Vroegtijdige interventies 2013
Onderbeke:
Wat is dysharmonische horizontale ontwikkeling?
Dysharmonisch= het kind kan in de ene houding al kwalitatief meer dan in een andere houding
--> kan de verticale ontwikkeling belemmeren
Harmonisch = ontwikkeling in verschillende posities is gelijklopend.
Geef een voorbeeld?
ruglig > buiklig --> beperkte buikervaring: langer symmetrie, weinig GTF en dissociatie
(vb. Shufflers: kunnen zithouding niet verlaten = geen HOUDINGSOVERGANGEN)
Hoe staat dit in relatie tot variante en/of pathologische ontwikkeling?
houdingsovergangen: stabiliteit, rotatie & dissociatie, GTF nodig!!
- variant: vb. tenenloper, billenschuiver
- pathologisch: CP
wat is variabiliteit + belang tijdens de ontwikkeling
normale ontwikkeling:
meer variabiliteit --> meer ervaring in ≠ houdingen --> efficiënter bewegen in hogere posities en
uitdagingen
variabiliteit: inconsistent in uitvoering
--> flexibiliteit: verschillende strategieën ontwikkelen
--> variatie: meer mogelijkheden in uitvoering
oorzaken en gevolgen van asymmetrie
oorzaken: voorkeurshouding; hypotonie; aanhouden van ATNR; Torticollis; Hemiparese; Erbse
parese; KISS (hoofdgewrichten --> blokkage kleine nekspieren)
gevolgen: plagiocephalie; geen middellijnoriëntatie; gebrek aan stabiliteit; scoliose; gebrek aan
variatie belemmert verdere ontwikkeling
Van Coster
onderzoek van de zuigeling: beschrijf axillaire hang en de verandering doorheen
de normale ontwikkeling
- 0-3m: passieve extensie, geen hoofdcontrole
- 4-7m: duidelijke flexie benen, meer hoofdcontrole
- 8-10m: benen actief gestrekt = voorbereiding tot stand
Babyreacties = primitieve reacties = bewegingen in ons organisme die
automatisch ontstaan vanuit de hersenstap als reactie op een prikkel, zonder
tussenkomst van de cortex
, Van Waelvelde:
Leg het protocol van het experiment van Johnny en Jimmy uit.
o Tweeling, dus zogezegd hetzelfde genetisch materiaal (= nature)
o Eerste 22m wordt johnny gestimuleerd. Daarna w Jimmy gedurende 2,5mnd
gestimuleerd in dezelfde activiteiten.
o Johny tot 25m in de wieg --> motorisch actiever, vlotter, meer motorisch
probleemoplossend gedrag
o Jimmy motorisch extra gestimuleerd
==> NATURE: ontwikkeling van MIJLPALEN in vaste volgorde, gelijkaardig tempo, weinig of geen
invloed van oefening
==> NURTURE heeft minder invloed
Tot welke theorie hoort dit?
o Neurale rijpingstheorie: motorische ontwikkeling gestuurd door rijping CZS
Hoe steunde deze test deze theorie?
o Ze willen aantonen dat het ontwikkelen van vaardigheden te maken heeft met rijping
van de neuronen en dat er dus weinig tot geen invloed van omgeving (stimulatie) is.
o direct lineaire link tss neurale rijping en motorische ontwikkeling van MIJLPALEN
Waaruit bleek dat deze theorie nog in discussie moet worden gesteld?
o Mijlpalen van tweeling werden op dezelfde moment bereikt, in een gelijkaardig
tempo, er was dus weinig of geen invloed van oefening
o Resultaat is dat in de eerste jaren, er geen verschil was tussen beide, maar later
bleek dat johnny meer ruimtelijk inzicht/probleemoplossend gedrag had, motorisch
actiever en vlotter
o monozygote/dyzigote tweeling??
handelingsgerichte diagnostiek:
o vraagstellingsgericht: HULPVRAAG (ouders, ZV, kind)
o systematisch: diagnostisch traject bijgestuurd obv geëxpliceerde HYPOTHESES
o open communicatie: ouders, kind, school
o transactioneel kader: afstemmen op kenmerken van kind/ opvoedingssitiatie/
onderwijsleersituatie
o sterke/positieve kenmerken: ≠ eenzijdige benadering van problemen, aandacht voor
positieve kenmerken!
wat doet het COS en wat doet de dienst vroeg vroeghulp en thuisbegeleiding. Wat
is het essentiële verschil tussen de diagnostiek?
Vens:
Wat zijn general movements: adhv observaties uitspraken doen over motorische innervatie
= spontane bewegingsactiviteiten -> worden geobserveerd en op hun kwaliteit beoordeeld
om prognoses te maken omtrent e motorische ontwikkeling van baby’s.
2 periodes waarin we de spontane bewegingen bij een zuigeling observeren:
1.) jonge zuigeling (GM) – tot leeftijd 3-4m
Onderbeke:
Wat is dysharmonische horizontale ontwikkeling?
