• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 180 pagina's
Samenvatting

Volledige samenvatting met boek, hiermee behaalde ik een 14

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 180 pagina's

Volledige samenvatting met boek, hiermee behaalde ik een 14

Voorbeeld van de inhoud

INTERNATIONAAL RECHT

BEGRIP EN AARD VAN HET IR

WAT IS INTERNATIONAAL RECHT?

= Recht dat de relaties regelt tussen staten, een interstatelijk recht.

Subjecten van het IR:

 Staten: Zijn de oorspronkelijk rechtssubjecten van het IR en beschikken over de volle rechtspersoonlijkheid.
 Over de jaren zijn er ook andere subjecten bijgekomen:
 Internationale organisaties, volkeren, individuen, …
 Dit zijn afgeleiden en beschikken maar over een aantal bevoegdheden in de mate waarin de staten
dit gewenst hebben.
o Staten hebben de rechtspersoonlijkheid aan de andere subjecten gegeven en hebben
hierbij grenzen bepaald.


Rechtspersoonlijkheid = volwaardige actor zijn in het rechtsgebeuren en over rechten en plichten beschikken en
hier iets mee kunnen doen.

 Indien rechten geschonden  kan je beroep doen op een internationaal forum
 Indien verplichtingen niet nagekomen  kan je aansprakelijk worden gesteld voor een internationaal forum.
 BV/ geen oorlogsdaden begaan, geen genocide, …
 BV/ Strafhof heeft een uithoudingsmandaat uitgevaardigd voor een aantal Israëlitische en Hamase
leiders omdat volgens de openbare aanklager misdaden tegen de mensheid begaan worden. Moest
dit uit het onderzoek blijken dat dit gebeurd kunnen ze voor het strafhof vervolgd worden.
 IR gaat over verplichtingen en rechten tussen staten!


IR is heel ruim: Recht dat iets vertelt over de staat tot het luchtrecht, milieurecht, zeerecht, diplomatiek recht,
recht van gewapende conflicten, …

 IR is een omvangrijk rechtsgebied


Belang IR:

 Vloeit voort uit de onderlinge afhankelijkheid tussen staten.
 BV/ COVID-19, klimaatverandering, veiligheid  internationale samenwerking noodzakelijk
 Sterke internationale rechtsorde biedt stabiliteit in internationale relaties, vereenvoudigt realiseren van
gemeenschappelijke belangen en beschermt relatief zwakke staten.

IR versus het nationaal recht:

 Duits recht is GEEN IR. Dat is het nationaal recht van Duitsland
 Het is ook niet omdat er zich een vreemde component bevindt in een bepaalde situatie dat er meteen
spraken is van IR.
 BV/ Belg trouwt met een Koreaan, welk recht is dan van toepassing?



1

, MAAR IR speelt ook op nationaal niveau een belangrijke rol. (zie verder)
 Ongeveer 80% van de nationale wetgeving is geïnspireerd op wat het IR heeft uitgewerkt.  Toont
aan hoe belangrijk IR vandaag de dag is.


IR recht is verdeelt tussen internationaal privaatrecht en internationaal publiekrecht:

 Internationaal privaatrecht  BV/ Een Belgische vrouw trouwt met een Duitse man. Welk recht is hier van
toepassing?
 Internationaal publiekrecht
 Systeem van regels en principes die de internationale betrekkingen tussen staten regelen.
 Publiek element: overheid tegenover overheid en dan uitgebreid naar organisaties. In mindere
maten naar de andere actoren.
 Ook een juridisch element: het is recht!
o IR is kwetsbaar en wijkt soms wel eens voor politieke belangen doet gaan afbreuk aan het
principieel juridisch karakter van IR.
- We zitten in een situatie waarin vooral de grootmachten gebruik maken van andere betrekkingen dan van
het recht.


