COMMUNICATIESTOORNISSEN
INLEIDING
DEFINITIE
Neurogene communicatiestoornissen ontstaan als gevolg van een aandoening in
het CZS. Er zijn 3 types; afasie, dysartrie & apraxie. Deze kunnen geïsoleerd of
gecombineerd voorkomen.
AFASIE
= Een stoornis in begrijpen, formuleren of gebruiken v verbale boodschappen. Er
is een verlies in decodering & encodering v betekenisvolle linguïstische
elementen. Er is een aantasting vd gesproken & geschreven taal.
De geschreven taal is meestal zwaarder aangetast dan de gesproken taal. De
spraak is vaak beperkt tot inhoudswoorden & weinig werkwoorden.
De taal is gestoord.
DYSARTRIE
= Een stoornis in het uitvoeren vd spraakbewegingen (vertraagd). Dit komt door
een gedeeltelijke/volledige verlamming vd spraakmusculatuur of als gevolg v
gestoorde coördinatie vd spraakbewegingen. Het samenspel vd motorische
functies voor ademhaling, fonatie, resonantie, articulatie & prosodie is verstoord.
(Tongbeweging, tongkracht…)
Het spreken is gestoord, de taal is bewaard.
APRAXIE
= Een stoornis in het programmeren vd spraakmusculatuur voor de productie v
fonemen & het programmeren v achtereenvolgende spierbewegingen ifv
productie v woorden. (Zoeken)
De taal & spraak is bewaard, de achtereenvolgende contracties van de spieren
zijn moeilijk.
HOOFDSTUK 1: NEUROFYSIOLOGIE & NEUROPSYCHOLOGISCHE
BESCHOUWINGEN
NEUROANATOMIE
De plaats vd laesie/letsel bepaalt de aard vd communicatiestoornis.
Zenuwstelsel:
Centraal
, o Hersenen
Cerebrum
Cerebellum
Truncus cerebri
o Ruggenmerg
Perifeer
DE GROTE HERSENEN – CEREBRUM
2 hemisferen
Cortex/grijze stof/hersenschors
= opgebouwd uit neuronen die in verschillende lagen tegen het
hersenoppervlak liggen
o Gyri (kronkels)
o Sulci (groeven)
o Fissurae (diepe groepen)
Witte stof
= bestaat uit axonen (gemyeliniseerde uitlopers vd neuronen)
5 hersenkwabben in elke hemisfeer
o Frontale kwab
o Temporale kwab
o Pariëtale kwab
o Occipitale kwab
o Centrale kwab/insula (onder pars opercularis)
DE CORTEX
De cortex kan op verschillende wijzen ingedeeld worden.
Anatomisch: fissurae & sulci
Histologisch/micro-anatomisch: cellagen
o 6 cellagen
o Opbouw is verschillend in zones: cytoarchitecturale regio’s (52)
Functioneel
o Motorische cortex (anterieure cortex)
= schros v frontaalkwabben links & rechts
o Sensorische cortex (posterieure cortex)
= schors vd pariëtaal-, occipitaal & temporaalkwabben
Pariëtaal: proprioceptieve verwerking v info
Occipitaal: visuele verwerking v info
Temporaal: auditieve verwerking v info
Elke hersenkwab/lob heeft een primaire & secundaire zone.
DE MOTORISCHE CORTEX
Primaire motorische cortex
o bevat efferente zenuwbanen (prikkels v CZS naar PZS)
o Vanuit beide gyri precentralis worden gebieden vd contralaterale
lichaamshelft geïnnerveerd
, o Somatotopische organisatie
Alle spieren vh lichaam hebben in die primaire motorische
zone een punt-voor-puntprojectie
Nabijgelegen spieren: innervatie vanuit nabijgelegen
neuronen
o Homunculus: neuronen niet evenredig verdeeld
>> fijne motoriek
o Letsel: hemiplegie
Secundaire motorische zone
o Premotorisch gebied
Letsel: apraxie (bilateraal)
o Geen somatotopische organisatie
o Organiseren & programmeren v bewegingen
Tertiaire zone
o Prefrontale gebied
Letsel: gebrek aan initiatief (spontaan spreken)
o Overlappingsgebied met andere gebieden
Verwerking prikkel
o Tertiaire motorische cortex: o.i.v. sensorische/emotionele prikkel
o Secundaire motorische cortex: handeling programmeren &
organiseren (praxie)
o Primaire motorische cortex: specifieke zones worden geactiveerd &
sturen desbetreffende spieren in beweging
DE SENSORISCHE CORTEX
Primaire sensorische cortex
o Bevat afferente zenuwbanden
o Specifieke verwerking
o Zien >> oog >> achterste occipitale zones
o Horen >> oor >> gyrus temporalis superior
o Somatosensorische waarneming >> gyrus postcentralis
Opnieuw somatotopische organisatie
Opnieuw contralaterale/gekruiste banen
o Letsel: hemi-anaesthesie
Secundaire & tertiaire sensorische cortex
o Geen somatotopische organisatie
o Geen specifieke lokalisatie
>> hoe complexer de processen, hoe minder specifiek de locatie
o Lateralisatie: verschil in werking/functie rechter- & linkerhemisfeer
Verwerking prikkel
o Proprioceptieve prikkel >> primair sensorische cortex thv gyrus
postcentralis
o Naar secundaire sensorische cortex
o De prikkel wordt verwerkt.
o Bewustwording >> perceptie/herkenning >> gnosie
>> letsel: agnosie
, o Tertiaire sensorische cortex (associatiezone): de verschillende
sensorische gebieden overlappen: integratie + abstractie
o verbinding met limbisch systeem: emotionele koppeling
DE KLEINE HERSENEN – CEREBELLUM
Achter de pons, medulla oblongata & onder de occipitaalkwab
2 hemisferen
vermis
DE HERSENSTAM – TRUNCUS CEREBRI
Onder & tussen de hemisferen vd grote hersenen
Mesencephalon, pons & medulla oblongata
Bevat kernen waaruit de craniale zenuwen ontspringen
HET PERIFEER ZENUWSTELSEL
12 paar craniale zenuwen
o Motorisch
o Sensorisch
o Gemend motorisch & sensorisch
o Vanuit hersenstam (uitz: N. olfactorius)
Zenuw Type Naam Functie
N. I Sensorisch N. Olfactorius Reuk
N. II Sensorisch N. Opticus Zicht
N. III Motorisch N. Oculomotorius Oogbewegingen
N. IV Motorisch N. Trochlearis Oogbewegingen
N. V Gemengd N. Trigeminus Sensibiliteit gelaat &
kauwbewegingen
N. VI Motorisch N. Abducens Oogbewegingen
N. VII Gemengd N. Facialis Gelaatspieren, speekselklier,
smaak
N. VIII Sensorisch N. Evenwicht & gehoor
Vestibulocochlearis
N. IX Gemengd N. Keelspieren, smaak
Glossopharyngeus
N. X Gemengd N. Vagus Vele functies (larynx, interne
organen)
N. XI Motorisch N. Accessorius Halsspieren
N. XII Motorisch N. Hypoglossus Tongspieren
31 paar spinale zenuwen
o Vanuit het ruggenmerg
CEREBRALE BLOEDVOORZIENING
Een stoornis in de bloedvoorziening is de meest voorkomende oorzaak van
afasie.
CZS: 2 grote doorbloedingssystemen