LES 1: INLEIDING – OVER MEDIA-EFFECTEN ONDERZOEK
INHOUD LES
Introductie van het vak (doelstellingen, examen, agenda)
Wat zijn media-effecten? Wetenschappelijke benadering
Toekomst van media-effecten onderzoek
DOELSTELLINGEN
Dit vak heeft als doel studenten inzicht te geven in de wetenschappelijke theorieën
en onderzoeken
die de effecten van media op individuen en de samenleving verklaren. Studenten leren
kritisch te
reflecteren op hoe verschillende mediavormen – zoals nieuws, entertainment
en sociale media –
gedrag, attitudes en overtuigingen kunnen beïnvloeden. Daarnaast ontwikkelen
ze vaardigheden om
media-effecten te evalueren, met aandacht voor zowel positieve als negatieve invloeden
van media.
STUDIEMATERIAAL
Studiemateriaal per hoofdstuk Zie agenda
Selectie hoofdstukken uit het handboek: Media effects – Advances in Theory and
Research (3rd edition)
Slides
Artikels
LESOPNAMES
Lesopnames worden beschikbaar gesteld op Toledo
Moeilijk vak -> belangrijk om mee te blijven met de lessen
Daarom: korte test om toegang te krijgen tot de lesopname
Gastcolleges: lesopname ter beschikking, maar sterke aanmoediging om fysiek
aanwezig te zijn
EXAMEN
1 grote vraag op examen over gastcollege!
Enkel OPEN vragen
Klassiek schriftelijk examen
Drie/vier soorten vragen:
Essayvraag over case/theorie/vergelijkende vragen (groter deel)
o 1 pagina om dieper op die vraag te antwoorden
Toelichten van begrippen
o 5 begrippen kort toelichten
Vergelijkende vraag (‘werken’ met inzichten)
o Vraag rond ‘case’
Géén eenvoudig vak
VOORBEELDVRAGEN
Bv gastcollege over bodyimage
1. Bespreek de empirische evidentie voor de vraag of media al dan niet een effect
hebben op het lichaamsbeeld van individuen. De volgende onderdelen moeten
in het antwoord vervat zitten: wat een lichaamsbeeld is, een bespreking van de
theorie die het vaakst gebruikt wordt bij media-effecten onderzoek m.b.t..
lichaamsbeeld, en een bespreking van het bestaande onderzoek.
1
, 2. Hoe verhoudt agendasetting zich tot het limited effects model (Lazarsfeld,
1940)?
a. Integreer in je toelichting de volgende quote van Lippmann (1922, Public
Opinion): “news media – our window to the vast world beyond our direct
experiences”
3. Accessiblity/availability staat centraal in verschillende begrippen/theorieën die
worden gebruikt om media-effecten te verklaren. Illustreer dit door te verwijzen
naar 3 verschillende onderdelen doorheen het vak. (vraag over verschillende
colleges heen)
4. Bespreek de volgende begrippen of namen
a. Mainstreaming
b. Falsifieerbaarheid
MEDIA-EFFECTEN?
Media hebben soms een verschillend effect op verschillende doelgroepen. Bv. leeftijd;
ander effect op kinderen dan op volwassenen
DEFINITIE
Media-effecten = de cognitieve, attitude, sociale of gedragsveranderingen (1) die
voorkomen bij individuen, groepen en samenlevingen (2) als gevolg van blootstelling of
interactie met media-inhoud (3)Kunnen op verschillende manieren optreden Sociale
media, tv, … (4) Onmiddellijk vs langdurig (5)
Einddoel is om na te gaan of media een bepaalde verandering kunnen te weeg
brengen
o Cognitief: waaraan of hoe we denken
o Attitude: houding t.o.v. mensen, organisaties beïnvloeden
o Sociaal: sociale normen hoe wij omgeving percipiëren
o Gedrag: om deze te kunnen snappen moeten we naar de andere kijken
1) Cognitief: waaraan of hoe we denken
o Kennis van de wereld, cognitieve processen in ons hoofd, sociale uitkomsten, hoe
wij interageren met onze omgeving
o Gedragsverandering begrijpen ook rekening houden met cognities en attitudes
2) Individuen
o Welke impact hebben media-effecten op onze maatschappij, bredere blik op onze
maatschappij, maar ook inzoomen op individuele mensen
o Media-effecten bij zowel individuen, groepen als de samenleving
3) Media content, exposure or interactions: blootstelling aan media inhoud maar we
leven in een maatschappij met interactie in media, we creëren ook veel media (posts
maken , comments)
o Blootstelling of interactie
o Steeds meer interageren met media, niet enkel kijken
o Verschillende types media. vb: televisie, sociale media, radio
4) Immediate or long-term: korte termijn en lange termijn effecten (cultivation theorie
– lange termijn effecten op televisie na veel gamen)
5) Direct or indirect: directe of indirecte effecten
o Vb. posten: kan invloed hebben op persoon zelf (direct) maar ook sociale
omgeving (indirect)
2
,COLUMBINE SCHOOL SHOOTING
Waarom is het belangrijk dat er onderzoek gedaan wordt in de media?