BASISKENMERKEN VAN HET IR

HORIZONTALE WIJZE

= In het IR geen centrale wetgever + geen hiërarchie tussen de bronnen

 Alle staten zijn soeverein (= het hoogste gezag)  Er staat niets boven de staten, er heerst een gelijkheid.
 Staat is zowel de wetgever als rechtsonderhorige.
 Er is geen centrale wetgever: de staat beslist zelf wat het recht is en waaraan ze onderworpen is.
o Staten hebben het hoogste gezag en beslissen aan welke regels zij gaan volgen. Willen ze
niet onderworpen zijn aan bepaalde rechtsregels, dan gaat men geen partij zijn en is men
niet aan het verdrag onderworpen.  Verdrag is niet door hun geratificeerd.
o GEVOLG: IR werkt op basis van consensualisme. Staat moet toestemming geven om
erdoor verbonden te zijn.
 <-> nationaal recht is verticaal: hier wel een duidelijk hiërarchie. Wetgever maakt de wetten en
rechtsonderhorige moeten deze naleven.
 Er is geen verschil tussen verdrag X en Y
 Principe: alle bronnen bevinden zich op hetzelfde niveau door een gebrek aan hiërarchie.
 MAAR uitzonderingen: basisnormen IR (hebben een hogere status, dus wel hiërarchie)
 <-> nationaal recht heeft wel een duidelijk hiërarchie tussen de rechtsbronnen.



AFWEZIGHEID CENTRALE RECHTER

In het IR vertrek je vanuit het idee dat er geen rechter bevoegd is om uitspraak te doen over een bepaalde
beslissing. Staten moeten zelf de beslissing nemen wie bevoegd is.

 Bv/ Internationaal gerechtshof: Men vertrekt vanuit het idee dat dit hof niet bevoegd is. Staten kunnen het
hof toch bevoegd maken aan de hand van 2 methodes:
1. Voordat er een geschil rijst.
2. Wachten tot er een geschil rijst en daarna naar het hof stappen.

Bv/ Gaza is ervan overtuigd dat er een schending plaatsvindt van het genocideverdrag, Zuid-Afrika deelt
die mening. Op basis van een clausule in het verdrag, kunnen de partijen naar het Internationaal



2

, gerechtshof stappen en moet de andere partij de bevoegdheid van het hof erkennen. Israël wilt dit niet
maar ze zijn een partij in het verdrag en moeten dus.

<-> Nationaal is er wel een rechter waar je bijvoorbeeld naartoe kan als je ruzie hebt met je buur.



GEEN CENTRALE RECHTSHANDHAVER

= geen internationale politie die de staat kan verplichten

 Staten zijn de rechtshandhavers zelf  beslissen zelf om het recht te gaan handhaven

<-> nationaal hebben we wel bijvoorbeeld de politie.


SAMENWERKEN NATIONAAL RECHT

IR is afzonderlijk met zijn eigen kenmerken MAAR moet samenwerken met het nationaal recht om efficiënt te
kunnen zijn.

 IR heeft nationaal recht nodig om efficiënt te kunnen zijn.
 Wat er tussen de staten beslist wordt moet nationaal worden toegepast om te kunnen werken.
 Wisselwerking tussen IR en nationaal recht is noodzakelijk
 Bv/ Er wordt beslissingen genomen in het kader van de opwarming van de aarde. Het zou dan weinig effect
hebben als dit enkel internationaal toegepast gaat worden. Moet dus ook in het nationaal recht opgenomen
worden.


GESCHIEDENIS VAN HET IR

Internationaal publiekrecht kent een lange geschiedenis.

 Er traden vroege vormen van rechtsbetrekkingen tussen min of meer autonome politieke gemeenschappen
op in Mesopotamië en later tussen de Griekse stadstaten.
 Romeinse rijk/oud Egypte sloot verdragen met omliggende steden/gebieden.
 De politieke organisatievormen doorheen de geschiedenis waren echter te zwak om een gecentraliseerd
publiek gezag uit te oefenen en stabiele relaties te onderhouden met andere entiteiten.


