Onderzoeksmethodologie in de revalidatiewetenschappen
Prof. Dr. Eva D'hondt en Prof. Dr. David Bekwee
HOOFDSTUK 5 : EXPERIMENTEEL ONDERZOEK (basisbegrippen)
1. Basisprincipes bij experiment
– Vaststellen van oorzaak-gevolg relaties door manipulatie van de onafhankelijke variabele (OV) en het effect ervan op
de afhankelijke variabele (AV) te bestuderen
– Aanwezigheid van een controle- of referentiegroep
– Random toewijzing van proefpersonen aan condities/groepen
– Controle van externe variabelen
– Experiment = in principe beste keuze (!), maar niet altijd mogelijk
R = random toewijzing
2. Soorten variabelen in experimenten
Onafhankelijke variabele (OV) – “Factor” :
→ afhankelijke variabele beïnvloeden/erop een effect hebben
– Minimum 2 niveaus, levels of condities
Vb : Experimentele groep : manipulatie
Controlegroep : geen/ andere manipulatie
– Soorten MANIPULATIE van onafhankelijke variabele :
– Invasieve manipulatie (veranderingen aan lichaam van proefpersoon)
Vb : behandeling, operatie, medicijnen..
– Omgevingsmanipulatie (bewust iets gaan veranderen aan omgeving van proefpersonen vb : sportcentrum,
pijlen op de grond om gebruik van de trap te verkiezen..)
– Instructionele manipulatie (andere informatie/richtlijnen geven aan beide groepen vb : rugscholing 1 groep
wel, 1 groep niet zeggen, leren zwemmen op manier A bij groep 1 en zwemmen op manier B bij groep 2)
In een experiment : OV is ALTIJD gemanipuleerde variabele !!!
Geen manipulatie : beschrijvend onderzoek !!
OV is altijd een subject variabele bij beschrijvend onderzoek (want geen manipulatie).
, Subject variabele :
= eigenschap van proefpersonen die niet gemanipuleerd wordt.
→ SOMS, niet altijd !!
Vb : geslacht (vb van sportinfrastructuur en FA, effect anders bij vrouwen/mannen), rokers en niet-rokers
Afhankelijke variabele (AV) – “Uitkomstmaat” :
= waarop men effect van onafhankelijke variabele wil onderzoeken.
Voorbeeld : “Hoe beïnvloedt sportinfrastructuur mate van FA (fysieke activiteit) bij werknemers over de middag ?”
– AV : mate van FA
– OV : sportinfrastructuur
→ experimenteel onderzoek WANT je kan de OV manipuleren
→ beschrijvend onderzoek WANT je kan gewoon sportinfrastructuur beschrijven
Onderzoeksvragen kunnen beiden bevatten
3. Soorten toewijzing aan conditie
A. BETWEEN SUBJECTS DESIGN (of randomised group design) → “OF OF”
• Simple random toewijzing
→ lot bepaald wie in welke groep is.