Vaak discussie over wat effecten van media zullen zijn
Vaak de negatieve moral panics
Nieuwe media geïntroduceerd denken snel dat het slecht is
Media werd aangesteld als soort oorzaak
Mensen willen weten waarom zoiets gebeurd/verklaring media werd aangesteld als
soort oorzaak
Case: jongeren die een school shooting doen waarbij je het niet direct zou verwachten,
nogal uit het niets
Eerste grote school shooting in Amerika niet verwacht
o Gun violence, maar ook de media – die daders gebrainwasht hadden met alle
gewelddadige content
o Vb. president Clinton: linkte geweld shooting met geweld in films, games, series
als grote oorzaak van geweld
Blik media = slecht
HANS VAN THEMSCHE
Case: jongere die wederom niet gekend stond om geweld, op een dag 2 mensen
vermoord met een geweer
Ook weer verwezen naar het feit dat hij veel games speelde waar gelijkaardig
geweld in voorkomt
Mensen zeiden dat hij geïnspireerd was door media (GTA)
Media als soort van zondebok – de reden waarom mensen over gaan naar
geweld in de maatschappij
CHARLIE KIRK
Geradicaliseerd door media – media speelt volgens veel mensen een bepaalde
rol
Het moet toch een effect hebben dat jongeren gamen en die dingen passeren op
sociale media <-> of toch media gewoon als zondebok gebruikt?
Moral panics: via onderzoek zoeken naar echte oorzaak, gewelddadige games
spelen leidt niet perse tot gewelddadig gedrag
o Niet enkel de onderzoekers, maar ook wij zelf inzien wat effecten van de
media zijn
WAYS OF KNOWING
Eigen ervaring kijken die ze hebben met media:
Zorgt blootstelling aan geweld in media voor geweld in real life?
Veel mensen schatten/vergelijken media-effecten in op basis van hun
persoonlijke ervaring(en)
“Sociale media hebben geen effecten op hoe ik mij voel”
Third-person effect: media hebben geen invloed op mij, wel op anderen –
mensen denken dat ze zelf niet beïnvloedt worden
o Zichzelf immuun achten voor media-effecten
o Mensen kunnen niet vertrouwen op deze inschatting van zichzelf, ze
onderschatten de invloed bij zichzelf (want onderzoek wijst aan dat er vaak
wel een effect is)
Eigen ervaring is niet representatief, mensen zitten zelf vol met denkfouten
Autoriteit:
Blindelings vertrouwen in personen met autoriteit (vb. dokters, professoren)
3
, Halo effect: mensen die expert zijn op één gebied, worden gezien als intelligent
over de hele lijn
o Door autoriteit en intelligentie ervan uitgaan dat ze over andere dingen ook
veel zullen weten
Politici waarschuwen vaak over media-effecten, zonder expertise hierover – als er
een maatschappelijk debat is over een gewelddadig incident, vaak reactie van
politici politici verwijzen vaak naar media
o Politici hebben niet perse inzicht in media-effecten en maken de verkeerde
link
o Vaak ook de fout dat mensen vertrouwen op autoriteiten of op
vertrouwensgevoel terwijl de persoon zelf niet zomaar een kenner is
Probleem: autoriteiten weten het ook niet altijd veel beter
Als we media-effecten willen beoordelen zijn ervaringen en autoriteit niet het
beste
Te veel vertrouwen op eigen ervaring, te veel vertrouwen in autoriteiten =
problematisch
MEDIA-EFFECTEN IN HUIDIGE SAMENLEVING
Kun je een voorbeeld geven van een vorm van paniek over de effecten van media in de
huidige samenleving?
Sociale media kan leiden tot een negatief zelfbeeld, stress en sociale isolatie.
De manosfeer die op sociale media wordt gepromoot
De verontrustende content die kinderen/jongeren op sociale media tegenkomen
(vb. gewelddadige beelden)
Complottheorieën op sociale media
Opkomt van AI en impact hiervan op onze maatschappij • Fake news rond
bijvoorbeeld vaccins
Denk je dat media invloed hebben op het zelfbeeld en welzijn van jongeren? Licht je
antwoord toe.
Iedereen antwoordt hierop JA!
“Ongetwijfeld. Naast de mentale gezondheid, is er ook een risico voor de
lichamelijke gezondheid. Jongeren kunnen in aanraking komen met ongezonde
eetgewoontes en overmatig sporten.“
“Ja. Er wordt enorm veel aan vergelijking gedaan online. Als je niet aan die
'standaarden' voldoet, vormt er twijfel over zichzelf.”
“Ja, dit is een evidentie. Door constant blootgesteld te worden aan ideaalbeelden
gaat een groot deel van de jongeren kampen met onzekerheden door zichzelf
hiermee te gaan vergelijken.”
“het kan invloed hebben afhankelijk van de digital literacy”
WAYS OF KNOWING – WETENSCHAP
Wetenschap heel genuanceerd hierin
Doelen van de wetenschap – wat probeert media-effecten onderzoek precies te doen?
1. Voorspellen = zeggen wat er in de toekomst gaat gebeuren
Media-effecten voorspellen hoe mensen zullen reageren op media-inhouden
o Weten wat de effecten zijn in de toekomst beter inschatten wat de
reacties op bepaalde media zullen zijn
MAAR beperkingen aan voorspellingen (vb. voor iedereen van toepassing?)
o Verschillende culturen, religies, politieke voorkeuren, …
o Het is nooit JA of NEE: media effecten is altijd afhankelijk van verschillende
dingen
2. Verklaren = media effecten in bredere context of patroon plaatsen
Waarom treden bepaalde effecten op? Hoe kunnen die verklaard worden?
o verschillende verklaringen voor geweld effect
4