EXAMENFOCUS
Inleiding tot het Recht
Prof. Bertel De Groote · UGent Handelswetenschappen
- Examenvragen met volledig uitgewerkte antwoorden
- Examenvragen uit meerdere jaren (2020–2024) met antwoorden duidelijk uitgelegd
- Thematische vragenbank: lekenrechters, verjaring, EU-recht, strafrecht, ...
- Discord-tips en prof-hints uit meerdere jaargangen
- Samenvatting van de kerntheorie per thema
- Ideaal als efficiënte examenvoorbereiding samen met je samenvatting
examenjaren 2020–2025 | 1e bachelor Ugent Handelswetenschappen
Examenfocus Recht Pagina 1
,EXAMENFOCUS | Inleiding tot het Recht | Prof. Bertel De Groote UGent FEB
Hoe gebruik je dit document?
Dit document bevat de meest relevante examenvragen van de afgelopen jaren voor Inleiding tot het Recht,
inclusief correct uitgewerkte antwoorden gebaseerd op het handboek en de samenvatting. De structuur is als
volgt:
DEEL 1 — Examen 2024 (volledige antwoordsleutel)
DEEL 2 — Thematische vragen uit voorgaande jaren (gegroepeerd per onderwerp)
DEEL 3 — Discord-discussies en prof-hints uit meerdere jaargangen
DEEL 4 — Snelreferentie-tabellen (rechtbanken, misdrijven, EU-instellingen, ...)
⚠️
EXAMENSTIJL
Bertel De Groote stelt ALTIJD vragen in de vorm 'Zoek de JUISTE stelling' (soms 'foute stelling').
Er zijn 4 keuzes (A-D). Let goed op kleine details: één verkeerd woordje maakt een stelling fout.
Je kan een open codex meenemen. Markeer belangrijke artikelen vooraf met post-its.
Tip: kijk bij elk antwoord in je codex — leer werken met de index.
Examenfocus Recht Pagina 2
,EXAMENFOCUS | Inleiding tot het Recht | Prof. Bertel De Groote UGent FEB
DEEL 1 — Examen 2024 (officiële antwoordsleutel)
Hieronder de officiële antwoordsleutel van het examen eerste zit 2023-2024 (26 meerkeuze vragen). De
antwoorden zijn afkomstig uit het officiële correctiedocument.
V1: D V2: D V3: D V4: D V5: D V6: B V7: B V8: B
V9: B V10: D V11: D V12: A V13: C V14: C V15: D V16: B
V17: D V18: D V19: B V20: A V21: A V22: D V23: D V24: D
V25: C V26: B : : : : : :
💡 PROF HINT / DISCORD TIP
De meest gevraagde thema's in 2024: bekrachtiging/afkondiging (V1), opschorting/uitstel (V2),
gewone wetgevingsprocedure EU (V3/V7), zijdelingse vordering (V4), VZW (V5/V6), goederen
(V8/V19), EU-instellingen (V9), misdrijven (V10/V11), burgemeester (V12), prejudiciële vragen
(V13), verordening directe werking (V14), grondwetsherziening (V15), wet begrippen (V16/V17),
Lotus Bakeries richtlijn (V18), vervaltermijn/verjaring (V20/V21), GWH bevoegdheid (V22),
lekenrechters (V23), verzet/kracht gewijsde (V24), quasi-legislatuurparlement (V25), vrederechter
handelshuur (V26).
📋 EXAMENVRAAG 1 (2024)
Zoek de JUISTE stelling over de bekrachtiging en afkondiging van wetten.
A. De afkondiging van een wet is een bevoegdheid die de Koning uitoefent als lid van de
wetgevende macht.
B. De bekrachtiging van een wet is een bevoegdheid die de Koning uitoefent als lid van de
uitvoerende macht.
C. Zowel bekrachtiging als afkondiging behoren tot de uitvoerende bevoegdheid van de Koning.
D. De bekrachtiging is een wetgevende bevoegdheid van de Koning; de afkondiging een
uitvoerende bevoegdheid.
📗 ANTWOORD & UITLEG
✅ Juist antwoord: D
Bekrachtiging = de Koning als lid van de WETGEVENDE macht hecht zijn goedkeuring aan een
wet (art. 109 GW).
Afkondiging = de Koning als lid van de UITVOERENDE macht geeft bevel tot bekendmaking van
de wet.
A is fout (afkondiging = uitvoerend, niet wetgevend).
B is fout (bekrachtiging = wetgevend, niet uitvoerend).
C is fout (niet beide uitvoerend).
📋 EXAMENVRAAG 2 (2024)
Examenfocus Recht Pagina 3
, EXAMENFOCUS | Inleiding tot het Recht | Prof. Bertel De Groote UGent FEB
Zoek de JUISTE stelling over opschorting en uitstel van straf.
A. Opschorting betreft de uitvoering van de straf; uitstel de uitspraak van de veroordeling.
B. Uitstel betreft de uitvoering van de straf; opschorting de uitspraak van de veroordeling.
C. Opschorting en uitstel zijn hetzelfde rechtsfiguur met een andere naam.
D. Uitstel betreft de uitspraak van een straf voor bewezen geachte strafbare feiten; opschorting
stelt de uitspraak van de veroordeling zelf uit.
📗 ANTWOORD & UITLEG
✅ Juist antwoord: D
UITSTEL: de feiten zijn BEWEZEN, een straf wordt uitgesproken, maar de uitvoering ervan wordt
UITGESTELD.
OPSCHORTING: de schuldigheid is vastgesteld, maar de uitspraak van de VEROORDELING zelf
wordt uitgesteld.
Essentie: uitstel = veroordeling uitgesproken maar niet uitgevoerd; opschorting = zelfs de
veroordeling nog niet uitgesproken.
💡 PROF HINT / DISCORD TIP
Bertel vraagt dit ALTIJD. Onthoud: Opschorting = uitstellen van de UITSPRAAK. Uitstel = uitstellen
van de UITVOERING.
📋 EXAMENVRAAG 4 (2024)
De kern van de zijdelingse vordering (art. 5.242 BW) bestaat erin dat...
A. een schuldeiser rechtstreeks schadevergoeding kan vorderen van de schadeveroorzaker.
B. een schuldeiser een rechtshandeling van zijn schuldenaar nietig kan laten verklaren wegens
benadeling.
C. een schuldeiser in eigen naam optreedt tegen een rechtshandeling van zijn schuldenaar met
bedrieglijke benadeling.
D. een schuldeiser de rechten van zijn schuldenaar kan uitoefenen wanneer die schuldenaar
stilzit.
📗 ANTWOORD & UITLEG
✅ Juist antwoord: D
Bij de ZIJDELINGSE VORDERING (oblique actie, art. 5.242 BW) treedt de schuldeiser op IN
NAAM VAN zijn schuldenaar: hij oefent de rechten van de schuldenaar uit die die zelf niet
uitoefent.
De opbrengst stroomt naar het VERMOGEN VAN DE SCHULDENAAR (niet rechtstreeks naar de
schuldeiser), waarna er samenloop met andere schuldeisers kan zijn.
C is de PAULIAANSE vordering (art. 5.243 BW): bedrieglijke benadeling aanvechten.
A is de RECHTSTREEKSE vordering.
💡 PROF HINT / DISCORD TIP
Verwar deze 3 niet:
Examenfocus Recht Pagina 4