Genetic Analysis and Mapping in
Bacteria and Bacteriophages
Concepts of Genetics – Hoofdstuk 6
6.1
Bacteriën hebben drie groei fases
1 lag fase daar groei hij nog niet, maar past hij zich aan aan zijn
nieuwe omgeving.
2 log fase er is nu genoeg energie en vindt er deling plaats
(exponentiele groei).
3 stationary fase er is niet genoeg voeding meer om te kunnen delen.
Phototroph als bacteriën alle essentiële organische componenten zelf kunnen
synthetiseren.
Auxotroph deze bacteriën kunnen niet alle essentiële componenten zelf
synthetiseren.
6.2
Er zijn drie manieren waarop genoverdracht bij bacteriën kan plaatsvinden
conjugatie, transformatie en transductie.
Conjugatie er is cel-cel contact via de buis, dit hoeft niet tussen dezelfde cellen
te zijn.
Transformatie naakt DNA dat wordt overgebracht in een andere cel, in de
natuur of op het lab.
Transductie overdracht met behulp van fagen.
Verticale gen transfer tussen organismen van dezelfde soort.
Horizontale gen transfer tussen organismen van verschillende, gerelateerde
soorten.
Conjugatie de genetische informatie van één bacterie kan worden
overgebracht naar een andere bacterie, waar het kan (re)combineren met het
DNA van die bacterie.
F+ zijn DNA donoren en F- cellen zijn de recipients. F+ cellen hebben fertility
factors / plasmiden (F factor) dat de mogelijkheid geeft om DNA te doneren
tijdens conjugatie. Recipient cellen worden ook F + als ze conjugatie ondergaan. Er
wordt een klein gaatje gemaakt in één streng van de plasmide, waardoor die kan
afrollen en deze streng van de plasmide in de andere cel kan komen. De cellen
synthetiseren dan zelf de andere streng.
Bacteria and Bacteriophages
Concepts of Genetics – Hoofdstuk 6
6.1
Bacteriën hebben drie groei fases
1 lag fase daar groei hij nog niet, maar past hij zich aan aan zijn
nieuwe omgeving.
2 log fase er is nu genoeg energie en vindt er deling plaats
(exponentiele groei).
3 stationary fase er is niet genoeg voeding meer om te kunnen delen.
Phototroph als bacteriën alle essentiële organische componenten zelf kunnen
synthetiseren.
Auxotroph deze bacteriën kunnen niet alle essentiële componenten zelf
synthetiseren.
6.2
Er zijn drie manieren waarop genoverdracht bij bacteriën kan plaatsvinden
conjugatie, transformatie en transductie.
Conjugatie er is cel-cel contact via de buis, dit hoeft niet tussen dezelfde cellen
te zijn.
Transformatie naakt DNA dat wordt overgebracht in een andere cel, in de
natuur of op het lab.
Transductie overdracht met behulp van fagen.
Verticale gen transfer tussen organismen van dezelfde soort.
Horizontale gen transfer tussen organismen van verschillende, gerelateerde
soorten.
Conjugatie de genetische informatie van één bacterie kan worden
overgebracht naar een andere bacterie, waar het kan (re)combineren met het
DNA van die bacterie.
F+ zijn DNA donoren en F- cellen zijn de recipients. F+ cellen hebben fertility
factors / plasmiden (F factor) dat de mogelijkheid geeft om DNA te doneren
tijdens conjugatie. Recipient cellen worden ook F + als ze conjugatie ondergaan. Er
wordt een klein gaatje gemaakt in één streng van de plasmide, waardoor die kan
afrollen en deze streng van de plasmide in de andere cel kan komen. De cellen
synthetiseren dan zelf de andere streng.