TECHNIEKEN
LES 1 ONTWERPEN MET HOOGTES
Kenmerken van hoogtelijnen :
• Alle punten op een hoogtelijn hebben een gelijke
hoogte
• Referentieniveau is altijd zeeniveau
• Hoogtelijnen hebben altijd een label
• Hoogtelijnen worden op schaal getekend
• Afstand tussen hoogtelijnen bepaald steilheid van
helling
Wat doen hoogtelijnen niet:
• Hoogtelijnen kunnen niet splitsen, ze kunnen wel heel dicht bij elkaar liggen
• Ze stoppen nooit
• Ze overlappen niet
Tekenstandaarden van hoogtelijnen:
ISO 128-norm = een standaard voor technische tekeningen
Lijndikte/type: dunne doorlopende lijn
Annotatie: duidelijk gelabeld met hoogtes, herhaling mag, moet makkelijk te lezen zijn
Afstand tussen de lijnen: vast interval (bv om de 1 meter), bij groter schaal worden
kleinere intervallen gebruikt en bij kleinere schaal worden intervallen groter gebruikt om
overzicht te hebben
Schaal: Grotere schaal ( zoals detailkaarten) meer hoogtelijnen getoond worden
,Hoogtepunten
Waar?
Trappen: onderzijde en bovenzijde van de treden
Uniforme hellingen: Boven en onderaan de helling in alle
hoekpunten, bijkomend hellingspercentage met pijl in
afstroomrichting en bovenzijde helling weergegeven door
helling lijnen
Muren en afsluitingen: boven en onderaan elke muur, boven en onderzijde van elk
niveau
Wadi’s en vijvers: vorm zichtbaar zijn door hoogtelijnen ,
boven en onderzijde van de uitgraving worden aangeduid
met een hoogtepunt
Taluds: Worden weergegeven met een boven en
onderlijn, de markeringen duiden de bovenzijde aan, de
boven en onderzijde worden aangeduid met een
hoogtepunt en verhouding van helling moet worden toegevoegd
Te behouden bomen: Het niveau van de bomen wordt weergegeven met een hoogtepunt
Tekenstandaarden van hoogtepunten:
Op plan: worden ze weergegeven als kruis of punt met de
hoogtewaarde (duidelijk onderscheid tussen bestaande
hoogtepunten en nieuwe hoogtepunten)
In snede: symbool en hoogtewaarde
Referentieniveau:
Tweede Algemene Waterpassing = TAW
Niveau 0 = de gemiddelde laagwaterstand in Oostende gemeten
Is standaardreferentie voor hoogtemetingen
,Opmetingsplan
= plan bestaande toestand
Opgemeten door een landmeter
Bevat hoogtepunten van alle elementen op de site
Hoogtepunt bepalen
,
LES 1 ONTWERPEN MET HOOGTES
Kenmerken van hoogtelijnen :
• Alle punten op een hoogtelijn hebben een gelijke
hoogte
• Referentieniveau is altijd zeeniveau
• Hoogtelijnen hebben altijd een label
• Hoogtelijnen worden op schaal getekend
• Afstand tussen hoogtelijnen bepaald steilheid van
helling
Wat doen hoogtelijnen niet:
• Hoogtelijnen kunnen niet splitsen, ze kunnen wel heel dicht bij elkaar liggen
• Ze stoppen nooit
• Ze overlappen niet
Tekenstandaarden van hoogtelijnen:
ISO 128-norm = een standaard voor technische tekeningen
Lijndikte/type: dunne doorlopende lijn
Annotatie: duidelijk gelabeld met hoogtes, herhaling mag, moet makkelijk te lezen zijn
Afstand tussen de lijnen: vast interval (bv om de 1 meter), bij groter schaal worden
kleinere intervallen gebruikt en bij kleinere schaal worden intervallen groter gebruikt om
overzicht te hebben
Schaal: Grotere schaal ( zoals detailkaarten) meer hoogtelijnen getoond worden
,Hoogtepunten
Waar?
Trappen: onderzijde en bovenzijde van de treden
Uniforme hellingen: Boven en onderaan de helling in alle
hoekpunten, bijkomend hellingspercentage met pijl in
afstroomrichting en bovenzijde helling weergegeven door
helling lijnen
Muren en afsluitingen: boven en onderaan elke muur, boven en onderzijde van elk
niveau
Wadi’s en vijvers: vorm zichtbaar zijn door hoogtelijnen ,
boven en onderzijde van de uitgraving worden aangeduid
met een hoogtepunt
Taluds: Worden weergegeven met een boven en
onderlijn, de markeringen duiden de bovenzijde aan, de
boven en onderzijde worden aangeduid met een
hoogtepunt en verhouding van helling moet worden toegevoegd
Te behouden bomen: Het niveau van de bomen wordt weergegeven met een hoogtepunt
Tekenstandaarden van hoogtepunten:
Op plan: worden ze weergegeven als kruis of punt met de
hoogtewaarde (duidelijk onderscheid tussen bestaande
hoogtepunten en nieuwe hoogtepunten)
In snede: symbool en hoogtewaarde
Referentieniveau:
Tweede Algemene Waterpassing = TAW
Niveau 0 = de gemiddelde laagwaterstand in Oostende gemeten
Is standaardreferentie voor hoogtemetingen
,Opmetingsplan
= plan bestaande toestand
Opgemeten door een landmeter
Bevat hoogtepunten van alle elementen op de site
Hoogtepunt bepalen
,