Oorsprong? Ontstaan onafhankelijke soevereine staten in Europa

 Wat zijn staten? Staten beschikken over een soevereiniteit, grondgebied, bevolking, regering en een
overheid die soeverein gezag uitoefent op dit grondgebied.
 Soevereiniteit = Staten voert over het grondgebied en de bevolking het hoogste gezag uit.
 Staten hebben dus het hoogste gezag en zijn bijgevolg onafhankelijk van andere staten, actoren, …
 Art. 1 Montevideo
 Om vreedzaam naast elkaar te leven was er nood aan een systeem van rechtsregels ie op alle staten op
gelijke voet van toepassing is – het internationaal publiekrecht
 Functie: op dit moment vooral om ervoor te zorgen dat de staten vreedzaam konden samenleven
(“co-existentie”)


Midden 16de – 17de eeuw  Vrede van Westfalen (1648):

 Een aantal verdragen maakte een einde aan de 13- en 80-jarige oorlog.
 Er werd vrede gesloten en dit werd beschouwd als het begin van het IR.



3

,  Men begon zich te onttrekken aan het gezag van het Heilig Romeinse rijk en de Kerkelijke Staat.
 Vroeger: Kerkelijk gezag nam altijd de bovenhand, er was dus geen spraken van soevereiniteit.
 Na het verdrag begonnen staten zich te onttrekken van dit kerkelijk gezag en zo ontstonden de
steden in de moderne betekenis van het woord; met soevereiniteit.
 Consolidatie van het bestuur  bevoegdheden steeds meer gecentraliseerd, entiteiten trekken
meer macht naar zich toe
 Ontstaat een overkoepelende rechtsorde.
 Sindsdien onderscheid mogelijk tussen:
 Publiek gezag uitgeoefend door de staat
 Private belangen van de monarch


Verhaal van het ontstaan is vooral een Europees gebeuren maar had evengoed ergens anders kunnen ontstaan!

 Europese staten hadden een empirische ambitie  willen de rest van de wereld veroveren
 Belangrijke bijdrage aan het IR: ontstaan in een koloniale context. Het IR zal gebruikt worden als
een instrument om de rest van de wereld te gaan beheersen.
 In beginperiode de bedoeling het Europees koloniaal product uit te vaardigen.
 Men ontwikkelde regels zoals de gebiedsverkrijging: gebieden die Europese staten ontdekte (ook al leefde
er inheemse volkeren) kwam door eenvoudige annexatie toe aan de ontdekkende staat.
 Gebieden waren terra nulles  behoorde aan niemand toe
 Zo gingen de Europese staten de rest van de wereld ontdekken en toe-eigenen.
 Gedreven door economische belangen en ondersteund door militaire en politieke macht breiden de
Europese staten hun activiteiten uit naar andere delen van de wereld.
 Zij worden onderworpen aan het koloniaal gezag van Europese staten en het door deze staten
gevormd IR.
o Europese staten sluiten ook ‘capitulaties’ = overeenkomsten die de belangen van hun
onderdanen in die gebieden beschermde.
 DUS oorspronkelijk had IR de bedoeling Europese belangen te behartigen  niet neutraal
 De kolonisatie gaf het internationaal publiekrecht een mondiaal karakter (=wereldwijd)
 Kon natuurlijk NIET universeel genoemd worden.


1783

 VS werd onafhankelijk en werd in het Europese stelsel betrokken.
 Zij kwamen in opstand tegen de Britten (zij hadden de macht over die koloniën). En de VS greep de
macht.
 Europese tradities bleven echter door de aanwezigheid van de Britten.
 De VS werd onafhankelijk verklaart.  Vele andere lieten zich inspireren en volgden.
o BV/ Latijns Amerika: kiezen om afstand te doen van de Portugese of Spaanse overheid en
ook zij verklaren de onafhankelijkheid. Ook hier bevonden zich nog steeds de veroveraars
en werden de Europese tradities behouden.


Na WOI  voor de eerste keer een nieuwe kijk op het IR

 Europe verloor zijn greep op de internationale rechtsorde.
 Opkomst van de VS als machtsfactor.
 Ontstaan Sovjet unie met communistisch systeem.  Voor het eerst een
concurrerende/alternatieve visie t.o.v. het IR.


1950 – 1960  langzamerhand hadden de westerse staten niet langer de meerderheid in de vergadering van de
Verenigde Naties.


