door Franky Bossuyt (2024-2025)
Een aantal termen en principes
Vertebraten
• Behoren tot de Chordata (= gewervelden (Vertebrata), slijmprikken (Myxini), manteldieren
(Urochordata) en lancetvisjes (Cephalochordata))
• Gewervelden (bezitten ruggenwervels)
• Kaken (uitz. lampreien)
5 klassen
1. Vissen (Pisces) MAAR: omvatten zowel dieren met als zonder wervels en zowel met als zonder kaken
2. Amfibieën (Amphibia)
3. Reptielen (Reptilia)
4. Vogels (Aves)
5. Zoogdieren (Mammalia)
Grote variatie in grootte
Fylogenetische classificatie
Cladogram vs. fylogram → stellen allebei de volgorde van vertakkingen voor, maar een fylogram geeft ook de
hoeveelheid genetische verandering of tijd aan
Elena Crommen (1)
, Geologische tijdschaal
Cenozoïcum (65 mya tot nu) Mesozoïcum (248 tot 65 mya) Paleozoïcum (543 tot 248 mya)
Quaternair (1,8 mya tot nu) Krijt (144 tot 65 mya) Perm (290 tot 248 mya)
Holoceen (10 000 jaar - nu) Jura (206 tot 144 mya) Carboon (354 tot 290 mya)
Pleistoceen (1,8 mya - 10 000 j) Trias (248 tot 206 mya Devoon (417 tot 354 mya)
Tertiair (65 tot 1,8 mya) Siluur (443 tot 417 mya)
Plioceen (5,3 tot 1,8 mya) Ordovicium (490 tot 443 mya)
Mioceen (23,8 tot 5,3 mya) Cambrium (543 tot 490 mya)
Oligoceen (33,7 tot 23,8 mya)
Eoceen (54,8 tot 33,7 mya)
Paleoceen (65 tot 54,8 mya)
Actinistia - Coelacanten
Dipnoi - Longvissen
• Nauwste verwanten van Tetrapoda
• 6 levende soorten
• Rivier- en moerasgebieden in Z-Amerika, Afrika en Australië
Profiel:
• Langgerekt lichaam, vier ledematen en enkele staartvin
• Ledematen lijken op poten
• Naast kieuwen ook 1 of 2 longen (ademhaling → zuurstof uit lucht)
Evolutieve lijn naar moderne tetrapoden
Squamata
Amphisbaenia - wormhagedissen
1 vertegenwoordiger in Europa:
Moorse wormhagedis
• Ondergronds (komt zelden boven)
• Droge gebieden in Spanje, Portugal en Marokko
• Geen poten
• Voeding: wormen, slakken, insecten en hun larven
Lacertidae - echte hagedissen
3 soorten in België:
Levendbarende hagedis
Muurhagedis
• Thermofiele plaatsen
• Vallei vd Maas en valleien van bijrivieren (meest noordelijke populaties van W-Europa leven langs de
Maas op enkele terreinen in Maastricht in NL)
• Van nature niet in Vlaanderen
• Kenmerken: grote kop met opvallend slaapschild, ongetande halskraag
Zandhagedis
• Niet in Vlaanderen
• Grootste soort in België, enige soort met groene kleur op de flanken (mannetje)
Elena Crommen (2)