Complexere hersenfunctie, het geheugen is een voorbeeld van een hogere hersenfunctie.
Engram/Geheugenspoor, de mens is al lang op zoek naar het geheugenspoor.
Opslag herinneringen, Karl Lashley is een van de
eerste die aan experiment begon met betrekking op
het geheugen. Hij liet ratten of muizen door een
doolhof lopen en als ze dat doolhof eenmaal geleerd
hadden, sneed die door de hersenen of maakte die
laesies. Na het maken van de laesies liet die de
dieren herstellen en weer door het doolhof
heenlopen. Hij vond hierbij geen specifiek gebied
voor de opslag van geheugen, maar merkte wel dat de dieren het moeilijker vonden om de weg te
vinden als de laesie een groter percentage van de cortex besloeg. Zijn conclusie was uiteindelijk dat
herinneringen niet bewaard worden op een specifieke locatie, maar opslag verspreid over de cortex
plaatsvindt. Deze gedachte wordt ook wel Karl Lashleys mass action principle genoemd.
Patiënt HM, leed aan epilepsie en wanneer dit niet te behandelen is met medicijnen,
wordt het hersenweefsel waar de epileptische aanval geïnitieerd wordt verwijderd. In het
geval van patiënt HM lag de oorsprong in twee gebieden van de mediale temporaal
kwab. Deze gebieden bevonden zich bilateraal en zijn aan alle twee de kanten verwijderd
(zie stippellijn afbeelding). Hierbij is de gehele hippocampus weggehaald en ook een paar
omringende structuren: entorhinal cortex. Na de operatie had die geen last meer van
epileptische aanvallen en leek alles goed te gaan. Later bleek echter dat zijn geheugen enorm
aangetast was. Hij leed aan ernstige anterograde amnesie en milde retrograde amnesie.
Anterograde amnesie, hierbij kan iemand geen nieuwe herinneringen vormen.
Retrograde amnesie, hierbij is het terughalen van oude herinneringen aangetast.
Geheugen, de hippocampus is dus heel belangrijk voor ons geheugen.
Rechts zie je maar een gedeelte van de hippocampus aan de andere zijde
ligt nog zo’n strook.
Brenda Milner, was de psycholoog van patiënt HM en zij ontdekte dat
patiënt HM nog wel een reeks nummers kon onthouden als die niet te lang
was en hij HM niet afgeleid. Hij moest de reeks echter wel meteen
herhalen, want zodra die een tijdje wachtte was die het alweer kwijt. Op
basis hiervan heeft Milner een tijdlijn van geheugen vastgesteld. Er is een
korte termijn geheugen dat informatie voor korte tijd vast kan houden en er
is een lange termijn geheugen. Bij patiënt HM zou dit laatste beïnvloed zijn.
Geheugen tijdlijn, het begint met sensorische input dat in het sensorische
geheugen terecht komt. De opslag hiervan is zeer beperkt en duurt maar een
paar milliseconden. Het idee is dat informatie hier net zolang wordt
vastgehouden zodat de vorige stimulus aan de opvolgende stimulus gekoppeld
kan worden. Zo rijg je allerlei verschillende klanken aan elkaar in woorden en
zinnen. Wanneer iets onze aandacht heeft, kan het door naar onze korte termijn
geheugen. De opslag hiervan is ook beperkt en je stelt je in staat maar een
aantal items in je geheugen te houden en te manipuleren. Vandaar dat het korte
termijn geheugen ook wel werkgeheugen wordt genoemd. Je vergelijkt continue
de nieuwe ingekomen input met datgene dat al in je lange termijn geheugen zit. Dit verschijnsel
noemen we encoding. Als je bijvoorbeeld afzonderlijke letters moet onthouden en het volgende
wordt opgenoemd: N E U R O B I O L O G I E, dan hoef je niet alle afzonderlijke letters te onthouden,
maar hoef je maar 1 woord te onthouden en dat past makkelijk in je korte termijn geheugen.
Encoding is handig maar je hebt er niet zoveel aan, want je wilt dat informatie in het lange termijn
geheugen terechtkomt en niet enkel in je korte termijn geheugen blijft. We denken dat de opslag van