– Elke pp heeft evenveel kans om tot elke conditie te behoren
– Indien voldoende grote groepen : deelnemers elke conditie gelijk bij begin experiment
• Matched random toewijzing
→ # criteria voorop stellen, waarvan je zeker bent die gelijk verdeeld zijn
Vb : geslacht gelijk verdelen over 2 groepen (evenveel mannen in beide groepen, vrouwen idem)
– Om bij kleinere groepen , de kans op gelijkheid van groepen bij aanvang van het experiment te vergroten
– Condities / groepen worden gematched op 1 of meerdere premetingen of kenmerken
B. WITHIN SUBJECTS DESIGN (of repeated measures design) → “EN EN”
→ zelfde groep gaat 2 condities uitvoeren/elke PP zal beide condities testen
– Elke proefpersoon behoort tot elke conditie (eigen controle)
– Herhaalde metingen binnen eenzelfde individu
Voordelen :
– Zeker dat groepen in elke conditie vergelijkbaar zijn
– Meer power / hogere bewijskracht
– 1/2de minder proefpersonen nodig
Prof. Dr. Eva D'hondt en Prof. Dr. David Bekwee
HOOFDSTUK 5 : EXPERIMENTEEL ONDERZOEK (basisbegrippen)
1. Basisprincipes bij experiment
– Vaststellen van oorzaak-gevolg relaties door manipulatie van de onafhankelijke variabele (OV) en het effect ervan op
de afhankelijke variabele (AV) te bestuderen
– Aanwezigheid van een controle- of referentiegroep
– Random toewijzing van proefpersonen aan condities/groepen
– Controle van externe variabelen
– Experiment = in principe beste keuze (!), maar niet altijd mogelijk
R = random toewijzing
2. Soorten variabelen in experimenten
Onafhankelijke variabele (OV) – “Factor” :
→ afhankelijke variabele beïnvloeden/erop een effect hebben
– Minimum 2 niveaus, levels of condities
Vb : Experimentele groep : manipulatie
Controlegroep : geen/ andere manipulatie
– Soorten MANIPULATIE van onafhankelijke variabele :
– Invasieve manipulatie (veranderingen aan lichaam van proefpersoon)
Vb : behandeling, operatie, medicijnen..
– Omgevingsmanipulatie (bewust iets gaan veranderen aan omgeving van proefpersonen vb : sportcentrum,
pijlen op de grond om gebruik van de trap te verkiezen..)
– Instructionele manipulatie (andere informatie/richtlijnen geven aan beide groepen vb : rugscholing 1 groep
wel, 1 groep niet zeggen, leren zwemmen op manier A bij groep 1 en zwemmen op manier B bij groep 2)
In een experiment : OV is ALTIJD gemanipuleerde variabele !!!
Geen manipulatie : beschrijvend onderzoek !!
OV is altijd een subject variabele bij beschrijvend onderzoek (want geen manipulatie).
, Subject variabele :
= eigenschap van proefpersonen die niet gemanipuleerd wordt.
→ SOMS, niet altijd !!
Vb : geslacht (vb van sportinfrastructuur en FA, effect anders bij vrouwen/mannen), rokers en niet-rokers
Afhankelijke variabele (AV) – “Uitkomstmaat” :
= waarop men effect van onafhankelijke variabele wil onderzoeken.
Voorbeeld : “Hoe beïnvloedt sportinfrastructuur mate van FA (fysieke activiteit) bij werknemers over de middag ?”
– AV : mate van FA
– OV : sportinfrastructuur
→ experimenteel onderzoek WANT je kan de OV manipuleren
→ beschrijvend onderzoek WANT je kan gewoon sportinfrastructuur beschrijven
Onderzoeksvragen kunnen beiden bevatten
3. Soorten toewijzing aan conditie
A. BETWEEN SUBJECTS DESIGN (of randomised group design) → “OF OF”
• Simple random toewijzing
→ lot bepaald wie in welke groep is.
– Elke pp heeft evenveel kans om tot elke conditie te behoren
– Indien voldoende grote groepen : deelnemers elke conditie gelijk bij begin experiment
• Matched random toewijzing
→ # criteria voorop stellen, waarvan je zeker bent die gelijk verdeeld zijn
Vb : geslacht gelijk verdelen over 2 groepen (evenveel mannen in beide groepen, vrouwen idem)
– Om bij kleinere groepen , de kans op gelijkheid van groepen bij aanvang van het experiment te vergroten
– Condities / groepen worden gematched op 1 of meerdere premetingen of kenmerken
B. WITHIN SUBJECTS DESIGN (of repeated measures design) → “EN EN”
→ zelfde groep gaat 2 condities uitvoeren/elke PP zal beide condities testen
– Elke proefpersoon behoort tot elke conditie (eigen controle)
– Herhaalde metingen binnen eenzelfde individu
Voordelen :
– Zeker dat groepen in elke conditie vergelijkbaar zijn
– Meer power / hogere bewijskracht
– 1/2de minder proefpersonen nodig