4

Inhoudsopgave

  1. 01 begrip en aard van het iR 1
    1. Wat is internationaal recht? 1
    2. basiskenmerken van het iR 2
    3. geschiedenis van het IR 3
  2. 02 bronnen van het internationaal recht 6
    1. inleiding 6
    2. gewoonterecht (art. 38, 2) 8
    3. verdragen (art. 38, 1) 12
    4. algemene rechtsbeginselen (art. 38, 3) 14
    5. rechtspraak en rechtsleer (art. 38, 4) 15
    6. Andere bonnen (niat art 38 statuut IGH) 16
    7. besluiten van internationale organisaties (niet in art. 38) 16
    8. eenzijdige handelingen en verklaringen 18
    9. jus cogens en verplichtingen erga omnes ( ten aanzien van iedereen) 18
    10. samenloop 19
    11. nationaal recht 20
    12. soft Law 20
  3. 03 verdragenrecht 21
    1. Vorm 22
    2. Structuur 22
    3. Totstandkoming van verdragen 23
    4. Geldigheid 27
    5. voorbehouden en interpretatie verklaringen 29
    6. toepassen en uitleggen van verdragen 31
  4. 04 Subjecten van het internationaal recht 37
    1. staten 40
  5. 05 internationale organisaties + filmpje 69
    1. inleiding 69
    2. overzicht van de belangrijkste OG 70
    3. totstandkoming IO 75
    4. lidmaatschap 76
    5. financiering 78
    6. bevoegdheden 78
    7. besluitvorming 80
    8. gebondenheid van internationaal recht 80
    9. checks and balances (onze schijding der machten) NOG EENS NA 80
  6. 06 bescherming van individuen 82
    1. inleiding 82
    2. kernbegrippen 82
    3. ontwikkeling 83
    4. organisatie 84
    5. overzicht van rechten 85
    6. reikwijdte 89
    7. normadressaten 90
    8. beperkigen 91
    9. bescherming van vreemdeligen 93
    10. recht van vluchtelingen 95
  7. 07 Afbakening staatsgezag 97
    1. algemene beginselen 98
    2. jurisdictie/rechtsmacht 101
    3. immuniteit 107
    4. diplomatieke en consulaire betrekking 113
  8. 08 vrede en veiligheid 117
    1. kernbegrippen 117
    2. ontwikkeling en organisatie 117
    3. het verbod op gebruik van geweld 118
    4. Collectieve veiligheid 119
    5. eenzijdig gebruik van geweld 124
    6. internationaal humanitair recht 127
  9. 09 aansprakelijkheid 128
    1. aansprakelijkheid van staten 128
    2. voorwaarden 129
    3. aansprakelijkheid van IO 139
    4. aansprakelijkheid van individuen 141
  10. 10 rechtshandelingen en geschillenbeslechting 146
    1. vorm 1: eenzijdge maatregelen (rectshandhaving) 146
    2. Vorm 2: diplomatieke (politieke) geschillenbeslechting 148
    3. Vorm 3: geschillenbeslisting binnen internationale organisaties 153
    4. vorm 4: arbitrage 156
    5. vorm 5: rechtspraak 159
    6. strafrechtspraak 164
  11. 11 hoofdstuk 9: doorwerking van ir in nationale rechtsorde 167
    1. inleiding 168
    2. Voorranf van ir 169
  12. 12 toepassing in be 169
  13. 13 voorwaarden waarop ir doorwerkt in nationale rechtsorde 170
    1. verdragen 170
    2. gewoonterecht 172
    3. bindende besluiten (resluties vr aangenomen onder h7) 172
    4. alemene rechtsbeginselen van ir 173
    5. eenzijdige handelingen/verklaring van staten 173
    6. soft law instrumenten 173
    7. rechtspraak 174
    8. rechtsleer 174
  14. 14 instrumenten van doorwerking 174
    1. 1. Beslechten van preduciële/incidentele geschillen 176
    2. volkenrechtconfome interpretatie en nationale normen 177
    3. inroepaar/ toepasbaarheid van internationaalrechtelijk normelen met direchte werking 177
    4. standstill werkin 178
    5. exceptie van internationale illegaliteit 178
    6. inroepbaarheid van internationaalrechtelijke normen in vernietigingsberopen en preduciële vragen 179

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
16 september 2026
Aantal pagina's
180
Geschreven in
2026/2027
Type
Samenvatting
€16,96

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
2
Volgers
0
Items
2
Laatst verkocht
2 maanden geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen