Hoorcollege 1:
Hoofdstuk 1 en 2
Arbeidsrecht bezien binnen de systematiek van het recht:
- Reguliere rechtsbronnen + cao: de wet, verdrag, jurisprudentie, gewoonte
- Algemene vermogensrecht
- Wil- en vertrouwensleer (art. 3:33 BW)
- Vaak relevant binnen het leerstuk einde met wederzijds goedvinden
- HR: Hajziani - Van Woerden: Meneer Haizaini gaat 6 weken op vakantie naar Marokko, de
werkgever zegt voordat meneer weggaat teken eerst iets. Meneer vraagt wat is het (spreekt
slecht Nederlands), werkgever zegt iets met geld (stond in . Meneer tekent dit. Wanneer
meneer terug komt van vakantie zegt de wekgever je bent ontslagen, je hebt 6 weken
geleden een beëindigingovereenkomst getekend. Art 3:33 BW geen wil- en vertrouwensleer,
art. 3:35 BW werkgever mocht niet vertrouwen dat meneer snapte wat er in de
overeenkomst stond.
Beschermingssystematiek:
- Boek 7: beschermd zwakkere partij
- Dwingend recht: mag je niet vanaf wijken, afwijking is
- Driekwart-dwingend recht: titel 10, er mag alleen van de wetgeving worden afgeweken bij
cao
- Semi-dwingend recht: de wet geeft een voorschrift maar je kunt er via een onderlinge
overeenkomst vanaf wijken
- Aanvullend recht: wet geeft voorschrift, maar je mag op allerlei manieren afwijken.
Manieren van werken:
- Arbeidsovereenkomst (7:610 BW)
- Opdracht (7:400 BW): advocaat,
- Aanneming van werk (7:750): schilder
- Flexwerken
o Uitzendverhouding
o Detacheren
o Op-afroepcontract: onderscheid voorovereenkomst (niet verplicht te verschijnen)
versus M.U.P.-contract (arbeidsovereenkomst met uitgestelde prestatieplicht) (je
moet verschijnen) > 1 van de 2 varianten noemen
Verschillen werknemer en zzp-er nader bekeken:
- Arbeidsovereenkomst
o Arbeid, loon, gezagsverhouding (7:610 BW)
- Opdracht
o Arbeid (art. 7:400 BW)
o Aanwijzingen (art. 7:402 BW)
o Loon (art. 7:405 BW)
,Wetgever komt “flexers” en zzp-ers tegemoet:
- Rechtsvermoeden arbeidsovereenkomst (art. 7:610a BW): 3 maanden lang wekelijks of 20
uur per maand gewerkt, dan wordt vermoed dat je een arbeidsovereenkomst hebt.
werkgever moet proberen vermoeden te ontkrachten
- Rechtsvermoeden arbeidsomvang (art. 7:610b BW): je krijgt een contract voor de
gemiddelde uren van de afgelopen 3 maanden
Wanneer wordt zzp-er of de flexer een werknemer?:
- Door HR ontwikkelde criteria: art 7:610a BW claim
o Continuïteit: heel lang gaande, hoe langer hoe eerder de HR de burger gelijk geeft
o Bedoeling van contractspartijen
o Eindverantwoordelijkheid: stel iemand maakt een fout maar werkgever laat het
gaan, je groeit naar elkaar toe
o Regelmatige loonbetaling
HR: Taxi – Hoffman:
- Goed werknemerschap: werknemers moeten meebewegen met het bedrijf
, Hoorcollege 2:
Hoofdstuk 6 en 7
Terugblik:
- Arbeidsovereenkomst (7:610 BW)
- Andere vormen van “arbeid verrichten”
- ZZP-er
- Flexarbeid
o Oproep/afroep/min-max (onderscheid voorovereenkomst en m.u.p.-contract)
o Uitzendarbeid (let op: uitzendbeding 7:691 lid 2 BW)
- Rechtsvermoeden arbeidsovereenkomst art. 7:610a BW en 7:610b BW
- Motief om 7:610a (en b) in te roepen?
Wat is een cao?:
- Art. 1 lid 1 Wet CAO
Kernpunten van de cao:
- Privaatrechtelijk (contractsvrijheid)
- Onderscheid ondernemings-CAO (1 of meer werkgevers overeenkomst sluiten met een
vereniging voor werknemers) en bedrijfstak-CAO (horeca cao, bouw cao)
- In beginsel maximaal 5 jaar
- Werkgevers KUNNEN, werknemers MOETEN georganiseerd zijn (let op statuten artikel 2
WCAO)
Vereniging versus vakcentrale:
- Vakcentrales: fnv: overkoepelend orgaan, een groot bestuur en daaronder heb je tientallen
bonden
- Verenigingen (vakbonden): fnv vervoer, bouw enz
Soorten cao’s en cao-bepalingen:
Cao’s:
- Standaard cao: kan niet afwijken van de cao (hebben recht op)
- Minimum cao: er mag van de arbeidsvoorwaarden worden afgeweken met onderlinge
overeenkomst ten gunste van de werknemer (hebben in elk geval recht op..)
CAO-bepalingen:
- Normatief: kern van de cao, gaat over de arbeidsvoorwaarden
- Obligatoir: afspraken in een cao tussen cao partijen (vakbonden)
- Diagonaal: werkgever heeft een verplichting jegens een werknemers vakbond (werkgever is
verplicht 0,01 procent van de jaarlijkse omzet te storten op een fonds van de
werknemersbond voor bijv onderzoek)
Hoofdstuk 1 en 2
Arbeidsrecht bezien binnen de systematiek van het recht:
- Reguliere rechtsbronnen + cao: de wet, verdrag, jurisprudentie, gewoonte
- Algemene vermogensrecht
- Wil- en vertrouwensleer (art. 3:33 BW)
- Vaak relevant binnen het leerstuk einde met wederzijds goedvinden
- HR: Hajziani - Van Woerden: Meneer Haizaini gaat 6 weken op vakantie naar Marokko, de
werkgever zegt voordat meneer weggaat teken eerst iets. Meneer vraagt wat is het (spreekt
slecht Nederlands), werkgever zegt iets met geld (stond in . Meneer tekent dit. Wanneer
meneer terug komt van vakantie zegt de wekgever je bent ontslagen, je hebt 6 weken
geleden een beëindigingovereenkomst getekend. Art 3:33 BW geen wil- en vertrouwensleer,
art. 3:35 BW werkgever mocht niet vertrouwen dat meneer snapte wat er in de
overeenkomst stond.
Beschermingssystematiek:
- Boek 7: beschermd zwakkere partij
- Dwingend recht: mag je niet vanaf wijken, afwijking is
- Driekwart-dwingend recht: titel 10, er mag alleen van de wetgeving worden afgeweken bij
cao
- Semi-dwingend recht: de wet geeft een voorschrift maar je kunt er via een onderlinge
overeenkomst vanaf wijken
- Aanvullend recht: wet geeft voorschrift, maar je mag op allerlei manieren afwijken.
Manieren van werken:
- Arbeidsovereenkomst (7:610 BW)
- Opdracht (7:400 BW): advocaat,
- Aanneming van werk (7:750): schilder
- Flexwerken
o Uitzendverhouding
o Detacheren
o Op-afroepcontract: onderscheid voorovereenkomst (niet verplicht te verschijnen)
versus M.U.P.-contract (arbeidsovereenkomst met uitgestelde prestatieplicht) (je
moet verschijnen) > 1 van de 2 varianten noemen
Verschillen werknemer en zzp-er nader bekeken:
- Arbeidsovereenkomst
o Arbeid, loon, gezagsverhouding (7:610 BW)
- Opdracht
o Arbeid (art. 7:400 BW)
o Aanwijzingen (art. 7:402 BW)
o Loon (art. 7:405 BW)
,Wetgever komt “flexers” en zzp-ers tegemoet:
- Rechtsvermoeden arbeidsovereenkomst (art. 7:610a BW): 3 maanden lang wekelijks of 20
uur per maand gewerkt, dan wordt vermoed dat je een arbeidsovereenkomst hebt.
werkgever moet proberen vermoeden te ontkrachten
- Rechtsvermoeden arbeidsomvang (art. 7:610b BW): je krijgt een contract voor de
gemiddelde uren van de afgelopen 3 maanden
Wanneer wordt zzp-er of de flexer een werknemer?:
- Door HR ontwikkelde criteria: art 7:610a BW claim
o Continuïteit: heel lang gaande, hoe langer hoe eerder de HR de burger gelijk geeft
o Bedoeling van contractspartijen
o Eindverantwoordelijkheid: stel iemand maakt een fout maar werkgever laat het
gaan, je groeit naar elkaar toe
o Regelmatige loonbetaling
HR: Taxi – Hoffman:
- Goed werknemerschap: werknemers moeten meebewegen met het bedrijf
, Hoorcollege 2:
Hoofdstuk 6 en 7
Terugblik:
- Arbeidsovereenkomst (7:610 BW)
- Andere vormen van “arbeid verrichten”
- ZZP-er
- Flexarbeid
o Oproep/afroep/min-max (onderscheid voorovereenkomst en m.u.p.-contract)
o Uitzendarbeid (let op: uitzendbeding 7:691 lid 2 BW)
- Rechtsvermoeden arbeidsovereenkomst art. 7:610a BW en 7:610b BW
- Motief om 7:610a (en b) in te roepen?
Wat is een cao?:
- Art. 1 lid 1 Wet CAO
Kernpunten van de cao:
- Privaatrechtelijk (contractsvrijheid)
- Onderscheid ondernemings-CAO (1 of meer werkgevers overeenkomst sluiten met een
vereniging voor werknemers) en bedrijfstak-CAO (horeca cao, bouw cao)
- In beginsel maximaal 5 jaar
- Werkgevers KUNNEN, werknemers MOETEN georganiseerd zijn (let op statuten artikel 2
WCAO)
Vereniging versus vakcentrale:
- Vakcentrales: fnv: overkoepelend orgaan, een groot bestuur en daaronder heb je tientallen
bonden
- Verenigingen (vakbonden): fnv vervoer, bouw enz
Soorten cao’s en cao-bepalingen:
Cao’s:
- Standaard cao: kan niet afwijken van de cao (hebben recht op)
- Minimum cao: er mag van de arbeidsvoorwaarden worden afgeweken met onderlinge
overeenkomst ten gunste van de werknemer (hebben in elk geval recht op..)
CAO-bepalingen:
- Normatief: kern van de cao, gaat over de arbeidsvoorwaarden
- Obligatoir: afspraken in een cao tussen cao partijen (vakbonden)
- Diagonaal: werkgever heeft een verplichting jegens een werknemers vakbond (werkgever is
verplicht 0,01 procent van de jaarlijkse omzet te storten op een fonds van de
werknemersbond voor bijv onderzoek)