Dysharmonisch= het kind kan in de ene houding al kwalitatief meer dan in een andere houding
--> kan de verticale ontwikkeling belemmeren
Harmonisch = ontwikkeling in verschillende posities is gelijklopend.
Geef een voorbeeld?
ruglig > buiklig --> beperkte buikervaring: langer symmetrie, weinig GTF en dissociatie
(vb. Shufflers: kunnen zithouding niet verlaten = geen HOUDINGSOVERGANGEN)
Hoe staat dit in relatie tot variante en/of pathologische ontwikkeling?
houdingsovergangen: stabiliteit, rotatie & dissociatie, GTF nodig!!
- variant: vb. tenenloper, billenschuiver
- pathologisch: CP
wat is variabiliteit + belang tijdens de ontwikkeling
normale ontwikkeling:
meer variabiliteit --> meer ervaring in ≠ houdingen --> efficiënter bewegen in hogere posities en
uitdagingen
variabiliteit: inconsistent in uitvoering
--> flexibiliteit: verschillende strategieën ontwikkelen
--> variatie: meer mogelijkheden in uitvoering
oorzaken en gevolgen van asymmetrie
oorzaken: voorkeurshouding; hypotonie; aanhouden van ATNR; Torticollis; Hemiparese; Erbse
parese; KISS (hoofdgewrichten --> blokkage kleine nekspieren)
gevolgen: plagiocephalie; geen middellijnoriëntatie; gebrek aan stabiliteit; scoliose; gebrek aan
variatie belemmert verdere ontwikkeling
Van Coster
onderzoek van de zuigeling: beschrijf axillaire hang en de verandering doorheen
de normale ontwikkeling
- 0-3m: passieve extensie, geen hoofdcontrole
- 4-7m: duidelijke flexie benen, meer hoofdcontrole
- 8-10m: benen actief gestrekt = voorbereiding tot stand
Babyreacties = primitieve reacties = bewegingen in ons organisme die
automatisch ontstaan vanuit de hersenstap als reactie op een prikkel, zonder
tussenkomst van de cortex
, Van Waelvelde:
Leg het protocol van het experiment van Johnny en Jimmy uit.
o Tweeling, dus zogezegd hetzelfde genetisch materiaal (= nature)
o Eerste 22m wordt johnny gestimuleerd. Daarna w Jimmy gedurende 2,5mnd
gestimuleerd in dezelfde activiteiten.
o Johny tot 25m in de wieg --> motorisch actiever, vlotter, meer motorisch
probleemoplossend gedrag
o Jimmy motorisch extra gestimuleerd
==> NATURE: ontwikkeling van MIJLPALEN in vaste volgorde, gelijkaardig tempo, weinig of geen
invloed van oefening
==> NURTURE heeft minder invloed
Tot welke theorie hoort dit?
o Neurale rijpingstheorie: motorische ontwikkeling gestuurd door rijping CZS
Hoe steunde deze test deze theorie?
o Ze willen aantonen dat het ontwikkelen van vaardigheden te maken heeft met rijping
van de neuronen en dat er dus weinig tot geen invloed van omgeving (stimulatie) is.
o direct lineaire link tss neurale rijping en motorische ontwikkeling van MIJLPALEN
Waaruit bleek dat deze theorie nog in discussie moet worden gesteld?
o Mijlpalen van tweeling werden op dezelfde moment bereikt, in een gelijkaardig
tempo, er was dus weinig of geen invloed van oefening
o Resultaat is dat in de eerste jaren, er geen verschil was tussen beide, maar later
bleek dat johnny meer ruimtelijk inzicht/probleemoplossend gedrag had, motorisch
actiever en vlotter
o monozygote/dyzigote tweeling??
handelingsgerichte diagnostiek:
o vraagstellingsgericht: HULPVRAAG (ouders, ZV, kind)
o systematisch: diagnostisch traject bijgestuurd obv geëxpliceerde HYPOTHESES
o open communicatie: ouders, kind, school
o transactioneel kader: afstemmen op kenmerken van kind/ opvoedingssitiatie/
onderwijsleersituatie
o sterke/positieve kenmerken: ≠ eenzijdige benadering van problemen, aandacht voor
positieve kenmerken!
wat doet het COS en wat doet de dienst vroeg vroeghulp en thuisbegeleiding. Wat
is het essentiële verschil tussen de diagnostiek?
Vens:
Wat zijn general movements: adhv observaties uitspraken doen over motorische innervatie
= spontane bewegingsactiviteiten -> worden geobserveerd en op hun kwaliteit beoordeeld
om prognoses te maken omtrent e motorische ontwikkeling van baby’s.
2 periodes waarin we de spontane bewegingen bij een zuigeling observeren:
1.) jonge zuigeling (GM) – tot leeftijd 3-4m