H1: Inleiding tot de gedrag- en maatschappijwetenschappen
hoorcollege 13/2/2026
Menselijke impact: klimaatverandering & verlies aan biodiversiteit:
Verlies aan biodiversiteit voedt uitbraak van invasieve soorten:
→ wanneer een ecosysteem soorten verliest, wordt het kwetsbaarder voor
indringers van buitenaf.
Stilstaan is achteruit gaan:
the red queen strategy = vooruitgaan is aanpassen, alles moet 2x zo snel gaan
creatiever worden is belangrijk om huidige stand van leven te onderhouden
grootste uitdaging: groeiende wereldbevolking
industriële revolutie → stijgende wereldbevolking → prijskaartje (bv.
hongersnood, armoede,..)
- Het meest trieste aspect van het huidige leven is dat de wetenschap sneller kennis
opdoet dan de maatschappij wijsheid opdoet.
- Als kennis problemen kan veroorzaken, is het niet door onwetendheid dat we ze
oplossen.
→ Isaac Asimov
=> vooruitgang in kennis moet gepaard gaan met vooruitgang in inzicht en
verantwoordelijkheid, anders kan vooruitgang gevaarlijk worden.
Maatschappelijke problemen veroorzaken sociale dilemma’s:
- Sociaal dilemma = conflict tussen persoonlijk voordeel en collectief belang. Wanneer
teveel mensen uit eigenbelang handelen, verliest iedereen.
- In een sociaal dilemma kan men nooit eigen voordeel en gemeenschappelijke
welvaart samen realiseren.
- Andere voorbeelden: klimaatopwarming (files), carpooling, recycling, huishoudelijke
taken, groepswerken (freeriders), …
Ook democratie is een sociaal dilemma
- Voorschriften en wetten komen tot stand via vertegenwoordiging van de
maatschappij.
- Wanneer onvoldoende mensen deelnemen aan publiek debat (via stemrecht),
riskeren de voordelen van de democratie ondermijnd te worden door machtsmisbruik
van enkelen.
- Democratische maatschappij kan niet bestaan zonder burgerzin.
Welk standpunt neem je in? Deelnemen aan publiek debat vraagt “fact checking”
→ bijkomend dilemma: standpunt kunnen verdedigen
1
, boodschap: je denkwijze is een sociale constructie
→ gevormd door denkwijze, opvoeding, normen die je hebt meegekregen
en leert
→ Verschillen van cultuur tot cultuur
→ je had anders kunnen zijn afh van context waarin je opgroeit
=> Het ‘sociale’ versus het ‘individu’
maatschappij en individueel gedrag kunnen niet van elkaar losgekoppeld worden
je kan individu niet begrijpen zonder ook de maatschappij te doorgronden
→ wisselwerking
bv. naar werk fietsen → collega’s beïnvloeden → meer fietsers →
samenleving wordt hieraan aangepast
=> 2 richtingsverkeer
Deel 1: Gedrag
definitie: “ We are a social beast occupying a cognitive niche” (Steven Pinker Pinker)
We verschillen niet veel van dieren
→ onze maatschappij maakt ons anders (cultuur)
→ in tegenstelling met andere dieren kunnen we abstractie vormen
onze taal = uniek:
- complex
- generatief: we kunnen oneindig zinnen bouwen
- we kunnen elkaar oneindig begrijpen
- reden: in vergelijking met andere dieren lange kindertijd
Paradox:
Kenmerken van Homo Sapiens
- Intelligent
- sociaal
- Zelfzuchtig
- hulpvaardig
- Strategisch
- meevoelend
2
,combinatie van eigenschappen maakt ons coöperatief → geeft ons de capaciteit
om samen te werken
samengevat:
Wie is de Homo sapiens?
