1 1
    1. Situering 1
    2. Omschrijving 1
    3. Uitsluiting 1
    4. Krachtlijnen nieuwe goederenrecht 2
  2. 02 Hoorcollege 2 3
    1. Hoofdstuk 1: De leer van de indeling der goederen 3
    2. Zakelijke rechten 18
  3. 03 Zakelijke zekerheden (= zakelijke rechten) 18
    1. Numerus clausus regel 19
    2. Volgrecht en voorrang 20
    3. Belang van de zakelijke zekerheidsrechten 22
  4. 04 Eigendom 23
    1. Onvervreemdbaarheid 28
    2. Afbakening van onroerende eigendom 30
    3. Verticale afbakening van onroerende eigendom 30
    4. Horizontale afbakening van onroerende eigendom 31
    5. Verwerving van zakelijke rechten 32
    6. Bezit en verjaring 33
  5. 05 Vruchtgebruik 46
    1. Omschrijving en kenmerken 46
    2. Kenmerken 48
    3. Duur 48
    4. Overdracht en waardering 50
    5. Waardering 50
    6. Voorwerp 51
    7. Geen onverdeeldheid 52
    8. Vestiging van vruchtgebruik 52
    9. Afbakening van vruchtgebruik 53
    10. Rechten en plichten 54
  6. 06 Recht van erfpacht 65
    1. Definitie – historisch 65
    2. Toepassingen 66
    3. Wettelijk kader 67
    4. Titularis 67
    5. Voorwerp 68
    6. Duur 68
    7. Voortijdige beëindiging 69
    8. Vestigingswijzen 70
    9. Bezwarend karakter? 70
    10. Rechten en verplichtingen 71
    11. Einde 74
  7. 07 Opstalrecht 75
    1. Definitie – historisch 75
    2. Toepassingen 75
    3. Voorwerp 76
    4. Kenmerken 77
    5. Opstal vs afstand van natrekking 77
    6. Duur 78
    7. Eeuwigdurend (3.180, lid 2 BW) 79
    8. Rechten en plichten 80
    9. Rechten en plichten bij einde 80
    10. Einde 81
    11. Opstal vs. Accessoir opstalrecht 81
    12. Vergelijking erfpacht en opstal 82
  8. 08 Erfdienstbaarheden 82
    1. Definitie en voorwaarden 82
    2. Voorwaarden 83
    3. Voorwaarden – soorten 84
    4. Afstanden 87
    5. Erfdienstbaarheden vs dienstbaarheden 87
    6. Bronnen (soorten) 89
    7. Rechten en plichten van de partijen 95
    8. Gebruik van het lijdend erf 95
    9. Uitoefening 95
    10. Duur 97
    11. Verdeling van het OG 97
    12. Einde 98
    13. Beëindiging van de EDBH 99
  9. 09 Burenrelaties 100
    1. Burenhinder 100
    2. Gemene afsluiting (mandeligheid) 102
    3. Plichten van de mede-eigenaars 105
  10. 10 Mede-eigendom (moet nog nakijken met handboek) 105
    1. Algemeen 105
    2. Toevallige mede-eigendom 107
    3. Vrijwillige mede-eigendom 109
    4. Gedwongen mede-eigendom 110
    5. Appartementsmede-eigendom 111
  11. 11 Zakelijke zekerheden 125
    1. Algemene regels 125

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
26 november 2025
Aantal pagina's
139
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€9,99

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
zerdaozbey004
3,0
(2)
Verkocht
39
Volgers
0
Items
44
Laatst verkocht
21 uur geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen