• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 59 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Kwalitatieve onderzoeksmethode

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 59 pagina's

Met deze samenvatting in combinatie met het doorlopen van het handboek heb ik een 16/20 gehaald op het mondelinge examen (50% van eind punt)

Voorbeeld van de inhoud

Kwalitatief onderzoek



Kwalitatief onderzoek

H1: Wat is kwalitatief onderzoek?

Wat is kwalitatief onderzoek?
De klassieke verklaringen zijn niet geheel correct/volledig:
- Verwijzing naar soort gegevens waarmee men werkt
 cijfers = kwantitatief
 niet-cijfermatig; woorden = kwalitatief?
- Verwijzing naar schaal van onderzoek
 grootschalig en/of “representatief” = kwantitatief
 kleinschalig = kwalitatief
- Verwijzing naar welbepaalde technieken van dataverzameling
 Diepte-interviews; focusgroep-interviews; participatieve observaties; analyse van persoonlijke
documenten: etc.

Definitie kwalitatief onderzoek:
Kwalitatieve onderzoeksmethoden worden gebruikt om de aard van sociale verschijnselen te
onderzoeken. Dit houdt in dat kwalitatief onderzoek zich voornamelijk bezighoudt met de eigenschap,
de gesteldheid en het karakter van verschijnselen als interacties, situaties, groeperingen, problemen
etc.

Verschil tussen kwanitatief en kwalitatief is niet louter hoe zaken worden onderzocht, maar ook onderwerp van
onderzoek (wat je onderzoekt).


Gemeenschappelijke genen in de familie?
Veel mogelijke manieren om aan kwalitatief onderzoek te doen. (wij zien enkel grondvormen).

Kenmerken kwalitatief onderzoek  examenvraag
1. Vraagstelling & doel van onderzoek
o Dagelijkse werkelijkheid staat centraal
 Wiens betekenisgeving is belangrijker?
Onderzoeker (outsider, etic) of onderzochten (insider, emic) = deductief vs inductief
Beide wisselen elkaar af
 Wereldbeeld van de onderzoeker = paradigma
 Mortelmans: “transcendentale realisten”
= sociale fenomenen bestaan in ons brein en er los van
= positivisme: de wereld bestaat los van het brein
= constructivisme: de wereld bestaat enkel in het brein
o Vraagstelling anders: sociale processen en/of complexe thema’s
 Niet: hoe vaak, hoe sterk is dit verband
 WEL: inzicht zoeken in complexe thema’s (hoe zijn sociale processen? hoe komt het dan
men die betekenis geeft?)

2. Onderzoeksdesign
o Flexibel
 Plan is noodzakleijk maar open voor verandering (data-analyse heeft hier effect op)
o Gericht op natuurlijke omgeving
 Context en betekenisgeven wederzijds beïnvloedende factoren
o “Holistisch” begrijpen van de context
 systematisch, allesomvattend, geïntegreerd (vs specifiek klein stuk, alleenstaand, los)
 vb: wonder-icon project 2015-2017
1

,Kwalitatief onderzoek


(twee wzc, partners in project rond inzet van sociale robots bij dwaal of onrustig
gedrag bewoners)

3. Dataverzamelingsmethode
o Uitgebreid gamma methoden
o Vaak meerdere methoden, maar één dominant
o Flexibel gebruik van methoden
o Vaak intens en/of langdurig contact met veld
o Balans betrokkenheid en afstand nemen
o Iteratief verzamelen en analyseren
= cyclisch proces van gegevensverzamelen, analyseren en aanpassen

4. Analyse
o (Eerder) op basis van teksten
 cijfers kunnen helpen: context onderzoeksdomein, als randinformatie
o Doel is betekenis achterhalen (moeilijk in andere taal)
o Processen staan centraal
o In diepte te begrijpen en niet statistisch representatief
o Geen voorgeprogrammeerde routines in analyse software
Hoe analyseren? Procedures = statistische procedures WEL zoeken naar inzicht in betekenisgeving
Stap 1: ‘Verstehende’ methode weber: ‘role taking’ oftewel het vermogen je te verplaatsen in de
positie van individu of groep
Stap 2: verder gaan dan ‘inner-perspective’ op sociale werkelijkheid (bv. door categoriseren in
begrippen o.a. grounded theory of bestaande theoretisch/ conceptuele kaders toe te passen als
bril
(=generaliseren)

5. Rapportering (klassieke vorm: kwalitatief artikel)
o Onderzochten worden betrokken
 feedback op resultaten, vorm van kwaliteitscontrole
o Zoveel mogelijk context van het geheel
 niet zo compact mogelijk, materiaal laten spreken
o Invloed van onderzoeker geëxpliciteerd
 wat is jou achtergrond, wereldbeeld, normen & waarden…


Kwantitatief onderzoek: verre familie of aangetrouwd?
Methodenstrijd: klassieke verwijten over kwalitatief onderzoek:
- Niet wetenschappelijk
o Wat is wetenschap?  wereldbeeld/ paradigma
Is wetenschap enkel positivisme (enkel empirische wetenschappen leveren geldige kennis op)
dan is het geen wetenschappelijke methode
MAAR: als je ander paradigma accepteert dan WEL wetenschappelijk want systematiek en
kennis nodig om goed uit te voeren
- Persoonlijke opinies
o Niet opinies van onderzoeker, maar van onderzochten staan centraal
o Niet enkel opinies, maar ook gedrag
o Onderzoeker moet eigen achtergrond expliciteren
o Systematische analyse procedures, met checks voorbij persoonlijke opinie
- “Soft” onderzoek
o Soft = onnauwkeurig, onzorgvuldig  slechts perceptie
Oorzaak: openheid van design en analyse process, maar er zijn geijkte procedures om te
volgen
o Soft = geen ‘exact’ cijfer
Cijfers hebben grotere geloofswaarde, maar andere aard van data, andere informatie dan
tekst

2

,Kwalitatief onderzoek


- Kleine & niet gerandomiseerde steekproef
o Niet generaliseerbaar?
Klopt: NIET generaliseerbaar naar populatie, maar WEL generaliseerbaar naar theoretisch
kader
o Betekent niet onbetrouwbaar; enkel anders want eigen procedures/ regels:
Theoretische steekproef, tussentijdse analyse tot saturatie

“Kwalitatief onderzoek is diepgaander & beter”
- Is deelnemen aan methodenstrijd
- Opletten!: ene benadering is niet beter dan andere
o Keuze gehanteerde onderzoeksbenadering is afhankelijk van onderzoeksvraag
o Kritiek op kwantitatief onderzoek is vaak eerder kritiek op (post)positivistische empiristische
benadering

Waarom kwalitatieve methoden?
- Kwantitatieve methoden zijn onvolledig: individuen zijn niet de bron van waarheid, waarden/normen
en cultuur  context is van belang
- Stellen van juiste vragen
o Wat weten we van maatschappij en waarom? Vb. categoriën in ras en voortplanten
o Wie ontwerpt, wie neemt deel en wie draagt de gevolgen?


H2: Geschiedenis kwalitatief onderzoek

I: Klassieke periode (1900-1945)
1) Verslagen
o Case studies
 Le Play: Case unit: Family  meerdere technieken (interview, observatie,
vergelijken, diepte)
Door vaststelling kleine gemeenschappen minder belangrijk dus focus op andere
eenheid: familie-eenheid (hoe is leven in het gezin)
 revolutionair door aanpak (hedendaags: combinatie interview + observeren)
o Etnografische veldverslagen, andere culturen
 Malinowski: The sexual life of savages
 Participatieve observatie: Malinowski kon niet terug naar huis wegens de oorlog
en verbleef daarom langer in buitenland. Leerde daaruit het belang van in die wereld
te vertoeven en in de diepte die gemeenschap leren te kennen en vanuit hun
wereldbeeld betekenis weer te geven.
(op dat moment nog niet bewust van koloniale houding tegenover andere culturen)
 Mead & Baterson: grondleggers antropologische documentaire film
 onderzoek naar interactie tussen baby en moeder

2) Verstehen, kwalitatieve manier van kijken
o Abel: “postulation of an intervening process located inside the human organism by means of
which we recognize an observed – or assumed – connection as relevant or meaningful”
o Onderzoeker zoekt naar process waarmee individu betekenis geeft aan iets
 betekenisgeving: verbinding tussen stimulus (betekenaar) en respons (betekende)
o Hoe?
1. Internaliseren v/d stimulus: wat doet de stimulus?
2. Internaliseren v/d respons: wat is de motivatie voor gedrag?
3. Identificeren van gedragsregels: verbinding stimulus-respons?
o Weber: voorbij individuele handelingen, ideaal typen
o In het veld (bv stad, extreme gevallen)  participerende observatie
 Chicago school 1920-1930: ontwikkelde vooral Kwal. Meth door migratie in VS
steden en verandering dus moest via participatieve observatie stad onderzoeken en
ontdekken in alle aspecten

3

, Kwalitatief onderzoek


 Robert & Helen Lynd: “Middletown studies”
 Traditie zet zich verder. Was een casestudie over wat typisch was voor kleinere
gemeenschappen en hoe alle facetten van het leven op elkaar in spelen +
beschrijving van geven
 werd opnieuw uitgevoerd in jaren ’70
o Bronnenmateriaal zoals brieven
 Thomas & Znaniecki (1918-1920): op basis van brievenmateriaal Polen-VS
identiteitsvorming van geëmigreerde Polen en familie proberen te begrijpen (hoe in
eigen woorden hun leven, thuissituatie beschrijven)
 vernieuwende aanpak om sociale fenomenen te begrijpen

II: Verdrukking en kiemen van vernieuwing (’50 – ’70)
Verdrukking van kwalitatief onderzoek:
“enkel marginale en beperkte fenomenen beschrijven”
“goed voor vooronderzoek”

Reactie: formaliseren naar kwantitatief model (want kan nog niet op zichzelf staan op dit moment)

3! Tendensen:
1) Focusgroep interview (Merton & Lazardfeld): communicatie  marketing
o Belangrijke ontwikkeling binnen kwal meth
o Ontwikkelt net voor WO2 om radio commercials/propaganda te evalueren (groen+rode knop)
nadien bespreken waarom bepaalde emoties opkwamen
2) Grounded theory (Strauss & Glaser)  procedures om tot theorie te komen
3) Oprichting Birmingham School  cultural studies

Grounded Theory: Tijdlijn



Straus & Glaser
Veldwerk  theorie (Chicago) procedurele (Columbia)


GT kwaliteitscriteria: gepastheid, begrijpelijkheid, generaliseerbaarheid en
controleerbaarheid


Straus & Corbin VS Glaser
Verder gewerkt aan populariseren
en kanoniseren


Charmaz: constructivisme  handelen centraal
Clarke: situationele analyse
- Cartografische weergave social worlds/arenas/negotiations
 Situationele kaarten
 Sociale werelden/arena kaarten
 Positionele kaarten




4

Inhoudsopgave

  1. 01 H1: Wat is kwalitatief onderzoek? 1
    1. Wat is kwalitatief onderzoek? 1
    2. Gemeenschappelijke genen in de familie? 1
    3. Kenmerken kwalitatief onderzoek  examenvraag 1
    4. Kwantitatief onderzoek: verre familie of aangetrouwd? 2
  2. 02 H2: Geschiedenis kwalitatief onderzoek 3
    1. I: Klassieke periode (1900-1945) 3
    2. II: Verdrukking en kiemen van vernieuwing (’50 – ’70) 4
    3. III: Heropstanding (’70 – ’80) 5
    4. IV: Postmodernisme en consolidatie (’90) 5
  3. 03 H3: Paradigma’s in kwalitatief onderzoek 5
    1. Positivisme & post-positivisme 5
    2. Constructivisme & constructivistische stromingen 6
    3. Kritische theorie, feminisme, postmodernisme en psotstructuralisme 8
    4. Participatief paradigma 8
    5. Overzicht alle paradigmas 9
  4. 04 H4: Probleemstelling & onderzoeksvraag 10
    1. Type onderzoeksvraag + beperking onderzoek 10
    2. Situering onderzoeksdomein + conceptueel kader 10
    3. Maatschappelijke en wetenschappelijke verantwoording (relevantie) + onderzoeksdoel 12
  5. 05 H5: Ethiek van het onderzoek 13
    1. Procedurele ethiek 13
    2. Situationele ethiek 14
    3. Relationele ethiek 15
    4. Ethisch omgaan met data (GDPR) 15
    5. Data flow mapping ter ondersteuning van accountability 16
  6. 06 H6: Wie ga je onderzoeken? De kwalitatieve steekproef 16
    1. Soorten steekproeftrekking 17
    2. Omvang steekproef 22
  7. 07 H7: Algemene voorbereidingen voor het veldwerk 22
    1. Steekrpeofmatrix 22
    2. Afstemmen van onderzoeksteams 23
    3. Vragenlijsten en topiclijsten 23
    4. Waar en op welke manier? 25
  8. 08 H8: Data verzamelen door te interviewen 25
    1. Kwalitatief interview 25
    2. Interviewproces 26
    3. Medium van interview 29
    4. Activatie en participatie technieken 30
  9. 09 H9: Focusgroep 33
    1. Wat is een focusgroep? 33
    2. Selectie: deelnemers focus groep (hfdst 6) 35
    3. Focus groep proces = interview proces 37
  10. 10 H10: Observatie 38
    1. Fasen (participerende) observatie 40
  11. 11 H13: Analyse van kwalitatieve data 46
    1. Coderen 47
    2. Analytische benaderingen 47
    3. Grounded theory benadering 48
    4. Coderen binnen Grounded theory benadering: 50
  12. 12 H15: Kwaliteitsvereisten 56
    1. Voor kwantitatief onderzoek 56
    2. Voor kwalitatief onderzoek 56
    3. Van criteria naar beoordelingsinstrumenten 57

Gekoppeld boek
 image
Uitgever: december 2007 ISBN: 9789033464799 Druk: 1

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Onbekend
Geüpload op
10 juni 2025
Aantal pagina's
59
Geschreven in
2021/2022
Type
Samenvatting
€10,46

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
1
Laatst verkocht
-



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen