Praktische psychofarmaca 24/25
Professor Dimitri De Bundel
,H1: Basisbegrippen Praktische psychofarmaca
1.1 Anatomie hersenen
1.1.1 Snijvlakken en oriëntatie hersenen
1.1.2 Ontwikkeling van neurale buis tot hersenen
Als we kijken naar de ontwikkeling van het brein, start het bij een neurale buis en wordt
het brein groter en complexer. We zullen de begrippen eens nader uitleggen.
Voorbrein Telecephalon = grote hersenen = cerebrum
Middenbrein Tegmentum
Tussenhersenen Diencephalon = thalamus, hypothalamus, epithalamus
Achterbrein Metencephalon = pons en cerebellum
Achterstebrein Myelencephalon = medulla
Thalamus Motoriek, bewustzijn, schakelstation zintuigelijk info
hersenschors (m.u.v. geur)
Hypothalamus Overlevingsfuncties (voeding, slaap, temperatuur…)
Hypofyse Hormoon regulerende klier
Anika Hoekman 2
Master klinische psychologie 24/25
, Epi thalamus = pijnappelklier, productie melatonine.
Medulla (On)vrijwillige bewegingen
Pons Verbinding kleine hersenen en grote hersenen
Frontale kwab Plannen gedrag, motivatie, motorische cortex
Pariëtaal kwab Pijn, gevoel en temperatuur
Occipitaal kwab Visuele info, coördinatie en interpretatie motoriek
Temporaalkwab Taal, geheugen en geur → gebied van broca en wernicke
Tegmentum Remming ongewenste bewegingen
Tectum Visuele integratie, oogbewegingen en auditieve functie
1.1.3 Cerebrum
Als we kijken naar het cerebrum (=kleine hersens) kunnen we de volgende gebieden
onderscheiden.
➢ Gebied van Broca = spraak
➢ Gebied van Wernicke = taal
➢ Het geurgebied ligt dicht bij de temporale kwab, waardoor geur →
geheugen.
Als we dan dieper in de grote hersenen kijken zien we zowel grijze als witte stof. Grijze
stof is het niet gemyeliseerd weefsel (denk aan dendrieten, axonuiteinden en
cellichamen) en de witte stof is wel het gemyeliseerd weefstal (axonheuvel).
Het cerebrum is opgebouwd uit 7 lagen:
I. Moleculaire laag
II. Externe granulaire laag
III. Externe pyramidale laag
IV. Interne granulaire laag
V. Interne pyramidale laag
VI. Multiforme laag
De functionele organisatie
Het cerebrum is een groot gebied, met verschillende gebieden.
Motoriek
Premotorcortex = voorbereiden beweging
Suppl motor cortex = timen beweging
Primaire motorcortex = uitvoeren beweging
Post pariëtaal cortex = snelheid beweging
Anika Hoekman 3
Master klinische psychologie 24/25
, Sensorisch
Somasensorisch cortex = positie lichaam, pijn en temperatuur (zintuig voelen)
Gustatieve cortex = geurassociatie
Visuele cortex = zintuig zien
Auditieve cortex = zintuig horen
Basale ganglia = beloning, motivatie, automatisering (midden oranje)
Inferotemporale cortex = feiten, kennis
Verwerkingsroutes
Somatosensorisch
Prikkel in huid → zenuw → ruggenmerg dorsaal → thalamus (bewustzijn) → sensorisch
cortex.
➢ S1, Primaire sensorische cortex = waarneming prikkel
➢ S2, Secundaire sensorische cortex = interpretatie prikkel
Let op: voor grove tast kruizen de zenuwvezels in het ruggenmerg. Voor fijne tast kruizen de zenuwvezels in de
medulla.
Visueel
Licht op netvlies → optische zenuw → laterale genitalicus kern (= visuele thalamus) →
primaire visuele cortex → visuele associatiecortex → twee routes:
1. Dorsale = waar, perihinale cortex
2. Ventrale route = wat, entorhinale cortex
Let op: bij mogelijke dreiging wordt het signaal ook nog naar de amygdala gestuurd voor flight, fight or freeze.
Auditief
Slakkenhuis → pons (auditief tectum) → auditieve thalamus (mediale geniculate kern)
→ primaire auditieve cortex (A1) → interpretatie secundaire cortex (A2)
Let op: bij mogelijke dreiging wordt het signaal ook nog naar de amygdala gestuurd voor flight, fight or freeze.
Smaak
Smaakpapillen → craniale zenuwen VII, IX, X → nucleus solitarius medulla → gustatieve
thalamus → gustatieve cortex.
Geur
Neus → primaire olfactorische cortex → interpretatie amygdala, dorsale en ventrale
route en de parahippocampale cortex.
Let op: geurcortex is goed verbonden met het limbisch systeem. Verklaring geheugen vs geurassociaties.
Motoriek
Premotorisch → suppl. Motorcortex → primaire
motorcortex → medulla → ventraal → ruggenmerg
→ spieren. Dit is het piramidale systeem.
De basale ganglia behoort bij het extrapiramidaal
systeem. Zij sturen namelijk het piramidaal systeem
aan.
Let op: voor fijne motoriek zijn er meer zenuwcellen nodig, dan bij
grovere motoriek.
Anika Hoekman 4
Master klinische psychologie 24/25
Professor Dimitri De Bundel
,H1: Basisbegrippen Praktische psychofarmaca
1.1 Anatomie hersenen
1.1.1 Snijvlakken en oriëntatie hersenen
1.1.2 Ontwikkeling van neurale buis tot hersenen
Als we kijken naar de ontwikkeling van het brein, start het bij een neurale buis en wordt
het brein groter en complexer. We zullen de begrippen eens nader uitleggen.
Voorbrein Telecephalon = grote hersenen = cerebrum
Middenbrein Tegmentum
Tussenhersenen Diencephalon = thalamus, hypothalamus, epithalamus
Achterbrein Metencephalon = pons en cerebellum
Achterstebrein Myelencephalon = medulla
Thalamus Motoriek, bewustzijn, schakelstation zintuigelijk info
hersenschors (m.u.v. geur)
Hypothalamus Overlevingsfuncties (voeding, slaap, temperatuur…)
Hypofyse Hormoon regulerende klier
Anika Hoekman 2
Master klinische psychologie 24/25
, Epi thalamus = pijnappelklier, productie melatonine.
Medulla (On)vrijwillige bewegingen
Pons Verbinding kleine hersenen en grote hersenen
Frontale kwab Plannen gedrag, motivatie, motorische cortex
Pariëtaal kwab Pijn, gevoel en temperatuur
Occipitaal kwab Visuele info, coördinatie en interpretatie motoriek
Temporaalkwab Taal, geheugen en geur → gebied van broca en wernicke
Tegmentum Remming ongewenste bewegingen
Tectum Visuele integratie, oogbewegingen en auditieve functie
1.1.3 Cerebrum
Als we kijken naar het cerebrum (=kleine hersens) kunnen we de volgende gebieden
onderscheiden.
➢ Gebied van Broca = spraak
➢ Gebied van Wernicke = taal
➢ Het geurgebied ligt dicht bij de temporale kwab, waardoor geur →
geheugen.
Als we dan dieper in de grote hersenen kijken zien we zowel grijze als witte stof. Grijze
stof is het niet gemyeliseerd weefsel (denk aan dendrieten, axonuiteinden en
cellichamen) en de witte stof is wel het gemyeliseerd weefstal (axonheuvel).
Het cerebrum is opgebouwd uit 7 lagen:
I. Moleculaire laag
II. Externe granulaire laag
III. Externe pyramidale laag
IV. Interne granulaire laag
V. Interne pyramidale laag
VI. Multiforme laag
De functionele organisatie
Het cerebrum is een groot gebied, met verschillende gebieden.
Motoriek
Premotorcortex = voorbereiden beweging
Suppl motor cortex = timen beweging
Primaire motorcortex = uitvoeren beweging
Post pariëtaal cortex = snelheid beweging
Anika Hoekman 3
Master klinische psychologie 24/25
, Sensorisch
Somasensorisch cortex = positie lichaam, pijn en temperatuur (zintuig voelen)
Gustatieve cortex = geurassociatie
Visuele cortex = zintuig zien
Auditieve cortex = zintuig horen
Basale ganglia = beloning, motivatie, automatisering (midden oranje)
Inferotemporale cortex = feiten, kennis
Verwerkingsroutes
Somatosensorisch
Prikkel in huid → zenuw → ruggenmerg dorsaal → thalamus (bewustzijn) → sensorisch
cortex.
➢ S1, Primaire sensorische cortex = waarneming prikkel
➢ S2, Secundaire sensorische cortex = interpretatie prikkel
Let op: voor grove tast kruizen de zenuwvezels in het ruggenmerg. Voor fijne tast kruizen de zenuwvezels in de
medulla.
Visueel
Licht op netvlies → optische zenuw → laterale genitalicus kern (= visuele thalamus) →
primaire visuele cortex → visuele associatiecortex → twee routes:
1. Dorsale = waar, perihinale cortex
2. Ventrale route = wat, entorhinale cortex
Let op: bij mogelijke dreiging wordt het signaal ook nog naar de amygdala gestuurd voor flight, fight or freeze.
Auditief
Slakkenhuis → pons (auditief tectum) → auditieve thalamus (mediale geniculate kern)
→ primaire auditieve cortex (A1) → interpretatie secundaire cortex (A2)
Let op: bij mogelijke dreiging wordt het signaal ook nog naar de amygdala gestuurd voor flight, fight or freeze.
Smaak
Smaakpapillen → craniale zenuwen VII, IX, X → nucleus solitarius medulla → gustatieve
thalamus → gustatieve cortex.
Geur
Neus → primaire olfactorische cortex → interpretatie amygdala, dorsale en ventrale
route en de parahippocampale cortex.
Let op: geurcortex is goed verbonden met het limbisch systeem. Verklaring geheugen vs geurassociaties.
Motoriek
Premotorisch → suppl. Motorcortex → primaire
motorcortex → medulla → ventraal → ruggenmerg
→ spieren. Dit is het piramidale systeem.
De basale ganglia behoort bij het extrapiramidaal
systeem. Zij sturen namelijk het piramidaal systeem
aan.
Let op: voor fijne motoriek zijn er meer zenuwcellen nodig, dan bij
grovere motoriek.
Anika Hoekman 4
Master klinische psychologie 24/25