- Groot brein; lange kindertijd; aanleg voor kunst/taal/abstractie
- Paradoxaal gedrag
- Onevenaarbaar succes in biomassa, flexibiliteit, creativiteit, maar ook een neiging tot
geweld, destructie, (enige soort met wapens tot zelfdestructie)
- Grote ecologische voetafdruk: we passen wereld aan aan onze noden ipv
omgekeerd
Gedragswetenschappen zijn een huwelijk tussen rationalisme en empirisme.
- Rationalisme: theorievorming
gebaseerd op feiten en observaties
adhv deze kan je voorspellingen maken, wereld sturen en interacteren
- Empirisme: Ervaring, dataverzameling
Het bewustzijn was één van de eerste onderzoeksdomeinen in de gedragswetenschappen
- Structuralisme (W. Wundt)
Experimentele analyse v.d. onderdelen van het bewustzijn
Systematische, objectieve observaties van bewuste ervaringen
- Functionalisme (W. James)
Onderzoekt functie v.h. bewustzijn
Invloed van het Darwinisme; het bewustzijn heeft overlevingswaarde
bewustzijn moet in geheel worden bestudeerd
Conflict leidt tot waaier van wetenschappelijke benaderingen
Behaviorisme (B. F. Skinner)
- Bestudeer enkel het observeerbare gedrag
- Alles is aangeleerd, vrije wil is een illusie.
- gebruikte
Psychodynamica (S. Freud)
- Bestudeer de onbewuste drijfveren van het gedrag
Humanisme (C. Rogers)
- Mensen zijn veranderbaar
- Focus op zelfrealisatie
- belangrijk bij psychotherapie
Moderne benaderingen
- Biologische: Gedrag verklaren aan de hand van genetische, neurologische en
biochemische processen
- Cognitieve: Hoe wordt informatie vergaard, opgeslagen, en verwerkt?
3
, - Evolutionaire: Evolutie door selectie; bestudeert universele tendensen (bv. emoties);
berust op assumpties uit het verleden. Gedrag wordt beschouwd als reactie op
natuurlijke selectie.
Probleem: gokken hoe het er vroeger aan toe ging
- Socio-culturele: Gedrag is afhankelijk van de socio-culturele context.
belang van socialisatie in cultuur
gedragswetenschappen worden altijd uitgevoerd door weird populatie ( = western,
educated,..)
weird mensen vertonen gedrag dat atypisch is
Waarom gedragswetenschappen voor economen?
1. Begrip voor economische anomalieën.
ons gedrag is niet wat rationele economen zouden verwachten
rationele economen: verwachten homo economicus
wij vertonen atypisch economisch gedrag
voorbeelden animal spirits:
- Afkeer voor onrechtvaardigheid (Ultimatum Spel): niet graag minder of
meer dan anderen
Ultimatum spel: Twee spelers verdelen een bedrag: de eerste doet een
voorstel, en als de tweede het afwijst, krijgen ze allebei niets.
Het laat zien dat mensen vaak oneerlijke voorstellen weigeren, zelfs als dat
hen zelf geld kost, omdat eerlijkheid en sociale normen zwaar meewegen.
bv. Mensen weigeren vaak oneerlijke voorstellen (zoals €9 voor de aanbieder
en €1 voor de ontvanger), zelfs als dat betekent dat ze zelf ook niets krijgen.
Dat wijst op:
→ een sterk gevoel voor eerlijkheid
→ bereidheid om oneerlijk gedrag te bestraffen, zelfs tegen eigen
belang
→ sociale normen die invloed hebben op economische beslissingen
niet irrationeel: je staat op principes en accepteert geen onrechtvaardigheid
- Vertrouwen (fundament van coöperatie)
je moet geloven in welwillendheid van iemand anders
vertrouwen = basis democratie → zonder vertrouwen geen
economie
- Belang van verhalen (“collectief in iets geloven” VB: religie, geld…)
vb. geld = verhaal. briefje is niets waard! je gelooft het gewoon. briefje =
waarde papier
maatschappij is gebouwd op verhaal van geld → collectief/ mondiaal
geloof in zelfde verhaal
2. Gedrag en bedrijfskunde.
4