Probleem 1 .............................................................................................................................................. 2
Probleem 2 .............................................................................................................................................. 8
Probleem 3 ............................................................................................................................................ 15
Probleem 4 ............................................................................................................................................ 19
Probleem 5 ............................................................................................................................................ 27
Probleem 6 ............................................................................................................................................ 31
Probleem 7 ............................................................................................................................................ 39
1
, Probleem 1
Gebruikte bronnen
Artikelen:
o Korrel P.G & Kamstra
o Pieterman
Boeken:
o Actie en reactie: hoofdstuk 2 en 3
o Recht van onderop: hoofdstuk 1
1. Wat is empirisch onderzoek vanuit het recht?
Empirische wetenschappen
Met empirisch wordt bedoeld, datgene dat feitelijk het geval is. Voor empirische wetenschap is de
ervaring de enige bron van kennis. Alleen hetgeen met onze vermogens tot waarnemen kan worden
vastgesteld, telt als feit en kan daarom als gegeven aanvaard worden.
Empirisch staat in deze zin tegenover metafysisch, want dat begrip verwijst naar bovennatuurlijke of
bovenzintuiglijke. Empirisch wordt ook vaak onderscheiden van normatief. Met normatief wordt
bedoeld, datgene dat wenselijk is. In dit geval gaat het om de tegenstelling tussen zijn en behoren.
Wat het geval is (feit), komt vaak niet overeen met wat naar ons oordeel het geval zou moeten zijn
(norm). Dit onderscheid is een belangrijk element in de eis van waarderingsvrijheid die aan
empirische wetenschappen gesteld wordt.
Empirische wetenschappen baseren zich op de empirie, dat wil zeggen de feitelijke werkelijkheid die
tot ons komt via zintuiglijke ervaringen. Empirische wetenschappen worden daarom ook wel
ervaringswetenschappen genoemd. Een empirische wetenschap
rechtvaardigt haar uitspraken en theorieen door een beroep te doen op voor iedereen
controleerbare feiten. Empirische wetenschappen richten zich dus op de bestudering van de feitelijke
werkelijkheid.
Externe toetsing correspondentiecriterium: Volgens het correspondentiecriterium is een
uitspraak waar als deze overeenkomt (correspondeert) met waarneembare feiten, hetgeen
moet blijken uit het resultaat van externe toetsing. Als een theorie niet overeenkomt met
bepaalde voorspelde feiten dan is deze theorie niet 'waar' en moet zij ofwel worden
verworpen, ofwel worden bijgesteld.
Interne toetsing Volgens het coherentiecriterium is een uitspraak waar, als het op
logische wijze samenhangt met het geheel van de overige uitspraken. Een uitspraak wordt
uitsluitend getoetst op haar samenhang binnen het geheel van uitspraken.
2