Strafrecht samenvatting hoofdstuk 7
Inleiding
Er zijn een aantal gevallen waarbij de dader wel aan alle bestanddelen van de
delictsomschrijving voldoet, maar niet gestraft wordt. We spreken in dit soort
gevallen van een strafsluitingsgrond.
Een strafsluitingsgrond is een (meestal) in de wet genoemde reden waarom
iemand die wel een strafbaar feit pleegt, toch niet gestraft wordt.
De strafsluitingsgronden kunnen verdeeld worden verdeeld in
rechtvaardigingsgronden en schuldsluitingsgronden. De
rechtvaardigingsgronden sluiten strafbaarheid van de dader uit omdat het feit
niet strafbaar is. Schuldsluitingsgronden sluiten strafbaarheid van de dader uit
omdat de dader niet strafbaar is.
Overmacht in de zin van noodtoestand (art. 40 Sr)
Bij noodtoestand botsen twee plichten: de plicht om aan de wet te voldoen en
de plicht om in een noodgeval te helpen. Het is toegestaan om bij zo’n botsing
van plichten de wet te overtreden om op die manier aan een menselijke plicht te
voldoen (art. 40 Sr).
Noodweer (art. 41 lid 1 Sr)
Een dader die een strafbaar feit pleegt omdat hij zichzelf, een ander of zijn
spullen verdedigt tegen een aanval, is niet strafbaar.
Voor noodweer gelden twee voorwaarden:
1. De zelfverdediging is een reactie op een onmiddellijke (dreigende) aanval
van een ander.
2. Bij de zelfverdediging kiest de dader het minst zware middel om zich te
verdedigen.
Kiest de dader voor zijn verdediging een te zwaar middel, dan kan hij geen
beroep doen op noodweer, maar soms wel op de strafsluitingsgrond
noodweerexces.
Noodweerexces (art. 41 lid 2 Sr)
Kiest de dader vanwege de door de aanval teweeggebrachte schrik of angst een
te zwaar middel, dan kan hij beroep doen op noodweerexces.
Noodweerexces is alleen mogelijk als de dader zich verdedigt in reactie op een
onmiddellijke aanval van een ander. Het enige verschil met noodweer is dat de
dader, door de schrik of door zijn boosheid, een te zwaar middel kiest om zich te
verdedigen.
Wettelijk voorschrift (art. 42 Sr)
Wie door het naleven van een wettelijke regel een strafbaar feit pleegt, is niet
strafbaar. In zo’n geval kan de dader zich beroepen op de strafuitsluitingsgrond
wettelijk voorschrift. Deze strafuitsluitingsgrond wil zeggen dat twee
geschreven rechtsregels met elkaar botsen.
Inleiding
Er zijn een aantal gevallen waarbij de dader wel aan alle bestanddelen van de
delictsomschrijving voldoet, maar niet gestraft wordt. We spreken in dit soort
gevallen van een strafsluitingsgrond.
Een strafsluitingsgrond is een (meestal) in de wet genoemde reden waarom
iemand die wel een strafbaar feit pleegt, toch niet gestraft wordt.
De strafsluitingsgronden kunnen verdeeld worden verdeeld in
rechtvaardigingsgronden en schuldsluitingsgronden. De
rechtvaardigingsgronden sluiten strafbaarheid van de dader uit omdat het feit
niet strafbaar is. Schuldsluitingsgronden sluiten strafbaarheid van de dader uit
omdat de dader niet strafbaar is.
Overmacht in de zin van noodtoestand (art. 40 Sr)
Bij noodtoestand botsen twee plichten: de plicht om aan de wet te voldoen en
de plicht om in een noodgeval te helpen. Het is toegestaan om bij zo’n botsing
van plichten de wet te overtreden om op die manier aan een menselijke plicht te
voldoen (art. 40 Sr).
Noodweer (art. 41 lid 1 Sr)
Een dader die een strafbaar feit pleegt omdat hij zichzelf, een ander of zijn
spullen verdedigt tegen een aanval, is niet strafbaar.
Voor noodweer gelden twee voorwaarden:
1. De zelfverdediging is een reactie op een onmiddellijke (dreigende) aanval
van een ander.
2. Bij de zelfverdediging kiest de dader het minst zware middel om zich te
verdedigen.
Kiest de dader voor zijn verdediging een te zwaar middel, dan kan hij geen
beroep doen op noodweer, maar soms wel op de strafsluitingsgrond
noodweerexces.
Noodweerexces (art. 41 lid 2 Sr)
Kiest de dader vanwege de door de aanval teweeggebrachte schrik of angst een
te zwaar middel, dan kan hij beroep doen op noodweerexces.
Noodweerexces is alleen mogelijk als de dader zich verdedigt in reactie op een
onmiddellijke aanval van een ander. Het enige verschil met noodweer is dat de
dader, door de schrik of door zijn boosheid, een te zwaar middel kiest om zich te
verdedigen.
Wettelijk voorschrift (art. 42 Sr)
Wie door het naleven van een wettelijke regel een strafbaar feit pleegt, is niet
strafbaar. In zo’n geval kan de dader zich beroepen op de strafuitsluitingsgrond
wettelijk voorschrift. Deze strafuitsluitingsgrond wil zeggen dat twee
geschreven rechtsregels met elkaar botsen.